archive-nl.com » NL » B » BELASTINGCOLLECTIEF.NL

Total: 1024

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • BRK (Sint Maarten) (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    en verstaan bij deze Hoofdstukken Algemene bepaling Artikel 1 1 In Nederland Aruba Curaà ao en Sint Maarten worden vreemdelingen niet onderworpen aan enige belasting of daarmede verband houdende verplichting welke drukkender is dan die waaraan Nederlanders onder overigens gelijke omstandigheden worden onderworpen 2 Een lichaam dat is opgericht naar het recht van een land van het Koninkrijk wordt in een ander land van het Koninkrijk niet aan enige belastingheffing of daarmee verband houdende verplichting onderworpen die anders of zwaarder is dan de belastingheffing en daarmee verband houdende verplichtingen waaraan lichamen die naar het recht van het andere land zijn opgericht onder dezelfde omstandigheden zijn of kunnen worden onderworpen 3 De belasting in een van de landen van niet inwoners ter zake van een binnen dat land aangehouden vaste inrichting is in beginsel niet drukkender dan de belasting van inwoners die dezelfde werkzaamheden onder overigens gelijke omstandigheden uitoefenen De vorige volzin heeft geen betrekking op aan de personen of de persoonlijke omstandigheden gebonden tegemoetkomingen zoals die welke verleend worden op grond van gezinssamenstelling en besteding van het inkomen Hoofdstuk I Begripsbepalingen Artikel 2 1 Deze Rijkswet verstaat onder a landen Nederland Aruba Curaà ao en Sint Maarten b personen natuurlijke personen en lichamen c lichamen rechtspersonen maat of vennootschappen andere verenigingen van personen ondernemingen van publiekrechtelijke rechtspersonen en doelvermogens d inwoner van een van de landen een persoon die ingevolge de desbetreffende belastingregelingen van een van de landen aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in dat land slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in dat land of van vermogen dat in dat land is gelegen e vaste inrichting een duurzame inrichting waarin of met behulp waarvan werkzaamheden van een onderneming zelfstandig uitgeoefend beroep daaronder begrepen worden uitgeoefend f vaste vertegenwoordiger een persoon die in het bezit is van een duurzame machtiging om namens de onderneming zelfstandig uitgeoefend beroep daaronder begrepen overeenkomsten af te sluiten en daarvan gewoonlijk gebruik maakt in het betrokken land tenzij zijn werkzaamheden zich beperken tot het voor de onderneming aankopen van goederen alsmede een persoon die een goederenvoorraad heeft waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert ten behoeve van de onderneming 2 Een vaste inrichting is onder meer a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats 3 Als het aanhouden van een vaste inrichting wordt niet aangemerkt a het uitsluitend voor opslag of uitstalling aanhouden van een voorraad goederen welke tot de onderneming behoren alsmede van daarvoor bestemde ruimten b het aanhouden van een ruimte uitsluitend om voor de onderneming goederen aan te kopen c het aanhouden van een ruimte uitsluitend voor het maken van reclame voor het verstrekken en inwinnen van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek en voor soortgelijke werkzaamheden indien de bedoelde verrichtingen voor de onderneming van voorbereidende aard zijn of hulpwerkzaamheden zijn 4 Een onderneming wordt niet geacht een vaste vertegenwoordiger te hebben enkel op grond van het feit dat zij zaken doet door tussenkomst van een makelaar een commissionnair of een andere agent met een wezenlijk onafhankelijke positie mits die personen daarbij optreden in de normale uitoefening van hun onderneming 5 Deze Rijkswet verstaat hierna mede onder a onderneming zelfstandig uitgeoefend beroep b vaste inrichting vaste vertegenwoordiger c niet zelfstandige arbeid zelfstandige niet in eigen onderneming verrichte werkzaamheden en diensten d dividend opbrengst van winstbewijzen en winstdelende obligaties 6 Een in deze Rijkswet gebezigd doch niet omschreven begrip wordt tenzij het zinsverband anders vereist voor elk land verstaan in de zin van de desbetreffende belastingregelingen van dat land 7 Voor de toepassing van deze Rijkswet geniet winst uit onderneming hij voor wiens rekening een onderneming wordt gedreven daaronder begrepen hij die anders dan als aandeelhouder medegerechtigd is tot het vermogen van een onderneming 8 Voor de toepassing van dit artikel artikel 13a en artikel 24 tiende lid a wordt tenzij de context anders vereist verstaan onder 1 de Richtlijn 2003 48 EG de Richtlijn 2003 48 EG van de Raad van de Europese Unie van 3 juni 2003 betreffende belastingheffing op inkomsten van spaargelden in de vorm van rentebetalingen PbEU L 157 38 2 uiteindelijk gerechtigde een uiteindelijk gerechtigde als bedoeld in artikel 2 van de Richtlijn 2003 48 EG 3 uitbetalende instantie een uitbetalende instantie als bedoeld in artikel 4 van de Richtlijn 2003 48 EG 4 rentebetaling een rentebetaling als bedoeld in artikel 6 van de Richtlijn 2003 48 EG met inachtneming van artikel 15 van de Richtlijn 2003 48 EG 5 termen gebruikt in artikel 13a en artikel 24 tiende lid die niet anderszins in dit artikel zijn omschreven de betekenis die in de Richtlijn 2003 48 EG daaraan wordt gegeven b wordt in de bepalingen in de Richtlijn 2003 48 EG waarnaar in dit artikel artikel 13a en artikel 24 tiende lid wordt verwezen in plaats van  lidstaten gelezen Curaà ao Sint Maarten of Nederland al naar de context vereist Hoofdstuk II Vermijding van dubbele belasting Afdeling 1 Belastingen naar inkomen en vermogen Artikel 3 1 Deze afdeling is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen geheven ten behoeve van een van de landen of een staatkundig onderdeel daarvan 2 Tot de belastingen naar het inkomen en naar het vermogen behoren mede belastingen naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen uit vervreemding van roerende of onroerende goederen belastingen naar waardevermeerdering alsmede belastingen naar het gehele bedrag van door ondernemingen betaalde lonen 3 De bestaande belastingen waarop deze afdeling van toepassing is zijn a zoveel Nederland betreft 1 de inkomstenbelasting 2 de loonbelasting 3 de vennootschapsbelasting 4 de dividendbelasting 5 de commissarissenbelasting 6 de vermogensbelasting b zoveel Curaà ao en Sint Maarten betreft 1 de inkomstenbelasting 2 de winstbelasting c zoveel Aruba betreft 1 de inkomstenbelasting 2 de winstbelasting 3 de dividendbelasting Artikel 4 1 Inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen uit onroerende goederen gelegen of gevestigd binnen een van de andere landen mogen in dat andere land worden belast ook ingeval deze inkomsten deel uitmaken van de winst van een onderneming 2 De uitdrukking onroerende goederen omvat mede a mijnen steengroeven en andere natuurlijke hulpbronnen alsmede rechten tot opsporing onderzoek of exploitatie van natuurlijke hulpbronnen en rechten op vaste en veranderlijke uitkeringen verkregen uit verlening of afstand van rechten tot opsporing onderzoek of exploitatie van natuurlijke hulpbronnen b agrarische ondernemingen en bosbouwondernemingen 3 Onder inkomsten uit onroerende goederen worden verstaan voordelen uit onroerende goederen en uit vervreemding van onroerende goederen alsmede waardevermeerderingen van onroerende goederen 4 Bij het bepalen van de inkomsten uit onroerende goederen welke deel uitmaken van de winst van een onderneming vindt artikel 5 tweede en vierde lid overeenkomstige toepassing Artikel 5 1 Winst uit onderneming voor zover niet bestaande uit inkomsten uit onroerende goederen genoten door een inwoner van een van de landen mag in een van de andere landen worden belast indien en voor zover die winst is toe te rekenen aan een binnen dat andere land aangehouden vaste inrichting 2 De aan een vaste inrichting toe te rekenen winst wordt gesteld op de winst welke met de vaste inrichting zou zijn behaald indien zij een onafhankelijke onderneming ware die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden uitoefent onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden Tussen de onderneming en de vaste inrichting in rekening gebrachte rente en royaltyâ s blijven daarbij buiten aanmerking 3 Aan een vaste inrichting wordt geen winst toegerekend op grond van enkele aankoop door de vaste inrichting van goederen ten behoeve van de onderneming Indien de onderneming goederen aankoopt ten behoeve van een vaste inrichting in een der landen wordt aan enkele aankoop geen winst toegerekend 4 De Ministers van Financià n van de betrokken landen kunnen gezamenlijk met betrekking tot bepaalde ondernemingen of groepen van ondernemingen bepalen dat de aan een vaste inrichting toe te rekenen winst wordt vastgesteld door uit te gaan van het bedrag van de totale winst van de onderneming dan wel andere van het tweede en derde lid afwijkende regelingen treffen Artikel 6 Winst uit onderneming genoten door een inwoner van een van de landen uit het optreden als verzekeraar binnen een van de andere landen wordt geacht te zijn behaald met behulp van een vaste inrichting binnen dat andere land Artikel 7 1 Winst uit onderneming genoten door een inwoner van een van de landen uit het uitvoeren van bouw constructie montage graaf ontginnings bagger of opruimingswerken of dergelijke werkzaamheden binnen een van de andere landen gedurende meer dan 183 dagen binnen een tijdvak van twaalf maanden wordt geacht te zijn behaald met behulp van een vaste inrichting binnen dat andere land voorzover die winst aan de werkzaamheden binnen dat land kan worden toegerekend 2 Onverminderd het eerste lid wordt de winst uit onderneming genoten door een inwoner van een van de landen uit het uitvoeren van een werk in de zin van het eerste lid binnen een van de andere landen geacht te zijn behaald met behulp van een vaste inrichting in laatstbedoeld land voor zover die winst aan de werkzaamheden binnen dat land kan worden toegerekend ook indien het werk achtereenvolgens door verschillende ondernemers binnen dat land wordt uitgevoerd en de totale duur van de uitvoering van het werk 183 dagen binnen een tijdvak van twaalf maanden overschrijdt Artikel 8 Winst uit onderneming genoten door een inwoner van een van de landen uit het verrichten van luchtkarteringswerkzaamheden en andere werkzaamheden vanuit de lucht gericht op de inventarisatie van natuurlijke hulpbronnen binnen een van de andere landen wordt geacht te zijn behaald met behulp van een vaste inrichting binnen dat andere land voor zover die winst aan de werkzaamheden binnen laatstbedoeld land kan worden toegerekend Artikel 9 Winst uit onderneming genoten door een inwoner van een van de landen uit het optreden als musicus als artist of als beoefenaar van een tak van sport binnen een van de andere landen wordt geacht te zijn behaald met behulp van een vaste inrichting binnen dat andere land Artikel 10 1 Ingeval in de handels of financià le betrekkingen tussen twee van elkaar afhankelijke ondernemingen waarvan de ene is gevestigd in een van de landen en de andere in een van de andere landen voorwaarden bestaan welke afwijken van die welke zouden zijn gemaakt tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen welke zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar tengevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Als van elkaar afhankelijke ondernemingen worden aangemerkt ondernemingen welker kapitaal geheel of ten dele middellijk of onmiddellijk is verschaft door dezelfde personen of welke geheel of ten dele middellijk of onmiddellijk staan onder leiding of toezicht van dezelfde personen Artikel 11 1 Dividend genoten door een inwoner van een van de landen en verschuldigd door een lichaam dat inwoner is van een van de andere landen mag worden belast in eerstbedoeld land 2 Indien in het land waarvan een lichaam dat dividend verschuldigd is inwoner is bij wege van inhouding een belasting van dividenden wordt geheven laat het eerste lid zodanige belasting onverlet met dien verstande dat het tarief 15 percent niet te boven gaat 3 Het tarief van de in het tweede lid bedoelde belasting gaat onder nader te stellen voorwaarden ter verzekering van een juiste toepassing van dit artikel zowel naar doel als naar strekking 7 5 percent niet te boven indien het dividend wordt genoten door een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van het andere land en voor ten minste 25 percent van het nominaal gestorte kapitaal aandeelhouder is van het lichaam dat het dividend verschuldigd is Het tarief bedraagt onder nader te stellen voorwaarden ter verzekering van een juiste toepassing van dit artikel zowel naar doel als naar strekking in het in de vorige volzin bedoelde geval echter niet meer dan 5 percent indien het dividend in het land waarvan het lichaam dat het dividend geniet inwoner is onderworpen is aan een belasting naar de winst met een tarief van ten minste 5 5 percent In afwijking van de voorgaande twee volzinnen geldt met betrekking tot dividend dat wordt genoten door een lichaam dat inwoner is van Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten en verschuldigd is door een lichaam dat inwoner is van Nederland het volgende a het tarief van de in het tweede lid bedoelde belasting zal 8 3 percent niet te boven gaan indien het dividend wordt genoten door een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat voor ten minste 25 percent van het nominaal gestorte kapitaal aandeelhouder is van het lichaam dat het dividend verschuldigd is en mits in Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten met de in het tweede lid bedoelde belasting formeel of in feite niet zodanig rekening wordt gehouden dat de feitelijke gecombineerde belastingdruk op het dividend overeenkomstig het eerste lid enerzijds en het tweede en derde lid anderzijds lager is dan 8 3 percent b een bedrag ter hoogte van de aldus afgedragen belasting zal onverwijld en zonder het stellen van aanvullende voorwaarden aan de overheid van Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten worden overgemaakt indien blijkt dat bij de definitieve aanslagregeling in Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten over het betreffende jaar niet is voldaan aan de voorwaarde genoemd in onderdeel a van deze volzin wordt het bedrag dat aan de overheid van Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten wordt overgemaakt gekort met het hierop betrekking hebbende bedrag en wordt alsnog belasting geheven volgens de regeling van het tweede lid 4 De Minister van Financià n van het land van inwoning van de schuldenaar van een dividend stelt na overleg met de Ministers van Financià n van de andere landen vast onder welke voorwaarden de vermindering via een teruggaaf dan wel via een vrijstelling wordt verleend De in de vorige volzin bedoelde Minister kan deze voorwaarden niet wijzigen dan nadat hij overleg heeft gepleegd met de andere Ministers Een na vorenbedoeld overleg totstandgekomen wijziging vindt toepassing a indien zij in werking treedt voor 1 juli van enig kalenderjaar met ingang van 1 januari van het daaropvolgende kalenderjaar b indien zij in werking treedt na 1 juli van enig kalenderjaar met ingang van 1 januari van het tweede daaropvolgende kalenderjaar c indien de bedoelde Ministers zulks overeenkomen met ingang van de datum van inwerkingtreding Artikel 12 1 Voordelen genoten door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de landen uit vervreemding van aandelen in of winstbewijzen van een lichaam dat inwoner is van een van de andere landen mogen worden belast in eerstbedoeld land 2 Het bepaalde in het eerste lid tast niet aan het recht van elk van de landen overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen die voortvloeien uit de vervreemding van aandelen in of winstbewijzen van een lichaam dat inwoner is van dat land welke zijn genoten door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de andere landen en in de loop van de laatste vijf jaren al dan niet te zamen met zijn echtgenoot en zijn bloed en aanverwanten in de rechte linie en in de tweede graad der zijlinie voor meer dan een vierde gedeelte en al dan niet te zamen met zijn echtgenoot voor meer dan een twintigste gedeelte van het nominaal gestorte kapitaal van het lichaam onmiddellijk of middellijk aandeelhouder is geweest Artikel 13 1 Rente ook in de vorm van disconto genoten door een inwoner van een van de landen en verschuldigd door een van de andere landen een staatkundig onderdeel van een van de andere landen of een inwoner van een van de andere landen mag worden belast in eerstbedoeld land 2 Indien in het land waarvan de persoon die de rente verschuldigd is inwoner is bij wege van inhouding een belasting van rente wordt geheven laat het eerste lid een zodanige belasting onverlet met dien verstande dat het tarief 10 percent niet te boven gaat De vorige volzin vindt geen toepassing met betrekking tot rente verschuldigd door een land of een staatkundig onderdeel van een land Artikel 13a 1 Indien de uiteindelijk gerechtigde van rente woonachtig is in Nederland en de uitbetalende instantie in Curaà ao of Sint Maarten is gevestigd heft Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten gedurende de in artikel 10 van de Richtlijn 2003 48 EG bedoelde overgangsperiode bronbelasting gedurende de eerste drie jaar van de overgangsperiode tegen een tarief van 15 gedurende de volgende drie jaar tegen een tarief van 20 en daarna tegen een tarief van 35 De uitbetalende instantie houdt de bronbelasting in op een wijze als omschreven in artikel 11 tweede en derde lid van de Richtlijn 2003 48 EG 2 Het opleggen van bronbelasting door Curaà ao of Sint Maarten op grond van dit artikel belet Nederland niet de inkomsten te belasten overeenkomstig het nationale recht met inachtneming van de andere bepalingen in deze Rijkswet 3 Tijdens de overgangsperiode kunnen Curaà ao en Sint Maarten bepalen dat een marktdeelnemer die rente uitbetaalt of een rentebetaling bewerkstelligt voor een in Nederland gevestigde entiteit als bedoeld in artikel 4 tweede lid van de Richtlijn 2003 48 EG wordt aangemerkt als de uitbetalende instantie in plaats van de entiteit en heffen zij de bronbelasting op die rente tenzij die entiteit formeel heeft aanvaard dat haar naam en adres alsmede het totale bedrag van de rentebetaling die aan haar is verricht of voor haar is bewerkstelligd worden meegedeeld overeenkomstig de laatste alinea van dat lid 4 Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten behoudt 25 van de opbrengsten van de bronheffing bedoeld in het eerste lid en draagt 75 van de opbrengsten af aan Nederland Indien Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten overeenkomstig het derde lid bronbelasting heft behoudt Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten 25 van de opbrengsten geheven op rentebetalingen aan in Nederland gevestigde entiteiten als bedoeld in artikel 4 tweede lid van de Richtlijn 2003 48 EG en draagt Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten 75 af aan Nederland Die overdrachten vinden plaats uiterlijk in de zes maanden volgende op het eind van het belastingjaar van Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten treft de maatregelen die nodig zijn om het systeem voor de verdeling van de belastingopbrengsten correct te doen functioneren 5 Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten voorziet in à à n van beide of beide procedures bedoeld in artikel 13 eerste lid van de Richtlijn 2003 48 EG Op verzoek van de uiteindelijk gerechtigde geeft de bevoegde autoriteit van Nederland bedoeld in artikel 37 een verklaring af in overeenstemming met artikel 13 tweede lid van de Richtlijn 2003 48 EG 6 Voor de toepassing van dit artikel bepaalt Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten de procedures die nodig zijn om de uitbetalende instantie in staat te stellen de identiteit en woonplaats van de uiteindelijk gerechtigde vast te stellen en dragen zorg voor de toepassing van deze procedures in Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten Deze procedures voldoen aan de minimumnormen van artikel 3 tweede en derde lid van de Richtlijn 2003 48 EG met dien verstande dat met betrekking tot het bepaalde in het tweede lid onderdeel a en in het derde lid onderdeel a de identiteit en woonplaats van de uiteindelijk gerechtigde worden vastgesteld op grond van de informatie waarover de uitbetalende instantie krachtens de toepassing van de desbetreffende wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van Curaà ao onderscheidenlijk Sint Maarten beschikt De bestaande vrijstellingen of ontheffingen die in voorkomend geval op verzoek aan uiteindelijk gerechtigden met woonplaats in Nederland zijn verleend zijn evenwel niet langer van toepassing en aan die uiteindelijk gerechtigden worden geen verdere vrijstellingen of ontheffingen van dien aard verleend 7 Aan het einde van de overgangsperiode vindt artikel 10 derde lid van de Richtlijn 2003 48 EG overeenkomstige toepassing Artikel 14 1 Royaltyâ s genoten door een inwoner van een van de landen en verschuldigd door een inwoner van een van de andere landen mogen worden belast in eerstbedoeld land 2 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder de uitdrukking royaltyâ s verstaan vergoedingen van welke aard ook toegekend voor het gebruik of het recht op gebruik van een auteursrecht of enig ander recht om enig wetenschappelijk literair dramatisch of muzikaal werk of ander werk op het gebied van de kunst weer te geven of na te maken van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een ontwerp een geheim procà dà of recept als ook voor het gebruik of het recht op gebruik van bedrijfsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting en voor inlichtingen betreffende ervaring op het terrein van het bedrijfsleven of de wetenschap Niet onder de uitdrukking royaltyâ s worden verstaan royaltyâ s welke krachtens artikel 4 worden beschouwd als inkomsten uit onroerende goederen 3 Voordelen uit de vervreemding van de in de eerste volzin van het tweede lid vermelde zaken door een inwoner van een van de landen genoten uit een van de andere landen mogen worden belast in het land van inwoning Artikel 15 1 Inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid binnen een van de andere landen mogen worden belast in dat andere land 2 In afwijking van het eerste lid mogen inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid binnen een van de andere landen worden belast in het land van inwoning indien a hij gedurende niet meer dan 183 dagen binnen een tijdvak van twaalf maanden verblijft in het land waarbinnen de arbeid wordt verricht en b de inkomsten niet worden betaald ten laste van een inwoner van dat land of ten laste van de winst welke is toe te rekenen aan een binnen dat land aangehouden vaste inrichting 3 Voor zoveel nodig in afwijking van het eerste lid mogen inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen als bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner is van een van de andere landen worden belast in dat andere land 4 Pensioenen en soortgelijke inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen ter zake van vroeger binnen een van de andere landen verrichte niet zelfstandige arbeid ter zake van vroeger aan boord van vervoermiddelen verrichte niet zelfstandige arbeid bedoeld in artikel 16 alsmede ter zake van een vroeger beklede functie als bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner is van een van de andere landen mogen worden belast in eerstbedoeld land 5 Voor de toepassing van dit artikel wordt niet zelfstandige arbeid verricht aan boord van vervoermiddelen welke het verkeer onderhouden tussen plaatsen binnen een van de landen beschouwd als te zijn verricht binnen dat land 6 Indien de in het vierde lid bedoelde inkomsten worden genoten door een inwoner van een van de landen en die inkomsten geen periodiek karakter dragen mogen die inkomsten voor zover zij worden genoten ter zake van een in een van de andere landen vroeger uitgeoefende dienstbetrekking tevens in dat andere land worden belast Van genieten in vorenbedoelde zin is mede sprake indien de aanspraak op die inkomsten wordt afgekocht vervreemd overgedragen of wanneer op andere wijze over die aanspraak wordt beschikt Artikel 16 Voor zoveel nodig in afwijking van artikel 15 mogen inkomsten genoten door een inwoner van een van de landen uit niet zelfstandige arbeid verricht aan boord van vervoermiddelen welke het verkeer onderhouden tussen plaatsen binnen een van de landen en plaatsen buiten dat land dan wel tussen plaatsen buiten de landen worden belast in het land van inwoning Indien het land van inwoning die inkomsten niet belast mogen zij belast worden in het land waarbinnen de werkelijke leiding van de onderneming is gevestigd De aan boord van een schip of luchtvaartuig gevestigde leiding wordt beschouwd als te zijn gevestigd binnen het land van de thuishaven Artikel 17 1 Voor zoveel nodig in afwijking van artikel 15 mogen inkomsten genoten uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid welke worden betaald ten laste van een van de landen worden belast in dat land 2 Met de in het eerste lid bedoelde inkomsten betaald ten laste van een van de landen worden gelijkgesteld inkomsten betaald ten laste van een publiekrechtelijke rechtspersoon van dat land en inkomsten betaald ten laste van een fonds van dat land of van die rechtspersoon 3 Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing ten aanzien van a inkomsten genoten uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid ten behoeve van een onderneming b inkomsten genoten uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid door plaatselijk aangeworven werkkrachten of daarmede gelijk te stellen personen voor zover zulks te hunnen aanzien door de Ministers van Financià n van de betrokken landen gezamenlijk is bepaald 4 Voor de toepassing van dit artikel worden onder inkomsten genoten uit het verrichten van niet zelfstandige arbeid mede begrepen pensioenen en soortgelijke inkomsten genoten ter zake van vroeger verrichte niet zelfstandige arbeid Artikel 18 1 In afwijking van artikel 5 mag winst uit onderneming behaald met het vervoer te water of door de lucht van personen of goederen tussen plaatsen binnen een van de landen en plaatsen buiten dat land dan wel tussen plaatsen buiten de landen worden belast in het land waarbinnen de werkelijke leiding van de onderneming is gevestigd Waar de werkelijke leiding is gevestigd wordt naar de omstandigheden beoordeeld De aan boord van een schip of luchtvaartuig gevestigde leiding wordt beschouwd als te zijn gevestigd binnen het land van de thuishaven 2 De wetgever van elk van de landen kan bepalen dat het eerste lid tussen dat land en beide of een van de andere landen buiten werking treedt hetzij geheel hetzij slechts voor zover betreft de winst uit onderneming behaald met vervoer te water dan wel de winst uit onderneming behaald met vervoer door de lucht De daartoe strekkende wettelijke regeling treedt niet in werking vóór de aanvang van het tweede kalenderjaar volgend op dat waarin de regeling is afgekondigd 3 Indien van de in het tweede lid bedoelde bevoegdheid gebruik wordt gemaakt geldt tussen de betrokken landen dat van het tijdstip af waarop het eerste lid buiten werking treedt de eerste afdeling van hoofdstuk II niet van toepassing is op de winst waarop de wettelijke regeling van het tweede lid betrekking heeft 4 Een wettelijke regeling van een van de landen welke op grond van het tweede lid is getroffen wordt bekend gemaakt in de andere landen op de in artikel 48 tweede lid voorgeschreven wijze Artikel 19 Inkomsten welke worden genoten door een inwoner van een van de landen in de vorm van een aandeel in de winst van een onderneming waarvan de werkelijke leiding in een van de andere landen is gevestigd en welke niet behoren tot de winsten en inkomsten waarvoor in de voorgaande artikelen van deze afdeling een regeling is getroffen mogen worden belast in dat andere land Artikel 20 Andere dan de in de voorgaande artikelen van deze afdeling bedoelde winsten en inkomsten welke worden genoten door een inwoner van een van de landen mogen worden belast in het land van inwoning behoudens ingeval artikel 34 tweede lid tweede zinsnede van de tweede volzin of artikel 35 b van toepassing is Artikel 21 Niettegenstaande de overige bepalingen van deze afdeling mogen periodieke uitkeringen welke ertoe strekken een persoon uit een van de landen die in een van de andere landen woont of verblijft voor studie het verkrijgen van bedrijfs of beroepservaring daaronder begrepen in staat te stellen de kosten van onderhoud en studie te bestrijden in dat andere land niet worden belast indien zij niet worden betaald ten laste van dat land van een inwoner van dat land of ten laste van de winst welke is toe te rekenen aan een binnen dat land aangehouden vaste inrichting Artikel 22 1 Vermogen van een inwoner van een van de landen mag worden belast in een van de andere landen voor zover het bestaat uit a Binnen dat andere land gelegen of gevestigde al dan niet tot een onderneming behorende onroerende goederen in de zin van artikel 4 b ander vermogen dat behoort tot een binnen dat andere land aangehouden vaste inrichting van een onderneming ingeval de aan die vaste inrichting toe te rekenen winst in dat land mag worden belast 2 Andere dan de in het eerste lid bedoelde vermogensbestanddelen van een inwoner van een van de landen mogen worden belast in het land van inwoning Artikel 23 Schulden andere dan obligatieschulden van een inwoner van een van de landen welke verzekerd zijn door hypotheek op onroerende goederen gelegen of gevestigd binnen een van de andere landen alsmede rente van zodanige schulden worden in dat andere land in aanmerking genomen als negatieve bestanddelen van het vermogen onderscheidenlijk inkomen Artikel 24 1 Het land van inwoning kan in het inkomen of vermogen begrijpen de bestanddelen welke ingevolge de voorgaande artikelen van deze afdeling mogen worden belast in een van de andere landen met dien verstande dat op de berekende belasting een vermindering wordt toegepast welke gelijk is aan het bedrag dat tot die belasting in dezelfde verhouding staat als het totaal van de bestanddelen welke in laatstbedoeld land anders dan uitsluitend ingevolge artikel 11 tweede en derde lid artikel 12 tweede lid en artikel 13 tweede lid mogen worden belast staat tot het totale belastbare inkomen of vermogen Artikel 23 wordt daarbij in aanmerking genomen 2 Het eerste lid laat onverlet de voorschriften van elk van de landen aangaande de bij de berekening van de in dat lid bedoelde vermindering in aanmerking te nemen verrekening van negatieve en positieve inkomensbestanddelen 3 De in een van de landen overeenkomstig artikel 11 tweede of derde lid en artikel 13 tweede lid bij wijze van inhouding geheven belasting van dividenden en rente wordt in mindering gebracht op de in het land van inwoning ter zake van deze inkomsten verschuldigde belasting De in het land van inwoning ter zake van deze inkomsten verschuldigde belasting wordt gesteld op een zodanig bedrag dat tot de in dat land over het gehele inkomen berekende belasting in dezelfde verhouding staat als het bedrag van die inkomsten staat tot het totale belastbare inkomen Indien evenwel die inkomsten in het land van inwoning naar een bijzonder tarief zijn belast wordt in afwijking van de bepaling van de vorige volzin de in het land van inwoning ter zake van die inkomsten verschuldigde belasting gesteld op het daadwerkelijk volgens het bijzondere tarief ter zake van die inkomsten verschuldigde bedrag 4 Indien het land van inwoning geen belasting heft overeenkomstig artikel 11 tweede of derde lid dan wel belasting heft tot een lager percentage dan door de genoemde bepaling is toegestaan is dat land niet verplicht de in het derde lid bedoelde vermindering te verlenen onderscheidenlijk niet verplicht die vermindering tot een hoger percentage te verlenen dan het land overeenkomstig de genoemde artikelen zelf heft van dergelijke inkomsten 5 Indien Aruba Curaà ao of Sint Maarten geen belasting heft overeenkomstig artikel 13 tweede lid dan wel belasting heft tot een lager percentage dan door de genoemde bepaling is toegestaan is Curaà ao onderscheidenlijk Aruba onderscheidenlijk Sint Maarten als land van inwoning niet verplicht de in het derde lid bedoelde vermindering â voor zover op rente betrekking hebbend â te verlenen onderscheidenlijk niet verplicht die vermindering tot een hoger percentage te verlenen dan Aruba Curaà ao en Sint Maarten overeenkomstig artikel 13 tweede lid zelf heffen van dergelijke inkomsten 6 Ingeval artikel 12 tweede lid toepassing vindt staat dat land op zijn belasting over die voordelen een aftrek toe Het bedrag van die aftrek is gelijk aan de belasting die is betaald over de genoemde voordelen in het land waarvan die aandeelhouder inwoner is maar bedraagt in geen geval meer dan dat deel van de inkomstenbelasting zoals berekend voor de aftrek is toegestaan dat toerekenbaar is aan de genoemde voordelen 7 Indien de natuurlijke persoon als bedoeld in artikel 12 tweede lid in het land waarin hij inwoner is ter zake van die voordelen zijnde het verschil tussen de overdrachtsprijs en de verkrijgingsprijs van de in die bepaling bedoelde aandelen of winstbewijzen wordt onderworpen aan een tarief dat niet in belangrijke mate afwijkt van het tarief dat in het algemeen geldt voor inwoners van dat land en het tarief ter zake van die voordelen niet meer dan 10 punten afwijkt van het tarief dat over die voordelen geldt in het in artikel 12 tweede lid genoemde land wordt in afwijking in zoverre van het zesde lid de vermindering als volgt berekend Het in artikel 12 tweede lid eerstgenoemde land verleent op zijn belasting over die voordelen een aftrek ter grootte van de in dat land daarover verschuldigde belasting verminderd met 50 van de belasting die in het andere land over die voordelen is berekend voor een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting wordt verleend In het land waarvan die aandeelhouder inwoner is wordt vervolgens de belasting die toerekenbaar is aan die voordelen alvorens een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting wordt verleend verminderd met de in het in artikel 12 tweede lid eerstgenoemde land verschuldigde belasting 8 Indien een inwoner van een van de landen inkomsten verkrijgt die in overeenstemming met artikel 15 zesde lid in het andere land mogen worden belast staat het andere land op zijn belasting over die inkomsten een aftrek toe Het bedrag van die aftrek is gelijk aan de belasting die is betaald in eerstbedoeld land over de genoemde inkomsten maar bedraagt in geen geval meer dan dat deel van de inkomstenbelasting zoals berekend voor de aftrek is toegestaan dat toerekenbaar is aan de genoemde inkomsten 9 Voor de toepassing van het zesde zevende en achtste lid stellen de bevoegde autoriteiten van het land waarvan de desbetreffende persoon inwoner is de bevoegde autoriteiten van het andere land op de hoogte van het deel van het betaalde bedrag aan belasting dat toerekenbaar is aan de in de desbetreffende leden bedoelde voordelen of inkomsten 10 Nederland zorgt ervoor dat het heffen van bronbelasting als bedoeld in artikel 13a niet leidt tot dubbele belasting overeenkomstig het bepaalde in artikel 14 tweede en derde lid van de Richtlijn 2003 48 EG of zorgt voor restitutie van de bronbelasting Artikel 25 Indien een houdstermaatschappij welke is opgericht naar het recht van een van de landen ingevolge artikel 34 tweede lid geacht wordt inwoner te zijn van een van de andere landen mag onverminderd het recht van dat andere land tot belastingheffing als ware dit artikel niet van toepassing de winst van deze maatschappij in eerstbedoeld land worden belast naar een percentage dat 4 niet te boven gaat Afdeling 2 Belastingen ter zake van successie en schenking Artikel 26 1 Deze afdeling is van toepassing op belastingen naar verkrijgingen krachtens erfrecht of schenking geheven ten behoeve van een van de landen of een staatkundig onderdeel daarvan 2 De bestaande belastingen waarop deze afdeling van toepassing is zijn a zoveel Nederland betreft 1 het recht van successie 2 het recht van overgang 3 het recht van schenking b zoveel Curaà ao en Sint Maarten betreft 1 de successiebelasting 2 de overgangsbelasting c zoveel Aruba betreft 1 de successiebelasting 2 de overgangsbelasting Artikel 27 1 De verkrijging krachtens erfrecht door het overlijden van of krachtens schenking door een inwoner van een van de landen mag worden belast in een van de andere landen voor zover zij bestaat uit a binnen dat andere land gelegen of gevestigde al dan niet tot een onderneming behorende onroerende goederen in de zin van artikel 4 b ander vermogen dat behoort tot een binnen dat andere land aangehouden vaste inrichting artikel 2 derde lid blijft buiten toepassing 2 De in een verkrijging krachtens erfrecht door het overlijden van of krachtens schenking door een inwoner van een van de landen begrepen schulden andere dan obligatieschulden welke verzekerd zijn door hypotheek op onroerende goederen gelegen of gevestigd binnen een van de andere landen worden in dat andere land in aanmerking genomen als negatieve bestanddelen van de verkrijging

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/brk-sint-maarten-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive


  • Bulgarije (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Bulgarije in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bulgarije tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Volksrepubliek Bulgarije tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Volksrepubliek Bulgarije Hun wens bevestigende de economische samenwerking uit te breiden en te bevorderen tot wederzijds voordeel De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Zijn het volgende overeengekomen Wettekst Hoofdstuk I REIKWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST Artikel 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten van beide Staten Artikel 2 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van een van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen of naar bestanddelen van het inkomen waaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het totaalbedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn met name a in Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting waaronder begrepen het aandeel van de regering in de netto winsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Nederlandse Mijnwet continentaal plat 1965 de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b in Bulgarije belasting naar het gehele inkomen belasting naar het inkomen van alleenstaande mannen en vrouwen gescheiden personen en gezinnen zonder kinderen belasting naar de winst hierna te noemen â žBulgaarse belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van de Overeenkomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht Ingeval twijfel rijst bij het bepalen of belastingen gelijk of in wezen gelijksoortig zijn kunnen de bevoegde autoriteiten van de Staten met elkaar overleg plegen zulks met inachtneming van de bepalingen van artikel 25 Hoofdstuk II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Bulgarije al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Bulgarije b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen met inbegrip van het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan voor zover dat gebied in overeenstemming met het internationale recht krachtens de Nederlandse wetgeving is of zal worden aangemerkt als een gebied waarbinnen Nederland souvereine rechten kan uitoefenen met betrekking tot de exploratie en exploitatie van de natuurlijke rijkdommen van de zeebodem of de ondergrond daarvan c betekent de uitdrukking â žBulgarijeâ de Volksrepubliek Bulgarije en wanneer zij in aardrijkskundige zin wordt gebezigd het gebied waarover de Volksrepubliek Bulgarije als Staat haar soevereiniteit uitoefent en het continentale plat en de exclusieve economische zone waarbinnen de Volksrepubliek Bulgarije in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten uitoefent d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip luchtvaartuig of wegvoertuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een van de Staten is gelegen behalve wanneer het schip luchtvaartuig of voertuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Bulgarije de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door een van de Staten heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ a indien het Nederland betreft iedere persoon die ingevolge de wetgeving van Nederland aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in Nederland slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in Nederland b indien het Bulgarije betreft iedere natuurlijke persoon die ingevolge de wetgeving van Bulgarije aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn nationaliteit en die geen inwoner is van een derde Staat alsmede iedere andere persoon dan een natuurlijke persoon die ingevolge de wetgeving van Bulgarije aldaar aan belasting is onderworpen op grond van de plaats van zijn hoofdkantoor op zijn registratie 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid van dit artikel inwoner van beide Staten is dan wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen Indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming met inachtneming van omstandigheden zoals zijn nationaliteit of zijn gewoonlijk verblijf 3 Indien een andere persoon dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarin de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats of afdeling en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructieen montagewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan negen maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ geacht niet te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering bij voorbeeld goederen op koopwaar die worden tentoongesteld op handelsbeurzen of worden verkocht na afloop van de handelsbeurs c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het uitvoeren van constructie of installatie of montagewerkzaamheden door een onderneming van een van de Staten uit hoofde van een contract tot levering van machines of uitrusting van die Staat naar de andere Staat g het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de onderdelen a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 De volgende soorten werkzaamheden van een inwoner van een Staat worden niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid eveneens geacht niet te worden uitgeoefend door middel van een vaste inrichting in de andere Staat het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor de vergemakkelijking van het afsluiten of slechts de ondertekening van overeenkomsten betreffende leningen de levering van goederen of koopwaar of de verlening van technische diensten ongeacht of deze werkzaamheden van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheid hebben of de hoofdactiviteit vormen voor die persoon 6 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zevende lid van toepassing is voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een van de Staten gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die personen beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 7 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een van de Staten te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 8 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Hoofdstuk III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten uit onroerende goederen waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Staat waarin de desbetreffende goederen zijn gelegen Schepen binnenschepen luchtvaartuigen en wegvoertuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht kan worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten waaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen luchtvaartuigen of wegvoertuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 Het bepaalde in het eerste en het tweede lid is ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 1 Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam niet zijnde een maatschap of een vennootschap onder firma is dat onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat is slechts in die andere Staat belastbaar indien die inwoner de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is 2 De bevoegde autoriteiten van de Staten treffen in onderlinge overeenstemming een regeling voor de wijze waarop de Staat waaruit de interest afkomstig is van zijn belastingheffing afziet 3 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 4 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 5 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast indien die inwoner de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 5 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms van een octrooi of een certificaat van uitvinding of vernieuwing een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een computerprogramma een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap De uitdrukking â žroyalty sâ omvat eveneens vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik of het recht van gebruik van nijverheids of handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting doch slechts voor zover die vergoedingen voortvloeien uit een contract tot overdracht van know how 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen luchtvaartuigen of wegvoertuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen luchtvaartuigen of wegvoertuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen Het bepaalde in artikel 8 tweede lid is hierbij van toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid tasten niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen over voordelen die uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat volgens de wetgeving van die Staat inwoner is van die Staat worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het belastingjaar van die Staat een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip luchtvaartuig of wegvoertuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Directeursbeloningen en andere beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisie artiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn voordelen of inkomsten verkregen uit de werkzaamheden als omschreven in het eerste lid vrijgesteld van belasting in de Staat waarin deze werkzaamheden worden verricht indien het bezoek van de artiesten de musici of de sportbeoefenaars aan een van de Staten geheel of in hoofdzaak wordt bekostigd uit de openbare middelen van de andere Staat een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of indien deze werkzaamheden worden verricht in het kader van een culturele overeenkomst of sportovereenkomst of regeling tussen de Staten Artikel 18 1 Onder voorbehoud van de bepaling van artikel 19 tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een van de Staten ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar 2 Indien deze beloningen echter geen periodiek karakter dragen en worden betaald ter zake van een vroegere dienstbetrekking in de andere Staat mogen de beloningen in die andere Staat worden belast 3 Pensioenen en andere betalingen krachtens de bepalingen van een sociaal zekerheidsstelsel van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast Artikel 19 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam mogen in die Staat worden belast b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belasbtaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon inwoner is van die Staat die 1 onderdaan is van die Staat of 2 niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/bulgarije-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Canada (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent of heeft uitgeoefend mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een in een van de Staten gevestigde vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten van de onderneming daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders zulks met uitzondering van kosten die ingevolge de wetgeving van die Staat niet aftrekbaar zouden zijn indien de vaste inrichting een zelfstandige onderneming was 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen van het inkomen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 en 12 zijn voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst omvatten voordelen verkregen door een onderneming van een van de Staten uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer mede voordelen uit a de verhuur van schepen of luchtvaartuigen geà xploiteerd in internationaal verkeer b het gebruik het onderhoud of de verhuur van containers daaronder begrepen opleggers of aanhangwagens en daarmee verband houdende uitrusting voor het vervoer van containers gebezigd in internationaal verkeer en c de verhuur van schepen luchtvaartuigen of containers daaronder begrepen opleggers of aanhangwagens en daarmee verband houdende uitrusting voor het vervoer van containers mits deze voordelen voortvloeien uit de voordelen als bedoeld in het eerste lid of in de letters a en b van dit lid 3 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 4 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal geà xploiteerd agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Het is echter wel te verstaan dat de omstandigheid dat gelieerde ondernemingen overeenkomsten hebben afgesloten zoals â žcostsharingâ overeenkomsten of algemene dienstverleningsovereenkomsten voor of gebaseerd op de toerekening van de kosten van de leiding de algemene beheerskosten de technische en zakelijke kosten kosten voor onderzoek en ontwikkeling en andere soortgelijke kosten op zichzelf geen voorwaarde is als bedoeld in de voorgaande zin 2 Indien een van de Staten in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt en dienovereenkomstig belast ter zake waarvan een onderneming van de andere Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig herzien Bij deze herziening wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van deze Overeenkomst 3 Een Staat mag niet de voordelen van een onderneming in omstandigheden als bedoeld in het eerste lid wijzigen na het verstrijken van de verjaringstermijnen waarin zijn nationale wetgeving voorziet en in ieder geval niet na zes jaren na het einde van het jaar waarin een onderneming van die Staat de voordelen die aan zulk een wijziging onderworpen zouden zijn zou hebben behaald De bepalingen van de voorgaande zin zijn niet van toepassing in het geval van fraude of moedwillig verzuim Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam niet zijnde een maatschap of vennootschap onder firma is dat ten minste 25 percent van het kapitaal bezit van of dat onmiddellijk of middellijk ten minste 10 percent van het totale aantal stemmen beheerst in het lichaam dat de dividenden betaalt b niettegenstaande letter a 10 percent van het brutobedrag van de dividenden als de dividenden worden betaald door een non resident owned investment corporationâ die inwoner is van Canada aan een uiteindelijk gerechtigde die een lichaam niet zijnde een maatschap of vennootschap onder firma is dat inwoner is van Nederland en dat ten minste 25 percent van het kapitaal bezit van of onmiddellijk of middellijk ten minste 10 percent van het totale aantal stemmen beheerst in het lichaam dat de dividenden betaalt en c 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 4 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede andere inkomsten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn 7 Deze Overeenkomst mag in geen enkel opzicht aldus worden uitgelegd dat zij een van de Staten belet om naast de belasting die geheven kan worden over de inkomsten van een lichaam dat inwoner is van die Staat een belasting te heffen over de inkomsten van een lichaam die zijn toe te rekenen aan vaste inrichtingen in die Staat met dien verstande dat deze aanvullende belasting hoogstens naar het ingevolge het tweede lid letter a beperkte tarief mag worden geheven van het bedrag van die inkomsten die in de voorafgaande jaren niet aan deze aanvullende belasting onderworpen zijn geweest Voor de toepassing van deze bepaling betekent de uitdrukking â žinkomstenâ voordelen daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van die vaste inrichtingen als bedoeld in het tweede lid van artikel 13 die in overeenstemming met artikel 7 in een jaar en voorafgaande jaren zijn toe te rekenen aan die vaste inrichtingen in die Staat nadat daarvan zijn afgetrokken a bedrijfsverliezen die in dat jaar en voorafgaande jaren zijn toe te rekenen aan die vaste inrichtingen daaronder begrepen verliezen uit de vervreemding van goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van die vaste inrichtingen b alle belastingen die in die Staat over die voordelen worden geheven behalve de in dit lid bedoelde aanvullende belasting c de voordelen die in die Staat worden geherinvesteerd met dien verstande dat indien die Staat Canada is het bedrag van die aftrek wordt bepaald in overeenstemming met de bestaande bepalingen van de wetgeving van Canada betreffende de berekening van de aftrek met betrekking tot investeringen in goederen in Canada en elke toekomstige wijziging van die bepalingen die het algemene beginsel ervan niet aantast en d vijfhonderdduizend Canadese dollars 500 000 of de tegenwaarde daarvan in Nederlandse valuta verminderd met het bedrag dat 1 door het lichaam of 2 door een daarmede gelieerde persoon uit eenzelfde of een soortgelijk bedrijf als dat uitgeoefend door het lichaam in aftrek is gebracht ingevolge deze bepaling d voor de toepassing van deze bepaling d is een lichaam met een ander lichaam gelieerd indien een lichaam het andere direct of indirect beheerst of beide lichamen direct of indirect worden beheerst door dezelfde persoon of personen of indien de twee lichamen niet als willekeurige derden transacties met elkaar aangaan 8 De bepalingen van het zevende lid zijn ook van toepassing op inkomsten behaald met de vervreemding van onroerende goederen in een van de Staten door een lichaam dat handel drijft in onroerende goederen ongeacht of het in die Staat over een vaste inrichting beschikt maar slechts in zoverre als deze inkomsten in die Staat mogen worden belast volgens de bepalingen van artikel 6 of het eerste lid van artikel 13 Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Staat waaruit deze afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat die de uiteindelijk gerechtigde daartoe is slechts in die andere Staat belastbaar voor zover deze interest a wordt betaald door een kopende onderneming aan een verkopende onderneming in verband met de verkoop op krediet van enige uitrusting of koopwaar behalve in het geval van verkoop tussen personen die niet als willekeurige derden transacties met elkaar aangaan of b wordt betaald terzake van een obligatie of een schuldbewijs of een andere soortgelijke verplichting van de overheid van een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of c wordt betaald aan de andere Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan de Centrale Bank van die andere Staat of aan een instantie daaronder begrepen een financià le instelling die wordt beheerst door die Staat of een onderdeel of een publiekrechtelijk lichaam daarvan of d wordt betaald ter zake van een lening aangegaan gegarandeerd of verzekerd of een krediet verstrekt gegarandeerd of verzekerd door enige financià le instelling die nader is aangegeven en overeengekomen in tussen de bevoegde autoriteiten van de Staten uitgewisselde brieven of e wordt betaald aan een persoon opgericht en uitsluitend werkzaam voor het beheer of het verstrekken van voordelen krachtens een of meer pensioen of uittredingsregelingen of andere regelingen van werknemersvoordelen mits i die persoon in de andere Staat in het algemeen is vrijgesteld van belasting en ii de interest niet is verkregen uit het drijven van een onderneming of van een gelieerde persoon 4 a Interest afkomstig uit Canada en betaald door een lichaam dat inwoner is van Canada aan een inwoner van Nederland die de uiteindelijk gerechtigde is tot die interest en waarmee dat lichaam als willekeurige derde transacties aangaat ter zake van enige schuldbetekenis waarvan het bewijs van verschuldigd zijn door dat lichaam 23 juni 1975 is uitgegeven is niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid slechts in Nederland belastbaar indien ingevolge de voorwaarden van de schuldbekentenis of een daarop betrekking hebbende overeenkomst het lichaam onder geen enkele omstandigheid verplicht kan worden meer dan 25 percent van de hoofdsom daarvan eerder terug te betalen dan na vijf jaren sedert de datum waarop het bewijs van verschuldigd zijn is uitgegeven behoudens in het geval van een wanprestatie of nalatigheid ingevolge die voorwaarden of die overeenkomst of indien die voorwaarden of die overeenkomst onwettig worden of worden gewijzigd bij wet door een rechterlijke instantie een wetgevend lichaam of een commissie met wetgevende bevoegdheden b Niettegenstaande de bepalingen van artikel 31 kan Canada te allen tijde Nederland langs diplomatieke weg schriftelijk kennis geven van het opschorten van letter a gedurende enig tijdvak waarvoor de belastingwetgeving van Canada niet voorziet in een vrijstelling van de bronheffing op interest voor niet inwoners als behandeld in letter a In dat geval is letter a niet van toepassing met betrekking tot die interest betaald ter zake van schuldbekentenissen die zijn uitgegeven na de volgende termijnen zes maanden na de dagtekening van die kennisgeving of 31 december van het kalenderjaar waarin de kennisgeving is gedaan naar gelang welke van beide data het laatst valt c Voor de toepassing van dit lid wordt interest geacht geen interest te zijn indien de gehele interest of een deel van de interest die ter zake van de schuldbekentenis verschuldigd is afhankelijk is van het gebruik van of de opbrengst uit goederen of zaken in Canada 5 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen alsmede de inkomsten die door de wetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit geldlening In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt De uitdrukking â žinterestâ omvat echter niet inkomsten die in artikel 10 zijn behandeld 6 De bepalingen van het eerste tweede derde en vierde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien deze wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 8 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid a zijn royaltyâ s uit auteursrechten en andere soortgelijke betalingen ter zake van de productie of reproductie van een werk op het gebied van letterkunde toneel muziek of andere kunstvormen daaronder echter niet begrepen royaltyâ s ter zake van bioscoopfilms noch royaltyâ s ter zake van werken op film of beeldband of andere reproductiemiddelen voor televisie uitzendingen en b royaltyâ s voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van programmatuur voor computers of een octrooi of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap daaronder echter niet begrepen zodanige in samenhang met een huurof franchise overeenkomst ter beschikking gestelde informatie afkomstig uit een Staat en betaald aan een inwoner van de andere Staat die de uiteindelijk gerechtigde van de royaltyâ s is slechts in die andere Staat belastbaar 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilm en werken op film beeldband of andere reproduktiemiddelen voor televisieuitzendingen van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van nijverheids of handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen De bepalingen van het derde lid van artikel 8 vinden hierbij toepassing 4 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van a aandelen andere dan aandelen genoteerd op een goedgekeurde effectenbeurs in een van de Staten die deel uitmaken van een wezenlijk belang in het aandelenkapitaal van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat van welke aandelen de waarde hoofdzakelijk berust op onroerende goederen die in de andere Staat zijn gelegen of b een wezenlijk belang in een maatschap of een vennootschap onder firma een trust of een nalatenschap waarvan het ontstaan is ontleend aan de wetgeving van de andere Staat of een meerderheidsbelang in een maatschap of een vennootschap onder firma een trust of een nalatenschap waarvan het ontstaan niet is ontleend aan de wetgeving van de andere Staat en waarvan de waarde in beide gevallen hoofdzakelijk berust op onroerende goederen die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast Voor de toepassing van dit lid omvat de uitdrukking onroerende goederen mede de aandelen van een lichaam waarvan de waarde hoofdzakelijk berust op onroerende goederen of op een wezenlijk belang in een maatschap of een vennootschap onder firma een trust of een nalatenschap als bedoeld in letter b doch omvat niet onroerende goederen niet zijnde verhuurde goederen waarin de werkzaamheden van het lichaam de maatschap of vennootschap onder firma de trust of de nalatenschap worden uitgeoefend een wezenlijk belang bestaat als de inwoner en daarmee gelieerde personen 10 percent of meer van alle soorten van aandelen van het aandelenkapitaal van een lichaam bezitten of een belang hebben van 10 percent of meer in een maatschap of een vennootschap onder firma een trust of een nalatenschap en een meerderheidsbelang bestaat als de inwoner en daarmee gelieerde personen een belang hebben van 50 percent of meer in een maatschap of een vennootschap onder firma een trust of een nalatenschap 5 Indien een inwoner van een van de Staten goederen of zaken vervreemdt die overeenkomstig dit artikel in de andere Staat mogen worden belast en die op de datum van ondertekening van de Overeenkomst eigendom waren van een inwoner van de eerstbedoelde Staat wordt het bedrag van het voordeel waarover in die andere Staat overeenkomstig dit artikel belasting is verschuldigd verminderd met dat gedeelte van het voordeel dat per maand naar evenredigheid kan worden toegerekend aan het tijdvak dat eindigt op 31 december van het jaar waarin de Overeenkomst in werking treedt of met een zoveel groter gedeelte van het voordeel als ten genoegen van de bevoegde autoriteit van de andere Staat wordt aangetoond dat het redelijkerwijs kan worden toegerekend aan dat tijdvak Deze bepaling vindt echter geen toepassing op voordelen verkregen uit de vervreemding van goederen of zaken die overeenkomstig de bestaande Overeenkomst reeds in de andere Staat mogen worden belast 6 Indien een inwoner van een van de Staten goederen of zaken vervreemdt in het kader van de oprichting van een al dan niet rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam in het kader van een reorganisatie fusie splitsing of van een soortgelijke transactie en de op deze vervreemding betrekking hebbende voordelen of inkomsten voor de belastingheffing van die Staat niet in aanmerking worden genomen kan de bevoegde autoriteit van de andere Staat indien de persoon die de goederen of zaken verkrijgt daarom verzoekt goedkeuren dat met inachtneming van termijnen en voorwaarden welke die bevoegde autoriteit wenselijk acht voor de belastingheffing in die andere Staat het tijdstip waarop de met betrekking tot die goederen of zaken verkregen voordelen of inkomsten in aanmerking worden genomen wordt uitgesteld tot een tijdstip en op een wijze bij die goedkeuring te bepalen 7 voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die bedoeld in het eerste tweede derde en vierde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 8 De bepaling van het zevende lid tast niet aan het recht van elk van de Staten om overeenkomstig zijn wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van zaken verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner van de andere Staat is en op enig tijdstip gedurende de zes jaren onmiddellijk voorafgaande aan de vervreemding van de zaken inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt of heeft beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 en 19 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden dat in het desbetreffende kalenderjaar begint of eindigt een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Directeursbeloningen â ždirectors feesâ en andere beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van bestuurder of van commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Indien de in het eerste lid bedoelde beloningen verkregen worden door een persoon die werkzaamheden van regelmatige en wezenlijke aard verricht in een vaste inrichting die gevestigd is in de andere Staat dan de Staat waarvan het lichaam inwoner is en de beloningen aftrekbaar zijn bij het bepalen van de belastbare winst van die vaste inrichting mogen niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid de beloningen voor zover zij aldus aftrekbaar zijn worden belast in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus alsmede als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Staat waar de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 De bepalingen van het tweede lid vinden geen toepassing indien de artiest of de sportbeoefenaar aantoont dat noch hij noch enige met hem verbonden of met hem gelieerde persoon onmiddellijk of middellijk gerechtigd is tot een deel van de winsten van de in dat lid bedoelde persoon Artikel 18 Pensioenen lijfrenten sociale verzekeringsuitkeringen en alimentatieuitkeringen 1 Pensioenen lijfrenten en andere soortgelijke betalingen alsmede afkoopsommen uit een pensioenregeling of opkomende bij de afkoop het annuleren het aflossen de verkoop of een andere vorm van vervreemding van een lijfrente alsmede een pensioen en andere uitkering betaald krachtens de bepalingen van een stelsel inzake sociale zekerheid afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze inkomsten mogen echter ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar in het geval van periodieke betalingen mag de aldus geheven belasting 15 percent van het brutobedrag ervan dat volgens de wetgeving van die Staat belastbaar is niet overschrijden 3 Voordelen ingevolge de Old Age Security Actâ van Canada en oorlogspensioen vergoedingen daaronder begrepen pensioenen en vergoedingen betaald aan oorlogsveteranen of betaald als gevolg van een oorlog afkomstig uit Canada en betaald aan een inwoner van Nederland mogen in Canada worden belast overeenkomstig de wetgeving van Canada 4 Alimentatieuitkeringen en andere soortgelijke betalingen afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat zijn slechts in die andere Staat belastbaar Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam mogen in die Staat worden belast b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die 1 onderdaan is van die Staat of 2 niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 De bepalingen van de artikelen 15 en 16 zijn van toepassing op beloningen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 20 Studenten Betalingen die een student een leerling of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de Staten inwoner was van de andere Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die Staat niet belastbaar mits die betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat Artikel 21 Inkomsten uit nalatenschappen en trusts 1 Inkomsten uit een nalatenschap of een trust die inwoner is van Canada en die toekomen aan een inwoner van Nederland die daarvan de begunstigde is mogen in Nederland worden belast 2 Deze inkomsten mogen echter ook in Canada overeenkomstig de wetgeving van Canada worden belast maar de aldus geheven belasting mag 15 percent van het brutobedrag van de inkomsten niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid zijn deze inkomsten in Canada vrijgesteld van belasting voor zover zij aan die begunstigde worden betaald met hem worden verrekend of aan hem moeten worden uitgedeeld uit inkomsten afkomstig uit bronnen buiten Canada 4 Voor de toepassing van dit artikel wordt onder een trust niet begrepen een regeling waarbij de bijdragen aan de trust aftrekbaar zijn voor de belastingheffing in Canada Artikel 21a Overige inkomsten 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid zijn bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een van de Staten van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn behandeld slechts in die Staat belastbaar 2 Indien die inkomsten echter zijn verkregen dooreen inwoner van een van de Staten uit bronnen in de andere Staat mogen die inkomsten ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 25 percent van het brutobedrag van die inkomsten niet overschrijden HOOFDSTUK V VERMIJDING

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/canada-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Canada Protocol (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    Lopende verzekeringen waarvoor na 14 september 1999 geen premies meer zijn betaald en waarvan men de premies in het verleden niet kon aftrekken Lopende verzekeringen waarvoor ook na 14 september 1999 premies zijn betaald en waarvan men de premies niet heeft kunnen aftrekken Tijdelijke overbruggingslijfrente Negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen Spaarrekening of beleggingsrecht eigen woning Inkomen uit sparen Binnenlandse belastingplicht gedurende deel van jaar Boxhoppen wordt bestraft Toerekening box 3 vermogen tussen partners Toerekening box 3 vermogen tussen partners deel 2 Box 3 vermogen bij immigratie en emigratie Waardering van woningen Waardering woning in box 3 Waarde van in buitenland gelegen box 3 woning WOZ waarde verhuurde woningen Vakantiewoning Woning waarvoor erfpachtcanon is verschuldigd Vermogen in box 3 Vermogen in box 3 Bezittingen Gehuwden en fiscale partners Vermogen van minder en meerderjarige kinderen Erfrechtelijke bezittingen en schulden Vrijstellingen Vrijstellingen Minderjarige kinderen Ouderentoeslag Vrijgestelde bezittingen Vrijgestelde bezittingen Vrijstelling bos natuurterreinen en landgoederen Vrijstelling voorwerpen van kunst en wetenschap Vrijstelling rechten op roerende zaken krachtens erfrecht Vrijstelling kapitaalverzekering Vrijstelling banksparen Vrijstelling contant geld en vergelijkbare vermogensrechten Vrijstelling spaarloonregeling Vrijstelling kortlopende termijnen Vrijstelling maatschappelijke beleggingen Vrijstelling beleggingen in durfkapitaal Vrijstelling culturele beleggingen Vrijstelling MKB belegging Vrijstelling overdragen Vrijstellingen deel 1 Levenslooptegoed Levenslooprekening onbelast in box 3 Waardering bezittingen Verrekening dividendbelasting Verrekening dividendbelasting in Box 3 Dividendbelasting op stamrechtspaarrekening of stamrechtbeleggingsrecht Persoonsgebonden aftrek Box 3 en de persoonsgebonden aftrek Persoonsgebonden aftrek Toerekening persoonsgebonden aftrek aan box inkomen Toerekening persoonsgebonden aftrek aan de andere boxen in de IB Uitgaven voor onderhoudsverplichtigen Alimentatie aan ex echtgenoot Alimentatie aan kinderen Alimentatie in vorm van huisvesting Afkoop van alimentatie Bijstandsverhaal Verrekening pensioenrechten door betaling lijfrentepremie Periodieke uitkering als schadevergoeding Uitgaven op grond van dwingende morele verplichting Uitgaven voor onderhoudsverplichtigen Aftrekbare giften Aftrekbare giften Uitgestelde giften Periodieke giften Andere giften Doorschuiving persoonsgebonden aftrek Verliezen op beleggingen in durfkapitaal Uitgaven voor levensonderhoud van kinderen Uitgaven voor specifieke zorgkosten Uitgaven voor specifieke zorgkosten Personen die zich kwalificeren voor specifieke zorgkosten Negatieve persoonsgebonden aftrek Niet aftrekbare drempel Weekenduitgaven voor gehandicapten Scholingsuitgaven Scholingsuitgaven Geen scholingsuitgaven Drempelbedrag en maximaal aftrekbaar bedrag scholingsuitgaven Uitgaven voor Rijksmonumentpanden Uitgaven voor Rijksmonumentenpanden Rijksmonument die een eigen woning is in box 1 Rijksmonument in box 3 Begrip onderhoudskosten Fiscale partners en niet aftrekbare drempel Wetsvoorstel aftrek monumentenuitgaven voor buitenlandse belastingplichtigen Fiscalisten Blogs en kantoren Blog door fiscalisten Aftrekcorrectie privégebruik auto ondernemer richtlijnconform Artikel 10 Successiewet oud niet van toepassing op ik opa vordering Teruggaaf van btw op kerstpakketten 2011 door gedeeltelijk vrijgestelde ondernemers Economische crisis en de belastingontvanger Is de werkkostenregeling nog wel aantrekkelijk Hoe krijg ik mijn in Duitsland betaalde BTW terug Belastingplan 2012 De zorgvrijstelling in de vennootschapsbelasting Woningcorporatie is anbi Uitbreiding defiscalisering inkomstenbelasting vanaf 1 januari 2012 Elektronisch factureren nu ook in Duitsland Belgische BTW beurzen Sinterklaasfeest en de werkkostenregeling Limited liability partnership Nieuwe regeling rechtsbescherming tegen controlehandelingen Verhoging ZVW bijdrage inkomen 2012 onder de loep Belgische achterhoede gevechten i p v ernstige begroting Negatief loon verrekenen Tegemoetkoming Staatssecretaris verhult verkeerde uitleg art 10 Successiewet De informatieverplichting een suppletie die geen verbetering is Wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen Fruitmand en rouwkrans Aankoop van een vakantiehuis in Duitsland Bijtelling te voorkomen door dubbel leasecontract Te weinig geld in BV om pensioen eigen beheer uit te keren Scheepvaart CV gebruikmaking van willekeurige afschrijving Nieuw besluit bestrijding en ontmanteling APV s Auto van de zaak de bovennormbijdrage Struisvogels en tandprothesen De verraderlijke eigenschappen van de Duitse omzetbelasting De werkplek Belastingdienst Toeslagen maakt fraude mogelijk met toeslagen Politieke vertoning in België toch meer dan louter een taaltegenstelling tussen Vlamingen en Walen Overdracht van de woning door ouders aan kinderen gunstig of juist niet Gereglementeerde beroepstitels inzake boekhoudkundige en fiscale beroepen in België Over het kijken naar een aap apekool en de verhoging van het btw tarief voor podiumkunsten De dure verzuimboete voor een te laat ingediende aangifte vennootschapsbelasting Vrijstelling overdrachtsbelasting ook voor BV met bouwterrein VAR verklaring de misverstanden de oplossing Duitse Grondbelasting Grundsteuer Memo inzake integratieheffing Zachte heelmeesters maken stinkende wonden Sloopconstructie en economische eigendomsoverdracht Wat zal de rechtsbescherming bij de informatieplicht in de praktijk betekenen Welke rechtsmiddelen heeft u als de belastingontvanger het verzoek om een betalingsregeling afwijst Duitse loonbelasting Algemeen verweer tegen aansprakelijkstelling Bestuurdersaansprakelijkheid meld tijdig betalingsonmacht Aansprakelijkheid en de bedoeling van de wet Het MKB heeft gezond inkopen nog niet ontdekt Lening van BV aan DGA voor rentevoordeel onbelast Levering digitaal fotoboek belast met 6 btw Belastingplicht in Duitsland beschränkte resp unbeschränkte Steuerpflicht De fiscale risicoaansprakelijkheid Hoge boetes bij te laat indienen van een belastingaangifte Is de meldingsplicht bij de bestuurdersaansprakelijkheid onevenredig Aansprakelijkheid bij vervreemding van aandelen Cross boarder leasing zonder btw Het nieuwe belastingverdrag tussen Nederland en Zwitserland Geen interne levering bij inpandige verbouwing Bestuurdersaansprakelijkheid ver van uw bed of dichterbij dan u dacht Fiscale boetes voorkomen beter dan genezen Wettelijk minimumloon stijgt per 1 juli 2012 Lenteakkoord 2012 en loonheffingen Met een kanonskogel een vlieg doden Verzekeringsplicht Tweede woning Zwitserland Wijzigingen in de Duitse BTW wetgeving Goed lobbywerk van het Verbond van Verzekeraars 808 vergoeding voor aanslag van 6 Vernederlandsing van Belgische autofiscaliteit Reactivering vermogensbelasting in Spanje 2012 2013 Fiscale Highlight Stabiliteitsprogramma Crisismaatregel 2012 Let op bij creatief gebruik van verrekenprijzen E Bilanz ofwel elektronische balans Kantoren Friesland Customs Knowledge in Heerenveen Arjo Groenendijk Bart Boersma Bram van Breukelen Geert Koevoets Sander van Lent De Vries c s Tax Advisors in Beetsterzwaag Joost Muller Jan Jaap de Vries Priore in Heerenveen mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Priore in Workum mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Rien Vink Loonheffingen in Engwierum Rien Vink Scheidingsfiscalist T van der Wal in Beetsterzwaag Tiny van der Wal Smids en Schakel in Leeuwarden Peter Steenhuis Marieke van der Veer Corine van der Maden LEXX Advocaten in Leeuwarden Mr Martijn S Dunant Maurits Tóth Belastingadvies Andries Tóth Eikenaar Belastingadvies in Drachten Ed Eikenaar Groningen Stetler in Haren Wim Dijkstra HS26 Advocatuur in Groningen Gerhard Sjobbema Caraad Belastingadviseurs in Groningen Wietze Hoekstra Martijn Thalen Rutger Hotsma Bastide in Groningen Petrus Zijlstra Drenthe Consensio in Zuidlaren Gonard Wagenaar Bloemsma Faassen in Assen Willem Faassen Anne Marc van de Wal Gelderland Kleijsen Cortenbach Kuijpers LLP in Nijmegen P E Art and Tax in Doetinchem Peter Kleinreesink ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen Mr dr W Burgerhart Prof dr B M E M Schols Prof mr F W J M Schols Van Lienden Kooistra in Barneveld Eric Jan Sobels Jonne Tijssen Noord Brabant De Vries Partners in Valkenswaard Hans van Kuyk Wesselman in Eindhoven Bert Bogie Wesselman in Helmond Bert Bogie Lucas Belastingadvies in Den Bosch Jurrian Lucas Ooms Partners in Breda drs Marco Ooms mr Hans Seijkens Limburg Rebastion in Maastricht Frodo Oude Groeniger Rob Engelbert Wesselman in Weert Bert Bogie Noord Holland HDK Advocaten en Fiscalisten in Amsterdam Roy Vliese Pavel der Kinderen MB Legal Tax in Alkmaar F van Elk FB Fedor mr drs J D Hoogendoorn RA Jaap J Beijert Jan MB Legal Tax in Middenbeemster mr M F Marco Bezoet de Bie mr J D M J den Boer RA CRAd Schut en Bruggink Estate Planners in Haarlem Paul Schut Marian Bruggink Rogier Pak Abel Advisory in Amsterdam Frank Schwarte Joost Lagerberg AsjesBisseling in Amsterdam Arjan Bisseling B B Accountants in Den Burg De Bont Advocaten in Amsterdam prof mr G J M E de Bont mr J M Sitsen mr M B Weijers mr P de Haas VanOoijen in Haarlem Adriaan Daniels Ognjen Soldat Just Tax in Nieuw Vennep Utrecht AccountantsTEAM in Utrecht Joost Rietveld Pay Check in Houten Pieter Miedema Fiscaal Jurist in Baarn Pieter Miedema Overijssel ELBERT fiscaal in Hengelo mr H A Elbert Beersen Grandiek in Hengelo Mr V J Vincent Grandiek Cervus Belastingadvies in Zwolle mr H A Elbert EVFA in Deventer Eric Versteegh Zuid Holland Scientia Fiscalis in Alblasserdam Yvonne Tigelaar Klootwijk Van Driel Fruijtier in Dordrecht MB Internationaal in Rotterdam Zeeland Rijkse Partners Belastingadviseurs in Middelburg Curacao Wesselman in Curaçao Bert Bogie Duitsland Strick Rechtsanwälte Steuerberater in Kleve Anton Ingenerf Frank J Lamers Sabine van Wickeren Lenk Christian Theissen Freddy B Heinzel Belgie Cobofisk in Gent Hendrik Huys Cobofisk in Aalter Luc Coopman Spanje Arcos Lamers Asociados in Marbella Wim Lamers Maite Arcos Kennisgroepen BTW specialisten Loonheffing specialisten Pensioen specialisten Estate Planning specialisten Formeel Belastingrecht specialisten Fusie Overname specialisten Herinvesteringsreserve specialisten Huwelijk Echtscheiding specialisten Innovatiebox specialisten Internationaal Belastingrecht specialisten Douane specialisten Auto van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Canada Protocol in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Protocol tot wijziging van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen met Protocol Kop Protocol tot wijziging van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen met Protocol Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada Geleid door de wens de op 27 mei 1986 te Den Haag ondertekende Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen met Protocol hierna te noemen de Overeenkomst respectievelijk het Protocol te wijzigen Zijn het volgende overeengekomen Wettekst Artikel I Wijzigt de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen s Gravenhage 27 mei 1986 Artikel II Wijzigt de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Canada tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/canada-protocol-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • China (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 China in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek China tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek China tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Volksrepubliek China de wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belasting naar het inkomen Zijn het volgende overeengekomen Wettekst Artikel 1 Personen op wie de overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een of van beide Overeenkomstsluitende Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van een Overeenkomstsluitende Staat of de plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen of naar bestanddelen van het inkomen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn a in Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de regering in de nettowinsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen en de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b in China â žindividual income taxâ persoonlijke inkomstenbelasting â žincome tax concerning joint ventures using Chinese and foreign investmentâ inkomstenbelasting betreffende gemengde vennootschappen die gebruik maken van Chinese en buitenlandse investeringen â žincome tax concerning foreign enterprisesâ inkomstenbelasting betreffende buitenlandse ondernemingen en â žlocal income taxâ plaatselijke inkomstenbelasting hierna te noemen â žChinese belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van de Overeenkomst naast of in de plaats van de in het derde lid genoemde bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten delen elkaar alle wezenlijke wijzigingen mede die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht binnen een redelijke termijn na dergelijke wijzigingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij de context anders vereist a betekenen de uitdrukkingen â žeen Overeenkomstsluitende Staatâ respectievelijk â žde andere Overeenkomstsluitende Staatâ Nederland of China al naar de context vereist b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan voor zover dit gebied in overeenstemming met het internationale recht krachtens de Nederlandse wetgeving is of zal worden aangemerkt als een gebied waarbinnen Nederland bepaalde rechten kan uitoefenen met betrekking tot de exploratie en exploitatie van de natuurlijke rijkdommen van de zeebodem en de ondergrond daarvan c betekent de uitdrukking â žChinaâ de Volksrepubliek China wanneer deze in aardrijkskundige zin wordt gebezigd betekent het het gehele gebied van de Volksrepubliek China met inbegrip van haar territoriale wateren waar de Chinese belastingwetgeving van toepassing is en elk gebied buiten haar territoriale wateren waarbinnen de Volksrepubliek China in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft tot de exploratie en exploitatie van de rijkdommen van de zeebodem de ondergrond daarvan en de wateren daarboven d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Overeenkomstsluitende Staatâ en â žonderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan het hoofdkantoor of de plaats van de werkelijke leiding in een Overeenkomstsluitende Staat is gelegen behalve wanneer het schip of het luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Overeenkomstsluitende Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdanenâ i alle natuurlijke personen die de nationaliteit van een Overeenkomstsluitende Staat bezitten ii alle rechtspersonen vennootschappen verenigingen en andere eenheden die hun rechtspositie als zodanig ontlenen aan de wetgeving die in een Overeenkomstsluitende Staat van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ i in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in China het Ministerie van Financià n of de bevoegde vertegenwoordiger daarvan 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door een Overeenkomstsluitende Staat heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een Overeenkomstsluitende Staatâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf hoofdkantoor plaats van werkelijke leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Overeenkomstsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Overeenkomstsluitende Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van zijn onderneming is gelegen Indien zulk een persoon de plaats van werkelijke leiding van zijn onderneming echter in de ene Overeenkomstsluitende Staat heeft en de plaats van het hoofdkantoor van zijn onderneming in de andere Overeenkomstsluitende Staat zullen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten in onderlinge overeenstemming de Staat bepalen waarvan het lichaam voor de toepassing van deze Overeenkomst geacht wordt inwoner te zijn Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat eveneens a een plaats van uitvoering van een bouwwerk constructie montage of installatiewerkzaamheden of daarmee verbandhoudende werkzaamheden van toezichthoudende aard maar alleen indien de duur van dat bouwwerk of die werkzaamheden een periode van zes maanden overschrijdt b het verlenen van diensten daaronder begrepen diensten van adviserende aard door een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat door middel van werknemers of ander personeel in de andere Overeenkomstsluitende Staat mits zulke werkzaamheden voor hetzelfde of een daarmee samenhangend project worden verricht gedurende een tijdvak of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden een totaal van zes maanden te boven gaan 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt een vaste inrichting niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid in een Overeenkomstsluitende Staat voor een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in de eerstbedoelde Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Overeenkomstsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen Indien de werkzaamheden van zulk een vertegenwoordiger echter uitsluitend of nagenoeg uitsluitend worden verricht voor die onderneming wordt hij niet geacht een onafhankelijke vertegenwoordiger te zijn in de zin van dit lid 7 Alleen de omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Overeenkomstsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Overeenkomstsluitende Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 Het bepaalde in het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Overeenkomstsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Overeenkomstsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders Geen aftrek wordt echter toegestaan terzake van bedragen met uitzondering van die wegens vergoeding van werkelijke kosten welke eventueel door de vaste inrichting aan het hoofdkantoor van de onderneming of een van haar andere kantoren worden betaald als royalty s vergoedingen of andere soortgelijke betalingen voor het gebruik van octrooien of andere rechten of als commissieloon voor bepaalde diensten of voor het geven van leiding dan wel behalve in het geval van een onderneming die het bankbedrijf uitoefent als interest op gelden die aan de vaste inrichting zijn geleend Evenmin wordt bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting rekening gehouden met bedragen met uitzondering van die wegens vergoeding van werkelijke kosten welke door de vaste inrichting aan het hoofdkantoor van de onderneming of een van haar andere kantoren in rekening worden gebracht als royalty s vergoedingen of andere soortgelijke betalingen voor het gebruik van octrooien of andere rechten of als commissieloon voor bepaalde diensten of voor het geven van leiding dan wel behalve in het geval van een onderneming die het bankbedrijf uitoefent als interest op gelden die aan het hoofdkantoor van de onderneming of een van haar andere kantoren zijn geleend 4 Voorzover het in een Overeenkomstsluitende Staat gebruikelijk is de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Overeenkomstsluitende Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Vergoedingen ontvangen door een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat voor het verrichten van technische diensten in de andere Overeenkomstsluitende Staat worden beschouwd als voordelen van een onderneming waarop de bepalingen van dit artikel van toepassing zijn 8 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zee en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Overeenkomstsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Overeenkomstsluitende Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Overeenkomstsluitende Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat en een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een Overeenkomstsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt en dienovereenkomstig belast ter zake waarvan een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig herzien Bij deze herziening wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van deze Overeenkomst en plegen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden De bepalingen van dit lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 3 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen of andere rechten met uitzondering van schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 4 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 5 Indien een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Overeenkomstsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de nietuitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijlk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waaruit hij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid a is interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald direct of indirect aan de Regering van de andere overeenkomstsluitende Staat vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat b is interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald ter zake van een lening gegarandeerd of verzekerd door de Regering van de andere Overeenkomstsluitende Staat vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat 4 Voor de toepassing van het derde lid betekent de uitdrukking â žRegeringâ a Wat Nederland betreft de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en omvat de plaatselijke publiekrechtelijke lichamen i de Nederlandsche Bank ii de Nederlandse Financieringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden N V en de Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden N V alle andere instellingen zoals te eniger tijd tussen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten wordt overeengekomen b wat China betreft de Regering van China en omvat de plaatselijke publiekrechtelijke lichamen i de â žPeople s Bank of Chinaâ â ž Central Bank â ii de â žBank of Chinaâ iii de â žInternational Investment and Trust Corporation of Chinaâ alle andere instellingen zoals te eniger tijd tussen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten wordt overeengekomen 5 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premie s en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Interest wordt geacht uit een Overeenkomstsluitende Staat afkomstig te zijn indien deze wordt betaald door die Staat zelf door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat is of niet in een Overeenkomstsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 8 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Overeenkomstsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 De royalty s mogen echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms of films of geluidsbanden voor radio en televisieuitzendingen van een octrooi â žknow howâ een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap Deze uitdrukking omvat echter niet de diensten bedoeld in het zevende lid van artikel 7 4 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 5 Royalty s worden geacht uit een Overeenkomstsluitende Staat afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt of hij inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat is of niet in een Overeenkomstsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 6 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Overeenkomstsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Overeenkomstsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 Voordelen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat uit de vervreemding van alle andere zaken dan die welke zijn bedoeld in het eerste tweede en derde lid en die zich bevinden in de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar behalve onder de volgende omstandigheden waarin zodanige voordelen ook in de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen worden belast a indien hij in de andere Overeenkomstsluitende Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt in dat geval mogen de voordelen slechts in zoverre zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend in die andere Overeenkomstsluitende Staat worden belast of b indien hij in de andere Overeenkomstsluitende Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende kalenderjaar een totaal van 183 of meer dagen belopen in dat geval mogen de voordelen slechts in zoverre zij worden verkregen uit zijn in die andere Staat verrichte werkzaamheden in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Overeenkomstsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een in de andere Overeenkomstsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende kalenderjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen Tantiemes en andere beloningen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of een raad van toezicht van een lichaam dat inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisie artiest of een musicus alsmede als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Overeenkomstsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die voor een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Overeenkomstsluitende Staat waar de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid zijn voordelen of inkomsten verkregen door artiesten of sportbeoefenaars als bedoeld in het eerste lid die inwoner zijn van een Overeenkomstsluitende Staat uit werkzaamheden verricht

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/china-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Denemarken (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Convention the term â œpermanent establishment means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishment includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site or construction or installation project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than twelve months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishment shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in subparagraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in one of the States an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in one of the States merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of one of the States controls or is controlled by a company which is a resident of the other State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of one of the States from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other State may be taxed in that other State 2 The term â œimmovable property shall have the meaning which it has under the law of the State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of one of the States shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of one of the States carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein there shall in each State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in one of the States to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude that State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and Air Transport 1 Profits from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the State of which the operator of the ship is a resident 3 With respect to profits derived by the air transport consortium Scandinavian Airlines System SAS the provisions of paragraph 1 shall apply only to such part of the profits as corresponds to the participation held in that consortium by Det Danske Luftfartsselskab DDL the Danish partner of Scandinavian Airlines System The participation in the enterprise of SAS by DDL shall for the purpose of paragraph 1 be considered to constitute an enterprise operating aircraft in international traffic having its place of effective management in Denmark 4 For the purposes of this Article profits derived from the operation in international traffic of ships and aircraft include profits derived from the rental on a bareboat basis of ships and aircraft if operated in international traffic if such rental profits are incidental to the profits described in paragraph 1 5 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises 1 Where a an enterprise of one of the States participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of one of the States and an enterprise of the other State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood however that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as costsharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where one of the States includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of one of the States to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed 15 per cent of the gross amount of the dividends 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 the State of which the company is a resident shall not levy a tax on dividends paid by that company if the beneficial owner of the dividends is a company which is a resident of the other State and holds directly at least 10 per cent of the capital of the company paying the dividends 4 The provisions of paragraphs 2 and 3 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term â œdividends as used in this Article means income from shares â œjouissance shares or â œjouissance rights mining shares founders shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of one of the States carries on business in the other State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Where a company which is a resident of one of the States derives profits or income from the other State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interest 1 Interest arising in one of the States and paid to a resident of the other State shall be taxable only in that other State if such resident is the beneficial owner of the interest 2 The term â œinterest as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 3 The provisions of paragraph 1 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 4 Interest shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 5 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in one of the States and paid to a resident of the other State shall be taxable only in that other State if such resident is the beneficial owner of the royalties 2 The term â œroyalties as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for radio or television broadcasting any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for information concerning industrial commercial or scientific experience 3 The provisions of paragraph 1 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 4 Royalties shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base in connection with which the obligation to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 5 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital gains 1 Gains derived by a resident of one of the States from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of one of the States has in the other State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply With respect to gains derived by the air transport consortium Scandinavian Airlines System the provisions of this paragraph shall apply only to such portion of the gains as corresponds to the participation held in that consortium by Det Danske Luftfartsselskab DDL the Danish partner of Scandinavian Airlines System The participation in the enterprise of SAS by DDL shall for the purpose of this paragraph be considered to constitute an enterprise operating aircraft in international traffic having its place of effective management in Denmark 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of the Netherlands to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissance rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which is under the laws of the Netherlands a resident of the Netherlands derived by an individual who is a resident of Denmark and has been a resident of the Netherlands in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissance rights Article 14 Independent personal services 1 Income derived by an individual who is a resident of one of the States in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional services includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 and 19 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised in the other State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any period of 12 months and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Director s fees Director s fees or other remuneration derived by a resident of one of the States in his capacity as a member of the board of directors a â œbestuurder or a â œcommissaris of a company which is a resident of the other State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and Sportsmen 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of one of the States as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsman from his personal activities as such exercised in the other State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsman in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsman himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the State in which the activities of the entertainer or sportsman are exercised Article 18 Pensions annuities and social security payments 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration paid to a resident of one of the States in consideration of past employment and any annuity shall be taxable only in that State 2 However where such remuneration is not of a periodical nature and it is paid in consideration of past employment exercised in the other State or where instead of the right to annuities a lump sum is paid this remuneration or this lump sum may be taxed in the State in which it arises 3 Any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of one of the States to a resident of the other State may be taxed in the first mentioned State 4 The term â œannuity means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth Article 19 Government Service 1 a Remuneration other than a pension paid by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such remuneration shall be taxable only in the other State if the services are rendered in that State and the individual is a resident of that State who 1 is a national of that State or 2 did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such pension shall be taxable only in the other State if the individual is a resident of and a national of that State 3 The provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to remuneration and pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof Article 20 Students Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting one of the States a resident of the other State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State Article 21 Other Income 1 Items of income of a resident of one of the States wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Convention shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the recipient of such income being a resident of one of the States carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the income is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Articles 7 or Article 14 as the case may be shall apply CHAPTER IV TAXATION OF CAPITAL Article 22 Capital 1 Capital represented by immovable property referred to in Article 6 owned by a resident of one of the States and situated in the other State may be taxed in that other State 2 Capital represented by movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of one of the States has in the other State or by movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing independent personal services may be taxed in that other State 3 Capital represented by ships and aircraft operated in international traffic and by movable property pertaining to the operation of such ships and aircraft shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply With respect to capital owned by the air transport consortium Scandinavian Airlines System the provisions of this paragraph shall apply only to such portion of the capital owned as corresponds to the participation held in that consortium by Det Danske Luftfartsselskab DDL the Danish partner of Scandinavian Airlines System The participation in the enterprise of SAS by DDL shall for the purpose of this paragraph be considered to constitute an enterprise operating aircraft in international traffic having its place of effective management in Denmark 4 All other elements of capital of a resident of one of the States shall be taxable only in that State CHAPTER V ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION Article 23 Elimination of double taxation 1 The Netherlands when imposing tax on its residents may include in the basis upon which such taxes are imposed the items of income or capital which according to the provisions of this Convention may be taxed in Denmark 2 However where a resident of the Netherlands derives items of income or owns items of capital which according to Article 6 Article 7 paragraph 6 of Article 10 paragraph 3 of Article 11 paragraph 3 of Article 12 paragraphs 1 and 2 of Article 13 Article 14 paragraph 1 of Article 15 paragraph 3 of Article 18 paragraphs 1 sub paragraph a and 2 sub paragraph a of Article 19 paragraph 2 of Article 21 and paragraphs 1 and 2 of Article 22 of this Convention may be taxed in Denmark and are included in the basis referred to in paragraph 1 the Netherlands shall exempt such items of income or capital by allowing a reduction of its tax This reduction shall be computed in conformity with the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation For that purpose the said items of income or capital shall be deemed to be included in the total amount of the items of income or capital which are exempt from Netherlands tax under those provisions 3 Further the Netherlands shall allow a deduction from the Netherlands tax so computed for the items of income which according to paragraph 2 of Article 10 paragraph 5 of Article 13 Article 16 Article 17 and paragraph 2 of Article 18 of this Convention may be taxed in Denmark to the extent that these items are included in the basis referred to in paragraph 1 The amount of this deduction shall be equal to the tax paid in Denmark on these items of income but shall not exceed the amount of the reduction which would be allowed if the items of income so included were the sole items of income which are exempt from Netherlands tax under the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation 4 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 the Netherlands shall allow a deduction from the Netherlands tax for the tax paid in Denmark on items of income which according to Article 7 paragraph 6 of Article 10 paragraph 3 of Article 11 paragraph 3 of Article 12 and paragraph 2 of Article 21 of this Convention may be taxed in Denmark to the extent that these items are included in the basis referred to in paragraph 1 if and insofar as the Netherlands under the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation allows a deduction from the Netherlands tax of the tax levied in another country on such items of income For the computation of this deduction the provisions of paragraph 3 of this Article shall apply accordingly 5 a Subject to the provisions of subparagraph c where a resident of Denmark derives income or owns capital which in accordance with the provisions of this Convention may be taxed in the Netherlands Denmark shall allow i as a deduction from the taxes on the income of that resident an amount equal to the taxes on income paid in the Netherlands ii as a deduction from the tax on the capital of that resident an amount equal to the tax on capital paid in the Netherlands b Such deduction in either case shall not however exceed that part of income tax or capital tax as computed before the deduction is given which is attributable as the case may be to the income or the capital which may be taxed in the Netherlands c Where a resident of Denmark derives income or owns capital which in accordance with the provisions of this Convention shall be taxable only in the Netherlands or may be taxed in the Netherlands in accordance with the provisions of article 15 and article 19 Denmark may include this income or capital in the tax base but shall allow as a deduction from the income tax or capital tax that part of the income tax or capital tax which is attributable as the case may be to the income derived from or the capital owned in the Netherlands d Notwithstanding the provisions of sub paragraph a and b of this paragraph dividends paid by a company which is a resident of the Netherlands to a company which is a resident of Denmark shall be exempt from Danish tax according to the provisions of Danish law governing the exemption of tax on dividends paid to Danish companies by subsidiaries abroad However in the case where dividends do not qualify for the exemption from Danish tax Denmark shall â in addition to the deduction from tax as mentioned in sub paragraph a and b â allow as a deduction from the tax on such dividends the tax payable in respect of the profits out of which such dividends are paid in conformity with article 4 of the EC council directive of 23 July 1990 on the common system of taxation applicable in the case of parent companies and subsidiaries of different Member States as it may be amended e In the case of an individual who was a resident of Denmark for a period of five years or more and has become resident of the Netherlands and under the national law of Denmark has been taxed in respect of capital gains on shares up to the change of residence then Denmark shall allow where the shares are subsequently alienated and the gains from such alienation are taxed in the Netherlands as a deduction from the tax on the income an amount equal to the income tax which is paid in the Netherlands with respect to the income which was taxed in Denmark Such deduction shall not however exceed the income tax as computed before the deduction is given which is levied on the said income in Denmark f For the purposes of this paragraph the taxes referred to in paragraphs 3a and 4 of Article 2 other than the capital tax shall be considered taxes on income CHAPTER VI SPECIAL PROVISIONS Article 24 Offshore activities 1 In case of activities covered by this Article its provisions shall apply notwithstanding any other provisions of this Convention However this Article shall not apply where offshore activities of a person constitute for that person a permanent

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/denemarken-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Duitsland (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Duitsland in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen en tot het regelen van andere aangelegenheden op belastinggebied Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen en tot het regelen van andere aangelegenheden op belastinggebied Aanhef Het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland de wens koesterende op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen dubbele belasting te vermijden en andere aangelegenheden op belastinggebied te regelen zijn overeengekomen de navolgende Overeenkomst te sluiten Te dien einde hebben tot gevolmachtigden benoemd Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden Mr J M A H Luns Minister van Buitenlandse Zaken De President van de Bondsrepubliek Duitsland Dr J Là ns Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur te s Gravenhage Wettekst Artikel 1 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen die volgens de wetgeving van elk van beide Staten rechtstreeks van het inkomen of van het vermogen of naar verscheidene andere grondslagen ten behoeve van de Staten de â žLà nderâ de provincià n de gemeenten of gemeentelijke verbanden ook in de vorm van opcenten worden geheven 2 Belastingen in de zin van deze Overeenkomst zijn 1 in de Bondsrepubliek Duitsland a de Einkommensteuer inkomstenbelasting met inbegrip van de Lohnsteuer loonbelasting de Kapitalertragsteuer belasting op kapitaalopbrengsten en de Aufsichtsratsteuer commissarissenbelasting b de Kà rperschaftsteuer vennootschapsbelasting c de Abgabe Notopfer Berlin heffing â žNotopfer Berlinâ d de Vermà gensteuer vermogensbelasting e de Gewerbesteuer ondernemingsbelasting f de Grundsteuer grondbelasting 2 in het Koninkrijk der Nederlanden a de inkomstenbelasting b de loonbelasting c de vennootschapsbelasting d de dividendbelasting e de commissarissenbelasting f de vermogensbelasting g de grondbelasting h gemeentelijke baatbelastingen i gemeentelijke bouwterreinbelastingen j wegen straat en vaartbelastingen k het recht op de mijnen 3 De Overeenkomst zal van toepassing zijn op elke andere belasting van in wezen gelijke of gelijksoortige aard die na de ondertekening van de Overeenkomst in een van de Staten wordt ingevoerd 4 De hoogste belastingautoriteiten van de Staten zullen elkander van de invoering van nieuwe belastingen wezenlijke wijzigingen of de afschaffing van bestaande belastingen waarop deze Overeenkomst betrekking heeft op de hoogte stellen Artikel 2 1 Voor zover uit het zinsverband niet iets anders volgt betekent in deze Overeenkomst 1 het begrip â žpersoonâ zowel natuurlijke als rechtspersonen verenigingen van personen en fondsen beheren die als zodanig als een rechtspersoon aan de belastingheffing zijn onderworpen alsmede de Nederlandse commanditaire vennootschappen op aandelen worden als rechtspersonen beschouwd 2 het begrip â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend a Als vaste inrichtingen worden met name beschouwd aa een plaats waar leiding wordt gegeven bb een filiaal cc een kantoor dd een fabriek ee een werkplaats ff een mijn een steengroeve of een andere plaats van natuurlijke hulpbronnen in exploitatie gg uitvoering van een bouwwerk of constructiewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt b Als vaste inrichtingen worden niet beschouwd aa het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar bb het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering cc het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming dd het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor de aankoop van goederen of koopwaar of voor de inwinning van inlichtingen voor de onderneming ee het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor het verrichten van soortgelijke werkzaamheden welke voor de onderneming van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulp werkzaamheden hebben c Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is â met uitzondering van een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van letter d â wordt als een in de eerstgenoemde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien hij een machtiging bezit om namens de onderneming in deze Staat overeenkomsten af te sluiten en dit recht aldaar gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden zich tot de aankoop van goederen of waren voor de onderneming beperken d Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten enkel op grond van het feit dat zij aldaar zakenrelaties onderhoudt door middel van een makelaar commissionair of enig andere onafhankelijke vertegenwoordiger ingeval deze persoon in de normale uitoefening van zijn bedrijf handelt e Het feit dat een vennootschap met woonplaats in een van de Staten een vennootschap beheerst of door een vennootschap wordt beheerst die in de andere Staat haar woonplaats heeft of in die andere Staat zakenrelaties onderhoudt hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt op zichzelf niet een van de beide vennootschappen tot een vaste inrichting van de andere vennootschap 3 het begrip â žhoogste belastingautoriteitâ in de Bondsrepubliek Duitsland de â žBundesminister der Finanzenâ in het Koninkrijk der Nederlanden de Minister van Financià n of zijn gevolmachtigde vertegenwoordiger 4 het begrip â žonderdaanâ a met betrekking tot de Bondsrepubliek Duitsland alle Duitsers in de zin van artikel 116 eerste lid van de Grondwet voor de Bondsrepubliek Duitsland b met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden alle Nederlanders en voorts alle Nederlandse onderdanen die in Nederland wonen Als onderdanen worden ook beschouwd rechtspersonen die volgens het in de ene of de andere Staat geldende recht zijn opgericht 5 het begrip â žonderneming van een van de Statenâ of â žonderneming van de andere Staatâ een onderneming op het gebied van handel nijverheid of van enige andere tak van niet agrarisch bedrijf die door een persoon met woonplaats in Nederland of door een persoon met woonplaats in de Bondsrepubliek Duitsland wordt gedreven al naar het zinsverband vereist 6 het begrip â žgrensoverschrijdend bedrijventerreinâ een ruimtelijk besloten gebied dat zich zowel op Nederlands als op Duits grondgebied uitstrekt en waar de gemeenschappelijke grens tussen beide Staten doorheen loopt voorzover de Staten het gebied in onderling overleg tot grensoverschrijdend bedrijventerrein hebben bestempeld 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst door een van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elk niet in deze Overeenkomst omschreven begrip de betekenis welke dat begrip heeft volgens de in die Staat van kracht zijnde wetten met betrekking tot belastingen welke het onderwerp van deze Overeenkomst vormen Artikel 3 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst heeft een natuurlijk persoon een woonplaats in die Staat waar hij een woning heeft onder omstandigheden waaruit valt af te leiden dat hij de woning zal blijven houden en gebruiken 2 Indien een natuurlijk persoon in geen van de Staten een woning onder de in het eerste lid bedoelde omstandigheden heeft maar in een van de Staten gewoonlijk verblijft wordt voor de toepassing van deze Overeenkomst het gewoonlijk verblijven als woonplaats beschouwd Iemand verblijft gewoonlijk in een Staat indien hij daar verblijft onder omstandigheden waaruit valt af te leiden dat hij in deze Staat niet slechts tijdelijk vertoeft 3 Indien een natuurlijk persoon volgens de voorgaande leden zijn woonplaats in beide Staten heeft heeft hij voor de toepassing van de artikelen 4 tot en met 19 van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waarmede de persoonlijke en economische betrekkingen het sterkst zijn middelpunt van de levensbelangen Indien het niet mogelijk is het middelpunt van de levensbelangen vast te stellen zullen de hoogste belastingautoriteiten van de Staten overeenkomstig artikel 25 in onderlinge overeenstemming een regeling treffen 4 Een natuurlijk persoon die aan de wal noch een woning onder de in het eerste lid bedoelde omstandigheden heeft noch aldaar gewoonlijk verblijft in de zin van het tweede lid maar gewoonlijk aan boord van een tot een scheepvaartonderneming behorend schip verblijft heeft voor de toepassing van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waar de plaats van de leiding van de scheepvaartonderneming zich bevindt 5 Een rechtspersoon heeft voor de toepassing van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waar de plaats van zijn leiding zich bevindt Heeft hij in geen van de Staten de plaats van zijn leiding dan is de plaats van zijn statutaire zetel beslissend 5a Indien de plaats van leiding van een rechtspersoon zich bevindt op een grensoverschrijdend bedrijventerrein en de gemeenschappelijke grens tussen de Staten loopt door de vaste bedrijfsinrichting waarin de plaats van leiding zich bevindt en niet eenduidig kan worden vastgesteld in welke van de Staten de rechtspersoon haar plaats van leiding heeft dan heeft zij haar woonplaats in de Staat waarin het grootste deel van de door de onderneming gebruikte oppervlakte van het gebouw waarin de leiding van de onderneming wordt uitgeoefend zich bevindt Nadere regelingen voor de vaststelling in welk van de Staten de rechtspersoon haar woonplaats heeft zijn neergelegd in de bijlage bij de Overeenkomst 6 Voor de toepassing van deze Overeenkomst is de plaats van de leiding de plaats waar het middelpunt van de algemene leiding van de onderneming zich bevindt Bevindt de plaats van de leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip dan wordt voor de toepassing van deze Overeenkomst de plaats waar het schip zijn thuishaven heeft als de plaats van de leiding beschouwd Artikel 4 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit onroerende zaken daaronder begrepen hun toebehoren die in de andere Staat zijn gelegen heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is van toepassing zowel op de inkomsten welke door rechtstreekse exploitatie en gebruik als op die welke door verhuring verpachting en elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken daaronder begrepen de nevenbedrijven van landen bosbouw worden verkregen in het bijzonder op de inkomsten welke uit vaste of veranderlijke vergoedingen ter zake van de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen en op inkomsten die bij de vervreemding van onroerende zaken worden verkregen 3 De leden 1 en 2 zijn ook van toepassing indien de daarin vermelde vermogensbestanddelen deel uitmaken van het vermogen van een bedrijf op het gebied van handel of nijverheid of van enig ander niet agrarisch bedrijf Artikel 5 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten als ondernemer of medeondernemer inkomsten verkrijgt uit een onderneming op het gebied van handel nijverheid of enige andere tak van niet agrarisch bedrijf waarvan de werkzaamheid zich tot op het gebied van de andere Staat uitstrekt heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten slechts voor zover deze aan een zich aldaar bevindende vaste inrichting van de onderneming zijn toe te rekenen 2 Daarbij moeten aan de vaste inrichting die inkomsten worden toegerekend die zij behaald zou hebben indien zij een zelfstandige onderneming ware die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden uitoefende onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en als een onafhankelijke onderneming zaken deed 3 Het eerste lid is van toepassing zowel op de inkomsten welke door rechtstreekse exploitatie en gebruik als op die welke door verhuring verpachting en elke andere vorm van exploitatie van de onderneming worden verkregen en op inkomsten uit de vervreemding van een bedrijf in zijn geheel van een aandeel in de onderneming van een deel van het bedrijf of van een zaak die in het bedrijf wordt gebruikt 4 Indien een onderneming van een van de Staten een vaste bedrijfsinrichting op het tot het grondgebied van de andere Staat behorende deel van een grensoverschrijdend bedrijventerrein heeft dan wordt de bedrijfsinrichting voor de belastingheffing over de inkomsten van de onderneming niet beschouwd als een vaste inrichting Dit laat artikel 10 onverlet 5 Indien een op een grensoverschrijdend bedrijventerrein gevestigde vaste bedrijfsinrichting van een onderneming van een van de Staten wordt verplaatst naar een buiten dit grensoverschrijdend bedrijventerrein gelegen plaats of wordt verplaatst binnen dit grensoverschrijdend bedrijventerrein en met deze verplaatsing het recht tot belastingheffing over de inkomsten van de onderneming overgaat naar de andere Staat dan kan de eerstgenoemde Staat op verzoek bij grote onbillijkheid toestaan dat de belasting die als gevolg van de verplaatsing verschuldigd wordt in gelijkmatige termijnen wordt voldaan over een periode van ten hoogste vijf jaren te rekenen vanaf de dag waarop deze voor het eerst verschuldigd is Van grote onbillijkheid is sprake indien aan de verplaatsing oorzaken ten grondslag liggen die niet te wijten zijn aan de onderneming zelf Artikel 6 1 Indien een onderneming van een van de Staten uit hoofde van haar deelneming in de leiding dan wel in de financiering van een onderneming van de andere Staat met deze onderneming voorwaarden van economische of financià le aard overeenkomt of haar deze oplegt welke afwijken van die welke met een onafhankelijke onderneming zouden worden overeengekomen mogen inkomsten die een van de beide ondernemingen normaal zou hebben verkregen maar tengevolge van deze voorwaarden niet heeft verkregen worden begrepen in de inkomsten van deze onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Het eerste lid vindt overeenkomstige toepassing in de betrekkingen tussen twee ondernemingen in de leiding of het vermogen waarvan dezelfde persoon onmiddellijk of middellijk deelneemt Artikel 7 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten als ondernemer of medeondernemer inkomsten verkrijgt uit een zeescheepvaart binnenscheepvaart of luchtvaartonderneming waarvan de plaats van de leiding zich in een van de Staten bevindt komt het recht tot belastingheffing voor de rechtstreeks met het zeescheepvaart binnenscheepvaart of luchtvaartbedrijf samenhangende inkomsten slechts toe aan de Staat van de plaats van de leiding ook indien zich in de andere Staat een vaste inrichting van de onderneming bevindt 2 Zolang de Staat waar de plaats van de leiding zich bevindt het recht tot belastingheffing tegenover een persoon met woonplaats in de andere Staat niet uitoefent heeft deze andere Staat het recht tot belastingheffing Artikel 8 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit de vervreemding van een deelneming in een vennootschap waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en die haar woonplaats in de andere Staat heeft heeft de eerstgenoemde Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 9 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten uit zelfstandige arbeid verkrijgt heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten indien de arbeid in de andere Staat wordt of is uitgeoefend 2 Uitoefening van zelfstandige arbeid in de andere Staat wordt slechts dan aanwezig geacht indien de persoon die de zelfstandige arbeid uitoefent voor zijn werkzaamheden gebruik maakt van een duurzame inrichting die aldaar geregeld tot zijn beschikking staat Deze beperking geldt echter niet voor zelfstandig uitgeoefende werkzaamheden op het terrein van de kunst de voordrachtskunst de sportbeoefening het circus het ballet het varià tà en dergelijke 3 Artikel 5 derde lid vindt overeenkomstige toepassing 4 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten als lid van de raad van commissarissen of als niet aan de bestuurstaak deel hebbend lid van soortgelijke organen vergoedingen verkrijgt van een rechtspersoon die zijn woonplaats in de andere Staat heeft heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze vergoedingen Artikel 10 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit niet zelfstandige arbeid heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten indien de arbeid in de andere Staat wordt uitgeoefend 2 In afwijking van het eerste lid kunnen inkomsten uit niet zelfstandige arbeid slechts in de Staat worden belast waar de werknemer zijn woonplaats heeft indien deze werknemer 1 tijdelijk in totaal niet meer dan 183 dagen gedurende een kalenderjaar in de andere Staat verblijft 2 voor zijn gedurende deze tijd uitgeoefende werkzaamheden vergoeding ontvangt van een werkgever die zijn woonplaats niet in de andere Staat heeft en 3 voor zijn werkzaamheden niet ten laste van een zich in de andere Staat bevindende vaste inrichting of duurzame inrichting van de werkgever vergoeding ontvangt 2a Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel kunnen inkomsten uit niet zelfstandige arbeid die worden verkregen door een natuurlijke persoon die in een van de Staten zijn woonplaats heeft en die ten laste komen van een op een grensoverschrijdend bedrijventerrein gelegen vaste bedrijfsinrichting waar de gemeenschappelijke grens tussen de Staten doorheen loopt slechts worden belast in de Staat waarin de persoon zijn woonplaats heeft tenzij deze persoon ingevolge de Verordening EEG 1408 71 van de Raad van 14 juni 1971 Publicatieblad L 149 van 5 juli 1971 of op grond van een verordening van de Europese Unie die na de ondertekening van het Derde Aanvullend Protocol daarvoor in de plaats komt aan de rechtsregels van de andere Staat is onderworpen Indien de persoon ingevolge de Verordening EEG 1408 71 van de Raad van 14 juni 1971 of op grond van een verordening van de Europese Unie die na de ondertekening van het Derde Aanvullend Protocol daarvoor in de plaats komt aan de rechtsregels van de andere Staat is onderworpen dan kunnen de inkomsten in de andere Staat worden belast 3 Indien een natuurlijk persoon voortdurend of overwegend aan boord van schepen of luchtvaartuigen van een scheepvaart of luchtvaartonderneming diensten verricht wordt de arbeid geacht te zijn uitgeoefend in de Staat waar de plaats van de leiding van de onderneming zich bevindt Zolang deze Staat de inkomsten uit zodanige arbeid niet belast heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 11 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt in de vorm van lonen salarissen en soortgelijke beloningen die een van de beide Staten of â žLà nderâ provincià n gemeenten of gemeentelijke verbanden en andere publiekrechtelijke rechtspersonen van een van de beide Staten toekennen heeft de Staat van de openbare kas het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Is evenwel de natuurlijke persoon onderdaan van de woonstaat zonder tevens onderdaan van de Staat van de openbare kas te zijn en oefent hij zijn werkzaamheden in de woonstaat uit dan heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing 2 Voor beloningen ter zake van diensten verricht in verband met enig bedrijf dat door een Staat of een andere publiekrechtelijke rechtspersoon wordt uitgeoefend met het oogmerk winst te behalen vindt artikel 10 toepassing Artikel 12 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten wachtgelden pensioenen weduwe of wezenpensioenen andere uitkeringen of op geld waardeerbare voordelen ter zake van vroegere diensten verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 In afwijking van het eerste lid komt het recht tot belastingheffing voor wachtgelden pensioenen weduwe en wezenpensioenen andere uitkeringen of op geld waardeerbare voordelen ter zake van vroegere diensten die een van de beide Staten of â žLà nderâ provincià n gemeenten of gemeentelijke verbanden en andere publiekrechtelijke rechtspersonen van een van de beide Staten rechtstreeks of door tussenkomst van een hiertoe in het leven geroepen publiekrechtelijke instelling aan zijn werknemers of hun nagelaten betrekkingen betalen aan deze Staat toe 3 Het tweede lid vindt ook toepassing op 1 uitkeringen die krachtens de wettelijke sociale verzekering worden betaald 2 pensioenen lijfrenten alsmede andere periodieke of niet periodieke uitkeringen die door een van de Staten of een andere publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon van deze Staat worden betaald als vergoedingen voor een schade die als gevolg van oorlogshandelingen of politieke vervolging is ontstaan Artikel 13 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat dividenden verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Voor zover in de andere Staat de belasting van kapitaalopbrengsten bij wijze van inhouding aan de bron wordt geheven wordt het recht tot toepassing van die inhouding niet aangetast 3 De overeenkomstig het tweede lid in te houden belasting mag 15 van de dividenden niet overschrijden 4 De overeenkomstig het tweede lid in te houden belasting mag evenwel 10 van de dividenden niet overschrijden indien de dividenden door een vennootschap waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en met woonplaats in een van de Staten worden betaald aan een zodanige vennootschap met woonplaats in de andere Staat aan welke ten minste 25 van de stemgerechtigde aandelen van de eerstgenoemde vennootschap behoren 5 De leden 1 tot en met 4 zijn niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 14 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat interest verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 3 Interest in de zin van dit artikel is inkomsten uit leningen obligaties wissels of uit enige andere vorm van schuldenaarschap Voor inkomsten uit converteerbare obligaties en winstdelende obligaties vindt artikel 13 eerste tweede derde en vijfde lid toepassing Artikel 15 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat inkomsten verkrijgt in de vorm van royalties of andere vergoedingen voor het gebruik maken van of voor het recht tot het gebruik maken van uitvindersrechten auteursrechten octrooien modellen procà dà s handelsmerken of soortgelijke rechten behalve rechten met betrekking tot de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is ook van toepassing op de inkomsten uit de vervreemding van de aldaar vermelde rechten 3 Als royalties worden ook beschouwd huren en soortgelijke vergoedingen voor het ter beschikking stellen van films voor het gebruik van nijverheids handels of wetenschappelijke uitrustingen of voor het ter beschikking stellen van bedrijfservaring 4 Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 16 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt waarvoor in de voorgaande artikelen geen regeling is getroffen heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 17 Hoogleraren of andere docenten met woonplaats in een van de Staten die beloning ontvangen voor het geven van onderwijs gedurende een tijdelijk verblijf van hoogstens twee jaren aan een universiteit hogeschool school of andere onderwijsinstelling in de andere Staat worden ter zake van deze beloning slechts in de woonstaat belast Artikel 18 Studenten personen die een leer of praktijktijd doormaken en volontairs uit een van de Staten die slechts voor doeleinden van studie of opleiding in de andere Staat verblijven worden voor de door hen ten behoeve van hun levensonderhoud studie en opleiding ontvangen uitkeringen niet door deze andere Staat belast indien zij deze uitkeringen van buiten deze Staat ontvangen Artikel 19 1 Het recht tot belastingheffing voor vermogen van een persoon met woonplaats in een van de Staten voor zover het bestaat uit a onroerende zaken daaronder begrepen hun toebehoren b door hypotheek of andere zakelijke zekerheidsrechten op een onroerende zaak verzekerde vorderingen c vermogen gebezigd in een onderneming op het gebied van handel nijverheid of van enige andere tak van niet agrarisch bedrijf daaronder begrepen zeescheepvaart binnenscheepvaart en luchtvaartondernemingen d vermogen gebezigd in de uitoefening van zelfstandige arbeid heeft de Staat die ingevolge deze Overeenkomst het recht tot belastingheffing voor de inkomsten uit dit vermogen heeft 2 Het recht tot belastingheffing voor ander vermogen van een persoon met woonplaats in een van de Staten heeft deze Staat Artikel 20 1 Indien de woonstaat ingevolge de voorgaande artikelen het recht tot belastingheffing voor inkomsten of vermogensbestanddelen heeft mag onverminderd het bepaalde in artikel 13 tweede lid en artikel 14 derde lid tweede zin de andere Staat deze inkomsten of vermogensbestanddelen niet belasten 2 Indien de Bondsrepubliek Duitsland de woonstaat is zal zij de inkomsten en vermogensbestanddelen waarvoor ingevolge de voorgaande artikelen Nederland een recht tot belastingheffing heeft niet in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven begrijpen De belastingen voor de inkomsten of vermogensbestanddelen welke aan de Bondsrepubliek Duitsland ter belasting zijn toegewezen worden evenwel naar het tarief geheven dat behoort bij het gehele inkomen of het gehele vermogen van de belastingplichtige persoon In afwijking van de eerste zin zullen dividenden met uitzondering van de onder artikel 13 vierde lid vallende dividenden en interesten op converteerbare obligaties en winstdelende obligaties wel in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven worden begrepen de van deze inkomsten bij wijze van inhouding geheven Nederlandse belasting wordt met de naar een gemiddeld belastingtarief berekende belastingen van de Bondsrepubliek Duitsland voor deze inkomsten verrekend 3 Indien Nederland de woonstaat is is het bevoegd ook die inkomsten met uitzondering van invaliditeitspensioenen â žVerletztenrentenâ en andere uitkeringen ter zake van invaliditeit krachtens de socialeverzekeringswetgeving van de Bondsrepubliek Duitsland die worden betaald aan een natuurlijke persoon die zijn woonplaats als bedoeld in deze Overeenkomst in Nederland heeft en die tijdens de Tweede Wereldoorlog als dwangarbeider tewerkgesteld was en vermogensbestanddelen in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven te begrijpen waarvoor de Bondsrepubliek Duitsland ingevolge de voorgaande artikelen een recht tot belastingheffing heeft Nederland zal evenwel onder voorbehoud van zijn nationale voorschriften voor de vermijding van dubbele belasting betreffende de verliescompensatie op de berekende belasting dat deel van de belasting in mindering brengen dat behoort bij de inkomsten of vermogensbestanddelen waarvoor ingevolge de artikelen 4 5 6 7 8 tweede lid de artikelen 9 10 eerste lid de artikelen 11 12 tweede en derde lid artikel 13 vijfde lid artikel 14 tweede lid artikel 15 vierde lid en artikel 19 eerste lid de Bondsrepubliek Duitsland het recht tot belastingheffing heeft De in mindering te brengen belasting wordt berekend naar de verhouding waarin de inkomensbestanddelen of het gedeelte van het vermogen waarvoor ingevolge de in de vorige zin genoemde artikelen de Bondsrepubliek Duitsland het recht tot belastingheffing heeft staan tot alle inkomensbestanddelen of het gehele vermogen 4 Nederland verleent voor de bestanddelen van het inkomen die volgens artikel 13 tweede lid van de Overeenkomst in de Bondsrepubliek Duitsland kunnen worden belast in zoverre deze bestanddelen in de in het derde lid bedoelde grondslag zijn begrepen een vermindering van Nederlandse belasting Het bedrag van de vermindering is gelijk aan de in Duitsland over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting De vermindering die op grond van de voorgaande zinnen moet worden verleend bedraagt echter niet meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving ter vermijding van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld Dit lid houdt echter geen beperking in voor enige bestaande of toekomstige compensatie overeenkomstig de Nederlandse voorschriften ter vermijding van dubbele belasting die betrekking hebben op de gezamenlijke inkomsten die afkomstig zijn uit meer dan een land doch uitsluitend voor wat betreft de berekening van het bedrag van de vermindering van Nederlandse belasting Artikel 21 Deze Overeenkomst tast niet de aanspraak op eventuele verdergaande vrijstellingen aan die krachtens algemene regelen van het volkenrecht of krachtens bijzondere regelingen aan de diplomatieke of consulaire ambtenaren en beambten toekomen Voor zover op grond van zulke verdergaande vrijstellingen inkomsten en vermogen in de Staat van verblijf niet worden belast blijft de belastingheffing voorbehouden aan de Staat die hen heeft uitgezonden Artikel 22 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten aantoont dat maatregelen van de belastingautoriteiten van de Staten te zijnen aanzien hebben geleid tot dubbele belastingheffing in strijd met deze Overeenkomst kan hij zich onverminderd de nationale rechtsmiddelen wenden tot de hoogste belastingautoriteit van de Staat waarin hij zijn woonplaats heeft of

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/duitsland-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Duitsland Protocol 1 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    Heerenveen Arjo Groenendijk Bart Boersma Bram van Breukelen Geert Koevoets Sander van Lent De Vries c s Tax Advisors in Beetsterzwaag Joost Muller Jan Jaap de Vries Priore in Heerenveen mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Priore in Workum mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Rien Vink Loonheffingen in Engwierum Rien Vink Scheidingsfiscalist T van der Wal in Beetsterzwaag Tiny van der Wal Smids en Schakel in Leeuwarden Peter Steenhuis Marieke van der Veer Corine van der Maden LEXX Advocaten in Leeuwarden Mr Martijn S Dunant Maurits Tóth Belastingadvies Andries Tóth Eikenaar Belastingadvies in Drachten Ed Eikenaar Groningen Stetler in Haren Wim Dijkstra HS26 Advocatuur in Groningen Gerhard Sjobbema Caraad Belastingadviseurs in Groningen Wietze Hoekstra Martijn Thalen Rutger Hotsma Bastide in Groningen Petrus Zijlstra Drenthe Consensio in Zuidlaren Gonard Wagenaar Bloemsma Faassen in Assen Willem Faassen Anne Marc van de Wal Gelderland Kleijsen Cortenbach Kuijpers LLP in Nijmegen P E Art and Tax in Doetinchem Peter Kleinreesink ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen Mr dr W Burgerhart Prof dr B M E M Schols Prof mr F W J M Schols Van Lienden Kooistra in Barneveld Eric Jan Sobels Jonne Tijssen Noord Brabant De Vries Partners in Valkenswaard Hans van Kuyk Wesselman in Eindhoven Bert Bogie Wesselman in Helmond Bert Bogie Lucas Belastingadvies in Den Bosch Jurrian Lucas Ooms Partners in Breda drs Marco Ooms mr Hans Seijkens Limburg Rebastion in Maastricht Frodo Oude Groeniger Rob Engelbert Wesselman in Weert Bert Bogie Noord Holland HDK Advocaten en Fiscalisten in Amsterdam Roy Vliese Pavel der Kinderen MB Legal Tax in Alkmaar F van Elk FB Fedor mr drs J D Hoogendoorn RA Jaap J Beijert Jan MB Legal Tax in Middenbeemster mr M F Marco Bezoet de Bie mr J D M J den Boer RA CRAd Schut en Bruggink Estate Planners in Haarlem Paul Schut Marian Bruggink Rogier Pak Abel Advisory in Amsterdam Frank Schwarte Joost Lagerberg AsjesBisseling in Amsterdam Arjan Bisseling B B Accountants in Den Burg De Bont Advocaten in Amsterdam prof mr G J M E de Bont mr J M Sitsen mr M B Weijers mr P de Haas VanOoijen in Haarlem Adriaan Daniels Ognjen Soldat Just Tax in Nieuw Vennep Utrecht AccountantsTEAM in Utrecht Joost Rietveld Pay Check in Houten Pieter Miedema Fiscaal Jurist in Baarn Pieter Miedema Overijssel ELBERT fiscaal in Hengelo mr H A Elbert Beersen Grandiek in Hengelo Mr V J Vincent Grandiek Cervus Belastingadvies in Zwolle mr H A Elbert EVFA in Deventer Eric Versteegh Zuid Holland Scientia Fiscalis in Alblasserdam Yvonne Tigelaar Klootwijk Van Driel Fruijtier in Dordrecht MB Internationaal in Rotterdam Zeeland Rijkse Partners Belastingadviseurs in Middelburg Curacao Wesselman in Curaçao Bert Bogie Duitsland Strick Rechtsanwälte Steuerberater in Kleve Anton Ingenerf Frank J Lamers Sabine van Wickeren Lenk Christian Theissen Freddy B Heinzel Belgie Cobofisk in Gent Hendrik Huys Cobofisk in Aalter Luc Coopman Spanje Arcos Lamers Asociados in Marbella Wim Lamers Maite Arcos Kennisgroepen BTW specialisten Loonheffing specialisten Pensioen specialisten Estate Planning specialisten Formeel Belastingrecht specialisten Fusie Overname specialisten Herinvesteringsreserve specialisten Huwelijk Echtscheiding specialisten Innovatiebox specialisten Internationaal Belastingrecht specialisten Douane specialisten Auto van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/duitsland-protocol-1-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive