archive-nl.com » NL » B » BELASTINGCOLLECTIEF.NL

Total: 1024

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Duitsland Protocol 2 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Duitsland Protocol 2 in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen en tot het regelen van andere aangelegenheden op belastinggebied Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland tot het vermijden van dubbele belasting op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen en tot het regelen van andere aangelegenheden op belastinggebied Aanhef Het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland de wens koesterende op het gebied van belastingen van het inkomen en van het vermogen alsmede van verscheidene andere belastingen dubbele belasting te vermijden en andere aangelegenheden op belastinggebied te regelen zijn overeengekomen de navolgende Overeenkomst te sluiten Te dien einde hebben tot gevolmachtigden benoemd Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden Mr J M A H Luns Minister van Buitenlandse Zaken De President van de Bondsrepubliek Duitsland Dr J Là ns Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur te s Gravenhage Wettekst Artikel 1 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen die volgens de wetgeving van elk van beide Staten rechtstreeks van het inkomen of van het vermogen of naar verscheidene andere grondslagen ten behoeve van de Staten de â žLà nderâ de provincià n de gemeenten of gemeentelijke verbanden ook in de vorm van opcenten worden geheven 2 Belastingen in de zin van deze Overeenkomst zijn 1 in de Bondsrepubliek Duitsland a de Einkommensteuer inkomstenbelasting met inbegrip van de Lohnsteuer loonbelasting de Kapitalertragsteuer belasting op kapitaalopbrengsten en de Aufsichtsratsteuer commissarissenbelasting b de Kà rperschaftsteuer vennootschapsbelasting c de Abgabe Notopfer Berlin heffing â žNotopfer Berlinâ d de Vermà gensteuer vermogensbelasting e de Gewerbesteuer ondernemingsbelasting f de Grundsteuer grondbelasting 2 in het Koninkrijk der Nederlanden a de inkomstenbelasting b de loonbelasting c de vennootschapsbelasting d de dividendbelasting e de commissarissenbelasting f de vermogensbelasting g de grondbelasting h gemeentelijke baatbelastingen i gemeentelijke bouwterreinbelastingen j wegen straat en vaartbelastingen k het recht op de mijnen 3 De Overeenkomst zal van toepassing zijn op elke andere belasting van in wezen gelijke of gelijksoortige aard die na de ondertekening van de Overeenkomst in een van de Staten wordt ingevoerd 4 De hoogste belastingautoriteiten van de Staten zullen elkander van de invoering van nieuwe belastingen wezenlijke wijzigingen of de afschaffing van bestaande belastingen waarop deze Overeenkomst betrekking heeft op de hoogte stellen Artikel 2 1 Voor zover uit het zinsverband niet iets anders volgt betekent in deze Overeenkomst 1 het begrip â žpersoonâ zowel natuurlijke als rechtspersonen verenigingen van personen en fondsen beheren die als zodanig als een rechtspersoon aan de belastingheffing zijn onderworpen alsmede de Nederlandse commanditaire vennootschappen op aandelen worden als rechtspersonen beschouwd 2 het begrip â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend a Als vaste inrichtingen worden met name beschouwd aa een plaats waar leiding wordt gegeven bb een filiaal cc een kantoor dd een fabriek ee een werkplaats ff een mijn een steengroeve of een andere plaats van natuurlijke hulpbronnen in exploitatie gg uitvoering van een bouwwerk of constructiewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt b Als vaste inrichtingen worden niet beschouwd aa het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar bb het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering cc het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming dd het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor de aankoop van goederen of koopwaar of voor de inwinning van inlichtingen voor de onderneming ee het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor het verrichten van soortgelijke werkzaamheden welke voor de onderneming van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulp werkzaamheden hebben c Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is â met uitzondering van een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van letter d â wordt als een in de eerstgenoemde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien hij een machtiging bezit om namens de onderneming in deze Staat overeenkomsten af te sluiten en dit recht aldaar gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden zich tot de aankoop van goederen of waren voor de onderneming beperken d Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten enkel op grond van het feit dat zij aldaar zakenrelaties onderhoudt door middel van een makelaar commissionair of enig andere onafhankelijke vertegenwoordiger ingeval deze persoon in de normale uitoefening van zijn bedrijf handelt e Het feit dat een vennootschap met woonplaats in een van de Staten een vennootschap beheerst of door een vennootschap wordt beheerst die in de andere Staat haar woonplaats heeft of in die andere Staat zakenrelaties onderhoudt hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt op zichzelf niet een van de beide vennootschappen tot een vaste inrichting van de andere vennootschap 3 het begrip â žhoogste belastingautoriteitâ in de Bondsrepubliek Duitsland de â žBundesminister der Finanzenâ in het Koninkrijk der Nederlanden de Minister van Financià n of zijn gevolmachtigde vertegenwoordiger 4 het begrip â žonderdaanâ a met betrekking tot de Bondsrepubliek Duitsland alle Duitsers in de zin van artikel 116 eerste lid van de Grondwet voor de Bondsrepubliek Duitsland b met betrekking tot het Koninkrijk der Nederlanden alle Nederlanders en voorts alle Nederlandse onderdanen die in Nederland wonen Als onderdanen worden ook beschouwd rechtspersonen die volgens het in de ene of de andere Staat geldende recht zijn opgericht 5 het begrip â žonderneming van een van de Statenâ of â žonderneming van de andere Staatâ een onderneming op het gebied van handel nijverheid of van enige andere tak van niet agrarisch bedrijf die door een persoon met woonplaats in Nederland of door een persoon met woonplaats in de Bondsrepubliek Duitsland wordt gedreven al naar het zinsverband vereist 6 het begrip â žgrensoverschrijdend bedrijventerreinâ een ruimtelijk besloten gebied dat zich zowel op Nederlands als op Duits grondgebied uitstrekt en waar de gemeenschappelijke grens tussen beide Staten doorheen loopt voorzover de Staten het gebied in onderling overleg tot grensoverschrijdend bedrijventerrein hebben bestempeld 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst door een van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elk niet in deze Overeenkomst omschreven begrip de betekenis welke dat begrip heeft volgens de in die Staat van kracht zijnde wetten met betrekking tot belastingen welke het onderwerp van deze Overeenkomst vormen Artikel 3 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst heeft een natuurlijk persoon een woonplaats in die Staat waar hij een woning heeft onder omstandigheden waaruit valt af te leiden dat hij de woning zal blijven houden en gebruiken 2 Indien een natuurlijk persoon in geen van de Staten een woning onder de in het eerste lid bedoelde omstandigheden heeft maar in een van de Staten gewoonlijk verblijft wordt voor de toepassing van deze Overeenkomst het gewoonlijk verblijven als woonplaats beschouwd Iemand verblijft gewoonlijk in een Staat indien hij daar verblijft onder omstandigheden waaruit valt af te leiden dat hij in deze Staat niet slechts tijdelijk vertoeft 3 Indien een natuurlijk persoon volgens de voorgaande leden zijn woonplaats in beide Staten heeft heeft hij voor de toepassing van de artikelen 4 tot en met 19 van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waarmede de persoonlijke en economische betrekkingen het sterkst zijn middelpunt van de levensbelangen Indien het niet mogelijk is het middelpunt van de levensbelangen vast te stellen zullen de hoogste belastingautoriteiten van de Staten overeenkomstig artikel 25 in onderlinge overeenstemming een regeling treffen 4 Een natuurlijk persoon die aan de wal noch een woning onder de in het eerste lid bedoelde omstandigheden heeft noch aldaar gewoonlijk verblijft in de zin van het tweede lid maar gewoonlijk aan boord van een tot een scheepvaartonderneming behorend schip verblijft heeft voor de toepassing van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waar de plaats van de leiding van de scheepvaartonderneming zich bevindt 5 Een rechtspersoon heeft voor de toepassing van deze Overeenkomst zijn woonplaats in die Staat waar de plaats van zijn leiding zich bevindt Heeft hij in geen van de Staten de plaats van zijn leiding dan is de plaats van zijn statutaire zetel beslissend 5a Indien de plaats van leiding van een rechtspersoon zich bevindt op een grensoverschrijdend bedrijventerrein en de gemeenschappelijke grens tussen de Staten loopt door de vaste bedrijfsinrichting waarin de plaats van leiding zich bevindt en niet eenduidig kan worden vastgesteld in welke van de Staten de rechtspersoon haar plaats van leiding heeft dan heeft zij haar woonplaats in de Staat waarin het grootste deel van de door de onderneming gebruikte oppervlakte van het gebouw waarin de leiding van de onderneming wordt uitgeoefend zich bevindt Nadere regelingen voor de vaststelling in welk van de Staten de rechtspersoon haar woonplaats heeft zijn neergelegd in de bijlage bij de Overeenkomst 6 Voor de toepassing van deze Overeenkomst is de plaats van de leiding de plaats waar het middelpunt van de algemene leiding van de onderneming zich bevindt Bevindt de plaats van de leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip dan wordt voor de toepassing van deze Overeenkomst de plaats waar het schip zijn thuishaven heeft als de plaats van de leiding beschouwd Artikel 4 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit onroerende zaken daaronder begrepen hun toebehoren die in de andere Staat zijn gelegen heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is van toepassing zowel op de inkomsten welke door rechtstreekse exploitatie en gebruik als op die welke door verhuring verpachting en elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken daaronder begrepen de nevenbedrijven van landen bosbouw worden verkregen in het bijzonder op de inkomsten welke uit vaste of veranderlijke vergoedingen ter zake van de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen en op inkomsten die bij de vervreemding van onroerende zaken worden verkregen 3 De leden 1 en 2 zijn ook van toepassing indien de daarin vermelde vermogensbestanddelen deel uitmaken van het vermogen van een bedrijf op het gebied van handel of nijverheid of van enig ander niet agrarisch bedrijf Artikel 5 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten als ondernemer of medeondernemer inkomsten verkrijgt uit een onderneming op het gebied van handel nijverheid of enige andere tak van niet agrarisch bedrijf waarvan de werkzaamheid zich tot op het gebied van de andere Staat uitstrekt heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten slechts voor zover deze aan een zich aldaar bevindende vaste inrichting van de onderneming zijn toe te rekenen 2 Daarbij moeten aan de vaste inrichting die inkomsten worden toegerekend die zij behaald zou hebben indien zij een zelfstandige onderneming ware die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden uitoefende onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en als een onafhankelijke onderneming zaken deed 3 Het eerste lid is van toepassing zowel op de inkomsten welke door rechtstreekse exploitatie en gebruik als op die welke door verhuring verpachting en elke andere vorm van exploitatie van de onderneming worden verkregen en op inkomsten uit de vervreemding van een bedrijf in zijn geheel van een aandeel in de onderneming van een deel van het bedrijf of van een zaak die in het bedrijf wordt gebruikt 4 Indien een onderneming van een van de Staten een vaste bedrijfsinrichting op het tot het grondgebied van de andere Staat behorende deel van een grensoverschrijdend bedrijventerrein heeft dan wordt de bedrijfsinrichting voor de belastingheffing over de inkomsten van de onderneming niet beschouwd als een vaste inrichting Dit laat artikel 10 onverlet 5 Indien een op een grensoverschrijdend bedrijventerrein gevestigde vaste bedrijfsinrichting van een onderneming van een van de Staten wordt verplaatst naar een buiten dit grensoverschrijdend bedrijventerrein gelegen plaats of wordt verplaatst binnen dit grensoverschrijdend bedrijventerrein en met deze verplaatsing het recht tot belastingheffing over de inkomsten van de onderneming overgaat naar de andere Staat dan kan de eerstgenoemde Staat op verzoek bij grote onbillijkheid toestaan dat de belasting die als gevolg van de verplaatsing verschuldigd wordt in gelijkmatige termijnen wordt voldaan over een periode van ten hoogste vijf jaren te rekenen vanaf de dag waarop deze voor het eerst verschuldigd is Van grote onbillijkheid is sprake indien aan de verplaatsing oorzaken ten grondslag liggen die niet te wijten zijn aan de onderneming zelf Artikel 6 1 Indien een onderneming van een van de Staten uit hoofde van haar deelneming in de leiding dan wel in de financiering van een onderneming van de andere Staat met deze onderneming voorwaarden van economische of financià le aard overeenkomt of haar deze oplegt welke afwijken van die welke met een onafhankelijke onderneming zouden worden overeengekomen mogen inkomsten die een van de beide ondernemingen normaal zou hebben verkregen maar tengevolge van deze voorwaarden niet heeft verkregen worden begrepen in de inkomsten van deze onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Het eerste lid vindt overeenkomstige toepassing in de betrekkingen tussen twee ondernemingen in de leiding of het vermogen waarvan dezelfde persoon onmiddellijk of middellijk deelneemt Artikel 7 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten als ondernemer of medeondernemer inkomsten verkrijgt uit een zeescheepvaart binnenscheepvaart of luchtvaartonderneming waarvan de plaats van de leiding zich in een van de Staten bevindt komt het recht tot belastingheffing voor de rechtstreeks met het zeescheepvaart binnenscheepvaart of luchtvaartbedrijf samenhangende inkomsten slechts toe aan de Staat van de plaats van de leiding ook indien zich in de andere Staat een vaste inrichting van de onderneming bevindt 2 Zolang de Staat waar de plaats van de leiding zich bevindt het recht tot belastingheffing tegenover een persoon met woonplaats in de andere Staat niet uitoefent heeft deze andere Staat het recht tot belastingheffing Artikel 8 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit de vervreemding van een deelneming in een vennootschap waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en die haar woonplaats in de andere Staat heeft heeft de eerstgenoemde Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 9 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten uit zelfstandige arbeid verkrijgt heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten indien de arbeid in de andere Staat wordt of is uitgeoefend 2 Uitoefening van zelfstandige arbeid in de andere Staat wordt slechts dan aanwezig geacht indien de persoon die de zelfstandige arbeid uitoefent voor zijn werkzaamheden gebruik maakt van een duurzame inrichting die aldaar geregeld tot zijn beschikking staat Deze beperking geldt echter niet voor zelfstandig uitgeoefende werkzaamheden op het terrein van de kunst de voordrachtskunst de sportbeoefening het circus het ballet het varià tà en dergelijke 3 Artikel 5 derde lid vindt overeenkomstige toepassing 4 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten als lid van de raad van commissarissen of als niet aan de bestuurstaak deel hebbend lid van soortgelijke organen vergoedingen verkrijgt van een rechtspersoon die zijn woonplaats in de andere Staat heeft heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze vergoedingen Artikel 10 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt uit niet zelfstandige arbeid heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten indien de arbeid in de andere Staat wordt uitgeoefend 2 In afwijking van het eerste lid kunnen inkomsten uit niet zelfstandige arbeid slechts in de Staat worden belast waar de werknemer zijn woonplaats heeft indien deze werknemer 1 tijdelijk in totaal niet meer dan 183 dagen gedurende een kalenderjaar in de andere Staat verblijft 2 voor zijn gedurende deze tijd uitgeoefende werkzaamheden vergoeding ontvangt van een werkgever die zijn woonplaats niet in de andere Staat heeft en 3 voor zijn werkzaamheden niet ten laste van een zich in de andere Staat bevindende vaste inrichting of duurzame inrichting van de werkgever vergoeding ontvangt 2a Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel kunnen inkomsten uit niet zelfstandige arbeid die worden verkregen door een natuurlijke persoon die in een van de Staten zijn woonplaats heeft en die ten laste komen van een op een grensoverschrijdend bedrijventerrein gelegen vaste bedrijfsinrichting waar de gemeenschappelijke grens tussen de Staten doorheen loopt slechts worden belast in de Staat waarin de persoon zijn woonplaats heeft tenzij deze persoon ingevolge de Verordening EEG 1408 71 van de Raad van 14 juni 1971 Publicatieblad L 149 van 5 juli 1971 of op grond van een verordening van de Europese Unie die na de ondertekening van het Derde Aanvullend Protocol daarvoor in de plaats komt aan de rechtsregels van de andere Staat is onderworpen Indien de persoon ingevolge de Verordening EEG 1408 71 van de Raad van 14 juni 1971 of op grond van een verordening van de Europese Unie die na de ondertekening van het Derde Aanvullend Protocol daarvoor in de plaats komt aan de rechtsregels van de andere Staat is onderworpen dan kunnen de inkomsten in de andere Staat worden belast 3 Indien een natuurlijk persoon voortdurend of overwegend aan boord van schepen of luchtvaartuigen van een scheepvaart of luchtvaartonderneming diensten verricht wordt de arbeid geacht te zijn uitgeoefend in de Staat waar de plaats van de leiding van de onderneming zich bevindt Zolang deze Staat de inkomsten uit zodanige arbeid niet belast heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 11 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt in de vorm van lonen salarissen en soortgelijke beloningen die een van de beide Staten of â žLà nderâ provincià n gemeenten of gemeentelijke verbanden en andere publiekrechtelijke rechtspersonen van een van de beide Staten toekennen heeft de Staat van de openbare kas het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Is evenwel de natuurlijke persoon onderdaan van de woonstaat zonder tevens onderdaan van de Staat van de openbare kas te zijn en oefent hij zijn werkzaamheden in de woonstaat uit dan heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing 2 Voor beloningen ter zake van diensten verricht in verband met enig bedrijf dat door een Staat of een andere publiekrechtelijke rechtspersoon wordt uitgeoefend met het oogmerk winst te behalen vindt artikel 10 toepassing Artikel 12 1 Indien een natuurlijk persoon met woonplaats in een van de Staten wachtgelden pensioenen weduwe of wezenpensioenen andere uitkeringen of op geld waardeerbare voordelen ter zake van vroegere diensten verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 In afwijking van het eerste lid komt het recht tot belastingheffing voor wachtgelden pensioenen weduwe en wezenpensioenen andere uitkeringen of op geld waardeerbare voordelen ter zake van vroegere diensten die een van de beide Staten of â žLà nderâ provincià n gemeenten of gemeentelijke verbanden en andere publiekrechtelijke rechtspersonen van een van de beide Staten rechtstreeks of door tussenkomst van een hiertoe in het leven geroepen publiekrechtelijke instelling aan zijn werknemers of hun nagelaten betrekkingen betalen aan deze Staat toe 3 Het tweede lid vindt ook toepassing op 1 uitkeringen die krachtens de wettelijke sociale verzekering worden betaald 2 pensioenen lijfrenten alsmede andere periodieke of niet periodieke uitkeringen die door een van de Staten of een andere publiekrechtelijke of privaatrechtelijke rechtspersoon van deze Staat worden betaald als vergoedingen voor een schade die als gevolg van oorlogshandelingen of politieke vervolging is ontstaan Artikel 13 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat dividenden verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Voor zover in de andere Staat de belasting van kapitaalopbrengsten bij wijze van inhouding aan de bron wordt geheven wordt het recht tot toepassing van die inhouding niet aangetast 3 De overeenkomstig het tweede lid in te houden belasting mag 15 van de dividenden niet overschrijden 4 De overeenkomstig het tweede lid in te houden belasting mag evenwel 10 van de dividenden niet overschrijden indien de dividenden door een vennootschap waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en met woonplaats in een van de Staten worden betaald aan een zodanige vennootschap met woonplaats in de andere Staat aan welke ten minste 25 van de stemgerechtigde aandelen van de eerstgenoemde vennootschap behoren 5 De leden 1 tot en met 4 zijn niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 14 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat interest verkrijgt heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 3 Interest in de zin van dit artikel is inkomsten uit leningen obligaties wissels of uit enige andere vorm van schuldenaarschap Voor inkomsten uit converteerbare obligaties en winstdelende obligaties vindt artikel 13 eerste tweede derde en vijfde lid toepassing Artikel 15 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten uit de andere Staat inkomsten verkrijgt in de vorm van royalties of andere vergoedingen voor het gebruik maken van of voor het recht tot het gebruik maken van uitvindersrechten auteursrechten octrooien modellen procà dà s handelsmerken of soortgelijke rechten behalve rechten met betrekking tot de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten 2 Het eerste lid is ook van toepassing op de inkomsten uit de vervreemding van de aldaar vermelde rechten 3 Als royalties worden ook beschouwd huren en soortgelijke vergoedingen voor het ter beschikking stellen van films voor het gebruik van nijverheids handels of wetenschappelijke uitrustingen of voor het ter beschikking stellen van bedrijfservaring 4 Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing indien een persoon met woonplaats in een van de Staten een vaste inrichting in de andere Staat heeft en de inkomsten door middel van deze vaste inrichting verkrijgt In dit geval heeft de andere Staat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 16 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten inkomsten verkrijgt waarvoor in de voorgaande artikelen geen regeling is getroffen heeft de woonstaat het recht tot belastingheffing voor deze inkomsten Artikel 17 Hoogleraren of andere docenten met woonplaats in een van de Staten die beloning ontvangen voor het geven van onderwijs gedurende een tijdelijk verblijf van hoogstens twee jaren aan een universiteit hogeschool school of andere onderwijsinstelling in de andere Staat worden ter zake van deze beloning slechts in de woonstaat belast Artikel 18 Studenten personen die een leer of praktijktijd doormaken en volontairs uit een van de Staten die slechts voor doeleinden van studie of opleiding in de andere Staat verblijven worden voor de door hen ten behoeve van hun levensonderhoud studie en opleiding ontvangen uitkeringen niet door deze andere Staat belast indien zij deze uitkeringen van buiten deze Staat ontvangen Artikel 19 1 Het recht tot belastingheffing voor vermogen van een persoon met woonplaats in een van de Staten voor zover het bestaat uit a onroerende zaken daaronder begrepen hun toebehoren b door hypotheek of andere zakelijke zekerheidsrechten op een onroerende zaak verzekerde vorderingen c vermogen gebezigd in een onderneming op het gebied van handel nijverheid of van enige andere tak van niet agrarisch bedrijf daaronder begrepen zeescheepvaart binnenscheepvaart en luchtvaartondernemingen d vermogen gebezigd in de uitoefening van zelfstandige arbeid heeft de Staat die ingevolge deze Overeenkomst het recht tot belastingheffing voor de inkomsten uit dit vermogen heeft 2 Het recht tot belastingheffing voor ander vermogen van een persoon met woonplaats in een van de Staten heeft deze Staat Artikel 20 1 Indien de woonstaat ingevolge de voorgaande artikelen het recht tot belastingheffing voor inkomsten of vermogensbestanddelen heeft mag onverminderd het bepaalde in artikel 13 tweede lid en artikel 14 derde lid tweede zin de andere Staat deze inkomsten of vermogensbestanddelen niet belasten 2 Indien de Bondsrepubliek Duitsland de woonstaat is zal zij de inkomsten en vermogensbestanddelen waarvoor ingevolge de voorgaande artikelen Nederland een recht tot belastingheffing heeft niet in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven begrijpen De belastingen voor de inkomsten of vermogensbestanddelen welke aan de Bondsrepubliek Duitsland ter belasting zijn toegewezen worden evenwel naar het tarief geheven dat behoort bij het gehele inkomen of het gehele vermogen van de belastingplichtige persoon In afwijking van de eerste zin zullen dividenden met uitzondering van de onder artikel 13 vierde lid vallende dividenden en interesten op converteerbare obligaties en winstdelende obligaties wel in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven worden begrepen de van deze inkomsten bij wijze van inhouding geheven Nederlandse belasting wordt met de naar een gemiddeld belastingtarief berekende belastingen van de Bondsrepubliek Duitsland voor deze inkomsten verrekend 3 Indien Nederland de woonstaat is is het bevoegd ook die inkomsten met uitzondering van invaliditeitspensioenen â žVerletztenrentenâ en andere uitkeringen ter zake van invaliditeit krachtens de socialeverzekeringswetgeving van de Bondsrepubliek Duitsland die worden betaald aan een natuurlijke persoon die zijn woonplaats als bedoeld in deze Overeenkomst in Nederland heeft en die tijdens de Tweede Wereldoorlog als dwangarbeider tewerkgesteld was en vermogensbestanddelen in de grondslag waarnaar de belastingen worden geheven te begrijpen waarvoor de Bondsrepubliek Duitsland ingevolge de voorgaande artikelen een recht tot belastingheffing heeft Nederland zal evenwel onder voorbehoud van zijn nationale voorschriften voor de vermijding van dubbele belasting betreffende de verliescompensatie op de berekende belasting dat deel van de belasting in mindering brengen dat behoort bij de inkomsten of vermogensbestanddelen waarvoor ingevolge de artikelen 4 5 6 7 8 tweede lid de artikelen 9 10 eerste lid de artikelen 11 12 tweede en derde lid artikel 13 vijfde lid artikel 14 tweede lid artikel 15 vierde lid en artikel 19 eerste lid de Bondsrepubliek Duitsland het recht tot belastingheffing heeft De in mindering te brengen belasting wordt berekend naar de verhouding waarin de inkomensbestanddelen of het gedeelte van het vermogen waarvoor ingevolge de in de vorige zin genoemde artikelen de Bondsrepubliek Duitsland het recht tot belastingheffing heeft staan tot alle inkomensbestanddelen of het gehele vermogen 4 Nederland verleent voor de bestanddelen van het inkomen die volgens artikel 13 tweede lid van de Overeenkomst in de Bondsrepubliek Duitsland kunnen worden belast in zoverre deze bestanddelen in de in het derde lid bedoelde grondslag zijn begrepen een vermindering van Nederlandse belasting Het bedrag van de vermindering is gelijk aan de in Duitsland over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting De vermindering die op grond van de voorgaande zinnen moet worden verleend bedraagt echter niet meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving ter vermijding van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld Dit lid houdt echter geen beperking in voor enige bestaande of toekomstige compensatie overeenkomstig de Nederlandse voorschriften ter vermijding van dubbele belasting die betrekking hebben op de gezamenlijke inkomsten die afkomstig zijn uit meer dan een land doch uitsluitend voor wat betreft de berekening van het bedrag van de vermindering van Nederlandse belasting Artikel 21 Deze Overeenkomst tast niet de aanspraak op eventuele verdergaande vrijstellingen aan die krachtens algemene regelen van het volkenrecht of krachtens bijzondere regelingen aan de diplomatieke of consulaire ambtenaren en beambten toekomen Voor zover op grond van zulke verdergaande vrijstellingen inkomsten en vermogen in de Staat van verblijf niet worden belast blijft de belastingheffing voorbehouden aan de Staat die hen heeft uitgezonden Artikel 22 1 Indien een persoon met woonplaats in een van de Staten aantoont dat maatregelen van de belastingautoriteiten van de Staten te zijnen aanzien hebben geleid tot dubbele belastingheffing in strijd met deze Overeenkomst kan hij zich onverminderd de nationale rechtsmiddelen wenden tot de hoogste belastingautoriteit van de Staat waarin hij zijn woonplaats heeft

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/duitsland-protocol-2-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive


  • Egypte (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    gebouwen â the unified tax on income of individuals geà ntegreerde belasting op inkomen voor natuurlijke personen â the tax on corporation profits belasting op ondernemingswinsten â the duty for the development of the financial resources of the State accijns voor de ontwikkeling van de financià le middelen van de Staat â supplementary taxes imposed as percentage of taxes mentioned above or otherwise aanvullende belastingen opgelegd als percentage van de hierboven genoemde of op andere wijze opgelegd hierna te noemen â žEgyptische belastingâ 4 Het Verdrag is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van het Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van dit Verdrag tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žeen Verdragsluitende Staatâ het Koninkrijk der Nederlanden Nederland of de Arabische Republiek Egypte Egypte al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žVerdragsluitende Statenâ het Koninkrijk der Nederlanden Nederland en de Arabische Republiek Egypte Egypte b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen met inbegrip van zijn territoriale zee en elk gebied buiten de territoriale zee waarbinnen Nederland in overeenstemming met het internationale recht rechtsbevoegdheid heeft of soevereine rechten uitoefent met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en de daarboven gelegen wateren en hun natuurlijke rijkdommen c betekent de uitdrukking â žEgypteâ de Arabische Republiek Egypte en wanneer gebezigd in aardrijkskundige zin omvat de term â žEgypteâ i de daartoe behorende territoriale zeeà n en ii de zeebodem en de ondergrond van de onderzeese gebieden die aan de daartoe behorende kust grenzen maar buiten de territoriale zeeà n gelegen zijn waarop Egypte in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten uitoefent met het doel om de natuurlijke rijkdommen van een zodanig gebied te exploreren en te exploiteren maar slechts voor zover de persoon het eigendom of de activiteit waarop het Verdrag wordt toegepast verband houdt met die exploratie of exploitatie d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Verdragsluitende Staatâ en â žonderneming van de andere Verdragsluitende Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Verdragsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een Verdragsluitende Staat is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdaanâ i iedere natuurlijke persoon die de nationaliteit van een Verdragsluitende Staat bezit ii iedere rechtspersoon vennootschap en vereniging die zijn haar rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in een Verdragsluitende Staat van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ i in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in Egypte de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van het Verdrag door een Verdragsluitende Staat op enig moment heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op dat moment heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is waarbij elke betekenis volgens die toepasselijke belastingwetgeving van die Staat prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die Staat aan die uitdrukking wordt gegeven Artikel 4 Inwoner 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žinwoner van een Verdragsluitende Staatâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid en met inbegrip van die Staat en een staatkundig onderdeel of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarin hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarin hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een olie of gasbron een steen groeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen en g een boerderij of plantage 3 Een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie montage of installatiewerkzaamheden of toezichthoudende werkzaamheden die daarmee verband houden vormen alleen een vaste inrichting indien die uitvoering van een bouwwerk of die werkzaamheden een periode van meer dan zes maanden voortduren 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ niet geacht te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van deze werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zesde lid van toepassing is â voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een Verdragsluitende Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Verdragsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen Indien de werkzaamheden van zulk een vertegenwoordiger echter uitsluitend of nagenoeg uitsluitend worden verricht voor die onderneming wordt hij niet geacht een onafhankelijke vertegenwoordiger te zijn in de zin van dit lid 7 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende zaken 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit onroerende zaken waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende zakenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Staat waarin de desbetreffende zaken zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de zaken die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen boten en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende zaken van een onderneming en op inkomsten uit onroerende zaken die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onverminderd de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voor zover het in een Verdragsluitende Staat gebruikelijk is de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Verdragsluitende Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld laten de bepalingen van dit artikel de bepalingen van die artikelen onverlet Artikel 8 Zee en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Verdragsluitende Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Verdragsluitende Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 Voor de toepassing van dit artikel omvatten voordelen verkregen uit de exploitatie van schepen en luchtvaartuigen in internationaal verkeer mede voordelen verkregen uit de verhuur van schepen en luchtvaartuigen op basis van verhuur zonder bemanning van schepen en luchtvaartuigen die in het internationale verkeer worden geà xploiteerd indien deze huuropbrengsten voortvloeien uit de voordelen omschreven in het eerste lid 4 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Verdragsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Verdragsluitende Staat en een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Het is echter wel te verstaan dat de omstandigheid dat gelieerde ondernemingen overeenkomsten hebben afgesloten zoals â žcostsharingâ overeenkomsten of algemene dienstverleningsovereenkomsten voor of gebaseerd op de toerekening van de kosten van de leiding de algemene beheerskosten de technische en zakelijke kosten kosten voor onderzoek en ontwikkeling en andere soortgelijke kosten op zichzelf geen voorwaarde is als bedoeld in de voorgaande zin 2 Indien een Verdragsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstgenoemde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aanpassen Bij de vaststelling van deze aanpassing wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting 15 percent van het bruto bedrag niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid heft de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam inwoner is geen belasting over de door dat lichaam betaalde dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een lichaam is waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat en dat onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt 4 De bepalingen van het derde lid zijn niet van toepassing indien de verhouding tussen de twee lichamen hoofdzakelijk is opgezet of in stand wordt gehouden met de bedoeling om deze vermindering veilig te stellen 5 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 6 De bepalingen van het tweede en het derde lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 7 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 8 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 9 Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mag in de andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting 12 percent van het bruto bedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de genieter van de interest inwoner is indien aan een van de volgende voorwaarden wordt voldaan a de schuldenaar of de genieter van de interest is de Verdragsluitende Staat zelf een bij de wet opgericht lichaam een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of de Centrale Bank van de Verdragsluitende Staat b de interest wordt betaald ter zake van een lening verstrekt gegarandeerd of verzekerd door de Regering van een Verdragsluitende Staat de Centrale Bank van een Verdragsluitende Staat of enig agentschap dat of enige instantie daaronder begrepen een financià le instelling die eigendom is van of wordt beheerst door de Regering van een Verdragsluitende Staat 4 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek doch geen aanspraak gevende op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Interest wordt geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien de schuldenaar een inwoner is van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 8 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s een inwoner is van die andere Verdragsluitende Staat mag de aldus geheven belasting 12 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms of films of geluidsbanden die voor radio en televisie uitzendingen worden gebruikt een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van nijverheids of handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien de schuldenaar een inwoner is van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 7 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat heeft of van roerende goederen die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen Voor de toepassing van dit lid zijn de bepalingen van het tweede lid van artikel 8 van toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere goederen dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid laten onverlet het recht van elk van de Verdragsluitende Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen over voordelen die uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat volgens de wetgeving van die Staat inwoner is van die Staat worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat en die in de loop van de laatste tien jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstgenoemde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar behalve onder de volgende omstandigheden waarin zodanige voordelen ook in de andere Verdragsluitende Staat mogen worden belast a indien hij in de andere Verdragsluitende Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt in dat geval mogen de voordelen slechts in zoverre zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend in die andere Verdragsluitende Staat worden belast b indien hij in de andere Verdragsluitende Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 of meer dagen belopen in dat geval mogen de voordelen slechts in zoverre zij worden verkregen uit zijn in die andere Verdragsluitende Staat verrichte werkzaamheden in die andere Verdragsluitende Staat worden belast 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onverminderd de bepalingen van de artikelen 16 18 en 19 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstgenoemde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Directeursbeloningen Directeursbeloningen of andere beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van bestuurder of van commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen lijfrenten en sociale zekerheidsuitkeringen 1 Pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking alsmede lijfrenten afkomstig uit de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Indien deze beloningen geen periodiek karakter dragen en worden betaald ter zake van een vroegere dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat of indien in plaats van het recht op lijfrenten een afkoopsom wordt betaald mogen de beloningen of deze afkoopsom in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn worden belast 3 Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een sociaal zekerheidsstelsel van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in de eerstgenoemde Staat worden belast 4 De uitdrukking â žlijfrenteâ betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen hetzij gedurende het leven hetzij gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde staat Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of uit fondsen in het leven geroepen door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam of dat fonds mogen in die Staat worden belast b Deze salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon inwoner is van die Staat en i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam of dat fonds mogen in die Staat worden belast 3 De bepalingen van de artikelen 15 16 17 en 18 zijn van toepassing op salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen en op pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of door fondsen in het leven geroepen door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 20 Studenten 1 Betalingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een Verdragsluitende Staat inwoner was van de andere Verdragsluitende Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die Staat niet belastbaar mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat 2 Met betrekking tot beurzen studiebeurzen en beloning uit dienstbetrekking die niet onder het eerste lid vallen heeft een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon zoals omschreven in het eerste lid tijdens die studie of opleiding bovendien recht op dezelfde vrijstellingen tegemoetkomingen of verminderingen met betrekking tot belastingen geldend voor inwoners van de Verdragsluitende Staat die hij bezoekt indien ten minste 90 percent van zijn totale inkomen is verkregen uit bronnen in die Staat Artikel 21 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een Verdragsluitende Staat van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van dit Verdrag zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in artikel 6 tweede lid indien de genieter van die inkomsten die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/egypte-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Estland (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    deriving its status as such from the laws in force in a Contracting State i the term â œcompetent authorityâ means 1 in the Netherlands the Minister of Finance or his duly authorized representative 2 in Estonia the Minister of Finance or his authorized representative 2 As regards the application of the Convention at any time by a Contracting State any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning that it has at that time under the law of that State for the purposes of the taxes to which the Convention applies any meaning under the applicable tax laws of that State prevailing over a meaning given to the term under other laws of that State Article 4 Resident 1 For the purposes of this Convention the term â œresident of a Contracting Stateâ means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence place of management place of incorporation or any other criterion of a similar nature But this term does not include any person who is liable to tax in that State in respect only of income from sources in that State or capital situated therein 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both Contracting States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the Contracting States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both Contracting States the competent authorities of the States shall endeavour to settle the question by mutual agreement having regard to its place of effective management the place where it is incorporated or otherwise constituted and any other relevant factors In the absence of such agreement such company shall not be entitled to claim any benefits under this Convention except that such company may claim the benefits of Articles 24 Elimination of Double Taxation 26 Non discrimination and 27 Mutual Agreement Procedure Article 5 Permanent establishment 1 For the purposes of this Convention the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site or construction or installation project or supervisory or consultancy activities connected therewith and which are carried out at that site or project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than nine months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in subparagraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in a Contracting State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business However when the activities of such an agent are devoted wholly or almost wholly on behalf of that enterprise he will not be considered an agent of an independent status within the meaning of this paragraph 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 The term â œimmovable propertyâ shall have the meaning which it has under the law of the Contracting State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply buildings usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses of the enterprise other than expenses which would not be deductible if the permanent establishment were a separate enterprise which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in a Contracting State to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude that Contracting State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and air transport 1 Profits of an enterprise of a Contracting State from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood however that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as costsharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where a Contracting State includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other Contracting State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company other than a partnership which holds directly at least 25 per cent of the capital of the company paying the dividends b 15 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The provisions of paragraph 2 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights mining shares founders shares or other rights participating in profits as well as income from debt claims participating in profits and income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State 8 The provisions of sub paragraph a of paragraph 2 of this Article shall not apply if the relation between the two companies has been arranged or is maintained primarily with the intention of securing this reduction Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the Contracting State in which it arises and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the interest the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 a interest arising in the Netherlands shall be exempt from Netherlands tax if the interest is paid to i the State of Estonia a political subdivision or a local authority thereof ii the Bank of Estonia Central Bank iii a financial institution owned or controlled by the Government of Estonia including political subdivisions and local authorities thereof b interest arising in Estonia shall be exempt from Estonian tax if the interest is paid to i the State of the Netherlands a political subdivision or a local authority thereof ii the Nederlandsche Bank Central Bank iii a financial institution owned or controlled by the Government of the Netherlands including political subdivisions and local authorities thereof c interest arising in a Contracting State on a loan guaranteed or insured by any of the bodies mentioned or referred to in sub paragraph a or sub paragraph b and paid to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other State d interest arising in a Contracting State shall be taxable only in the other Contracting State if the recipient is a resident of that other State and such recipient is an enterprise of that other State and is the beneficial owner of the interest and the interest is paid with respect to indebtedness arising on the sale on credit by that enterprise of any merchandise or industrial commercial or scientific equipment to an enterprise of the first mentioned State except where the sale or indebtedness is between related persons e interest arising in a Contracting State on a loan of whatever kind granted to an enterprise of that State by a bank of the other Contracting State shall be taxable only in that other State 4 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage but not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debtclaim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 8 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debtclaim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the Contracting State in which they arise and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the royalties the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the royalties paid for the use of industrial commercial or scientific equipment b 10 per cent of the gross amount of the royalties in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for television or radio broadcasting any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraph 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains derived by an enterprise of a Contracting State from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in that State 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of each of the Contracting States to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which under the laws of that State is a resident of that State derived by an individual who is a resident of the other Contracting State and has been a resident of the first mentioned State in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissanceâ rights Article 14 Independent personal services 1 Income derived by an individual who is a resident of a Contracting State in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other Contracting State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other Contracting State but only so much of it as is attributable to that fixed base For this purpose where an individual who is a resident of a Contracting State stays in the other Contracting State for a period of periods exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned he shall be deemed to have a fixed base regularly available to him in that other State and the income that is derived from his activities referred to above that are performed in that other State shall be attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Directors fees Directors fees or other remuneration derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors or any other similar organ of a company or a â œbestuurderâ or a â œcommissarisâ of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and sportsmen 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsman from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsman in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsman himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the Contracting State in which the activities of the entertainer or sportsman are exercised 3 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply to income derived from activities exercised in a Contracting State by an entertainer or a sportsman if the visit to that State is substantially supported by public funds of the other Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof In such case the income shall be taxable only in the Contracting State of which the entertainer or sportsman is a resident Article 18 Pensions annuities and social security payments 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration paid to a resident of a Contracting State in consideration of past employment and any annuity shall be taxable only in that State 2 However where such remuneration is not of a periodical nature and it is paid in consideration of past employment in the other Contracting State or where instead of the right to annuities a lump sum is paid this renumeration or this lump sum may be taxed in the Contracting State where it arises 3 Any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in the first mentioned State 4 The term â œannuityâ means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth Article 19 Government service 1 a Remuneration other than a pension paid by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority to an individual in respect of dependent personal services rendered to that State or subdivision or authority agency or entity may be taxed in that State b However such remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the services are rendered in that State and the individual is a resident of that State who 1 is a national of that State or 2 did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority to an individual in respect of dependent personal services rendered to that State or subdivision or authority agency or entity may be taxed in that State b However such pension shall be taxable only in the other Contracting State if the individual is a resident of and a national of that State 3 The provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to remuneration and pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority Article 20 Professors and teachers 1 An individual who visits a Contracting State for the purpose of teaching or carrying out research at a university college or other recognized educational institution in that Contracting State and who is or was immediately before that visit a resident of the other Contracting State shall be exempted from taxation in the first mentioned Contracting State on remuneration for such teaching or research for a period not exceeding two years from the date of his first visit for that purpose 2 This Article shall not apply to income from research if such research is undertaken not in the public interest but primarily for the private benefit of a specific person or persons Article 21 Students Payments which a student or an apprentice or trainee who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State Article 22 Other income 1 Items of income of a resident of a Contracting State wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Convention shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the recipient of such income being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the income is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply CHAPTER IV TAXATION OF CAPITAL Article 23 Capital 1 Capital represented by immovable property referred to in Article 6 owned by a resident of a Contracting State and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Capital represented by movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or by movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services may be taxed in that other State 3 Capital represented by ships and aircraft operated by an enterprise of a Contracting State in international traffic and by movable property pertaining to the operation of such ships and aircraft shall be taxable only in that State 4 All other elements of capital of a resident of a Contracting State shall be taxable only in that State CHAPTER V ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION Article 24 Elimination of double taxation 1 The Netherlands when imposing tax on its residents may include in the basis upon which such taxes are imposed the items of income or capital which according to the provisions of this Convention may be taxed in Estonia 2 However where a resident of the Netherlands derives items of income which according to Article 6 Article 7 paragraph 6 of Article 10 paragraph 6 of Article 11 paragraph 5 of Article 12 paragraphs 1 and 2 of Article 13 Article 14 paragraph 1 of Article 15 paragraph 3 of Article 18 paragraphs 1 sub paragraph a and 2 sub paragraph a of Article 19 and paragraph 2 of Article 22 of this Convention may be taxed in Estonia and are included in the basis referred to in paragraph 1 the Netherlands shall exempt such items of income by allowing a reduction of its tax This reduction shall be computed in conformity with the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation For that purpose the said items of income shall be deemed to be included in the total amount of the items of income which are exempt from Netherlands tax under those provisions 3 Further the

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/estland-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Estland Protocol 1 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    association deriving its status as such from the laws in force in a Contracting State i the term â œcompetent authorityâ means 1 in the Netherlands the Minister of Finance or his duly authorized representative 2 in Estonia the Minister of Finance or his authorized representative 2 As regards the application of the Convention at any time by a Contracting State any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning that it has at that time under the law of that State for the purposes of the taxes to which the Convention applies any meaning under the applicable tax laws of that State prevailing over a meaning given to the term under other laws of that State Article 4 Resident 1 For the purposes of this Convention the term â œresident of a Contracting Stateâ means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence place of management place of incorporation or any other criterion of a similar nature But this term does not include any person who is liable to tax in that State in respect only of income from sources in that State or capital situated therein 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both Contracting States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the Contracting States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both Contracting States the competent authorities of the States shall endeavour to settle the question by mutual agreement having regard to its place of effective management the place where it is incorporated or otherwise constituted and any other relevant factors In the absence of such agreement such company shall not be entitled to claim any benefits under this Convention except that such company may claim the benefits of Articles 24 Elimination of Double Taxation 26 Non discrimination and 27 Mutual Agreement Procedure Article 5 Permanent establishment 1 For the purposes of this Convention the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site or construction or installation project or supervisory or consultancy activities connected therewith and which are carried out at that site or project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than nine months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in subparagraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in a Contracting State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business However when the activities of such an agent are devoted wholly or almost wholly on behalf of that enterprise he will not be considered an agent of an independent status within the meaning of this paragraph 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 The term â œimmovable propertyâ shall have the meaning which it has under the law of the Contracting State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply buildings usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses of the enterprise other than expenses which would not be deductible if the permanent establishment were a separate enterprise which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in a Contracting State to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude that Contracting State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and air transport 1 Profits of an enterprise of a Contracting State from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood however that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as costsharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where a Contracting State includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other Contracting State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company other than a partnership which holds directly at least 25 per cent of the capital of the company paying the dividends b 15 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The provisions of paragraph 2 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights mining shares founders shares or other rights participating in profits as well as income from debt claims participating in profits and income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State 8 The provisions of sub paragraph a of paragraph 2 of this Article shall not apply if the relation between the two companies has been arranged or is maintained primarily with the intention of securing this reduction Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the Contracting State in which it arises and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the interest the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 a interest arising in the Netherlands shall be exempt from Netherlands tax if the interest is paid to i the State of Estonia a political subdivision or a local authority thereof ii the Bank of Estonia Central Bank iii a financial institution owned or controlled by the Government of Estonia including political subdivisions and local authorities thereof b interest arising in Estonia shall be exempt from Estonian tax if the interest is paid to i the State of the Netherlands a political subdivision or a local authority thereof ii the Nederlandsche Bank Central Bank iii a financial institution owned or controlled by the Government of the Netherlands including political subdivisions and local authorities thereof c interest arising in a Contracting State on a loan guaranteed or insured by any of the bodies mentioned or referred to in sub paragraph a or sub paragraph b and paid to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other State d interest arising in a Contracting State shall be taxable only in the other Contracting State if the recipient is a resident of that other State and such recipient is an enterprise of that other State and is the beneficial owner of the interest and the interest is paid with respect to indebtedness arising on the sale on credit by that enterprise of any merchandise or industrial commercial or scientific equipment to an enterprise of the first mentioned State except where the sale or indebtedness is between related persons e interest arising in a Contracting State on a loan of whatever kind granted to an enterprise of that State by a bank of the other Contracting State shall be taxable only in that other State 4 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage but not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debtclaim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 8 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debtclaim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the Contracting State in which they arise and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the royalties the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the royalties paid for the use of industrial commercial or scientific equipment b 10 per cent of the gross amount of the royalties in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for television or radio broadcasting any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraph 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains derived by an enterprise of a Contracting State from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in that State 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of each of the Contracting States to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which under the laws of that State is a resident of that State derived by an individual who is a resident of the other Contracting State and has been a resident of the first mentioned State in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissanceâ rights Article 14 Independent personal services 1 Income derived by an individual who is a resident of a Contracting State in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other Contracting State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other Contracting State but only so much of it as is attributable to that fixed base For this purpose where an individual who is a resident of a Contracting State stays in the other Contracting State for a period of periods exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned he shall be deemed to have a fixed base regularly available to him in that other State and the income that is derived from his activities referred to above that are performed in that other State shall be attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Directors fees Directors fees or other remuneration derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors or any other similar organ of a company or a â œbestuurderâ or a â œcommissarisâ of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and sportsmen 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsman from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsman in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsman himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the Contracting State in which the activities of the entertainer or sportsman are exercised 3 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply to income derived from activities exercised in a Contracting State by an entertainer or a sportsman if the visit to that State is substantially supported by public funds of the other Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof In such case the income shall be taxable only in the Contracting State of which the entertainer or sportsman is a resident Article 18 Pensions annuities and social security payments 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration paid to a resident of a Contracting State in consideration of past employment and any annuity shall be taxable only in that State 2 However where such remuneration is not of a periodical nature and it is paid in consideration of past employment in the other Contracting State or where instead of the right to annuities a lump sum is paid this renumeration or this lump sum may be taxed in the Contracting State where it arises 3 Any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in the first mentioned State 4 The term â œannuityâ means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth Article 19 Government service 1 a Remuneration other than a pension paid by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority to an individual in respect of dependent personal services rendered to that State or subdivision or authority agency or entity may be taxed in that State b However such remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the services are rendered in that State and the individual is a resident of that State who 1 is a national of that State or 2 did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority to an individual in respect of dependent personal services rendered to that State or subdivision or authority agency or entity may be taxed in that State b However such pension shall be taxable only in the other Contracting State if the individual is a resident of and a national of that State 3 The provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to remuneration and pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof or an agency or wholly owned entity of such State subdivision or authority Article 20 Professors and teachers 1 An individual who visits a Contracting State for the purpose of teaching or carrying out research at a university college or other recognized educational institution in that Contracting State and who is or was immediately before that visit a resident of the other Contracting State shall be exempted from taxation in the first mentioned Contracting State on remuneration for such teaching or research for a period not exceeding two years from the date of his first visit for that purpose 2 This Article shall not apply to income from research if such research is undertaken not in the public interest but primarily for the private benefit of a specific person or persons Article 21 Students Payments which a student or an apprentice or trainee who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State Article 22 Other income 1 Items of income of a resident of a Contracting State wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Convention shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the recipient of such income being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the income is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply CHAPTER IV TAXATION OF CAPITAL Article 23 Capital 1 Capital represented by immovable property referred to in Article 6 owned by a resident of a Contracting State and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Capital represented by movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or by movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services may be taxed in that other State 3 Capital represented by ships and aircraft operated by an enterprise of a Contracting State in international traffic and by movable property pertaining to the operation of such ships and aircraft shall be taxable only in that State 4 All other elements of capital of a resident of a Contracting State shall be taxable only in that State CHAPTER V ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION Article 24 Elimination of double taxation 1 The Netherlands when imposing tax on its residents may include in the basis upon which such taxes are imposed the items of income or capital which according to the provisions of this Convention may be taxed in Estonia 2 However where a resident of the Netherlands derives items of income which according to Article 6 Article 7 paragraph 6 of Article 10 paragraph 6 of Article 11 paragraph 5 of Article 12 paragraphs 1 and 2 of Article 13 Article 14 paragraph 1 of Article 15 paragraph 3 of Article 18 paragraphs 1 sub paragraph a and 2 sub paragraph a of Article 19 and paragraph 2 of Article 22 of this Convention may be taxed in Estonia and are included in the basis referred to in paragraph 1 the Netherlands shall exempt such items of income by allowing a reduction of its tax This reduction shall be computed in conformity with the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation For that purpose the said items of income shall be deemed to be included in the total amount of the items of income which are exempt from Netherlands tax under those provisions 3 Further

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/estland-protocol-1-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Filippijnen (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Filippijnen in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek der Filippijnen tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Convention between the Kingdom of the Netherlands and the Republic of the Philippines for the Avoidance of Double Taxation and the Prevention of Fiscal Evasion with respect to Taxes on Income Aanhef The Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the Republic of the Philippines Desiring to conclude a Convention for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income Have agreed as follows Wettekst Article 1 Personal Scope 1 This Convention shall apply to persons who are residents of one or both of the States 2 Nothing in this Convention shall be construed as depriving the Philippines of the right to tax its own citizens who are residents of the Netherlands with respect to income derived from dependent or independent services exercised outside of the Philippines in accordance with the laws of the Philippines but the Netherlands shall not be bound to give for that reason any exemption or credit for such tax Article 2 Taxes Covered 1 This Convention shall apply to taxes on income imposed on behalf of one of the States irrespective of the manner in which they are levied 2 There shall be regarded as taxes on income all taxes imposed on total income or on elements of income including taxes on gains from the alienation of movable or immovable property and taxes on the total amounts of wages or salaries paid by enterprises 3 The existing taxes to which the Convention shall apply are in particular a in the case of the Netherlands de inkomstenbelasting income tax de loonbelasting wages tax de vennootschapsbelasting company tax de dividendbelasting dividend tax hereinafter referred to as Netherlands tax b in the case of the Philippines the income taxes imposed by the Government of the Republic of the Philippines hereinafter referred to as Philippine tax 4 The Convention shall apply also to any identical or substantially similar taxes on income which are imposed after the date of signature of this Convention in addition to or in place of the existing taxes The competent authorities of the States shall notify to each other any substantial changes which have been made in their respective taxation laws Article 3 General Definitions 1 In this Convention unless the context otherwise requires a the term State means the Netherlands or the Philippines as the context requires the term States means the Netherlands and the Philippines b the term the Netherlands comprises the part of the Kingdom of the Netherlands that is situated in Europe and the part of the sea bed and its sub soil under the North Sea over which the Kingdom of the Netherlands has sovereign rights in accordance with international law c the term Philippines used in a geographical sense means the national territory comprising the Republic of the Philippines d the term person comprises an individual a company an estate an irrevocable trust and any other body of persons e the term company means any body corporate or any other entity which is treated as a body corporate for tax purposes f the terms enterprise of one of the States and enterprise of the other State mean respectively an enterprise carried on by a resident of one of the States and an enterprise carried on by a resident of the other State g the term competent authority means the Minister or Secretary of Finance of one of the States or his duly authorized representative h the term national means i any individual possessing the nationality or citizenship of one of the States ii any legal person partnership and association created organized or incorporated under the laws of one of the States i the term international traffic means any transport by ship or aircraft operated by an enterprise of one of the States except when the ship or aircraft is operated solely between places in the other State 2 As regards the application of the Convention by either of the States any term not otherwise defined shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the laws of that State relating to the taxes which are the subject of this Convention Article 4 Fiscal Domicile 1 For the purposes of this Convention the term resident of one of the States means any person who under the law of that State is liable to taxation therein by reason of his domicile residence place of management or any other criterion of a similar nature 2 For the purposes of this Convention an individual who is a member of a diplomatic or consular mission of one of the States in the other State or in a third State and who is a national of the sending State shall be deemed to be a resident of the sending State 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both States then this case shall be determined in accordance with the following rules a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him If he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which the personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the States shall settle the question by mutual agreement 4 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both States then the competent authorities shall determine by mutual agreement the State of which that person shall be deemed to be a resident Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Convention the term permanent establishment means a fixed place of business in which the business of the enterprise is wholly or partly carried on 2 The term permanent establishment includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop f a mine quarry or other place of exploration or extraction of natural resources g a building site or construction or assembly project or supervisory activities in connection therewith where such site project or activity continues for a period of more than 183 days h the furnishing of services including consultancy services by an enterprise through an employee or other personnel where activities at nature continue for the same or a connected project for a period or periods exceeding in the aggregate 183 days within any twelve month period 3 The term permanent establishment shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage or display of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage or display c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or for collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of advertising for the supply of information for scientific research or for similar activities which have a preparatory or auxiliary character for the enterprise 4 A person acting in one of the States on behalf of an enterprise of the other State other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies shall be deemed to be a permanent establishment in the first mentioned State if a he has and habitually exercises in the first mentioned State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise unless his activities are limited to the purchase of goods or merchandise for the enterprise or b he maintains in the first mentioned State a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise from which he regularly delivers goods or merchandise on behalf of the enterprise 5 An insurance enterprise of one of the States shall except with regard to reinsurance be deemed to have a permanent establishment in the other State if it collects premiums in the territory of that other State or insures risks situated therein through an employee or through a representative who is not an agent of an independent status within the meaning of paragraph 6 6 An enterprise of one of the States shall not be deemed to have a permanent establishment in the other State merely because it carries on business in that other State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status where such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of one of the States controls or is controlled by a company which is a resident of the other State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other Article 6 Income from Immovable Property 1 Income from immovable property including income from agriculture or forestry may be taxed in the State in which such property is situated 2 The term immovable property shall be defined in accordance with the law of the State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources excluding bonds or debentures ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of professional services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of one of the States shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of one of the States carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein there shall in each State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In the determination of the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 In the application of paragraph 3 no deduction shall be allowed in respect of amounts charged otherwise than with respect to expenses actually incurred by the head office of the enterprise or any of its other offices to the permanent establishment by way of royalties fees or other similar payments in return for the use of patents or other rights or by way of commission for specific services performed or for management or except in the case of a banking enterprise by way of interest on moneys made available to the permanent establishment Likewise no account shall be taken in the determination of the profits of a permanent establishment for such amounts charged otherwise than with respect to expenses actually incurred by the permanent establishment to the head office of the enterprise or any of its other offices 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 In the case of profits from survey supply installation or construction activities only so much of them is attributable to a permanent establishment as results from the actual performance of these activities through that permanent establishment 7 Payments received by an enterprise of one of the States as a consideration for the furnishing of technical services in the other State including studies or surveys of a scientific geological or technical nature or for engineering contracts and blue prints related thereto or for consultant or supervisory services shall be deemed to be profits of an enterprise to which the provisions of this Article shall apply 8 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 9 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and Air Transport 1 Profits derived by an enterprise of one of the States from the operation of ships and aircraft in international traffic may be taxed in that State 2 However such profits may also be taxed in the other State but only in so far as such profits are derived from that other State The tax so charged shall not exceed the lesser of a the rate of 1½ per cent applied on the gross revenue derived from that other State or b the lowest rate of Philippine tax applied on such profits derived by an enterprise of a third State 3 For the purposes of this Article profits derived from the other State mean profits as determined under its domestic law realised from the carriage of passengers excess baggage mail livestock or goods boarded or loaded in that other State by a shipping enterprise doing business in that State of passage documents sold therein or from uplifts anywhere in the world by an international carrier doing business in that other State of passage documents sold therein provided that in such cases the mail livestock or goods originate from that other State Profits realised from the carriage of passengers excess baggage mail livestock or goods which are brought to that other State solely for transhipments or for transfer from one aircraft to another or from an aircraft to a ship or from a ship to an aircraft shall not be included Profits from chartered flights originating from that other State shall be deemed to be derived from that State regardless of the place of sale of the passage documents For purposes of determining the taxability of profits from chartered fiights the term originating from that other State shall include flights of passengers who stay in that other State for more than 48 hours prior to embarkation 4 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises Where a an enterprise of one of the States participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of one of the States and an enterprise of the other State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of one of the States to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed a 10 per cent of the gross amount of the dividends if the recipient is a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which holds directly at least 10 per cent of the capital of the company paying the dividends b 15 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The provisions of paragraph 2 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term dividends as used in this Article means income from shares jouissance shares or jouissance rights mining shares founders shares or other rights participating in profits as well as income from debt claims participating in profits and income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the taxation law of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the recipient of the dividends being a resident of one of the States carries on business in the other State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State professional services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such a case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 If a resident of one of the States has a permanent establishment in the other State this permanent establishment may be subject to an additional tax on the profits remitted by that permanent establishment to its head office in accordance with the law of the last mentioned State but the additional tax so charged shall not exceed 10 per cent of the amount of the remitted profits This provision shall not apply to profits mentioned in Article 8 8 Where a company which is a resident of one of the States derives profits or income from the other State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interests 1 Interest arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the State in which it arises and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the interest the tax so charged shall not exceed a 10 per cent of the gross amount if such interest is paid i in connection with the sale on credit of any industrial commercial or scientific equipment or ii on any loan of whatever kind granted by a bank or any other financial institution iii in respect of public issues of bonds debentures or similar obligations b 15 percent of the gross amount of the interest in all other cases 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 a interest arising in one of the States and paid in respect of a bond debenture or other similar obligation of the Government of that State or of a political subdivision or local authority thereof shall be exempt from tax in that State b interest arising in one of the States and paid in respect of a loan made by or guaranteed or insured by the Government of the other State the central bank of that other State or any agency or instrumentality including a financial institution owned or controlled by that Government shall be exempt from tax in the first mentioned State 4 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term interest as used in this Article means income from Government securities bonds or debentures whether or not secured by mortgage but not carrying a right to participate in profits and debt claims of every kind as well as all other income assimilated to income from money lent by the taxation law of the State in which the income arises Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the recipient of the interest being a resident of one of the States carries on in the other State in which the interest arises a trade or business through a permanent establishment situated therein or performs in that other State professional services from a fixed base situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such a case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and that interest is borne by that permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 8 Where owing to a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the interest paid having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In that case the excess part of the payments shall remain taxable according to the law of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the State in which they arise and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the royalties the tax so charged shall not exceed a 10 per cent of the gross amount of the royalties where the royalties are paid by an enterprise registered and engaged in preferred areas of activities in that State and b 15 per cent of the gross amount of the royalties in all other cases 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term royalties as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films or tapes for radio or television broadcasting any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the recipient of the royalties being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State professional services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such a case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or fixed base in connection with which the obligation to pay the royalties was incurred and those royalties are borne by that permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 7 Where owing to a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the royalties paid having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In that case the excess part of the payments shall remain taxable according to the law of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Gains from the Alienation of Property 1 Gains from the alienation of immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 may be taxed in the State in which such property is situated 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of one of the States has in the other State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing professional services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or together with the whole enterprise or of such a fixed base may be taxed in the other State 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 gains derived by an enterprise of one of the States from the alienation of ships and aircraft operated in international traffic and movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in that State 4 Gains from the alienation of any property other than those mentioned in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of each of the States to levy according to its domestic law a tax on gains from the alienation of any property derived by an individual who is a resident of the other State and has been a resident of the first mentioned State at any time during the six years immediately preceding the alienation of the property Article 14 Independent Personal Services 1 Income derived by a resident of one of the States in respect of professional services or other independent activities of a similar character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term professional services includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent Personal Services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised in the other State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in the fiscal year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of one of the States who is a member of the regular crew or complement of a ship or aircraft operated in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Directors Remuneration 1 Directors fees and other remuneration derived by a resident of the Netherlands in his capacity as a member of the board of directors of a company which is a resident of the Philippines may be taxed in the Philippines 2 Directors fees and other remuneration derived by a resident of the Philippines in his capacity as a bestuurder or a commissaris of a company which is a resident of the Netherlands may be taxed in the Netherlands 3 Where the remuneration mentioned above is derived by persons who exercise activities in real and

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/filippijnen-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Finland 1996 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    œcompetent authorityâ means i in Finland the Ministry of Finance its authorised representative or the authority which by the Ministry of Finance is designated as competent authority ii in the Netherlands the Minister of Finance or his authorised representative 2 As regards the application of the Agreement by a Contracting State any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the law of that State concerning the taxes to which the Agreement applies Article 4 Residence 1 For the purposes of this Agreement the term â œresident of a Contracting Stateâ means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence place of management place of incorporation registration or any other criterion of a similar nature However the term does not include any person who is liable to tax in that State in respect only of income from sources in that State or capital situated therein 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both Contracting States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode on both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the Contracting States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both Contracting States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated 4 A Contracting State a political subdivision or a statutory body or a local authority thereof as well as a pension fund established in a Contracting State and exempt by reason of its nature as such in that State from taxes covered by Article 2 of the Agreement shall be deemed to be a resident of that State Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Agreement the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site or construction or installation project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than twelve months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in sub paragraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in a Contracting State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 a The term â œimmovable propertyâ shall subject to the provisions of sub paragraphs b and c have the meaning which it has under the law of the Contracting State in which the property in question is situated b The term â œimmovable propertyâ shall in any case include buildings property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources c Ships and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 5 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 6 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Agreement then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and Air Transport 1 Profits from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated If that State according to its legislation cannot tax the whole of the profits those profits shall be taxable only in the Contracting State of which the enterprise is a resident 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the Contracting State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the Contracting State of which the operator of the ship is a resident 3 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood however that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as cost sharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where a Contracting State includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other Contracting State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of tax charged therein on those profits where that other State considers the adjustment justified In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Agreement and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed 15 per cent of the gross amount of the dividends 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 the Contracting State of which the company is a resident shall not levy a tax on dividends paid by that company to a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which is a resident of the other Contracting State and holds directly at least 5 per cent of the capital of the company paying the dividends or to a pension fund referred to in paragraph 4 of Article 4 if the recipient is the beneficial owner of the dividends and of the shares or other corporate rights giving right to the dividends 4 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 2 and 3 as long as an individual resident in Finland is entitled to a tax credit in respect of dividends paid by a company resident in Finland dividends paid by a company which is a resident of Finland to a resident of the Netherlands shall be taxable only in the Netherlands if the recipient is the beneficial owner of the dividends and of the shares or other corporate rights giving right to the dividends 5 The competent authorities of the Contracting State shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 3 and 4 6 The provisions of paragraphs 2 3 and 4 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 7 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares or other rights participating in profits as well as income from debt claims participating in profits and income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 8 The provisions of paragraphs 1 2 3 and 4 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 9 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject to company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other State if such resident is the benificial owner of the interest 2 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage but not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attachting to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 3 The provisions of paragraph 1 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 4 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 5 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Agreement Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other State if such resident is the beneficial owner of the royalties 2 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration a for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for television or radio broadcasting b for the use of or the right to use any patent trade mark design or model plan secret formula or process c for information concerning industrial commercial or scientific experience 3 The provisions of paragraph 1 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 4 Royalties shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 5 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Agreement Article 13 Capital Gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in paragraph 2 of Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated If that State according to its legislation cannot tax the whole of the gains the gains shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in the preceding paragraphs of this Article shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of a Contracting State to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which under the laws of that State is a resident thereof derived by an individual who is a resident of the other Contracting State and has been a resident of the first mentioned State in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissanceâ rights Article 14 Independent personal services 1 Income derived by a resident of a Contracting State in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other Contracting State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days within any twelve month period commencing or ending in the calendar year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Directors fees Directors fees and other payments derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors or any other similar organ of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and Sportsmen 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsman from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsman in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsman himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the Contracting State in which the activities of the entertainer or sportsman are exercised Article 18 Pensions Annuities and social security payments 1 Subject to the provisions of paragraph 3 of this Article and of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration in consideration of past employment and any annuities arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such pensions and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State where the employment was exercised in the other Contracting State and annuities derived by a resident of a Contracting State where arising in the other Contracting State may also be taxed in that other State and according to the laws of that State but if the payment is of a periodic nature the tax so charged shall not exceed 20 per cent of the gross amount of the payment 3 Any pension paid and other payment made under the rules of a social security system of a Contracting State to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State 4 The term â œannuityâ as used in this Article means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth other than services rendered Article 19 Government Service 1 a Salaries wages and other similar remuneration other than a pension paid by a Contracting State or a political subdivision or a statutory body or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or body or authority shall be taxable only in that State b However such salaries wages and other similar remuneration shall be taxable only in the Contracting State of which the individual is a resident if the services are rendered in that State and the individual i is a national of that State or ii did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by a Contracting State or a political subdivision or a statutory body or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or body or authority shall be taxable only in that State b However such pension shall be taxable only in the Contracting State of which the individual is a resident if he is a national of that State 3 The provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to salaries wages and other similar remuneration and to pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or a statutory body or a local authority thereof Article 20 Students and Trainees 1 Payments which a student or business technical agricultural or forestry trainee who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State 2 A student at a university or other institution for higher education in a Contracting State or a business technical agricultural or forestry trainee who is or was immediately before visiting the other Contracting State a resident of the first mentioned State and who is present in the other Contracting State for a continuous period not exceeding 183 days shall not be taxed in that other State in respect of remuneration for services rendered in that State provided that the services are in connection with his studies or training and the remuneration constitutes earnings necessary for his maintenance Article 21 Other Income 1 Items of income of a resident of a Contracting State wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Agreement shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the recipient of such income being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the income is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply CHAPTER IV TAXATION OF CAPITAL Article 22 Capital 1 Capital represented by immovable property referred to in paragraph 2 of Article 6 owned by a resident of a Contracting State and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Capital represented by movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or by movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services may be taxed in that other State 3 Capital represented by ships and aircraft operated in international traffic and by movable property pertaining to the operation of such ships and aircraft shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated If that State according to its legislation cannot tax the whole of the capital the capital shall be taxable only in the Contracting State of which the enterprise is a resident For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply 4 All other elements of capital of a resident of a Contracting State shall be taxable only in that State CHAPTER V METHODS FOR ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION Article 23 Elimination of double taxation 1 In Finland double taxation shall be eliminated as follows a Where a resident of Finland derives income or owns capital which in accordance with the provisions of this Agreement may be taxed in the Netherlands Finland shall subject to the provisions of sub paragraph b allow i as a deduction from the tax on the income of that person an amount equal to the tax on income paid in the Netherlands ii as a deduction from the tax on the capital of that person an amount equal to the tax on capital paid in the Netherlands Such deduction in either case shall not however exceed that part of the tax on income or on capital as computed before the deduction is given which is attributable as the case may be to the income or the capital which may be taxed in the Netherlands b Dividends paid by a company being a resident of the Netherlands to a company which is a resident of Finland and which controls directly at least 10 per cent of the voting power in the company paying the dividends shall be exempt from Finnish tax 2 In the Netherlands double taxation shall be eliminated as follows a The Netherlands when imposing tax on its residents may include in the basis upon which such taxes are imposed the items of income or capital which according to the provisions of the Agreement may be taxed in Finland b However where a resident of the Netherlands derives items of income or owns items of capital which according to Article 6 Article 7 paragraph 8 of Article 10 paragraph 3 of Article 11 paragraph 3 of Article 12 paragraphs 1 and 2 of Article 13 Article 14 paragraph 1 of Article 15 paragraph 2 of Article 21 and paragraphs 1 and 2 of Article 22 may be taxed in Finland and are included in the basis referred to in sub paragraph a of this paragraph the Netherlands shall exempt such items of income or capital by allowing a reduction of its tax This reduction shall be computed in conformity with the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation For that purpose the said items of income or capital shall be deemed to be included in the total amount of the items of income or capital which are exempt from Netherlands tax under those provisions c Further the Netherlands shall allow a deduction from the Netherlands tax so computed for the items of income which according to paragraph 2 of Article 10 paragraph 5 of Article 13 Article 16 Article 17 and paragraph 2 of Article 18 may be taxed in Finland to the extent that these items are included in the basis referred to in sub paragraph a of this paragraph The amount of this deduction shall be equal to the tax paid in Finland on these items of income but shall not exceed the amount of the reduction which would be allowed if the items of income so included were the sole items of income which are exempt from Netherlands Tax under the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation 3 Where in accordance with any provisions of the Agreement income derived or capital owned by a resident of a Contracting State is exempt from tax in that State such State may nevertheless in calculating the amount of tax on the remaining income or capital of such resident take into account the exempted income or capital CHAPTER VI SPECIAL PROVISIONS Article 24 Offshore activities 1 Notwithstanding any other provision of this Agreement the provisions of this Article shall apply to offshore activities except for a person who carries out those activities through a permanent establishment under the provisions of Article 5 or a fixed base under the provisions of Article 14 In case the provisions of this Article do not apply only the other provisions of the Agreement shall apply 2 In this Article the term â œoffshore activitiesâ means

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/finland-1996-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Frankrijk 1973 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Frankrijk 1973 in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en De Regering van de Franse Republiek De wens koesterende het op 30 december 1949 te Parijs ondertekende Verdrag ter voorkoming van dubbele belasting inzake belastingen van inkomsten en tot regeling van enige andere belastingaangelegenheden te vervangen door een nieuwe overeenkomst Wettekst HOOFDSTUK I Reikwijdte van de Overeenkomst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn a voor Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting de dividendbelasting de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Frankrijk l impà t sur le revenu de inkomstenbelasting l impà t sur les socià tà s de vennootschapsbelasting la contribution des patentes het patentrecht voor wat betreft artikel 8 daaronder begrepen alle heffingen bij de bron â žprà comptesâ of vooruitbetalingen die in mindering worden gebracht op de hiervoor bedoelde belastingen hierna te noemen â žFranse belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar alle belangrijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II Begripsbepalingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In deze Overeenkomst a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Frankrijk al naar het zinsverband vereist b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en de buiten de territoriale wateren van het Koninkrijk der Nederlanden gelegen gebieden waarover het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht en volgens zijn wetgeving de rechten met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kan uitoefenen c betekent de uitdrukking â žFrankrijkâ de in Europa gelegen departementen en de overzeese departementen van de Franse Republiek Guadeloupe Guyana Martinique en Rà union en de buiten de territoriale wateren van Frankrijk gelegen gebieden waarover Frankrijk in overeenstemming met het internationale recht en volgens zijn wetgeving de rechten met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kan uitoefenen d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon en een lichaam e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Frankrijk de Minister van Economische Zaken en van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen die het onderwerp van de Overeenkomst uitmaken Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden de leden van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat die onderdaan zijn van de Staat die hen accrediteert of zendt geacht inwoner van die Staat te zijn indien zij aldaar aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen en het vermogen zijn onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is gelden de volgende regels a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden ten behoeve van de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulp werkzaamheden hebben 4 Een persoon die in een van de Staten van een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in die Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen voor de onderneming 5 Een verzekeringsonderneming van een van de Staten wordt geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten vanaf het ogenblik waarop zij door tussenkomst van een vertegenwoordiger niet vallende onder de groep van personen bedoeld in het zesde lid hierna op het grondgebied van de laatstbedoelde Staat premies int of aldaar gelegen risico s verzekert 6 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III Belastingheffing naar het inkomen Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door het recht van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere bodemrijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een afzonderlijke en afgesplitste onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart binnenvaart en luchtvaart 1 In afwijking van het bepaalde in artikel 7 a zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer slechts in die Staat belastbaar b zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de exploitatie van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren slechts in die Staat belastbaar 2 Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid mogen de aldaar bedoelde voordelen ook in de andere Staat worden belast indien de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming in die andere Staat is gelegen 3 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaart of een binnenscheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar het schip zijn thuishaven heeft of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 4 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op het patentrecht dat naar een andere grondslag dan de winst wordt geheven Artikel 9 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen de voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden indien de genieter een vennootschap op aandelen of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid is die onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 15 percent van het bruto bedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 a Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk die recht zouden geven op een â žavoir fiscalâ indien zij zouden zijn genoten door een persoon die inwoner is van Frankrijk geven wanneer ze worden betaald aan genieters die inwoner zijn van Nederland recht op een betaling door de Franse Schatkist van een bruto bedrag dat behoudens de inhouding van de in het tweede lid letter b hiervoor bedoelde belasting gelijk is aan dat â žavoir fiscalâ b De bepaling van letter a is van toepassing op de hierna genoemde genieters die inwoner zijn van Nederland i natuurlijke personen die aan de Nederlandse belasting zijn onderworpen ter zake van het totale bedrag van de dividenden uitgedeeld door het lichaam dat inwoner is van Frankrijk en van het in letter a bedoelde bruto bedrag dat op die dividenden betrekking heeft ii lichamen die aan de Nederlandse belasting zijn onderworpen ter zake van het totale bedrag van de dividenden uitgedeeld door het lichaam dat inwoner is van Frankrijk en van het in letter a bedoelde bruto bedrag dat op die dividenden betrekking heeft iii beleggingsmaatschappijen en beleggingsfondsen niet vallende onder de bepalingen van ii hiervoor die voldoen aan de door de bevoegde autoriteiten in onderlinge overeenstemming vastgestelde voorwaarden 4 Een persoon die inwoner is van Nederland en die dividenden geniet die zijn uitgedeeld door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk kan tenzij hij de in het derde lid bedoelde betaling geniet teruggaaf vragen van de op die dividenden betrekking hebbende â žprà compteâ die in voorkomend geval is voldaan door het lichaam dat de uitdeling doet zulks behoudens de inhouding van de in het tweede lid hiervoor bedoelde belasting 5 a De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen â žparts de mineâ oprichtersaandelen of andere rechten met uitzondering van schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld b Als dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk worden eveneens beschouwd de op de door dat lichaam betaalde dividenden betrekking hebbende betaling van het bruto bedrag dat het in het derde lid bedoelde â žavoir fiscalâ vertegenwoordigt en de bruto bedragen bedoeld in het vierde lid die zijn teruggegeven uit hoofde van de â žprà compteâ 6 De bepalingen van het eerste tot en met het vierde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter in de Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 10 percent van hef bedrag van de interest niet overschrijden In afwijking van de bepaling van de voorgaande zin mag de interest op obligaties die vóór 1 januari 1965 in Frankrijk zijn uitgegeven aldaar aan een belasting van 12 percent worden onderworpen 3 In afwijking van de bepalingen van het tweede lid mag de in het eerste lid bedoelde interest niet worden belast in de Staat waaruit zij afkomstig is indien zij a wordt betaald krachtens een financieringsovereenkomst of uit hoofde van uitstel van betaling verband houdende met de verkoop van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of met de constructie van installaties voor nijverheids en handelsdoeleinden of wetenschappelijke doeleinden dan wel met openbare werken b wordt betaald op een lening van welke aard ook verstrekt door een bankinstelling c wordt betaald als gevolg van een schriftelijke aanmaning of van het instellen van een vordering in rechte bij wijze van schadeloosstelling voor te late betaling op een vordering waarvoor geen interest was bedongen 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de schuldenaar van de interest ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de lening ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat zijn slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films beeldbanden of geluidsbanden voor televisie of radio van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepaling van het eerste lid is niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn hetzij commercià le activiteiten bedrijft met behulp van een vaste inrichting hetzij een vrij beroep uitoefent met behulp van een vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen daarvan behoort In een zodanig geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of van artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 6 tweede lid alsmede voordelen uit de vervreemding van vennootschappelijke rechten of van soortgelijke rechten in een lichaam waarvan de bezittingen hoofdzakelijk uit onroerende goederen bestaan mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of te zamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 In afwijking van de bepaling van het tweede lid a zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren alsmede van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen slechts in die Staat belastbaar b mogen niettegenstaande het bepaalde in letter a de aldaar bedoelde voordelen ook in de andere Staat worden belast indien de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming in die andere Staat is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in de voorgaande leden zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 Niettegenstaande de bepaling van het vierde lid behoudt elk van de beide Staten het recht overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen winstaandelen of winstbewijzen die geheel of gedeeltelijk een aanmerkelijk belang vormen in een vennootschap op aandelen of in een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van die Staat indien die voordelen worden behaald door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat echter onder voorwaarde dat die persoon de nationaliteit van de eerstbedoelde Staat bezit zonder de nationaliteit van de andere Staat te bezitten en inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest gedurende enig tijdvak in de loop van de vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitkering â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder de zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 19 en 20 zijn lonen salarissen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer of aan boord van een schip dat dient voor het vervoer in de binnenwateren slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Beheerders bestuurders en commissarissen van vennootschappen 1 Tantià mes presentiegelden en andere beloningen verkregen door een inwoner van Nederland die lid is van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een vennootschap op aandelen of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van Frankrijk mogen in Frankrijk worden belast 2 Tantià mes presentiegelden en andere beloningen verkregen door een inwoner van Frankrijk die commissaris of bestuurder is van een naamloze vennootschap of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van Nederland mogen in Nederland worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid mogen de aldaar bedoelde beloningen die verkregen worden door personen die in een wezenlijke en vaste functie werkzaamheden verrichten in een vaste inrichting gevestigd in de andere Staat dan die waarvan het lichaam inwoner is en ten laste waarvan de beloningen als zodanig komen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door beroeps artiesten zoals toneelspelers film radio of televisie artiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in de Staat waar deze werkzaamheden worden verricht 2 Niettegenstaande enige andere bepaling van deze Overeenkomst mogen de voordelen die een lichaam van een van de Staten dat de diensten van een in het eerste lid bedoelde persoon verschaft uit het verschaffen van die diensten verkrijgt in die andere Staat worden belast tenzij dit lichaam aantoont dat het niet onmiddellijk of middellijk door die persoon wordt beheerst Artikel 18 Pensioenen Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 eerste lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een van de Staten ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar Artikel 19 Overheidsfuncties 1 Beloningen daaronder begrepen pensioenen door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of een publiekrechtelijke instelling daarvan hetzij rechtstreeks hetzij uit door hen in het leven geroepen fondsen betaald aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of aan dat onderdeel of dat plaatselijke publiekrechtelijke lichaam of aan die publiekrechtelijke instelling in de uitoefening van overheidsfuncties mogen in die Staat worden belast 2 De bepalingen van de artikelen 15 16 en 18 zijn van toepassing op beloningen of pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/frankrijk-1973-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Frankrijk Protocol bij 1973 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en De Regering van de Franse Republiek De wens koesterende het op 30 december 1949 te Parijs ondertekende Verdrag ter voorkoming van dubbele belasting inzake belastingen van inkomsten en tot regeling van enige andere belastingaangelegenheden te vervangen door een nieuwe overeenkomst Wettekst HOOFDSTUK I Reikwijdte van de Overeenkomst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn a voor Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting de dividendbelasting de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Frankrijk l impà t sur le revenu de inkomstenbelasting l impà t sur les socià tà s de vennootschapsbelasting la contribution des patentes het patentrecht voor wat betreft artikel 8 daaronder begrepen alle heffingen bij de bron â žprà comptesâ of vooruitbetalingen die in mindering worden gebracht op de hiervoor bedoelde belastingen hierna te noemen â žFranse belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar alle belangrijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II Begripsbepalingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In deze Overeenkomst a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Frankrijk al naar het zinsverband vereist b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en de buiten de territoriale wateren van het Koninkrijk der Nederlanden gelegen gebieden waarover het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht en volgens zijn wetgeving de rechten met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kan uitoefenen c betekent de uitdrukking â žFrankrijkâ de in Europa gelegen departementen en de overzeese departementen van de Franse Republiek Guadeloupe Guyana Martinique en Rà union en de buiten de territoriale wateren van Frankrijk gelegen gebieden waarover Frankrijk in overeenstemming met het internationale recht en volgens zijn wetgeving de rechten met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kan uitoefenen d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon en een lichaam e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Frankrijk de Minister van Economische Zaken en van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen die het onderwerp van de Overeenkomst uitmaken Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden de leden van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat die onderdaan zijn van de Staat die hen accrediteert of zendt geacht inwoner van die Staat te zijn indien zij aldaar aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen en het vermogen zijn onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is gelden de volgende regels a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden ten behoeve van de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulp werkzaamheden hebben 4 Een persoon die in een van de Staten van een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in die Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen voor de onderneming 5 Een verzekeringsonderneming van een van de Staten wordt geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten vanaf het ogenblik waarop zij door tussenkomst van een vertegenwoordiger niet vallende onder de groep van personen bedoeld in het zesde lid hierna op het grondgebied van de laatstbedoelde Staat premies int of aldaar gelegen risico s verzekert 6 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III Belastingheffing naar het inkomen Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door het recht van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere bodemrijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een afzonderlijke en afgesplitste onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart binnenvaart en luchtvaart 1 In afwijking van het bepaalde in artikel 7 a zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer slechts in die Staat belastbaar b zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de exploitatie van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren slechts in die Staat belastbaar 2 Niettegenstaande het bepaalde in het eerste lid mogen de aldaar bedoelde voordelen ook in de andere Staat worden belast indien de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming in die andere Staat is gelegen 3 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaart of een binnenscheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar het schip zijn thuishaven heeft of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 4 Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op het patentrecht dat naar een andere grondslag dan de winst wordt geheven Artikel 9 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen de voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden indien de genieter een vennootschap op aandelen of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid is die onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 15 percent van het bruto bedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 a Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk die recht zouden geven op een â žavoir fiscalâ indien zij zouden zijn genoten door een persoon die inwoner is van Frankrijk geven wanneer ze worden betaald aan genieters die inwoner zijn van Nederland recht op een betaling door de Franse Schatkist van een bruto bedrag dat behoudens de inhouding van de in het tweede lid letter b hiervoor bedoelde belasting gelijk is aan dat â žavoir fiscalâ b De bepaling van letter a is van toepassing op de hierna genoemde genieters die inwoner zijn van Nederland i natuurlijke personen die aan de Nederlandse belasting zijn onderworpen ter zake van het totale bedrag van de dividenden uitgedeeld door het lichaam dat inwoner is van Frankrijk en van het in letter a bedoelde bruto bedrag dat op die dividenden betrekking heeft ii lichamen die aan de Nederlandse belasting zijn onderworpen ter zake van het totale bedrag van de dividenden uitgedeeld door het lichaam dat inwoner is van Frankrijk en van het in letter a bedoelde bruto bedrag dat op die dividenden betrekking heeft iii beleggingsmaatschappijen en beleggingsfondsen niet vallende onder de bepalingen van ii hiervoor die voldoen aan de door de bevoegde autoriteiten in onderlinge overeenstemming vastgestelde voorwaarden 4 Een persoon die inwoner is van Nederland en die dividenden geniet die zijn uitgedeeld door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk kan tenzij hij de in het derde lid bedoelde betaling geniet teruggaaf vragen van de op die dividenden betrekking hebbende â žprà compteâ die in voorkomend geval is voldaan door het lichaam dat de uitdeling doet zulks behoudens de inhouding van de in het tweede lid hiervoor bedoelde belasting 5 a De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen â žparts de mineâ oprichtersaandelen of andere rechten met uitzondering van schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld b Als dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Frankrijk worden eveneens beschouwd de op de door dat lichaam betaalde dividenden betrekking hebbende betaling van het bruto bedrag dat het in het derde lid bedoelde â žavoir fiscalâ vertegenwoordigt en de bruto bedragen bedoeld in het vierde lid die zijn teruggegeven uit hoofde van de â žprà compteâ 6 De bepalingen van het eerste tot en met het vierde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter in de Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 10 percent van hef bedrag van de interest niet overschrijden In afwijking van de bepaling van de voorgaande zin mag de interest op obligaties die vóór 1 januari 1965 in Frankrijk zijn uitgegeven aldaar aan een belasting van 12 percent worden onderworpen 3 In afwijking van de bepalingen van het tweede lid mag de in het eerste lid bedoelde interest niet worden belast in de Staat waaruit zij afkomstig is indien zij a wordt betaald krachtens een financieringsovereenkomst of uit hoofde van uitstel van betaling verband houdende met de verkoop van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of met de constructie van installaties voor nijverheids en handelsdoeleinden of wetenschappelijke doeleinden dan wel met openbare werken b wordt betaald op een lening van welke aard ook verstrekt door een bankinstelling c wordt betaald als gevolg van een schriftelijke aanmaning of van het instellen van een vordering in rechte bij wijze van schadeloosstelling voor te late betaling op een vordering waarvoor geen interest was bedongen 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de schuldenaar van de interest ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de lening ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat zijn slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films beeldbanden of geluidsbanden voor televisie of radio van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepaling van het eerste lid is niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn hetzij commercià le activiteiten bedrijft met behulp van een vaste inrichting hetzij een vrij beroep uitoefent met behulp van een vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen daarvan behoort In een zodanig geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of van artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 6 tweede lid alsmede voordelen uit de vervreemding van vennootschappelijke rechten of van soortgelijke rechten in een lichaam waarvan de bezittingen hoofdzakelijk uit onroerende goederen bestaan mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of te zamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 In afwijking van de bepaling van het tweede lid a zijn voordelen die een inwoner van een van de Staten verkrijgt uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren alsmede van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen slechts in die Staat belastbaar b mogen niettegenstaande het bepaalde in letter a de aldaar bedoelde voordelen ook in de andere Staat worden belast indien de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming in die andere Staat is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in de voorgaande leden zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 Niettegenstaande de bepaling van het vierde lid behoudt elk van de beide Staten het recht overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen winstaandelen of winstbewijzen die geheel of gedeeltelijk een aanmerkelijk belang vormen in een vennootschap op aandelen of in een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van die Staat indien die voordelen worden behaald door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat echter onder voorwaarde dat die persoon de nationaliteit van de eerstbedoelde Staat bezit zonder de nationaliteit van de andere Staat te bezitten en inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest gedurende enig tijdvak in de loop van de vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitkering â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder de zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 19 en 20 zijn lonen salarissen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer of aan boord van een schip dat dient voor het vervoer in de binnenwateren slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Beheerders bestuurders en commissarissen van vennootschappen 1 Tantià mes presentiegelden en andere beloningen verkregen door een inwoner van Nederland die lid is van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een vennootschap op aandelen of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van Frankrijk mogen in Frankrijk worden belast 2 Tantià mes presentiegelden en andere beloningen verkregen door een inwoner van Frankrijk die commissaris of bestuurder is van een naamloze vennootschap of een vennootschap met beperkte aansprakelijkheid die inwoner is van Nederland mogen in Nederland worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid mogen de aldaar bedoelde beloningen die verkregen worden door personen die in een wezenlijke en vaste functie werkzaamheden verrichten in een vaste inrichting gevestigd in de andere Staat dan die waarvan het lichaam inwoner is en ten laste waarvan de beloningen als zodanig komen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door beroeps artiesten zoals toneelspelers film radio of televisie artiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in de Staat waar deze werkzaamheden worden verricht 2 Niettegenstaande enige andere bepaling van deze Overeenkomst mogen de voordelen die een lichaam van een van de Staten dat de diensten van een in het eerste lid bedoelde persoon verschaft uit het verschaffen van die diensten verkrijgt in die andere Staat worden belast tenzij dit lichaam aantoont dat het niet onmiddellijk of middellijk door die persoon wordt beheerst Artikel 18 Pensioenen Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 eerste lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een van de Staten ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar Artikel 19 Overheidsfuncties 1 Beloningen daaronder begrepen pensioenen door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of een publiekrechtelijke instelling daarvan hetzij rechtstreeks hetzij uit door hen in het leven geroepen fondsen betaald aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of aan dat onderdeel of dat plaatselijke publiekrechtelijke lichaam of aan die publiekrechtelijke instelling in de uitoefening van overheidsfuncties mogen in die Staat worden belast 2 De bepalingen van de artikelen 15 16 en 18 zijn van toepassing op beloningen of pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/frankrijk-protocol-bij-1973-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive