archive-nl.com » NL » B » BELASTINGCOLLECTIEF.NL

Total: 1024

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Indonesië 2002 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen of naar bestanddelen van het inkomen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het totaalbedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop het Verdrag van toepassing is zijn met name a in Nederland â de inkomstenbelasting â de loonbelasting â de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de regering in de netto winsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Nederlandse Mijnwet continentaal plat 1965 â de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b in Indonesià â de inkomstenbelasting the income tax hierna te noemen â žIndonesische belastingâ 4 Het Verdrag is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de beide Staten delen elkaar alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In dit Verdrag tenzij het zinsverband anders vereist a betekenen de uitdrukkingen â žeen van de beide Statenâ en â žde andere Staatâ al naar het zinsverband vereist Indonesià of Nederland betekent de uitdrukking â žbeide Statenâ Indonesià en Nederland b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c omvat de uitdrukking â žIndonesià â het grondgebied van de Republiek Indonesià als omschreven in haar wetgeving en delen van het continentaal plat en aangrenzende wateren waarop de Republiek Indonesià in overeenstemming met het internationale recht soevereiniteit soevereine rechten of rechtsmacht heeft d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de beide Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de beide Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming van een van de beide Staten behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdanenâ 1 alle natuurlijke personen die de nationaliteit van een van de beide Staten bezitten 2 alle rechtspersonen vennootschappen en verenigingen die hun rechtspositie als zodanig ontlenen aan de wetgeving die in een van de beide Staten van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Indonesià de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van het Verdrag door elk van de beide Staten op enig moment heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op dat moment heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is waarbij elke betekenis volgens die toepasselijke belastingwetgeving van die Staat prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die Staat aan die uitdrukking wordt gegeven Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de beide Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van dit Verdrag wordt een natuurlijke persoon die deel uitmaakt van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de beide Staten in de andere Staat of in een derde Staat en die onderdaan is van de zendstaat geacht inwoner van de zendstaat te zijn indien hij in die Staat aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen is onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt een dergelijk geval bepaald in overeenstemming met de volgende regels a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft regelen de bevoegde autoriteiten van de beide Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon en een andere dan een onderneming waarop de bepalingen van artikel 8 van toepassing zijn ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Indien de bevoegde autoriteiten van de beide Staten van mening zijn dat zich in beide Staten een plaats van werkelijke leiding bevindt regelen zij de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een boerderij of plantage g een mijn een oliebron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat eveneens a een plaats van uitvoering van een bouwwerkproject van constructie montage of installatiewerkzaamheden of daarmee verband houdende werkzaamheden van toezichthoudende aard maar alleen indien de duur van dat bouwwerk of die werkzaamheden een periode van zes maanden overschrijdt b het verlenen van diensten daaronder begrepen diensten van adviserende aard door een onderneming door middel van een werknemer of ander personeel die door de onderneming daarmee zijn belast maar alleen indien werkzaamheden van dien aard voor hetzelfde of een daarmee samenhangend project in het land worden verricht gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijd van twaalf maanden een totaal van drie maanden te boven gaan 4 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag of uitstalling van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag of uitstalling c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 5 Een persoon die in een van de beide Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zevende lid â wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien a hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming of b hij in de eerstbedoelde Staat een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert namens de onderneming 6 Een verzekeringsonderneming van een van de beide Staten wordt behoudens voor zover het herverzekering betreft geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten indien zij op het grondgebied van die andere Staat premies int of aldaar aanwezige risico s verzekert door middel van een werknemer of een vertegenwoordiger die geen onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zevende lid is 7 Een onderneming van een van de beide Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen Indien evenwel zulk een makelaar commissionair of andere vertegenwoordiger uitsluitend of nagenoeg uitsluitend werkzaamheden verricht voor die onderneming zelf of voor die onderneming en andere ondernemingen die zij beheerst of door welke zij wordt beheerst wordt hij niet geacht een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van dit lid te zijn 8 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de beide Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op een andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende zaken 1 Inkomsten uit onroerende zaken mogen worden belast in de Staat waar deze zaken zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende zakenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de beide Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend of in die andere Staat worden behaald met de verkoop van goederen of koopwaar van dezelfde aard als welke worden verkocht of met andere bedrijfshandelingen van dezelfde aard als welke worden verricht door middel van de vaste inrichting 2 Indien een onderneming van een van de beide Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de beide Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten de kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders zijn gemaakt 4 Voor zover het in een van de beide Staten gebruikelijk was de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zee en luchtvaart 1 Voordelen verkregen door een onderneming van een Staat uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap maar slechts in zoverre als zij aan de deelnemende onderneming kunnen worden toegerekend in verhouding tot haar aandeel in die gemeenschappelijke exploitatie Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een van de beide Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de beide Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of het andere geval tussen de beide ondernemingen in haar handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een van de beide Staten in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aanpassen Bij de vaststelling van deze aanpassing wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de beide Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de beide Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een inwoner van de andere Staat is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het bruto bedrag van de dividenden niet overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividenden zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen oprichtersaandelen of andere rechten op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de beide Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de beide Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn 8 Niettegenstaande enig andere bepaling van dit Verdrag indien een lichaam dat inwoner is van een van de beide Staten een vaste inrichting heeft in de andere Staat mogen de voordelen van de vaste inrichting worden onderworpen aan een aanvullende belasting in die andere Staat overeenkomstig haar wetgeving maar de aldus geheven aanvullende belasting mag 10 percent van het bedrag van die voordelen na aftrek van inkomstenbelasting en andere belastingen naar het inkomen die ter zake daarvan in die andere Staat zijn geheven niet overschrijden Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de beide Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Staat waaruit hij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest een inwoner van de andere Staat is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het bruto bedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest afkomstig uit een van de beide Staten slechts belastbaar in de andere Staat voor zover zodanige interest wordt verkregen door i de Regering van de andere Staat daaronder begrepen staatkundige onderdelen en plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan of ii de Centrale Bank van de andere Staat of iii een financià le instelling die eigendom is van of beheerst wordt door de Regering van de andere Staat daaronder begrepen staatkundige onderdelen en plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan of iv een inwoner van de andere Staat ter zake van schuldvorderingen die zijn gegarandeerd of verzekerd door de Regering van de andere Staat daaronder begrepen staatkundige onderdelen en plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan de Centrale Bank van de andere Staat of een financià le instelling die eigendom is van of beheerst wordt door die Regering 4 Niettegenstaande de bepaling van het tweede lid is interest afkomstig uit een van de beide Staten slechts belastbaar in de andere Staat indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest een inwoner van de andere Staat is en de interest wordt betaald ter zake van een lening met een looptijd van meer dan twee jaar of wordt betaald in verband met de verkoop op afbetaling van nijverheids of handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting 5 De bevoegde autoriteiten van de beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede derde en vierde lid 6 De uitdrukking â žinterest zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard dan ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt De uitdrukking â žinterest omvat echter niet de inkomsten die in artikel 10 zijn behandeld 7 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de beide Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 8 Interest wordt geacht uit een van de beide Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de beide Staten is of niet in een van de beide Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 9 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de beide Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de beide Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in de andere Staat worden belast 2 De royalty s mogen echter ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het bruto bedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap â daaronder begrepen bioscoopfilms en films of banden voor radio of televisieuitzendingen â van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap De uitdrukking omvat echter niet vergoedingen voor het verlenen van technische diensten 4 De bevoegde autoriteiten van de beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de beide Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een vaste inrichting heeft en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een van de beide Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de beide Staten is of niet in een van de beide Staten een vaste inrichting heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de beide Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 13 Beperking van de en Internationale organisaties hun organen en functionarissen alsmede personen die deel uitmaken van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat die in een van de beide Staten verblijven hebben in de andere Staat geen recht op de verminderingen van belasting voorzien in de artikelen 10 11 en 12 met betrekking tot uit de andere Staat afkomstige bestanddelen van het inkomen die in deze artikelen zijn behandeld indien die bestanddelen van het inkomen in de eerstbedoelde Staat niet aan een belasting naar het inkomen zijn onderworpen Artikel 14 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende zaken zoals omschreven in artikel 6 tweede lid mogen worden belast in de Staat waar deze zaken zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de beide Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de beide Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep â daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of tezamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt â mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de onderneming een inwoner is 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid mag een van de beide Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving de betekenis van de uitdrukking â žvervreemdingâ daaronder begrepen belasting heffen over voordelen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat verkregen uit de vervreemding van aandelen in winstbewijzen van of schuldvorderingen op een lichaam met een in aandelen verdeeld kapitaal dat volgens de wetgeving van de eerstbedoelde Staat inwoner is van die Staat alsmede uit de vervreemding van een gedeelte van de in die aandelen winstbewijzen of schuldvorderingen besloten liggende rechten indien die natuurlijke persoon â al dan niet tezamen met zijn echtgenoot â dan wel een van hun bloed of aanverwanten in de rechte lijn onmiddellijk of middellijk ten minste vijf percent bezit van het geplaatste kapitaal van een bepaalde soort van aandelen van dat lichaam Deze bepaling vindt alleen toepassing wanneer de natuurlijke persoon die de voordelen verkrijgt in de loop van de laatste tien jaren voorafgaande aan het jaar waarin de voordelen worden verkregen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en mits op het tijdstip waarop hij inwoner werd van de andere Staat werd voldaan aan eerdergenoemde voorwaarden ten aanzien van het aandelenbezit in eerdergenoemd lichaam In de gevallen waarin ingevolge de nationale wetgeving van de eerstbedoelde Staat aan de natuurlijke persoon een aanslag is opgelegd terzake van de bij diens emigratie uit de eerstbedoelde Staat aangenomen vervreemding van vorenbedoelde aandelen geldt het vorenstaande alleen voor zover er van deze aanslag nog een bedrag openstaat Artikel 15 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de beide Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt of in die andere Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van 12 maanden een totaal van 91 dagen te boven gaan Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt of in die andere Staat gedurende het eerdergenoemde tijdvak of de eerdergenoemde tijdvakken verblijft mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend of zijn verkregen in die andere Staat gedurende het eerdergenoemde tijdvak of de eerdergenoemde tijdvakken 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 16 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 17 19 20 21 en 22 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de beide Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de beide Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel mag de beloning verkregen door een inwoner van een van de beide Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd worden belast in de Staat waarvan de onderneming inwoner is Artikel 17 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Indonesià in zijn hoedanigheid van bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner van Nederland is mogen in Nederland worden belast 2 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Nederland in zijn hoedanigheid van â žpengurusâ of â žkomisarisâ van een lichaam dat inwoner van Indonesià is mogen in Indonesià worden belast Artikel 18 Artiesten en sportbeoefenaars Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 15 en 16 mogen inkomsten verkregen door beroepsartiesten zoals toneelspelers film radio of televisieartiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig of inkomsten verkregen uit het ter beschikking stellen door een onderneming van de diensten van zodanige beroepsartiesten of sportbeoefenaars worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden of diensten worden verricht Artikel 19 Pensioenen lijfrenten en socialezekerheidsuitkeringen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 20 eerste lid mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen en lijfrenten en afkoopsommen in plaats van het recht op een lijfrente afkomstig uit een van de beide Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat in de eerstbedoelde Staat worden belast 2 Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een sociaalzekerheidsstelsel van een van de beide Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast 3 De uitdrukking â žlijfrenteâ betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen hetzij gedurende het leven hetzij gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde staat 4 Een pensioen of andere soortelijke beloning of lijfrente wordt geacht afkomstig te zijn uit een van de beide Staten indien en voorzover de met dit pensioen of andere soortgelijke beloning of lijfrente samenhangende bijdragen of betalingen dan wel de aanspraken op dit pensioen of andere soortgelijke beloning of lijfrente in die Staat in aanmerking zijn gekomen voor een fiscale facilià ring De overdracht van een pensioen van een in een van de beide Staten gevestigd pensioenfonds of verzekeringsmaatschappij naar een in een andere Staat gevestigd pensioenfonds of verzekeringsmaatschappij beperkt op geen enkele wijze de ingevolge dit artikel aan de eerstbedoelde Staat toegekende heffingsrechten Artikel 20 Overheidsfuncties 1 Beloningen daaronder begrepen pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een van de beide Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of aan dat onderdeel of dat plaatselijke publiekrechtelijke lichaam daarvan in de uitoefening van overheidsfuncties mogen in die Staat worden belast 2 In afwijking van het eerste lid zijn de bepalingen van de artikelen 16 17 of 19 van toepassing op beloningen of pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de beide Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan 3 Het eerste lid is niet van toepassing voor zover aan een Staat diensten worden bewezen in de andere Staat door een natuurlijke persoon die inwoner en onderdaan van die andere Staat is Artikel 21 Professoren en leraren Een natuurlijke persoon die gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar in een van de beide Staten verblijft met het doel onderwijs te geven aan een universiteit hogeschool school of andere onderwijsinrichting of aan een niet op commercià le of industrià le grondslag werkzame instelling voor wetenschappelijk onderzoek in die Staat en die onmiddellijk voor dit verblijf inwoner van de andere Staat is wordt in de eerstbedoelde Staat niet belast voor de vergoedingen die hij voor zodanige werkzaamheden ontvangt Artikel 22 Studenten 1 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de beide Staten inwoner is van de andere Staat en die tijdelijk in de eerstbedoelde Staat verblijf houdt in de eerste plaats met de bedoeling a aan een erkende universiteit hogeschool of school in die eerstbedoelde Staat te studeren of b een opleiding voor een bedrijf of beroep te verkrijgen is vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat ter zake van i alle overmakingen uit het buitenland ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding en ii alle beloningen voor persoonlijke arbeid verricht in de eerstbedoelde Staat tot een bedrag dat een door de bevoegde autoriteiten in onderlinge overeenstemming vast te stellen bedrag in enig belastingjaar niet te boven gaat De voordelen ingevolge dit lid worden slechts verleend voor zulk een tijdsduur als redelijk is of gewoonlijk vereist om het doel van het bezoek te bereiken 2 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de beide Staten inwoner is van

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/indonesie-2002-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive


  • Israël (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Israël in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israà l tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israà l tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Staat Israà l De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Wettekst HOOFDSTUK I Reikwijdte van de Overeenkomst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het bedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn met name a voor Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting de dividendbelasting de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Israà l de inkomstenbelasting daaronder begrepen de belasting op vermogenswinsten de vennootschapsbelasting de defensieheffing de belasting op eigendommen de belasting ingevolge de wet op de belasting van waardevermeerdering van grond op winsten behaald bij de verkoop van grond hierna te noemen â žIsraà lische belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II Begripsbepalingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Israà l al naar het zinsverband vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Israà l b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žIsraà lâ de Staat Israà l en het onder de zee gelegen deel van de zeebodem en ondergrond waarop de Staat Israà l in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Israà l de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt een natuurlijke persoon die deel uitmaakt van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat en die onderdaan is van de zendstaat geacht inwoner van de zendstaat te zijn indien hij in die Staat aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen en het vermogen is onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is gelden de volgende regels a Hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b Indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c Indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d Indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g een plantage een wijngaard een bos of een boomgaard h de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 4 Een onderneming van een van de Staten wordt geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten indien zij in die andere Saat gedurende langer dan twaalf maanden werkzaamheden van toezichthoudende aard verricht in verband met een bouwwerk dat of constructie of montagewerkzaamheden die in die andere Staat worden uitgevoerd 5 Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige inrichting beschouwd indien a hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming of b hij in de eerstbedoelde Staat een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert namens de onderneming 6 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Beperking van belastingvermindering Indien op grond van een bepaling van deze Overeenkomst in een van de Staten vermindering van belasting over bepaalde inkomsten moet worden verleend en ingevolge de in de andere Staat geldende wetgeving een persoon ter zake van die inkomsten niet voor het volle bedrag aan belasting is onderworpen doch slechts voor zover die inkomsten naar die andere Staat zijn overgemaakt of aldaar zijn ontvangen vindt de vermindering die de eerstbedoelde Staat ingevolge deze Overeenkomst moet verlenen slechts toepassing op het gedeelte van de inkomsten dat naar de andere Staat is overgemaakt of aldaar is ontvangen HOOFDSTUK III Belastingheffing naar het inkomen Artikel 7 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten uit onroerende goederen mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen zomede schuldvorderingen van welke aard ook niet zijnde obligaties die verzekerd zijn door hypotheek op onroerende goederen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 8 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voor zover het in een Staat gebruikelijk was de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 9 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is Artikel 10 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 11 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a met betrekking tot dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van de andere Staat en dat onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt i 10 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de dividenden worden betaald uit winst die op grond van de bepalingen in de Israà lische wetgeving ter bevordering van investeringen in Israà l van belastingheffing is vrijgesteld of is onderworpen aan belastingheffing naar een tarief dat lager is dan het algemene tarief dat wordt geheven van de winst van een lichaam dat inwoner is van Israà l ii 5 percent van het brutobedrag van de dividenden in andere gevallen b 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderworpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 12 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter in de Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 15 percent van het bedrag van de interest niet overschrijden met dien verstande dat indien deze interest wordt betaald aan een bank of een financià le instelling de aldus geheven belasting 10 percent van het bedrag van de interest niet mag overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek doch geen aanspraak gevende op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook niet verzekerd door hypotheek alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gelegen 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 10 percent van het bedrag van de royalty s voor bioscoopfilms en films of beeldbanden voor radio of televisie b 5 percent van het bedrag van alle andere royalty s 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films of beeldbanden voor radio of televisie van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een vaste inrichting heeft en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gelegen 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 14 Beperking van de artikelen 11 12 en 13 Internationale organisaties hun organen en functionarissen alsmede personen die deel uitmaken van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat die in een van de Staten verblijven hebben in de andere Staat geen recht op de verminderingen of vrijstellingen van belasting voorzien in de artikelen 1 1 12 en 13 met betrekking tot uit die andere Staat afkomstige bestanddelen van het inkomen die in deze artikelen zijn behandeld indien die bestanddelen van het inkomen in de eerstbedoelde Staat niet aan een belasting naar het inkomen zijn onderworpen Artikel 15 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 7 tweede lid mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen Onder â žonroerende goederenâ worden in dit lid mede begrepen rechten andere dan aandelen die op een effectenbeurs worden verhandeld in een gemeenschappelijk eigendom van onroerende goederen zoals omschreven in de Israà lische wet op de belasting van waardevermeerdering van grond De bedoelde rechten worden geacht hun ligging te hebben in de Staat waar de onroerende goederen waaruit de vermogenswinst voortvloeit zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of tezamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen De bepalingen van artikel 9 tweede lid vinden hierbij toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van die Staat mits de aandelen of winstbewijzen het eigendom zijn van een natuurlijke persoon die inwoner van de andere Staat is en a die onderdaan van de eerstbedoelde Staat is zonder onderdaan van de andere Staat te zijn en b die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en c die in de loop van hetzelfde tijdvak onmiddellijk of middellijk alleen of tezamen met zijn echtgenoot en zijn verwanten tenminste een derde gedeelte alsook alleen of tezamen met zijn echtgenoot meer dan 7 percent van het nominaal gestorte kapitaal van bedoeld lichaam heeft bezeten Artikel 16 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend Een inwoner van een van de Staten die in de andere Staat zulk een vrij beroep uitoefent of andere zelfstandige werkzaamheden verricht wordt geacht in die andere Staat over zulk een vast middelpunt te beschikken indien hij in die andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen te boven gaan 2 De uitdrukking â žvoordelen in de uitoefening van een vrij beroepâ betekent voordelen die verkregen zijn uit werkzaamheden die in het kader van een vrij beroep zelfstandig worden verricht daaronder onder andere begrepen zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 17 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 18 20 21 22 en 23 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning als zodanig niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid mag de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer worden belast in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen Artikel 18 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Bestuurders en commissarissenbeloningen en soortgelijke betalingen verkregen door een inwoner van Nederland in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een lichaam dat inwoner van Israà l is mogen in Israà l worden belast 2 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Israà l in zijn hoedanigheid van bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner van Nederland is mogen in Nederland worden belast Artikel 19 Artiesten en sportbeoefenaars Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 16 en 17 mogen voordelen of inkomsten verkregen door beroepsartiesten zoals toneelspelers film radio of televisieartiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun al dan niet zelfstandige persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden worden verricht Deze bepaling is ook van toepassing op zulke voordelen of inkomsten die door de bedoelde personen hetzij onmiddellijk hetzij middellijk worden verkregen of aan hen opkomen door middel van rechtspersonen

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/israel-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Israël Protocol (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Israël Protocol in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israà l tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israà l tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Staat Israà l De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Wettekst HOOFDSTUK I Reikwijdte van de Overeenkomst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het bedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn met name a voor Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting de dividendbelasting de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Israà l de inkomstenbelasting daaronder begrepen de belasting op vermogenswinsten de vennootschapsbelasting de defensieheffing de belasting op eigendommen de belasting ingevolge de wet op de belasting van waardevermeerdering van grond op winsten behaald bij de verkoop van grond hierna te noemen â žIsraà lische belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II Begripsbepalingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Israà l al naar het zinsverband vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Israà l b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žIsraà lâ de Staat Israà l en het onder de zee gelegen deel van de zeebodem en ondergrond waarop de Staat Israà l in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Israà l de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt een natuurlijke persoon die deel uitmaakt van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat en die onderdaan is van de zendstaat geacht inwoner van de zendstaat te zijn indien hij in die Staat aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen en het vermogen is onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is gelden de volgende regels a Hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b Indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c Indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d Indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g een plantage een wijngaard een bos of een boomgaard h de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 4 Een onderneming van een van de Staten wordt geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten indien zij in die andere Saat gedurende langer dan twaalf maanden werkzaamheden van toezichthoudende aard verricht in verband met een bouwwerk dat of constructie of montagewerkzaamheden die in die andere Staat worden uitgevoerd 5 Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige inrichting beschouwd indien a hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming of b hij in de eerstbedoelde Staat een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert namens de onderneming 6 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Beperking van belastingvermindering Indien op grond van een bepaling van deze Overeenkomst in een van de Staten vermindering van belasting over bepaalde inkomsten moet worden verleend en ingevolge de in de andere Staat geldende wetgeving een persoon ter zake van die inkomsten niet voor het volle bedrag aan belasting is onderworpen doch slechts voor zover die inkomsten naar die andere Staat zijn overgemaakt of aldaar zijn ontvangen vindt de vermindering die de eerstbedoelde Staat ingevolge deze Overeenkomst moet verlenen slechts toepassing op het gedeelte van de inkomsten dat naar de andere Staat is overgemaakt of aldaar is ontvangen HOOFDSTUK III Belastingheffing naar het inkomen Artikel 7 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten uit onroerende goederen mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen zomede schuldvorderingen van welke aard ook niet zijnde obligaties die verzekerd zijn door hypotheek op onroerende goederen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 8 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voor zover het in een Staat gebruikelijk was de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 9 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is Artikel 10 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 11 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a met betrekking tot dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van de andere Staat en dat onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt i 10 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de dividenden worden betaald uit winst die op grond van de bepalingen in de Israà lische wetgeving ter bevordering van investeringen in Israà l van belastingheffing is vrijgesteld of is onderworpen aan belastingheffing naar een tarief dat lager is dan het algemene tarief dat wordt geheven van de winst van een lichaam dat inwoner is van Israà l ii 5 percent van het brutobedrag van de dividenden in andere gevallen b 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderworpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 12 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter in de Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 15 percent van het bedrag van de interest niet overschrijden met dien verstande dat indien deze interest wordt betaald aan een bank of een financià le instelling de aldus geheven belasting 10 percent van het bedrag van de interest niet mag overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek doch geen aanspraak gevende op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook niet verzekerd door hypotheek alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gelegen 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 10 percent van het bedrag van de royalty s voor bioscoopfilms en films of beeldbanden voor radio of televisie b 5 percent van het bedrag van alle andere royalty s 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films of beeldbanden voor radio of televisie van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een vaste inrichting heeft en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gelegen 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 14 Beperking van de artikelen 11 12 en 13 Internationale organisaties hun organen en functionarissen alsmede personen die deel uitmaken van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat die in een van de Staten verblijven hebben in de andere Staat geen recht op de verminderingen of vrijstellingen van belasting voorzien in de artikelen 1 1 12 en 13 met betrekking tot uit die andere Staat afkomstige bestanddelen van het inkomen die in deze artikelen zijn behandeld indien die bestanddelen van het inkomen in de eerstbedoelde Staat niet aan een belasting naar het inkomen zijn onderworpen Artikel 15 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 7 tweede lid mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen Onder â žonroerende goederenâ worden in dit lid mede begrepen rechten andere dan aandelen die op een effectenbeurs worden verhandeld in een gemeenschappelijk eigendom van onroerende goederen zoals omschreven in de Israà lische wet op de belasting van waardevermeerdering van grond De bedoelde rechten worden geacht hun ligging te hebben in de Staat waar de onroerende goederen waaruit de vermogenswinst voortvloeit zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of tezamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen De bepalingen van artikel 9 tweede lid vinden hierbij toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van die Staat mits de aandelen of winstbewijzen het eigendom zijn van een natuurlijke persoon die inwoner van de andere Staat is en a die onderdaan van de eerstbedoelde Staat is zonder onderdaan van de andere Staat te zijn en b die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en c die in de loop van hetzelfde tijdvak onmiddellijk of middellijk alleen of tezamen met zijn echtgenoot en zijn verwanten tenminste een derde gedeelte alsook alleen of tezamen met zijn echtgenoot meer dan 7 percent van het nominaal gestorte kapitaal van bedoeld lichaam heeft bezeten Artikel 16 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend Een inwoner van een van de Staten die in de andere Staat zulk een vrij beroep uitoefent of andere zelfstandige werkzaamheden verricht wordt geacht in die andere Staat over zulk een vast middelpunt te beschikken indien hij in die andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen te boven gaan 2 De uitdrukking â žvoordelen in de uitoefening van een vrij beroepâ betekent voordelen die verkregen zijn uit werkzaamheden die in het kader van een vrij beroep zelfstandig worden verricht daaronder onder andere begrepen zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 17 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 18 20 21 22 en 23 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning als zodanig niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid mag de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer worden belast in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen Artikel 18 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Bestuurders en commissarissenbeloningen en soortgelijke betalingen verkregen door een inwoner van Nederland in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een lichaam dat inwoner van Israà l is mogen in Israà l worden belast 2 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Israà l in zijn hoedanigheid van bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner van Nederland is mogen in Nederland worden belast Artikel 19 Artiesten en sportbeoefenaars Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 16 en 17 mogen voordelen of inkomsten verkregen door beroepsartiesten zoals toneelspelers film radio of televisieartiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun al dan niet zelfstandige persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden worden verricht Deze bepaling is ook van toepassing op zulke voordelen of inkomsten die door de bedoelde personen hetzij onmiddellijk hetzij middellijk worden verkregen of aan hen opkomen door middel van rechtspersonen

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/israel-protocol-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Italië Protocol (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Italiaanse Republiek De wens koesterende het op 24 januari 1957 te s Gravenhage ondertekende Verdrag strekkende tot het vermijden van dubbele belasting inzake belastingen van inkomsten en van vermogen te vervangen door een nieuwe overeenkomst Zijn het volgende overeengekomen Wettekst HOOFDSTUK I REIKWIJDTE VAN DE OVEREENKOMST Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van een van de Staten of van de staatkundige of administratieve onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen waaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende goederen belastingen naar het totaalbedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn in het bijzonder a in het geval van Nederland de inkomstenbelasting de loonbelasting de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de regering in de netto winsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Nederlandse Mijnwet continentaal plat 1965 de dividendbelasting de vermogensbelasting de gemeentelijke onroerend goedbelasting zelfs als deze belastingen worden geheven bij wege van inhouding aan de bron hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b in het geval van Italià 1 imposta sul reddito delle persone fisiche de inkomstenbelasting voor natuurlijke personen l imposta sul reddito delle persone giuridiche de inkomstenbelasting voor rechtspersonen 1 imposta locale sui redditi de lokale inkomstenbelasting zelfs als deze belastingen worden geheven bij wege van inhouding aan de bron hierna te noemen â žItaliaanse belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van de Overeenkomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Italià al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Italià b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žItalià â de Italiaanse Republiek en omvat deze mede de gebieden buiten de territoriale wateren van Italià die overeenkomstig het internationale gewoonterecht en de Italiaanse wetgeving met betrekking tot de exploratie en exploitatie van natuurlijke rijkdommen kunnen worden beschouwd als gebieden waarbinnen de Italiaanse soevereine rechten met betrekking tot de natuurlijke rijkdommen van de zeebodem en de ondergrond daarvan kunnen worden uitgeoefend d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt beschouwd f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een van de Staten is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdanenâ i alle natuurlijke personen die de nationaliteit van een van de Staten bezitten ii alle rechtspersonen vennootschappen en verenigingen die hun rechtspositie als zodanig ontlenen aan de wetgeving die in een van de Staten van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ i in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in Italià het Ministerie van Financià n 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens het recht van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat of van vermogen dat in die Staat is gelegen 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructieof montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden ten behoeve van de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 4 Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het vijfde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige â žvaste inrichtingâ beschouwd indien hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in die Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door bemiddeling van een makelaar een commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 6 Alleen de omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten uit onroerende goederen waaronder begrepen voordelen uit landbouwof bosbedrijven die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens het recht van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven alsmede rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn Men beschouwt voorts als â žonroerende goederenâ vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen Schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten alsmede uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten waaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voorzover het in een van de Staten gebruikelijk is de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpool een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a i 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is dat gedurende een periode van 12 maanden voorafgaande aan de datum waarop tot de uitbetaling van het dividend wordt besloten in bezit is geweest van meer dan 50 percent van de stemgerechtigde aandelen van het lichaam dat de dividenden betaalt en ii 10 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is dat geen aanspraak kan doen gelden op het gestelde onder i maar dat gedurende een periode van 12 maanden voorafgaande aan de datum waarop tot de uitbetaling van het dividend wordt besloten in bezit is geweest van 10 percent of meer van de stemgerechtigde aandelen van het lichaam dat de dividenden betaalt en b 15 percent in alle andere gevallen De bepalingen van dit lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 3 Een persoon die inwoner is van Nederland en die dividenden geniet die zijn uitgedeeld door een lichaam dat inwoner is van Italià heeft behoudens de inhouding van de in het tweede lid bedoelde belasting recht op teruggaaf van het bedrag van de in voorkomend geval door dat lichaam ter zake van die dividenden verschuldigde â žmaggiorazione di conguaglioâ Deze teruggaaf moet worden gevraagd binnen de termijnen waarin de Italiaanse wetgeving voorziet door tussenkomst van hetzelfde lichaam dat in dat geval handelt in zijn naam en voor rekening van genoemde inwoner van Nederland Deze bepaling is van toepassing op dividenden tot de uitdeling waarvan sedert de datum van inwerkingtreding van deze Overeenkomst is besloten Het lichaam dat de uitdeling doet kan bovenbedoeld bedrag aan een inwoner van Nederland tegelijk uitbetalen met de aan deze toekomende dividenden en bij de eerstvolgende aangifte van zijn inkomsten na genoemde betaling dat bedrag in mindering brengen op de verschuldigde belasting De uitbetaling van het bedrag overeenkomend met de â žmaggiorazione di conguaglioâ aan een inwoner van Nederland geschiedt op voorwaarde dat hij op de datum waarop tot de uitbetaling van het dividend wordt besloten de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is en dat hij in de gevallen als bedoeld in het tweede lid onder a gedurende een periode van 12 maanden voorafgaande aan die datum in het bezit is geweest van de aandelen Ingeval daarna het belastbaar inkomen van het lichaam dat de uitdeling doet op een hoger bedrag wordt gesteld of ingeval alsnog belasting wordt geheven van zijn reserves of andere fondsen wordt de vermindering van de door het lichaam verschuldigde belasting voor het belastingtijdvak waarin de herziening definitief is geworden beperkt tot het deel van de belasting dat betrekking heeft op de dividenden die zijn onderworpen aan de â žmaggiorazione di conguaglioâ en dat daadwerkelijk is afgedragen aan de Schatkist 4 De bevoegde autoriteiten van beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en het derde lid 5 a De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen b Als dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Italià worden eveneens beschouwd de op de door dat lichaam betaalde dividenden betrekking hebbende in het derde lid bedoelde bruto bedragen die zijn teruggegeven uit hoofde van de â žmaggiorazione di conguaglioâ 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval mogen de dividenden in die andere Staat worden belast overeenkomstig de nationale wetgeving van die Staat 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voorzover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Staat waaruit hij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest afkomstig uit een van de Staten vrijgesteld van belasting in die Staat indien a de interest verschuldigd is door de Regering van die Staat een van zijn staatkundige of administratieve onderdelen of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of b de interest wordt betaald aan de Regering van de andere Staat aan een van zijn staatkundige of administratieve onderdelen of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of aan instellingen of organen daaronder begrepen financià le instellingen die geheel eigendom zijn van die Staat een van zijn staatkundige of administratieve onderdelen of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of c de interest wordt betaald aan andere instellingen of organen daaronder begrepen financià le instellingen uit hoofde van financieringen die door deze zijn verstrekt in het kader van door de Regeringen van de Staten gesloten overeenkomsten 4 De bevoegde autoriteiten van beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld zij omvat echter niet inkomsten die in artikel 10 zijn behandeld 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval mag de interest in die andere Staat worden belast overeenkomstig de nationale wetgeving van die Staat 7 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig of administratief onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 8 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 5 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden De bevoegde autoriteiten van beide Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van dit lid 3 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en opnamen voor radio en televisie uitzendingen van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 4 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval mogen de royalty s in die andere Staat worden belast overeenkomstig de nationale wetgeving van die Staat 5 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig of administratief onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 6 Indien wegens bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd alsmede van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen de bepalingen van artikel 8 tweede lid vinden hierbij toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid tasten niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen die uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van die Staat worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat die de nationaliteit bezit van de eerstbedoelde Staat zonder de nationaliteit van de andere Staat te bezitten en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning genoten door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Bestuurders en commissarissenbeloningen en soortgelijke betalingen verkregen door een inwoner van een van de Staten in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid mogen de aldaar bedoelde beloningen die worden verkregen door personen die in een wezenlijke en vaste functie werkzaamheden verrichten in een vaste inrichting gevestigd in de andere Staat dan die waarvan het lichaam inwoner is en ten laste waarvan de beloningen als zodanig komen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Staat waar de werkzaamheden van de artiest of de sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een van de Staten terzake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen die geen periodiek karakter dragen en ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende vroegere dienstbetrekking worden betaald aan een inwoner van een van de Staten die een onderdaan is van de andere Staat zonder onderdaan van de eerstbedoelde Staat te zijn in die andere Staat worden belast Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een van de Staten of een staatkundig of administratief onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de genieter van de beloningen een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat en geen onderdaan is van de andere Staat of ii geen onderdaan is van de andere Staat maar reeds voor het bewijzen van de diensten inwoner van die Staat was 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een van de Staten of een staatkundig of administratief onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de genieter inwoner en onderdaan is van die Staat en geen onderdaan is van de Staat waaruit de pensioenen afkomstig zijn 3 De bepalingen van de artikelen 15 16 en 18 zijn van toepassing op beloningen en pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de Staten of een staatkundig of administratief onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 20 Hoogleraren en wetenschappelijke onderzoekers 1 Vergoedingen die een hoogleraar een ander lid van het onderwijzend personeel of een wetenschappelijk onderzoeker die inwoner is of onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de Staten inwoner was van de andere Staat en die uitsluitend in de eerstbedoelde Staat verblijft met het doel aldaar onderwijs te geven of zich met wetenschappelijk onderzoek bezig te houden ter zake van die werkzaamheden ontvangt mogen in die Staat niet worden belast gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten uit het verrichten van wetenschappelijk onderzoek indien dit onderzoek niet wordt verricht in het algemeen belang maar hoofdzakelijk met het oog op het behalen van bijzondere voordelen die ten goede komen aan een bepaalde persoon of bepaalde personen Artikel 21 Studenten Betalingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voor zijn bezoek aan een van de Staten inwoner was van de andere Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die Staat niet belastbaar mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat Artikel 22 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een van de Staten van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende goederen zoals omschreven in

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/italie-protocol-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Japan 1970 (beëindigd ) - Belasting Collectief Nederland
    Bert Bogie Lucas Belastingadvies in Den Bosch Jurrian Lucas Ooms Partners in Breda drs Marco Ooms mr Hans Seijkens Limburg Rebastion in Maastricht Frodo Oude Groeniger Rob Engelbert Wesselman in Weert Bert Bogie Noord Holland HDK Advocaten en Fiscalisten in Amsterdam Roy Vliese Pavel der Kinderen MB Legal Tax in Alkmaar F van Elk FB Fedor mr drs J D Hoogendoorn RA Jaap J Beijert Jan MB Legal Tax in Middenbeemster mr M F Marco Bezoet de Bie mr J D M J den Boer RA CRAd Schut en Bruggink Estate Planners in Haarlem Paul Schut Marian Bruggink Rogier Pak Abel Advisory in Amsterdam Frank Schwarte Joost Lagerberg AsjesBisseling in Amsterdam Arjan Bisseling B B Accountants in Den Burg De Bont Advocaten in Amsterdam prof mr G J M E de Bont mr J M Sitsen mr M B Weijers mr P de Haas VanOoijen in Haarlem Adriaan Daniels Ognjen Soldat Just Tax in Nieuw Vennep Utrecht AccountantsTEAM in Utrecht Joost Rietveld Pay Check in Houten Pieter Miedema Fiscaal Jurist in Baarn Pieter Miedema Overijssel ELBERT fiscaal in Hengelo mr H A Elbert Beersen Grandiek in Hengelo Mr V J Vincent Grandiek Cervus Belastingadvies in Zwolle mr H A Elbert EVFA in Deventer Eric Versteegh Zuid Holland Scientia Fiscalis in Alblasserdam Yvonne Tigelaar Klootwijk Van Driel Fruijtier in Dordrecht MB Internationaal in Rotterdam Zeeland Rijkse Partners Belastingadviseurs in Middelburg Curacao Wesselman in Curaçao Bert Bogie Duitsland Strick Rechtsanwälte Steuerberater in Kleve Anton Ingenerf Frank J Lamers Sabine van Wickeren Lenk Christian Theissen Freddy B Heinzel Belgie Cobofisk in Gent Hendrik Huys Cobofisk in Aalter Luc Coopman Spanje Arcos Lamers Asociados in Marbella Wim Lamers Maite Arcos Kennisgroepen BTW specialisten Loonheffing specialisten Pensioen specialisten Estate Planning specialisten Formeel Belastingrecht specialisten Fusie Overname specialisten Herinvesteringsreserve specialisten Huwelijk Echtscheiding specialisten Innovatiebox specialisten Internationaal Belastingrecht specialisten Douane specialisten Auto van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Japan 1970 beëindigd Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Japan tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Japan tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Japan De wens koesterende een Overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Wettekst Artikel 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de landen of van beide landen Artikel 2 1 De belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken zijn a Voor Japan i de inkomstenbelasting ii de vennootschapsbelasting en iii de belastingen die plaatselijk van inwoners naar het inkomen worden geheven hierna te noemen â žJapanse belastingâ b voor Nederland i de inkomstenbelasting ii de loonbelasting iii de vennootschapsbelasting en iv de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ 2 Deze Overeenkomst is ook van toepassing op alle andere belastingen waarvan het karakter in wezen gelijksoortig is aan dat van die welke in het voorgaande lid zijn genoemd en die na de datum van ondertekening van deze Overeenkomst zijn ingevoerd door elk van de landen of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 3 1 In deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žJapanâ wanneer deze in aardrijkskundige zin wordt gebezigd het gehele gebied waarin de Japanse belastingwetgeving van kracht is b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen c betekenen de uitdrukkingen â žeen landâ en â žhet andere landâ Japan of Nederland al naar het zinsverband vereist d betekent de uitdrukking â žbelastingâ Japanse belasting of Nederlandse belasting al naar het zinsverband vereist e betekent de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon of een lichaam f betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld g betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een landâ en â žonderneming van het andere landâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een land en een onderneming gedreven door een inwoner van het andere land h betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ met betrekking tot een land de Minister van Financià n van dat land of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst in een land heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke in deze Overeenkomst niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van dat land met betrekking tot de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een landâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van dat land aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van zetel of hoofdkantoor plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid maar de uitdrukking omvat niet een persoon die in dat land slechts dan aan belasting is onderworpen indien hij inkomen uit bronnen in dat land verkrijgt 2 Indien een persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide landen is stellen de bevoegde autoriteiten in onderlinge overeenstemming vast van welk land die persoon voor de toepassing van deze Overeenkomst geacht wordt inwoner te zijn Artikel 5 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen g de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden waarvan de duur twaalf maanden overschrijdt 3 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 4 Een onderneming van een land wordt geacht een vaste inrichting in het andere land te bezitten indien zij in dat andere land gedurende langer dan twaalf maanden werkzaamheden van toezichthoudende aard verricht in verband met de uitvoering van een bouwwerk of constructie of montagewerkzaamheden die in dat andere land worden uitgevoerd 5 Een persoon die in een land voor een onderneming van het andere land werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in het eerstbedoelde land aanwezige vaste inrichting beschouwd indien a hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in het eerstbedoeld land gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming of b hij in het eerstbedoelde land een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert namens de onderneming ingevolge een tevoren door de onderneming gesloten contract waarin hetzij de af te leveren hoeveelheid hetzij de datum en plaats van aflevering niet zijn aangegeven 6 Een onderneming van een land wordt niet geacht een vaste inrichting in het andere land te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een land een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van het andere land of dat in dat andere land zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Indien op grond van een bepaling van deze Overeenkomst in een land vermindering van belasting over bepaalde inkomsten moet worden verleend en ingevolge de in het andere land geldende wetgeving een natuurlijke persoon ter zake van die inkomsten niet voor het volle bedrag aan belasting is onderworpen doch slechts voor zover die inkomsten naar dat andere land zijn overgemaakt of aldaar zijn ontvangen vindt de vermindering die het eerstbedoelde land ingevolge deze Overeenkomst moet verlenen slechts toepassing op het gedeelte van de inkomsten dat naar het andere land is overgemaakt of aldaar is ontvangen Artikel 7 1 Inkomsten uit onroerende goederen mogen worden belast in het land waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door de wetgeving van het land waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende onroerende goederen van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 8 1 De voordelen van een onderneming van een land zijn slechts in dat land belastbaar tenzij de onderneming in het andere land haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in het andere land worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een land in het andere land haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de landen aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in het land waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voor zover het in een land gebruikelijk was de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid dat land niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 9 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer door een onderneming van een land zijn slechts in dat land belastbaar 2 Met betrekking tot de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer door een onderneming van een land is die onderneming indien het een Nederlandse onderneming betreft ook vrijgesteld van de ondernemingsbelasting in Japan en indien het een Japanse onderneming betreft ook vrijgesteld van elke belasting die gelijksoortig is aan de ondernemingsbelasting in Japan en in de toekomst in Nederland mocht worden geheven 3 Deze Overeenkomst mag niet aldus worden uitgelegd dat zij inbreuk maakt op de bij notawisseling van 26 januari 1933 tussen Nederland en Japan tot stand gekomen regeling tot wederzijdse vrijstelling van belasting op inkomsten en winsten voortvloeiende uit het internationale zeescheepvaartbedrijf Artikel 10 Indien a een onderneming van een land onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van het andere land of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een land en een onderneming van het andere land en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in haar handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 11 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een land aan een inwoner van het andere land mogen in dat andere land worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in het land waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van dat land worden belast maar de aldus geheven belasting mag 15 percent van het bruto bedrag van de dividenden niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid mag de aldus geheven belasting 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden niet overschrijden indien de genieter van de dividenden een lichaam is dat ten minste 25 percent bezit van de stemgerechtigde aandelen van het lichaam dat de dividenden betaalt gedurende de periode van zes maanden onmiddellijk voorafgaande aan het einde van het boekjaar waarover de winstuitdeling plaatsvindt 4 De bepalingen van het tweede en derde lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen oprichtersaandelen of andere rechten met uitzondering van schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van het land waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een land in het andere land waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een land voordelen of inkomsten verkrijgt uit het andere land mag dat andere land geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van dat andere land noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit dat andere land afkomstig zijn Artikel 12 1 Interest afkomstig uit een land en betaald aan een inwoner van het andere land mag in dat andere land worden belast 2 Deze interest mag echter in het land waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van dat land worden belast maar de aldus geheven belasting mag 10 percent van het bruto bedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid mag het land waaruit de interest afkomstig is geen belasting heffen op interest die wordt betaald aan de Regering of de Centrale Bank van het andere land of aan een financià le instelling die volledig eigendom is van dat andere land 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevende op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van het land waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een land in het andere land waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een land afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door dat land zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van dat land Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een land is of niet in een land een vaste inrichting heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit het land waar de vaste inrichting is gelegen 7 Indien tengevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest in aanmerking nemende de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van de betaalde bedragen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de landen zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 1 Royalty s afkomstig uit een land en betaald aan een inwoner van het andere land mogen in dat andere land worden belast 2 Deze royalty s mogen echter in het land waaruit ze afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van dat land worden belast maar de aldus geheven belasting mag 10 percent van het bruto bedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen films van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 4 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een land in het andere land waaruit de royalty s afkomstig zijn een vaste inrichting heeft en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 8 van toepassing 5 Royalty s worden geacht uit een land afkomstig te zijn indien zij worden betaald door dat land zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van dat land Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een land is of niet in een land een vaste inrichting heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit het land waar de vaste inrichting is gelegen 6 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s in aanmerking nemende het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de landen zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 14 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 7 tweede lid mogen worden belast in het land waar deze goederen zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van zaken andere dan onroerende goederen deel uitmakende van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een land in het andere land heeft of van zaken andere dan onroerende goederen behorende tot een vast middelpunt dat een inwoner van een land in het andere land tot zijn beschikking heeft voor de uitoefening van een vrij beroep daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of tezamen met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in dat andere land worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid zijn voordelen verkregen door een inwoner van een land uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van zaken andere dan onroerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen slechts in dat land belastbaar 4 Voordelen verkregen door een inwoner van een land uit de vervreemding van alle andere zaken dan die waarop de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel van toepassing zijn zijn slechts in dat land belastbaar 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van een land overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van dat land verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van het andere land en in de vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen te eniger tijd inwoner van het eerstbedoelde land is geweest Artikel 15 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een land in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard zijn slechts in dat land belastbaar tenzij hij in het andere land voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in het andere land worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ sluit in het bijzonder in zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 16 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 17 19 20 en 21 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een land ter zake van een dienstbetrekking slechts in dat land belastbaar tenzij de dienstbetrekking in het andere land wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in dat andere land worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een land ter zake van een in het andere land uitgeoefende dienstbetrekking slechts in het eerstbedoelde land belastbaar indien a de genieter in dat andere land verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende kalenderjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van dat land is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in dat andere land heeft 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid mag de beloning verkregen ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd door een onderneming van een land in dat land worden belast Artikel 17 Beloningen verkregen door een inwoner van een land in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een lichaam dat inwoner van het andere land is mogen in dat andere land worden belast Artikel 18 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 15 en 16 mogen voordelen of inkomsten verkregen door beroepsartiesten zoals toneelspelers film radio of televisieartiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in het land waarin deze werkzaamheden worden verricht 2 Niettegenstaande enige bepalingen in deze Overeenkomst mogen indien de diensten van een beroepsartiest of een sportbeoefenaar als bedoeld in het eerste lid in een land worden verschaft door een onderneming van het andere land de door die onderneming uit het verschaffen van die diensten verkregen voordelen in het eerstbedoelde land worden belast indien de beroepsartiest of de sportbeoefenaar die de diensten verleent die onderneming onmiddellijk of middellijk beheerst Artikel 19 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 20 eerste en tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een land ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in dat land belastbaar Artikel 20 1 Beloningen daaronder begrepen pensioenen betaald door of uit fondsen waarin in de hoedanigheid van werkgever is bijgedragen door Japan of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan Japan of aan een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan in de uitoefening van overheidsfuncties mogen in Japan worden belast Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 24 tweede lid zijn zodanige beloningen vrijgesteld van Nederlandse belasting 2 Beloningen daaronder begrepen pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door Nederland of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan Nederland of aan een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan in de uitoefening van overheidsfuncties mogen in Nederland worden belast Zodanige beloningen zijn vrijgesteld van Japanse belasting als de genieter de Nederlandse nationaliteit bezit 3 De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op beloningen daaronder begrepen pensioenen betaald ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de landen of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 21 Een professor of leraar die een

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/japan-1970-beeindigd (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Japan 2010 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    members or participants under the tax laws of the first mentioned Contracting State provided that the state where the entity is organised has concluded with the first mentioned Contracting State a convention which contains provisions for effective exchange of information on tax matters d an item of income i derived from a Contracting State through an entity that is organised in a state other than the Contracting States and ii treated as the income of that entity under the tax laws of the other Contracting State shall not be eligible for the benefits of the Convention and e an item of income i derived from a Contracting State through an entity that is organised in that Contracting State and ii treated as the income of that entity under the tax laws of the other Contracting State shall not be eligible for the benefits of the Convention Article 5 Permanent establishment 1 For the purposes of this Convention the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site or construction or installation project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than twelve months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in subparagraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom the provisions of paragraph 6 apply â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in a Contracting State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that Contracting State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that Contracting State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other Contracting State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State 2 The term â œimmovable propertyâ shall have the meaning which it has under the laws of the Contracting State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise Article 7 Business profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that Contracting State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in that other Contracting State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the Contracting State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in a Contracting State to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude that Contracting State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs of this Article the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and air transport 1 Profits from the operation of ships or aircraft in international traffic carried on by an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that Contracting State 2 Notwithstanding the provisions of Article 2 where an enterprise of a Contracting State carries on the operation of ships or aircraft in international traffic that enterprise if an enterprise of the Netherlands shall be exempt from the enterprise tax of Japan and if an enterprise of Japan shall be exempt from any tax similar to the enterprise tax of Japan which may hereafter be imposed in the Netherlands 3 The provisions of the preceding paragraphs of this Article shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly 2 Where a Contracting State includes in accordance with the provisions of paragraph 1 in the profits of an enterprise of that Contracting State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other Contracting State has been charged to tax in that other Contracting State and where the competent authorities of the Contracting States agree that all or part of the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned Contracting State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other Contracting State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those agreed profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 a Contracting State shall not change the profits of an enterprise of that Contracting State in the circumstances referred to in that paragraph after seven years from the end of the taxable year in which the profits that would be subject to such change would but for the conditions referred to in that paragraph have accrued to that enterprise The provisions of this paragraph shall not apply in the case of fraud or wilful default Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that Contracting State but if the beneficial owner of the dividends is a resident of the other Contracting State the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company that has owned directly or indirectly shares representing at least 10 per cent of the voting power of the company paying the dividends for the period of six months ending on the date on which entitlement to the dividends is determined or b 10 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 such dividends shall not be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident if the beneficial owner of the dividends is a resident of the other Contracting State and is either a a company that has owned directly or indirectly shares representing at least 50 per cent of the voting power of the company paying the dividends for the period of six months ending on the date on which entitlement to the dividends is determined or b a pension fund provided that such dividends are not derived from the carrying on of a business directly or indirectly by such pension fund 4 The provisions of paragraphs 2 and 3 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The provisions of subparagraph a of paragraph 2 and subparagraph a of paragraph 3 shall not apply in the case of dividends paid by a company which is entitled to a deduction for dividends paid to its beneficiaries in computing its taxable income in Japan 6 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights mining shares foundersâ shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the tax laws of the Contracting State of which the company making the distribution is a resident 7 The provisions of paragraphs 1 2 3 and 10 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 8 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other Contracting State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other Contracting State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment situated in that other Contracting State nor subject the companyâ s undistributed profits to a tax on the companyâ s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other Contracting State 9 A resident of a Contracting State shall not be considered the beneficial owner of dividends paid by a resident of the other Contracting State in respect of preferred shares or other similar interests if such preferred shares or other similar interests would not have been established or acquired unless a person a that is not entitled to benefits with respect to dividends paid by a resident of that other Contracting State which are equivalent to or more favourable than those available under this Convention to a resident of the first mentioned Contracting State and b that is not a resident of either Contracting State owned equivalent preferred shares or other similar interests in the first mentioned resident 10 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 2 and 8 dividends paid by a company whose capital is divided into shares and which under the laws of a Contracting State is a resident of that Contracting State to an individual who is a resident of the other Contracting State may be taxed in the first mentioned Contracting State in accordance with the laws of the first mentioned Contracting State if that individual â either alone or with his or her spouse or one of their relatives by blood or marriage in the direct line â directly or indirectly owns at least 5 per cent of a particular class of shares in that company This provision shall apply only if the individual to whom the dividends are paid was a resident of the first mentioned Contracting State at any time or the entire time during the last ten years preceding the year in which the dividends are paid and provided that at the time he or she became a resident of the other Contracting State the above mentioned conditions regarding share ownership in the said company were satisfied and only insofar as part of the assessment that has been issued in connection with the above mentioned share ownership and with his or her emigration is still outstanding under the laws of the first mentioned Contracting State Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State 2 However such interest may also be taxed in the Contracting State in which it arises and according to the laws of that Contracting State but if the beneficial owner of the interest is a resident of the other Contracting State the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 interest arising in a Contracting State shall be taxable only in the other Contracting State if a the interest is beneficially owned by the Government of that other Contracting State a political subdivision or local authority thereof or the central bank of that other Contracting State or any institution owned by that Government b the interest is beneficially owned by a resident of that other Contracting State with respect to debt claims guaranteed insured or indirectly financed by the Government of that other Contracting State a political subdivision or local authority thereof or the central bank of that other Contracting State or any institution owned by that Government c the interest is beneficially owned by a resident of that other Contracting State that is either i a bank ii an insurance company iii a securities company or iv any other enterprise provided that in the three taxable years preceding the taxable year in which the interest is paid the enterprise derives more than 50 per cent of its liabilities from the issuance of bonds in the financial markets or from taking deposits at interest and more than 50 per cent of the assets of the enterprise consist of debt claims against persons that do not have with the enterprise a relationship described in subparagraph a or b of paragraph 1 of Article 9 d the interest is beneficially owned by a pension fund that is a resident of that other Contracting State provided that such interest is not derived from the carrying on of a business directly or indirectly by such pension fund or e the interest is beneficially owned by a resident of that other Contracting State and paid with respect to indebtedness arising as a consequence of the sale on credit by a resident of that other Contracting State of any equipment merchandise or service 4 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in the debtorâ s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures and all other income that is subjected to the same taxation treatment as income from money lent by the tax laws of the Contracting State in which the income arises Income dealt with in Article 10 shall not be regarded as interest for the purposes of this Convention 5 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 6 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that Contracting State Where however the person paying the interest whether such person is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State or a state other than the Contracting States a permanent establishment in connection with which the indebtedness on which the interest is paid were incurred and such interest is borne by such permanent establishment then a if the permanent establishment is situated in a Contracting State such interest shall be deemed to arise in that Contracting State and b if the permanent establishment is situated in a state other than the Contracting States such interest shall not be deemed to arise in either Contracting State 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention 8 A resident of a Contracting State shall not be considered the beneficial owner of interest arising in the other Contracting State in respect of a debt claim if such debt claim would not have been established unless a person a that is not entitled to benefits with respect to interest arising in the other Contracting State which are equivalent to or more favourable than those available under this Convention to a resident of the first mentioned Contracting State and b that is not a resident of either Contracting State owned an equivalent debt claim against the first mentioned resident Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and beneficially owned by a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other Contracting State 2 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for radio or television broadcasting any patent trade mark design or model plan or secret formula or process or for information concerning industrial commercial or scientific experience 3 The provisions of paragraph 1 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 4 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention 5 A resident of a Contracting State shall not be considered the beneficial owner of royalties arising in the other Contracting State in respect of the use of the right or property if such royalties would not have been paid to the resident unless the resident paid royalties in respect of the use of the same right or property to a person a that is not entitled to benefits with respect to royalties arising in the other Contracting State which are equivalent to or more favourable than those available under this Convention to a resident of the first mentioned Contracting State and b that is not a resident of either Contracting State Article 13 Capital gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State 2 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of shares in a company or of interests in a partnership or trust may be taxed in the other Contracting State where the shares or the interests derive at least 50 per cent of their value directly or indirectly from immovable property referred to in Article 6 and situated in that other Contracting State unless the relevant class of the shares or the interest is traded on a recognised stock exchange specified in subparagraph c of paragraph 8 of Article 21 and the resident and persons related or connected to that resident own in the aggregate 5 per cent or less of that class of the shares or the interests 3 a Where i a Contracting State including for this purpose in the case of Japan the Deposit Insurance Corporation of Japan provides pursuant to the laws of that Contracting State concerning failure resolution involving imminent insolvency of financial institutions substantial financial assistance to a financial institution that is a resident of that Contracting State and ii a resident of the other Contracting State acquires shares in the financial institution from the first mentioned Contracting State the first mentioned Contracting State may tax gains derived by the resident of the other Contracting State from the alienation of such shares provided that the alienation is made within five years from the first date on which such financial assistance was provided b The provisions of subparagraph a shall not apply if the resident of that other Contracting State acquired any shares in the financial institution from the first mentioned Contracting State before the entry into force of this Convention or pursuant to a binding contract entered into before the entry into force of the Convention 4 Gains from the alienation of any property other than immovable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise may be taxed in that other Contracting State 5 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of ships or aircraft operated by that resident in international traffic or any property other than immovable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in that Contracting State 6 Gains from the alienation of any property other than that referred to in the preceding paragraphs of this Article shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 7 Notwithstanding the provisions of paragraph 6 gains derived from the alienation of shares in or â œjouissanceâ rights or debt claims on a company whose capital is divided into shares and which under the laws of a Contracting State is a resident of that Contracting State or from the alienation of part of the rights attached to the said shares â œjouissanceâ rights or debt claims by an individual who is a resident of the other Contracting State may be taxed in the first mentioned Contracting State in accordance with the laws of the first mentioned Contracting State and with their interpretation including the interpretation of the term â œalienationâ if that individual â either alone or with his or her spouse or one of their relatives by blood or marriage in the direct line â directly or indirectly owns at least 5 per cent of a particular class of shares in that company This provision shall apply only if the individual who derives the gains was a resident of the first mentioned Contracting State at any time or the entire time during the last ten years preceding the year in which the gains are derived and provided that at the time he or she became a resident of the other Contracting State the above mentioned conditions regarding share ownership in the said company were satisfied and only insofar as part of the assessment that has been issued in connection with the above mentioned share ownership and with his or her emigration is still outstanding under the laws of the first mentioned Contracting State Article 14 Income from employment 1 Subject to the provisions of Articles 15 17 and 18 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that Contracting State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other Contracting State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned Contracting State if a the recipient is present in the other Contracting State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the taxable year concerned b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of that other Contracting State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment which the employer has in that other Contracting State 3 Notwithstanding the provisions of the preceding paragraphs of this Article remuneration derived in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic by an enterprise of a Contracting State may be taxed in that Contracting State Article 15 Directorsâ fees Directorsâ fees and other payments derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State Article 16 Entertainers and sportspersons 1 Notwithstanding the provisions of Articles 7 and 14 income derived by an individual who is a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsperson from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other Contracting State 2 Where income in respect of personal activities exercised in a Contracting State by an individual in his capacity as an entertainer or a sportsperson accrues not to the individual himself but to another person who is a resident of the other Contracting State that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 and 14 be taxed in the Contracting State in which the activities of the individual are exercised Article 17 Pensions and annuities 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 18 pensions and other similar remuneration including social security payments beneficially owned by a resident of a Contracting State shall be taxable only in that Contracting State However such pensions and other similar remuneration including social security payments may also be taxed in the other Contracting State if they arise in that other Contracting State and they are not adequately subject to tax in the first mentioned Contracting State 2 Annuities derived and beneficially owned by an individual who is a resident of a Contracting State shall be taxable only in that Contracting State However such annuities may also be taxed in the other Contracting State if they arise in that other Contracting State and they are not adequately subject to tax in the first mentioned Contracting State The term â œannuitiesâ as used in this Article means a stated sum paid periodically at stated times during the life of the individual or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or moneyâ s worth 3 Lump sums in lieu of the right to receive a pension or other similar remuneration or to receive an annuity paid to an individual who is a resident of a Contracting State shall be taxable only in that Contracting State However such lump sums may also be taxed in the other Contracting State if they arise in that other Contracting State Article 18 Government service 1 a Salaries wages and other similar remuneration paid by a Contracting State or a political subdivision or local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that Contracting State or political subdivision or local authority in the discharge of functions of a governmental nature shall be taxable only in that Contracting State b However such salaries wages and other similar remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the services are rendered in that other Contracting State and the individual is a resident of that other Contracting State who i is a national of that other Contracting State or ii did not become a resident of that other Contracting State solely for the purpose of rendering the services 2 a Notwithstanding the provisions of paragraph 1 pensions and other similar remuneration paid by or out of funds to which contributions are made or created by a Contracting State or a political subdivision or local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that Contracting State or political subdivision or local authority shall be taxable only in that Contracting State b However such pensions and other similar remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the individual is a resident of and a national of that other Contracting State 3 The provisions of Articles 14 15 16 and 17 shall apply to salaries wages pensions and other similar remuneration in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or local authority thereof Article 19 Students Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned Contracting State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in the first mentioned Contracting State provided that such payments are made to him from outside that first mentioned Contracting State The exemption provided by this Article shall apply to a business apprentice only for a period not exceeding one year from the date he first begins his training in the first mentioned Contracting State Article 20 Other income 1 Items of income beneficially owned by a resident of a Contracting State wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Convention hereinafter referred to as â œother incomeâ in this Article shall be taxable only in that Contracting State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to other income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the beneficial owner of such other income being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein and the right or property in respect of which the other income is paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 3 Where by reason of a special relationship between the resident referred to in paragraph 1 and the payer or between both of them and some other person the amount of other income exceeds the amount which would have been agreed upon between them in the absence of such relationship the provisions of this Article

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/japan-2010-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Joegoslavië (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Joegoslavië in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavià tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavià tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef Het Koninkrijk der Nederlanden en de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavià De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Zijn het volgende overeengekomen Wettekst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan Deze Overeenkomst is eveneens van toepassing op de in Joegoslavià geheven bijdragen met uitzondering van de bijdragen voor sociale zekerheid 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het bedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering Voor de toepassing van deze Overeenkomst worden onder de uitdrukking â žbelastingen mede begrepen de bijdragen als bedoeld in het eerste lid van dit artikel 3 De bestaande belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is zijn a voor Nederland de inkomstenbelasting income tax de loonbelasting wages tax de vennootschapsbelasting company tax de dividendbelasting dividend tax de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Joegoslavià porez i doprinosi iz dohotka organizacija udruženog rada de belasting op en de bijdragen uit inkomsten van werkverbanden porez i doprinosi iz liÄ nog dohotka iz radrog odnosa de belasting op en de bijdragen uit persoonlijke inkomsten verkregen uit niet zelfstandige arbeid porez i doprinosi iz liÄ nog dohotka od poljoprivredne delatnosti de belasting op en de bijdragen uit persoonlijke inkomsten verkregen uit landbouw porez i doprinosi iz liÄ nog dohotka od samostalnog obavljanja privrednih i neprivrednih delatnosti de belasting op en bijdragen uit persoonlijke inkomsten verkregen uit zelfstandige werkzaamheden van economische en niet economische aard porez i doprinosi iz liÄ nog dohotka od autorskih prava patenata i tehniÄ kih unapredjenja de belasting op en de bijdragen uit persoonlijke inkomsten verkregen uit auteursrechten octrooien en technische vindingen porez na prihod od imovine i itnovinskih prava de belasting op de opbrengst uit vermogen en vermogensrechten porez na imovinu de vermogensbelasting porez iz ukupnog prihoda gradjana de belasting over het totale inkomen van staatsburgers porez na dobit stranih lica ostvarenu ulaganjem u domacu organizaciju udruženog rada za svrhe zajednickog poslovanja de belasting op voordelen die door buitenlanders in het kader van een gemeenschappelijk geexploiteerde onderneming worden gehaald uit investeringen in een binnenlands werkverband porez na dobit stranih lica ostvarenu izvodjenjem investicionih radova de belasting op voordelen door buitenlanders behaald uit investeringsprojecten porez na prihod strariih lica ostvaren od prevoza putnika i robe de belasting op opbrengsten door buitenlanders behaald met het vervoer van passagiers en vracht hierna te noemen â žJoegoslavische belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van deze Overeenkomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar de wezenlijke wijzigingen mede die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst a betekent de uitdrukking â žStaatâ Nederland of Joegoslavià al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Joegoslavià b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žJoegoslavià â het grondgebied van de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavià daaronder begrepen elk gebied buiten de territoriale wateren van Joegoslavià dat bij de wetgeving van Joegoslavià en in overeenstemming met het internationale recht is of nog zal worden aangewezen als een gebied waarbinnen de rechten van Joegoslavià op de zeebodem en de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kunnen worden uitgeoefend d betekent de uitdrukking â žpersoonâ 1 wat Nederland betreft een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen 2 wat Joegoslavià betreft een natuurlijke persoon en elke rechtspersoon e betekent de uitdrukking â žlichaamâ 1 wat Nederland betreft elke rechtspersoon of elke andere eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld 2 wat Joegoslavià betreft een werkverband en elke andere rechtspersoon die aan belasting is onderworpen f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ al naar de context vereist wat Nederland betreft een onderneming gedreven door een inwoner van Nederland en wat Joegoslavià betreft een werkverband en elke andere organisatie en gemeenschap met zelfbestuur handwerkslieden die zelfstandig een ambacht uitoefenen en een onderneming opgezet buiten het grondgebied van Joegoslavià en gedreven door een inwoner van Joegoslavià onder deze uitdrukkingen worden niet begrepen de werkzaamheden genoemd in artikel 14 van deze Overeenkomst g betekent de uitdrukking â žonderdaanâ iedere natuurlijke persoon die de nationaliteit van Nederland onderscheidenlijk Joegoslavià bezit h betekent de uitdrukking â žvast middelpuntâ een vaste plaats van waaruit zelfstandige arbeid wordt verricht i betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een van de Staten is gelegen behalve wanneer het schip of het luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen j betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Joegoslavià het Federatieve Secretariaat van Financià n of de bevoegde vertegenwoordiger daarvan 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door elk van de Staten heeft elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid van dit artikel inwoner van beide Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid van dit artikel inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichting een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichting omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 De plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan achttien maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel wordt een vaste inrichting niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden het geven van inlichtingen wetenschappelijk onderzoek of soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben f een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid van dit artikel voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een van de Staten gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid van dit artikel die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid van dit artikel niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een van de Staten te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 Alleen de omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of busbedrijven die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen Schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid van dit artikel is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid van dit artikel zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid van dit artikel worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 De aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen moeten worden bepaald op basis van een afzonderlijke door de vaste inrichting te voeren bedrijfsboekhouding Indien zulk een bedrijfsboekhouding geen toereikende grondslag vormt voor het bepalen van de voordelen van de vaste inrichting mogen deze voordelen worden bepaald op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over de verschillende delen de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de beginselen die in dit artikel liggen besloten Zo nodig trachten de bevoegde autoriteiten van de Staten tot overeenstemming te komen over de methode ter verdeling van de voordelen van de onderneming 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden van dit artikel worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel 8 De voordelen door een inwoner van Nederland verkregen in Joegoslavià met betrekking tot zijn deelneming in een gemeenschappelijk met een Joegoslavische onderneming geà xploiteerde onderneming mogen in Joegoslavià worden belast De voordelen moeten worden bepaald in overeenstemming met de in de leden twee tot en met zeven van dit artikel neergelegde beginselen Artikel 8 Zeevaart binnenvaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Voordelen uit de exploitatie van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 3 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaart of binnenscheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 4 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn ook van toepassing op voordelen verkregen uit hoofde van een deelneming in een â žpool in een gemeenschappelijke onderneming of in een internationaal geà xploiteerd agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de genieter een lichaam niet zijnde een maatschap of een vennootschap onder firma is dat onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid van dit artikel 4 De bepalingen van het tweede lid van dit artikel laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent ten aanzien van Nederland inkomsten uit aandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van deze Staat op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen De uitdrukking omvat niet de voordelen door een inwoner van Nederland in Joegoslavià verkregen uit hoofde van zijn deelneming in een gemeenschappelijk met een Joegoslavische onderneming geà xploiteerde onderneming 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van deze Overeenkomst van toepassing 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat is slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek doch niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 3 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van deze Overeenkomst van toepassing 4 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien deze wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid van dit artikel wordt interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waarin degene die de interest betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft tot het bedrijfs of beroepsvermogen waarvan de schuldvordering ter zake waarvan de interest wordt betaald behoort en ten laste waarvan de interest komt 6 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de genieter of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de genieter zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter in de Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag 10 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid van dit artikel 4 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films en geluids en beeldbanden voor radio of televisie van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandig arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van deze Overeenkomst van toepassing 6 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat 7 Niettegenstaande de bepalingen van het zesde lid van dit artikel worden royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waarin degene die de royalty s betaalt of hij inwoner van een van de Staten is of niet een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en ten laste waarvan de royalty s komen 8 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de genieter of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de genieter zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 van deze Overeenkomst en die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid van dit artikel zijn voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd van schepen die dienen voor het vervoer in de binnenwateren of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen De bepalingen van artikel 8 derde lid van deze Overeenkomst vinden hierbij toepassing 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid van dit artikel zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid van dit artikel tasten niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen die uit de vervreemding van aandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst van een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van die Staat worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of rechten inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de Staten in de uitoefening van zijn vrije beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard mogen in die Staat worden belast Behoudens het bepaalde in het tweede lid van dit artikel worden zodanige voordelen vrijgesteld van belasting in de andere Staat 2 Voordelen verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de Staten in de uitoefening van zijn vrije beroep of ter zake van andere zelfstandige werkzaamheden van soortgelijke aard in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast indien de natuurlijke persoon een vast middelpunt in die andere Staat aanhoudt voor een tijdvak of tijdvakken van in totaal 183 dagen of meer in het kalenderjaar en de voordelen zijn toe te rekenen aan zulk een vast middelpunt 3 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende kalenderjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een persoon die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat die persoon in de andere Staat heeft 3 Nietttegenstaande de bepalingen van het eerste en het tweede lid van dit artikel mag de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer of aan boord van een schip dat dient voor het vervoer in de binnenwateren worden belast in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 a Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel mogen salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon worden belast in die Staat b Deze salarissen lonen en beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de werkzaamheden worden verricht in die andere Staat en de genieter een inwoner van die andere Staat is die 1 onderdaan is van die andere Staat of 2 niet uitsluitend voor het verrichten van de werkzaamheden inwoner van die andere Staat werd 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid van dit artikel zijn de bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel van toepassing op salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen ter zake van werkzaamheden verricht in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen en beloningen verkregen ter zake van bestuurderswerkzaamheden in een gemeenschappelijke onderneming 1 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Nederland in zijn hoedanigheid van lid van het bestuur van een gemeenschappelijke onderneming van een lichaam dat inwoner is van Joegoslavià mogen in Joegoslavià worden belast 2 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Joegoslavià in zijn hoedanigheid van bestuurder of commissaris vaneen lichaam dat inwoner is van Nederland mogen in Nederland worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 van deze Overeenkomst mogen voordelen of inkomsten verkregen door toneelspelers film radio of televisie artiesten musici en andere artiesten alsmede sportbeoefenaren uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig worden belast in de Staat waar deze werkzaamheden worden verricht 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden als zodanig verricht door een artiest of een sportbeoefenaar als bedoeld in het eerste lid van dit artikel niet aan de artiest of de sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 van deze Overeenkomst worden belast in de Staat waar de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn voordelen of inkomsten verkregen door een artiest of sportbeoefenaar als bedoeld in het eerste lid van dit artikel die inwoner is van een van de Staten slechts belastbaar in die Staat indien de werkzaamheden in de andere Staat worden verricht in het kader van een programma van uitwisseling op het gebied van cultuur of sport dat door beide Staten is goedgekeurd Artikel 18 Pensioenen 1 Pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de Staten ter zake van een vroegere dienstbetrekking zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan die natuurlijke persoon inwoner is 2 a Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam ten laste van de begroting of van speciale fondsen daarvan aan een natuurlijke persoon worden belast in die Staat b Deze pensioenen en beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de genieter onderdaan en

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/joegoslavie-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Jordanië (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    die na de datum van ondertekening van het Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van dit Verdrag tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žeen Verdragsluitende Staatâ â het Koninkrijk der Nederlanden Nederland of het Hasjemitische Koninkrijk Jordanià al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žVerdragsluitende Statenâ â het Koninkrijk der Nederlanden Nederland en het Hasjemitische Koninkrijk Jordanià b betekent de uitdrukking â žNederlandâ â het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen met inbegrip van zijn territoriale zee en elk gebied buiten de territoriale zee waarbinnen Nederland in overeenstemming met het internationale recht rechtsbevoegdheid heeft of soevereine rechten uitoefent met betrekking tot de zeebodem de ondergrond daarvan en de daarboven gelegen wateren en hun natuurlijke rijkdommen c betekent de uitdrukking â žJordanià â â de grondgebieden van het Hasjemitische Koninkrijk Jordanià de territoriale wateren van Jordanià en de zeebodem en ondergrond van de territoriale wateren en omvat mede elk gebied dat zich uitstrekt buiten de grenzen van de territoriale wateren van Jordanià en de zeebodem en ondergrond van een dergelijk gebied dat op grond van het recht van Jordanià en in overeenstemming met het internationale recht aangewezen is of op een later tijdstip aangewezen wordt als een gebied waarin Jordanià soevereine rechten heeft met betrekking tot de exploratie en exploitatie van de natuurlijke rijkdommen hetzij levende of niet levende d omvat de uitdrukking â žpersoonâ â een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ â elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Verdragsluitende Staatâ â en â žonderneming van de andere Verdragsluitende Staatâ â onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Verdragsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ â alle vervoer met een schip of luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming van een Verdragsluitende Staat behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdaanâ â i iedere natuurlijke persoon die de nationaliteit van een Verdragsluitende Staat bezit ii iedere rechtspersoon vennootschap en vereniging die zijn haar rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in een Verdragsluitende Staat van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ â i in Nederland de minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in Jordanià de minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van het Verdrag door een Verdragsluitende Staat op enig moment heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is waarbij elke betekenis volgens de toepasselijke belastingwetgeving van die Staat prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die Staat aan de uitdrukking wordt gegeven Artikel 4 Inwoner 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žinwoner van een Verdragsluitende Staatâ â iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Maar deze uitdrukking omvat niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waarin hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarin hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen 4 Een pensioenfonds dat als zodanig erkend is in een Verdragsluitende Staat en waarvan het inkomen is vrijgesteld van belasting in die Staat wordt beschouwd als inwoner van die Staat Als een erkend pensioenfonds van een Verdragsluitende Staat wordt beschouwd elk pensioenfonds dat erkend is en overeenkomstig wettelijke bepalingen van die Staat onder toezicht staat Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ â een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ â omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een opslagplaats of een ruimte gebruikt voor de verkoop g een mijn een olie of gasbron een steen groeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 a een plaats van uitvoering van een bouwwerk van constructie montage of installatiewerkzaamheden of toezichthoudende activiteiten die daarmee verband houden vormen alleen een vaste inrichting indien een dergelijke plaats van uitvoering of van werkzaamheden of dergelijke activiteiten zich voortzetten voor een tijdvak van meer dan 6 maanden b het verlenen van diensten daaronder begrepen diensten van adviserende aard door een onderneming door middel van werknemers of andere personeelsleden die door de onderneming daartoe zijn aangesteld vormen een vaste inrichting maar alleen indien dergelijke werkzaamheden voor hetzelfde of een daarmee samenhangend project in een Verdragsluitende Staat worden verricht gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden een totaal van negen maanden te boven gaat of gaan 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ â niet geacht te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag of uitstalling van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor opslag of uitstalling c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de onderdelen a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid indien een persoon â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zesde lid van toepassing is â in een Verdragsluitende Staat werkzaam is voor een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat wordt die onderneming geacht in de eerstgenoemde Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die deze persoon voor de onderneming verricht indien die persoon a een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in die Verdragsluitende Staat gewoonlijk uitoefent tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot de werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken of b in die Staat voor de onderneming goederen of koopwaar vervaardigt of bewerkt welke aan de onderneming toebehoren 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Verdragsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of een andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen Indien evenwel de werkzaamheden van een dergelijke vertegenwoordiger uitsluitend of nagenoeg uitsluitend worden verricht voor die onderneming wordt hij niet geacht een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van dit lid te zijn 7 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende zaken 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit onroerende zaken waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende zakenâ â heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Staat waarin de desbetreffende zaken zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de zaken die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen Schepen boten en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende zaken van een onderneming en op inkomsten uit onroerende zaken die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders Geen aftrek wordt echter toegestaan ter zake van bedragen met uitzondering van die wegens vergoeding van werkelijke kosten welke eventueel door de vaste inrichting aan het hoofdkantoor van de onderneming of van een van haar andere kantoren worden betaald als royaltyâ s vergoedingen of andere soortgelijke betalingen voor het gebruik van octrooien of andere rechten of als commissieloon voor bepaalde diensten of voor het geven van leiding dan wel behalve in het geval van een onderneming die het bankbedrijf uitoefent als interest op gelden die aan de vaste inrichting zijn geleend Evenmin wordt bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting rekening gehouden met bedragen met uitzondering van die wegens vergoeding van werkelijke kosten welke door de vaste inrichting aan het hoofdkantoor van de onderneming of een van haar andere kantoren in rekening worden gebracht als royaltyâ s vergoedingen of andere soortgelijke betalingen voor het gebruik van octrooien of andere rechten of als commissieloon voor bepaalde diensten of voor het geven van leiding dan wel behalve in het geval van een onderneming die het bankbedrijf uitoefent als interest op gelden die aan het hoofdkantoor van de onderneming of een van haar andere kantoren zijn geleend 4 Voorzover het in een Verdragsluitende Staat gebruikelijk is de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Verdragsluitende Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling De gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen van het inkomen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in die Staat 2 Voor de toepassing van dit artikel omvatten voordelen behaald met de exploitatie van schepen en luchtvaartuigen in internationaal verkeer mede voordelen behaald met de verhuur op basis van verhuur zonder bemanning van schepen en van luchtvaartuigen indien deze in het internationale verkeer worden geà xploiteerd voorzover deze voordelen uit verhuur voortvloeien uit de voordelen omschreven in het eerst lid 3 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ â een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Verdragsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Verdragsluitende Staat en een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Het is echter wel te verstaan dat de omstandigheid dat gelieerde ondernemingen overeenkomsten hebben afgesloten zoals â žcostsharingâ â overeenkomsten of algemene dienstverleningsovereenkomsten voor of gebaseerd op de toerekening van de kosten van de leiding de algemene beheerskosten de technische en zakelijke kosten kosten voor onderzoek en ontwikkeling en andere soortgelijke kosten op zichzelf geen voorwaarde is als bedoeld in de voorgaande zin 2 Indien een Verdragsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen past die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aan Bij de vaststelling van deze herziening wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg 3 De bepalingen van het tweede lid zijn niet van toepassing in het geval van fraude of opzettelijk verzuim Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 â Deze dividenden mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is dat onmiddellijk tenminste 10 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 15 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen 3 De bepalingen van het tweede lid zijn echter niet van toepassing indien de verhouding tussen het lichaam dat de dividenden betaalt en de persoon die de dividenden ontvangt nagenoeg uitsluitend tot stand is gekomen of wordt gehandhaafd met als doel van dit artikel gebruik te maken en niet voor bona fide zakelijke redenen In het geval een Staat voornemens is dit lid toe te passen zal zijn bevoegde autoriteit vooraf overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Staat 4 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 5 De bepalingen van het tweede lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 6 De uitdrukking â ždividendenâ â zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 7 De bepalingen van het eerste tweede en negende lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 8 Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voorzover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voorzover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn 9 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste tweede en achtste mogen dividenden betaald door een lichaam met een in aandelen verdeeld kapitaal dat volgens de wetgeving van een Verdragsluitende Staat inwoner is van die Staat aan een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat ook in de eerstbedoelde Verdragsluitende Staat worden belast overeenkomstig de wetgeving van die Straat indien die natuurlijke persoon â al dan niet tezamen met zijn echtgenoot â dan wel een van hun bloed of aanverwanten in de rechte lijn onmiddellijk of middellijk tenminste vijf percent bezit van het geplaatste kapitaal van een soort aandelen van dat lichaam Deze bepaling vindt alleen toepassing wanneer de natuurlijke persoon aan wie de dividenden worden betaald in de loop van de laatste tien jaar voorafgaande aan het jaar waarin die dividenden worden betaald inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en mits op het tijdstip waarop hij inwoner werd van de andere Staat werd voldaan aan eerdergenoemde voorwaarden ten aanzien van het aandelenbezit in eerdergenoemd lichaam In de gevallen waarin ingevolge de nationale wetgeving van de eerstbedoelde Staat aan de natuurlijke persoon aan wie de dividenden worden betaald een aanslag is opgelegd ter zake van de vorenbedoelde aandelen die bij diens emigratie uit eerstbedoelde Staat geacht worden te zijn vervreemd geldt het vorenstaande alleen zolang er van deze aanslag nog een bedrag openstaat Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Verdragsluitende Staat waaruit hij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting 5 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest afkomstig uit een van de Verdragsluitende Staten en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijk gerechtigde daartoe is slechts belastbaar in de andere Verdragsluitende Staat indien de schuldenaar of de genieter van de interest is de Verdragsluitende Staat zelf een bij de wet opgericht lichaam een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of de Centrale Bank van een Verdragsluitende Staat 4 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De uitdrukking â žinterestâ â zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek doch geen aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 6 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Interest wordt geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 8 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 12 Royaltyâ s 1 Royaltyâ s afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royaltyâ s mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royaltyâ s een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de royaltyâ s niet overschrijden 3 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žroyaltyâ sâ â zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royaltyâ s die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royaltyâ s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royaltyâ s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Royaltyâ s worden geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royaltyâ s betaalt of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royaltyâ s was aangegaan en deze royaltyâ s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royaltyâ s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 7 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royaltyâ s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat heeft of van roerende goederen die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd door een onderneming van een Verdragsluitende Staat of van roerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in die Staat 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere goederen dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid mag een Verdragsluitende Staat overeenkomstig zijn eigen wetgeving de betekenis van de uitdrukking â žvervreemdingâ â daaronder begrepen belasting heffen over voordelen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat verkregen uit de vervreemding van aandelen in winstbewijzen van of schuldvorderingen op een lichaam met een in aandelen verdeeld kapitaal die volgens de wetgeving van de eerstbedoelde Verdragsluitende Staat inwoner is van die Staat alsmede uit de vervreemding van een gedeelte van de in die aandelen winstbewijzen of schuldvorderingen besloten liggende rechten indien die natuurlijke persoon â al dan niet tezamen met zijn echtgenoot â dan wel een van hun bloed of aanverwanten in de rechte lijn onmiddellijk of middellijk ten minste vijf percent bezit van het geplaatste kapitaal van een soort van aandelen van dat lichaam Deze bepaling vindt alleen toepassing wanneer de natuurlijke persoon die de voordelen verkrijgt in de loop van de laatste tien jaar voorafgaande aan het jaar waarin die voordelen worden verkregen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en mits op het tijdstip waarop hij inwoner werd van de andere Verdragsluitende Staat werd voldaan aan eerdergenoemde voorwaarden ten aanzien van het aandelenbezit in eerdergenoemd lichaam In de gevallen waarin ingevolge de nationale wetgeving van de eerstbedoelde Staat aan de natuurlijke persoon een aanslag is opgelegd ter zake van de vorenbedoelde aandelen die bij diens emigratie uit eerstbedoelde Staat geacht worden te zijn vervreemd geldt het vorenstaande alleen voor zover er van deze aanslag nog een bedrag openstaat Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Verdragsluitende Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over een dergelijk vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Verdragsluitende Staat worden belast maar slechts in zoverre zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ â omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 en 19 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van 12 maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaat of gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel mag de beloning verkregen ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd door een onderneming van een Verdragsluitende Staat in die Staat worden belast Artikel 16 Directeursbeloningen Directeursbeloningen of andere beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer een â žbestuurderâ â of een â žcommissarisâ â van een lichaam dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisie artiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen lijfrenten en socialezekerheidsuitkeringen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald ter zake van een vroegere dienstbetrekking ieder pensioen of andere uitkering betaald krachtens de bepalingen van een socialezekerheidsstelsel lijfrenten alsmede iedere afkoopsom die in de plaats komt van de hiervoor bedoelde pensioenen uitkeringen of lijfrenten verkregen uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar 2 Een pensioen of andere soortgelijke beloning of lijfrente wordt geacht te zijn verkregen uit een Verdragsluitende Staat indien en voorzover de met dit pensioen of andere soortgelijke beloning of lijfrente samenhangende bijdragen of betalingen socialezekerheidspensioen of uitkering lijfrente of iedere afkoopsom als bedoeld in het eerste lid in aanmerking zijn gekomen voor een fiscale facilià ring in die Staat De overdracht van een pensioen van een in een Verdragsluitende Staat gevestigd pensioenfonds of aldaar gevestigde verzekeringsmaatschappij naar een in een andere Staat gevestigd pensioenfonds of aldaar gevestigde verzekeringsmaatschappij zal op geen enkele wijze de heffingsrechten van de eerstbedoelde Staat ingevolge dit artikel beperken 3 De uitdrukking â žlijfrenteâ â betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen gedurende het leven of gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde staat Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/jordanie-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive