archive-nl.com » NL » B » BELASTINGCOLLECTIEF.NL

Total: 1024

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Taiwan (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    werkplek Belastingdienst Toeslagen maakt fraude mogelijk met toeslagen Politieke vertoning in België toch meer dan louter een taaltegenstelling tussen Vlamingen en Walen Overdracht van de woning door ouders aan kinderen gunstig of juist niet Gereglementeerde beroepstitels inzake boekhoudkundige en fiscale beroepen in België Over het kijken naar een aap apekool en de verhoging van het btw tarief voor podiumkunsten De dure verzuimboete voor een te laat ingediende aangifte vennootschapsbelasting Vrijstelling overdrachtsbelasting ook voor BV met bouwterrein VAR verklaring de misverstanden de oplossing Duitse Grondbelasting Grundsteuer Memo inzake integratieheffing Zachte heelmeesters maken stinkende wonden Sloopconstructie en economische eigendomsoverdracht Wat zal de rechtsbescherming bij de informatieplicht in de praktijk betekenen Welke rechtsmiddelen heeft u als de belastingontvanger het verzoek om een betalingsregeling afwijst Duitse loonbelasting Algemeen verweer tegen aansprakelijkstelling Bestuurdersaansprakelijkheid meld tijdig betalingsonmacht Aansprakelijkheid en de bedoeling van de wet Het MKB heeft gezond inkopen nog niet ontdekt Lening van BV aan DGA voor rentevoordeel onbelast Levering digitaal fotoboek belast met 6 btw Belastingplicht in Duitsland beschränkte resp unbeschränkte Steuerpflicht De fiscale risicoaansprakelijkheid Hoge boetes bij te laat indienen van een belastingaangifte Is de meldingsplicht bij de bestuurdersaansprakelijkheid onevenredig Aansprakelijkheid bij vervreemding van aandelen Cross boarder leasing zonder btw Het nieuwe belastingverdrag tussen Nederland en Zwitserland Geen interne levering bij inpandige verbouwing Bestuurdersaansprakelijkheid ver van uw bed of dichterbij dan u dacht Fiscale boetes voorkomen beter dan genezen Wettelijk minimumloon stijgt per 1 juli 2012 Lenteakkoord 2012 en loonheffingen Met een kanonskogel een vlieg doden Verzekeringsplicht Tweede woning Zwitserland Wijzigingen in de Duitse BTW wetgeving Goed lobbywerk van het Verbond van Verzekeraars 808 vergoeding voor aanslag van 6 Vernederlandsing van Belgische autofiscaliteit Reactivering vermogensbelasting in Spanje 2012 2013 Fiscale Highlight Stabiliteitsprogramma Crisismaatregel 2012 Let op bij creatief gebruik van verrekenprijzen E Bilanz ofwel elektronische balans Kantoren Friesland Customs Knowledge in Heerenveen Arjo Groenendijk Bart Boersma Bram van Breukelen Geert Koevoets Sander van Lent De Vries c s Tax Advisors in Beetsterzwaag Joost Muller Jan Jaap de Vries Priore in Heerenveen mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Priore in Workum mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Rien Vink Loonheffingen in Engwierum Rien Vink Scheidingsfiscalist T van der Wal in Beetsterzwaag Tiny van der Wal Smids en Schakel in Leeuwarden Peter Steenhuis Marieke van der Veer Corine van der Maden LEXX Advocaten in Leeuwarden Mr Martijn S Dunant Maurits Tóth Belastingadvies Andries Tóth Eikenaar Belastingadvies in Drachten Ed Eikenaar Groningen Stetler in Haren Wim Dijkstra HS26 Advocatuur in Groningen Gerhard Sjobbema Caraad Belastingadviseurs in Groningen Wietze Hoekstra Martijn Thalen Rutger Hotsma Bastide in Groningen Petrus Zijlstra Drenthe Consensio in Zuidlaren Gonard Wagenaar Bloemsma Faassen in Assen Willem Faassen Anne Marc van de Wal Gelderland Kleijsen Cortenbach Kuijpers LLP in Nijmegen P E Art and Tax in Doetinchem Peter Kleinreesink ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen Mr dr W Burgerhart Prof dr B M E M Schols Prof mr F W J M Schols Van Lienden Kooistra in Barneveld Eric Jan Sobels Jonne Tijssen Noord Brabant De Vries Partners in Valkenswaard Hans van Kuyk Wesselman in Eindhoven Bert Bogie Wesselman in Helmond Bert Bogie Lucas Belastingadvies in Den Bosch Jurrian Lucas Ooms Partners in Breda drs Marco Ooms mr Hans Seijkens Limburg Rebastion in Maastricht Frodo Oude Groeniger Rob Engelbert Wesselman in Weert Bert Bogie Noord Holland HDK Advocaten en Fiscalisten in Amsterdam Roy Vliese Pavel der Kinderen MB Legal Tax in Alkmaar F van Elk FB Fedor mr drs J D Hoogendoorn RA Jaap J Beijert Jan MB Legal Tax in Middenbeemster mr M F Marco Bezoet de Bie mr J D M J den Boer RA CRAd Schut en Bruggink Estate Planners in Haarlem Paul Schut Marian Bruggink Rogier Pak Abel Advisory in Amsterdam Frank Schwarte Joost Lagerberg AsjesBisseling in Amsterdam Arjan Bisseling B B Accountants in Den Burg De Bont Advocaten in Amsterdam prof mr G J M E de Bont mr J M Sitsen mr M B Weijers mr P de Haas VanOoijen in Haarlem Adriaan Daniels Ognjen Soldat Just Tax in Nieuw Vennep Utrecht AccountantsTEAM in Utrecht Joost Rietveld Pay Check in Houten Pieter Miedema Fiscaal Jurist in Baarn Pieter Miedema Overijssel ELBERT fiscaal in Hengelo mr H A Elbert Beersen Grandiek in Hengelo Mr V J Vincent Grandiek Cervus Belastingadvies in Zwolle mr H A Elbert EVFA in Deventer Eric Versteegh Zuid Holland Scientia Fiscalis in Alblasserdam Yvonne Tigelaar Klootwijk Van Driel Fruijtier in Dordrecht MB Internationaal in Rotterdam Zeeland Rijkse Partners Belastingadviseurs in Middelburg Curacao Wesselman in Curaçao Bert Bogie Duitsland Strick Rechtsanwälte Steuerberater in Kleve Anton Ingenerf Frank J Lamers Sabine van Wickeren Lenk Christian Theissen Freddy B Heinzel Belgie Cobofisk in Gent Hendrik Huys Cobofisk in Aalter Luc Coopman Spanje Arcos Lamers Asociados in Marbella Wim Lamers Maite Arcos Kennisgroepen BTW specialisten Loonheffing specialisten Pensioen specialisten Estate Planning specialisten Formeel Belastingrecht specialisten Fusie Overname specialisten Herinvesteringsreserve specialisten Huwelijk Echtscheiding specialisten Innovatiebox specialisten Internationaal Belastingrecht specialisten Douane specialisten Auto van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/taiwan-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive


  • Thailand (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Thailand in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Thailand tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Kop Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Thailand tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Thailand De wens koesterende een overeenkomst te sluiten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen Wettekst HOOFDSTUK I Reikwijdte van de Overeenkomst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen naar het inkomen en naar het vermogen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van elk van de Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen en naar het vermogen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen naar het gehele vermogen of naar bestanddelen van het inkomen of van het vermogen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het bedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is zijn met name a voor Nederland 1 de inkomstenbelasting 2 de loonbelasting 3 de vennootschapsbelasting 4 de dividendbelasting 5 de vermogensbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b voor Thailand 1 de income tax inkomstenbelasting 2 de local development tax belasting ten behoeve van de plaatselijke ontwikkeling hierna te noemen â žThaise belastingâ 4 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die in de toekomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar alle belangrijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede HOOFDSTUK II Begripsbepalingen Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 In deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žStaatâ al naar het zinsverband vereist Nederland of Thailand betekent de uitdrukking â žStatenâ Nederland en Thailand b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c omvat de uitdrukking â žThailandâ het Koninkrijk Thailand en elk gebied grenzend aan de territoriale wateren van het Koninkrijk Thailand dat bij de Thaise wetgeving en in overeenstemming met het internationale recht is of nog zal worden aangewezen als een gebied waarbinnen de rechten van het Koninkrijk Thailand met betrekking tot de zeebodem en de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kunnen worden uitgeoefend d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijk persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid of elke groep van personen die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Staat g betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Thailand de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door elk van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke niet anders omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken Artikel 4 Fiscale woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid 2 Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt een natuurlijke persoon die deel uitmaakt van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat en die onderdaan is van de zendstaat geacht inwoner van de zendstaat te zijn indien hij in die Staat aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen en naar het vermogen is onderworpen als inwoners van die Staat 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is gelden de volgende regels a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft Indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepaling van het eerste lid inwoner van beide Staten is regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting waarin de werkzaamheden van de onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats f een mijn een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid omvat de uitdrukking â žvaste inrichtingâ slechts dan de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden indien de duur daarvan overschrijdt a zes maanden in het geval van het plaatsen of het monteren van fabrieken en machines daaronder begrepen de constructiewerkzaamheden die bij een dergelijke plaatsing behoren en daarvoor noodzakelijk zijn b drie maanden in alle andere gevallen 4 Een vaste inrichting wordt niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor reclamedoeleinden voor het geven van inlichtingen voor wetenschappelijk onderzoek of voor soortgelijke werkzaamheden voor de onderneming die van voorbereidende aard zijn of het karakter van hulpwerkzaamheden hebben 5 Een persoon die in een van de Staten voor een onderneming van de andere Staat werkzaam is niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid wordt als een in de eerstbedoelde Staat aanwezige vaste inrichting beschouwd indien a hij een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk uitoefent tenzij zijn werkzaamheden beperkt blijven tot de aankoop van goederen of koopwaar voor de onderneming of b hij in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar aanhoudt waaruit hij regelmatig bestellingen uitvoert namens de onderneming of c hij zich in de eerstbedoelde Staat gewoonlijk bezighoudt met het opnemen van bestellingen die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend bestemd zijn voor de onderneming zelf of voor de onderneming en andere ondernemingen die zij beheerst of door welke zij wordt beheerst 6 Een onderneming van een van de Staten wordt niet geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger indien deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen Dit is niet van toepassing indien de makelaar of vertegenwoordiger in de andere Staat een werkzaamheid als omschreven in het vijfde lid verricht die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschiedt voor de onderneming zelf of voor de onderneming en andere ondernemingen die zij beheerst of door welke zij wordt beheerst 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij met behulp van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III Belastingheffing naar het inkomen Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten uit onroerende goederen mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis die daaraan wordt toegekend door de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor de uitoefening van een vrij beroep Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent met behulp van een aldaar gevestigde vaste inrichting worden in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten de kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders zijn gemaakt 4 Voor zover het in een van de Staten gebruikelijk was de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen of in het geval van een persoon die geen aanspraak maakt op belastingheffing op basis van de werkelijke winst van de vaste inrichting op basis van een bepaald redelijk percentage van de bruto ontvangsten belet het tweede lid die Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens die methode de gevolgde methode moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen of inkomsten van een onderneming van een van de Staten uit de exploitatie van luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts in die Staat belastbaar 2 Indien volgens artikel 7 een onderneming van een van de Staten die schepen in internationaal verkeer exploiteert in de andere Staat mag worden belast wordt de in die andere Staat geheven belasting verminderd met een bedrag gelijk aan 50 percent daarvan 3 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op voordelen of inkomsten die voortvloeien uit deelnemingen van ondernemingen die zich bezighouden met zeevaart of luchtvaart in elke vorm van samenwerking op het gebied van zeevaart of luchtvaart Artikel 9 Gelieerde ondernemingen Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in haar handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden aanvaard of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die zonder deze voorwaarden zouden zijn opgekomen aan een van de ondernemingen maar ten gevolge van die voorwaarden haar niet zijn opgekomen worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is worden belast maar de aldus geheven belasting mag 25 percent van het bruto bedrag van de dividenden niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepaling van het tweede lid A mag de Nederlandse belasting op dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Nederland aan een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van Thailand en onmiddellijk tenminste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden niet overschrijden B mag de Thaise belasting op dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van Thailand aan een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van Nederland en onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt 10 percent niet overschrijden zulks met dien verstande dat a indien het hoogste Thaise belastingtarief op winst van lichamen gedurende het boekjaar waarin de dividenden worden uitgedeeld niet meer dan 30 percent bedraagt de Thaise belasting op die dividenden niet mag overschrijden i 15 percent van het bruto bedrag van de dividenden indien dat lichaam dat de dividenden betaalt een industrià le onderneming drijft ii 20 percent van het bruto bedrag van de dividenden in alle andere gevallen b indien het hoogste Thaise belastingtarief op winst van lichamen gedurende het boekjaar waarin de dividenden worden uitgedeeld meer dan 30 percent doch niet meer dan 40 percent bedraagt de Thaise belasting op die dividenden 15 percent van het brutobedrag van die dividenden niet mag overschrijden indien het lichaam dat de dividenden betaalt geen industrià le onderneming drijft 4 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstbewijzen oprichtersaandelen of andere rechten met uitzondering van schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is met inkomsten uit aandelen worden gelijkgesteld 6 De uitdrukking â žindustrià le ondernemingâ zoals gebezigd in dit artikel betekent a iedere onderneming die zich bezig houdt met 1 produktie montage en bewerking of verwerking 2 constructiewerkzaamheden burgerlijke bouwwerkzaamheden en scheepsbouw 3 mijnbouw en exploratie en exploitatie van natuurlijke rijkdommen 4 produktie van elektrische energie waterkracht gas of met watervoorziening of 5 landbouw bosbouw visserij en het drijven van een plantage en b iedere andere onderneming die recht heeft op de voorrechten die worden verleend ingevolge de Thaise wetgeving op het bevorderen van industrià le investeringen en c iedere andere onderneming die voor de toepassing van dit artikel door de bevoegde autoriteit van Thailand als â žindustrià le ondernemingâ wordt aangemerkt 7 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een vaste inrichting heeft en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing mits de dividenden volgens de wetgeving van die andere Staat worden belast als deel van de winst van die vaste inrichting 8 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden betaald door het lichaam aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter in de Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 10 percent van het bruto bedrag van de interest indien de interest wordt genoten door een bank of enige andere financià le instelling daaronder begrepen een verzekeringsmaatschappij die inwoner van de andere Staat is b 25 percent van het bruto bedrag van de interest in alle andere gevallen 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit overheidsleningen uit obligaties of schuldbewijzen al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevende op een aandeel in de winst en schuldvorderingen van welke aard ook alsmede alle andere inkomsten die door de belastingwetgeving van de Staat waaruit de inkomsten afkomstig zijn met inkomsten uit geldlening worden gelijkgesteld 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een vaste inrichting heeft en de vordering uit hoofde waarvan de interest verschuldigd is tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing mits de interest volgens de wetgeving van die andere Staat wordt belast als deel van de winst van die vaste inrichting 6 Interest wordt geacht uit een van de Staten afkomstig te zijn indien zij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 7 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan zij wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een van de Staten en betaald aan een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter in de Staat waaruit zij afkomstig zijn worden belast maar de aldus geheven belasting mag niet overschrijden a 5 percent van het bruto bedrag van zodanige vergoedingen indien zij worden betaald voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap b 15 percent van het bruto bedrag van zodanige vergoedingen indien zij worden betaald voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van bioscoopfilms of beeld of geluidsbanden voor televisie of radio 3 De bevoegde autoriteiten van de Staten regelen de wijze van toepassing van het tweede lid 4 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de genieter van de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een vaste inrichting heeft en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In een zodanig geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing mits de royalty s volgens de wetgeving van die andere Staat worden belast als deel van de winst van die vaste inrichting 5 Royalty s worden geacht uit een van de Staten afkomstig te zijnâ ž indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt ongeacht of hij inwoner van een van de Staten is of niet in een van de Staten een vaste inrichting heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd 6 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de schuldeiser of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de schuldeiser zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Beperking van de artikelen 10 11 en 12 Internationale organisaties hun organen en functionarissen alsmede personen die deel uitmaken van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat die in een van de Staten verblijven hebben in de andere Staat geen recht op de verminderingen of vrijstellingen van belasting voorzien in de artikelen 10 11 en 12 met betrekking tot uit die andere Staat afkomstige bestanddelen van het inkomen die in deze artikelen zijn behandeld indien die bestanddelen van het inkomen in de eerstbedoelde Staat niet aan een belasting naar het inkomen zijn onderworpen Artikel 14 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen uit de vervreemding van onroerende goederen zoals omschreven in artikel 6 tweede lid mogen worden belast in de Staat waar deze goederen zijn gelegen 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of tezamen met de gehele onderneming mogen in die andere Staat worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid zijn voordelen uit de vervreemding van schepen en luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd en van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen en luchtvaartuigen slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die genoemd in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van elk van de Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van die Staat verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Staat en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 15 Persoonlijke arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 20 en 21 zijn beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van persoonlijke arbeid daaronder begrepen de uitoefening van een vrij beroep slechts in die Staat belastbaar tenzij de arbeid in de andere Staat wordt verricht Indien de arbeid aldaar wordt verricht mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van in de andere Staat verrichte arbeid slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een persoon die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die de persoon die de beloning betaalt in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel mag de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig in internationaal verkeer worden belast in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Beloningen en soortgelijke betalingen verkregen door een inwoner van Nederland in zijn hoedanigheid van lid van de raad van bestuur van een lichaam dat inwoner van Thailand is mogen in Thailand worden belast 2 Beloningen en andere betalingen verkregen door een inwoner van Thailand in zijn hoedanigheid van bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner van Nederland is mogen in Nederland worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 5 7 en 15 mogen inkomsten verkregen door beroepsartiesten zoals toneelspelers film radio of televisieartiesten en musici alsmede door sportbeoefenaars uit hun persoonlijke werkzaamheden als zodanig of inkomsten verkregen uit het ter beschikking stellen door een onderneming van de diensten van zodanige beroepsartiesten of sportbeoefenaars worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden of diensten worden verricht Artikel 18 Pensioenen en lijfrenten 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid van dit artikel en het eerste lid van artikel 19 zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen ter zake van een vroegere dienstbetrekking betaald aan een inwoner van een van de Staten alsmede aan een zodanige inwoner betaalde lijfrenten slechts in die Staat belastbaar 2 Die inkomsten mogen echter ook in de andere Staat worden belast voorzover zij als zodanig ten laste komen van winst die in die andere Staat is behaald door een

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/thailand-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Tunesië (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Tunesië in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Tunesische Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Tunesische Republiek tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Tunesische Republiek Geleid door de wens dat door beide Staten een verdrag wordt gesloten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Zijn het volgende overeengekomen Wettekst HOOFDSTUK I REIKWIJDTE VAN HET VERDRAG Artikel 1 Personen op wie het Verdrag van toepassing is Dit Verdrag is van toepassing op personen die inwoner zijn van een of van beide Verdragsluitende Staten Artikel 2 Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is 1 Dit Verdrag is van toepassing op belastingen naar het inkomen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van een van de Verdragsluitende Staten of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen of naar bestanddelen van het inkomen daaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende of onroerende zaken belastingen naar het totaalbedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop het Verdrag van toepassing is zijn in het bijzonder a in het geval van Nederland i de inkomstenbelasting ii de loonbelasting iii de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de Regering in de nettowinsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Nederlandse Mijnwet continentaal plat 1965 iv de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belasting b in het geval van Tunesià i l impà t sur le revenu des personnes physiques de inkomstenbelasting voor natuurlijke personen ii l impà t sur les socià tà s de vennootschapsbelasting hierna te noemen â žTunesische belasting 4 Het Verdrag is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van het Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten doen elkaar mededeling van alle belangrijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van dit Verdrag tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žNederland het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en de buiten de territoriale wateren van Nederland gelegen gebieden waarop Nederland in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten kan uitoefenen met betrekking tot de exploratie en exploitatie van deze gebieden en de natuurlijke rijkdommen daarvan b betekent de uitdrukking â žTunesià het grondgebied van de Tunesische Republiek en de buiten de territoriale wateren van Tunesià gelegen gebieden waarop Tunesià in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten kan uitoefenen met betrekking tot de exploratie en exploitatie van deze gebieden en de natuurlijke rijkdommen daarvan c betekenen de uitdrukkingen â žeen Verdragsluitende Staat en â žde andere Verdragsluitende Staat Nederland of Tunesià naar gelang van het geval betekent de uitdrukking â žde beide Verdragsluitende Staten Nederland en Tunesià d omvat de uitdrukking â žpersoon een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaam elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt beschouwd f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Verdragsluitende Staat en â žonderneming van de andere Verdragsluitende Staat onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Verdragsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeer alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een Verdragsluitende Staat is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdanen i alle natuurlijke personen die de nationaliteit van een Verdragsluitende Staat bezitten ii alle rechtspersonen vennootschappen en verenigingen die hun rechtspositie als zodanig ontlenen aan de wetgeving die in een Verdragsluitende Staat van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteit i in het geval van Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in het geval van Tunesià de Minister belast met de Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van het Verdrag door een Verdragsluitende Staat heeft elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens het recht van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is tenzij de context anders vereist of de bevoegde autoriteiten het eens worden over een gemeenschappelijke uitlegging op basis van artikel 24 van dit Verdrag Artikel 4 Inwoner 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žinwoner van een Verdragsluitende Staat iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichting een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichting omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Als vaste inrichting wordt beschouwd de plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden of van werkzaamheden van toezichthoudende aard die aldaar worden uitgeoefend indien de duur van dit bouwwerk of deze werkzaamheden zes maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt een vaste inrichting niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor een combinatie van de in de onderdelen a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zevende lid van toepassing is â voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een Verdragsluitende Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt een verzekeringsonderneming van een Verdragsluitende Staat behoudens in geval van herverzekering geacht een vaste inrichting in de andere Staat te bezitten indien zij op het grondgebied van die Staat premies int of risico s verzekert die aldaar worden gelopen door tussenkomst van een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zevende lid van toepassing is 7 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Verdragsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij aldaar zaken doet door bemiddeling van een makelaar een commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 8 Alleen de omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende zaken 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit onroerende zaken daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende zaken heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens het recht van de Verdragsluitende Staat waar de desbetreffende zaken zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de zaken die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen Schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten alsmede uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende zaken van een onderneming en op inkomsten uit onroerende zaken die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten â daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten â die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zee en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een zeescheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Verdragsluitende Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Verdragsluitende Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpool een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap Artikel 9 1 Indien a een onderneming van een Verdragsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Verdragsluitende Staat en een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een Verdragsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig herzien Bij deze herziening wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 0 percent van het brutobedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is dat onmiddellijk ten minste 10 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b 20 percent van het brutobedrag van de dividenden in alle andere gevallen De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen de wijze van toepassing van deze beperkingen indien ze dat noodzakelijk achten Dit lid laat onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 3 De bepalingen van het eerste lid en het tweede lid onderdeel a zullen van toepassing zijn op voorwaarde dat de betrekking tussen het lichaam dat de dividenden betaalt en de genieter van deze dividenden niet hoofdzakelijk is aangegaan of wordt gehandhaafd teneinde het verlaagde percentage in de zin van het tweede lid onderdeel a te genieten 4 De uitdrukking â ždividenden zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de belastingwetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald aan personen die geen inwoner zijn van die andere Staat noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Staat waaruit hij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid is interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is slechts in die andere Staat belastbaar indien de interest a wordt betaald ter zake van een obligatie of een schuldbewijs of een andere soortgelijke verplichting van de overheid van een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of b wordt betaald ter zake van leningen van elke soort verstrekt door de overheid van de andere Verdragsluitende Staat een staatkundig onderdeel daarvan een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan de Centrale Bank van die andere Staat of een rechtspersoon daaronder begrepen financià le instellingen die wordt beheerst door die Staat of door een staatkundig onderdeel of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan 4 De uitdrukking â žinterest zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek met uitzondering van inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Interest wordt geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien hij wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 7 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting 11 percent van het brutobedrag van de royalty s niet overschrijden 3 De uitdrukking â žroyalty s zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap van bioscoop of televisiefilms van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting met uitzondering van vergoedingen voor het verhuren van schepen en luchtvaartuigen gebruikt in internationaal verkeer en voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap alsmede voor technische of economische studies of voor technische diensten verleend in de Staat waaruit de vergoedingen afkomstig zijn 4 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 5 Royalty s worden geacht uit een Verdragsluitende Staat afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt of hij inwoner van een Verdragsluitende Staat is of niet in een Verdragsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor het contract op grond waarvan de royalty s worden betaald was gesloten en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 6 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat heeft of van roerende goederen die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen de plaats van de werkelijke leiding wordt in voorkomend geval vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van artikel 8 tweede lid 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere goederen dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid tasten niet aan het recht van elk van de Verdragsluitende Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen die uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen die deel uitmaken van een aanmerkelijk belang in het kapitaal van een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat overeenkomstig zijn eigen wetgeving worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat en die in de loop van de laatste drie jaren voorafgaande aan het jaar van de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar Deze voordelen mogen echter ook in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in de volgende gevallen a indien deze inwoner in de andere Verdragsluitende Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt in dat geval mag slechts het deel van de voordelen dat aan dat vaste middelpunt kan worden toegerekend in de andere Verdragsluitende Staat worden belast of b indien hij in de andere Verdragsluitende Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 of meer dagen belopen in dat geval mag slechts het deel van de voordelen dat verkregen wordt uit de werkzaamheden uitgeoefend in die andere Staat in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žvrij beroep omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning genoten door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Beheerders bestuurders en commissarissen van vennootschappen Tantià mes presentiegelden en andere beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer of van de raad van toezicht van een lichaam dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Verdragsluitende Staat waar de werkzaamheden van de artiest of de sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen die geen periodiek karakter dragen en ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende vroegere dienstbetrekking worden betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat in die andere Staat worden belast 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid zijn pensioenen en andere uitkeringen betaald met toepassing van de sociale zekerheidswetgeving van een Verdragsluitende Staat slechts in die Staat belastbaar Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de natuurlijke persoon inwoner en onderdaan is van

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/tunesie-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Turkije (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    â company tax de vennootschapsbelasting including the Government share in the net profits of the exploitation of natural resources levied pursuant to the Mining Act of 1810 Mijnwet 1810 with respect to concessions issued from 1967 or pursuant to the Netherlands Continental Shelf Mining Act of 1965 Mijnwet Continentaal Plat 1965 â dividend tax de dividendbelasting hereinafter referred to as â œNetherlands taxâ 4 The Agreement shall apply also to any identical or substantially similar taxes which are imposed after the date of signature of the Agreement in addition to or in place of the existing taxes The competent authorities of the States shall notify to each other any substantial changes which have been made in their respective taxation laws CHAPTER II DEFINITIONS Article 3 General Definitions 1 For the purposes of this Agreement unless the context otherwise requires a the term â œStateâ means Turkey or the Netherlands as the context requires the term â œStatesâ means Turkey and the Netherlands b i the term â œTurkeyâ means the territory of the Republic of Turkey including any area in which the laws of Turkey are in force as well as the part of the sea bed and its sub soil under the Black Sea the Aegean Sea and the Mediterranean to the extent that that area in accordance with international law has been or may hereafter be designated under Turkish laws as an area within which Turkey exercises sovereign rights with respect to the exploration and exploitation of the natural resources of the sea bed and its sub soil ii the term â œthe Netherlandsâ means the part of the Kingdom of the Netherlands that is situated in Europe including the part of the sea bed and its sub soil under the North Sea to the extent that that area in accordance with international law has been or may hereafter be designated under Netherlands laws as an area within which the Netherlands may exercise certain rights with respect to the exploration and exploitation of the natural resources of the sea bed or its sub soil c the term â œtaxâ means any tax covered by Article 2 of this Agreement d the therm â œpersonâ includes an individual a company and any other body of persons e the term â œcompanyâ means any body corporate or any entity which is treated as a body corporate for tax purposes f the term â œlegal head officeâ means in the case of Turkey the Registered Office under the Turkish Code of Commerce and in the case of the Netherlands the place of incorporation under Netherlands law g the term â œenterprise of one of the Statesâ and â œenterprise of the other Stateâ mean respectively an enterprise carried on by a resident of one of the States and an enterprise carried on by a resident of the other State h the term â œintrnational trafficâ means any transport by a ship an aircraft or a road vehicle operated by an enterprise of one of the States except when the ship aircraft or road vehicle is operated solely between places in the other State i the term â œnationalsâ means i in relation to Turkey any individual possessing Turkish nationality in accordance with the Turkish Nationality Code and any legal person partnership or association deriving its status as such from the law in force in Turkey ii in relation to the Netherlands any individual possessing the nationality of the Netherlands and any legal person partnership or association deriving its status as such from the law in force in the Netherlands j the term â œcompetent authorityâ means i in Turkey the Minister of Finance and Customs or his duly authorized representative ii in the Netherlands the Minister of Finance or his duly authorized representative 2 As regards the application of this Agreement by one of the States any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the law of that State concerning the taxes to which the Agreement applies Article 4 Resident 1 For the purposes of this Agreement the term â œresident of one of the Statesâ means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence legal head office place of management or any other criterion of a similar nature 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated However where such person has its place of effective management in one of the States and its legal head office in the other State then the competent authorities of the States shall determine by mutual agreement the State of which the person shall be deemed to be a resident for the purposes of this Agreement Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Agreement the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 A building site a construction assembly or installation project constitutes a permanent establishment only if its lasts more than six months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in subparagraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of independent status to whom paragraph 6 applies â is acting in one of the States on behalf of an enterprise of the other State that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in the first mentioned State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise if such a person a has and habitually exercises in that State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph or b has no such authority but habitually maintains in the first mentioned State a stock of goods or merchandise from which he regularly delivers goods or merchandise on behalf of the enterprise The provisions of the foregoing sentence shall not apply unless it is proved that in order to avoid taxation in the first mentioned State such person undertakes not only the regular delivery of the goods or merchandise but also undertakes virtually all the activities connected with the sale of the goods or merchandise except for the actual conclusion of the sales contract itself 6 An enterprise of one of the States shall not be deemed to have a permanent establishment in the other State merely because it carries on business in that other State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of one of the States controls or is controlled by a company which is a resident of the other State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable Property 1 Income derived by a resident of one of the States from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other State may be taxed in that other State 2 The term â œimmovable propertyâ shall have the meaning which it has under the law of the State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry fishing places of every kind rights to which the provisions of general law resecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships aircraft and road vehicles shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraph 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of one of the States shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as it attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of one of the States carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein there shall in each State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establisment is situated or elswhere 4 No profits shall be attributed to a permanent establisment by reason of the mere purchase by that permanent establisment of goods or merchandise for the enterprise 5 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Agreement then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping Air and Land Transport 1 Profits of an enterprise of one of the States from the operation of ships aircraft or road vehicles in international traffic shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises 1 Where a an enterprise of one of the States participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of one of the States and an enterprise of the other State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly 2 Where one of the States includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits where that other State considers the adjustment justified In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Agreement and the competent authorities of the States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of one of the States to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but the tax so charged shall not exceed a 15 per cent of the gross amount of the dividends if the recipient is a company other than a partnership which holds directly at least 25 per cent of the capital of the company paying the dividends b 20 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases The provisions of this paragraph shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 3 The competent autorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œdividendsâ as used in this article means income from shares â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights foundersâ shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 5 Profits from a company of one of the States carrying on business in the other State through a permanent establishment situated therein may after having been taxed under Article 7 be taxed on the remaining amount in the State in which the permanent establishment is situated and the taxes so charged shall not exceed 50 per cent of the percentage provided for in sub paragraph a of paragraph 2 of this Article 6 The provisions of paragraph 1 and 2 shall not apply if the recipient of the dividends being a resident of one of the States carries on business in the other State of which the company paying the dividens is a resident through a permanent establishment situated therein or in the case of a resident of Turkey performs in the Netherlands independent personal services from a fixed base situated in the Netherlands and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Where a company which is a resident of one of the States derives profits or income from the other State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the companyâ s undistributed profits to a tax on the companyâ s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interest 1 Interest arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the State in which it arises and according to the laws of that State but the tax so charges shall not exceed a 10 per cent of the gross amount of the interest if it is paid on a loan made for a period of more than two years b 15 per cent of tghe gross amount of the interest in all other cases 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 a the Central Bank of Turkey shall be exempt from Netherlands tax with respect to interest arising in the Netherlands b the Central Bank of the Netherlands shall be exempt from Turkish tax with respect to interest arising in Turkey c the Government the political subdivisions or the other State with respect to interest arising in that other State 4 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in the debtorâ s profits and in particular income from government premiums attaching to such securities bonds or debentures 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the recipient of the interest being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or in the case of a resident of Turkey performs in the Netherlands independent personal services from a fixed base situated in the Netherlands and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establisment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 8 Where by reason of a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each State due regard being had to the other provisions of this Agreement 9 Where a resident of one of the States sells industrial commercial or scientific goods equipment or merchandise to a resident of the other State and the payments for such sales are made in a specified period after the delivery of such goods equipment or merchandise then not any part of such payments shall be regarded as interest for the purpose of this Article In such case the provisions of Articles 5 and 7 shall apply Article 12 Royalties 1 Royalties arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the State in which they arise and according to the laws of that State but the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the royalties 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use or the sale of any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and recordings for radio and television any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for information concerning industrial commercial or scientific experiene or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the recipient of the royalties being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or in the case of a resident of Turkey performs in the Netherlands independent personal services from a fixed base situated in the Netherlands and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base with which the right or property giving rise to the royalties is effectively connected and such royalties are borne by such permanent establishment or a fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or a fixed base is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the royalties paid having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each State due regard being had to the other provisions of this Agreement Article 13 Capital Gains 1 Gains derived by a resident of one of the States from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establisment which an enterprise of one of the States has in the other State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establisment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains derived by an enterprise of one of the States from the alienation of ships aircraft or road vehicles operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships aircraft or road vehicles shall be taxable only in that State 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of one of the States to levy according to its own law a tax on gains derived by a resident of the other State from the alienation of shares or bonds issued by a company which is a resident of the first mentioned State other than shares and bonds quoted on a stock exchange of that State if the alienation takes place to a resident of the first mentioned State and if the period between acquisition and alienation does not exceed one year 6 The provisions of paragraph 4 shall not affect the right of each of the States to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which under the laws of that State is a resident of that State derived by an individual who is a resident of the other State and has been a resident of the first mentioned State in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissanceâ rights Article 14 Independent personal Services 1 Income derived by a resident of one of the States in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State However such income may also be taxed in the other State if such services or activities are performed in that other State and if a he has a fixed base regularly available to him in that other State for the purpose of performing those services or activities or b he is present in that other State for the purpose of performing those service or activities for a period or periods amounting in the aggregate to 183 days or more in any continuous period of 12 months In such circumstances only so much of the income as is attributable to that fixed base or is derived from the services or activities performed during his presence in that other State as the case may be may be taxed in that other State 2 Income derived by an enterprise of one of the States in respect of professional services or other activities of a similar character shall be taxable only in that State However such income may also be taxed in the other State if such services or activities are performed in that other State and if a the enterprise has a permanent establishment in that other State through which the services or activities are performed or b the period or periods during which the services are performed exceed in the aggregate 183 days in any continuous period of 12 months In such circumstances only so much of the income as is attributable to that permanent establishment or to the services or activities performed in that other state as the case may be may be taxed in that other state In either case the Republic of Turkey may levy a withholding tax on such income However the recipient of such income having been subjected to such a tax may elect to be taxed on a net basis in respect of such income in accordance with the provisions of Article 7 of this Agreement as if the income were attributable to a permanent establishment of the enterprise situated in that other State 3 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as wel as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants and other activities requiring specific professional skill Article 15 Dependent personal Services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a reident of one of the States in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised in the other State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in the calendar year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised aboard a ship aircraft or road vehicle operated in international traffic by an enterprise of the other State may be taxed in that other State Article 16 Directorsâ Fees Directorsâ fees or other remuneration derived by a resident of one of the States in his capacity as a member of the board of directors a â œbestuurderâ or a â œcommissarisâ of a company which is a resident of the other State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and Athletes 1 Notwithstanding the provisions of Article 14 and 15 income derived by a resident of one of the States as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as an athlete from his personal activities as such exercised in the other State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or an athlete in his capacity as such accrues not to the entertainer or athlete himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the State in which the activities of the entertainer or athlete are exercised 3 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 income derived from activities performed in one of the States by entertainers or athletes when their visit to that State is substantially supported from the public funds of the other State including those of any political subdivision a local authority or statutary body thereof and income derived by a non profit making organization in respect of such activities provided no part of its income is payable to or is otherwise available for the personal benefit of its proprietors members or shareholders shall not be taxed in the first mentioned State Article 18 Pensions Annuities and Social Security Pensions 1 Subject to the provisions of paragraph 1 of Article 19 pensions and other similar remuneration paid in consideration of past employment and annuities paid to a resident of one of the States shall be taxable only in that State 2 However where such remuneration is not of a periodical nature and it is paid to a resident of one of the States who is not a national of that State in consideration of past employment in the other State it may be taxed in that other State 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 any pension whether or not paid in consideration of past employment and paid out under the provisions of a social security system of one of the States to a resident of the other State may be taxed in the first mentioned State However such pension shall be taxable only in the other State if the pension is paid to an individual who is a resident of and a national of that other State 4 The term â œannuityâ means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or moneyâ s worth Article 19 Government Service 1 Remuneration including pensions paid by or out of funds created by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof to any individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority thereof in the discharge of funcitons of a governmental nature may be taxed in that State 2 The provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to remuneration and pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof Article 20 Professors and Teachers 1 Payments which a professor or teacher who is a resident of one of the States and who is present in the other State for the purpose of teaching or scientific research for a maximum period of two years in a university college or other establishment for teaching or scientific research in that other State receives for such teaching or research shall be taxable only ion the first mentioned State provided that such payments arise from sources outside that other State 2 This Article shall not apply to income from research if such research is undertaken not in the public interest but primarily for the private benefit of a specific person or persons Article 21 Students 1 Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting one of the States a resident of the other State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State 2 Remuneration which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting one of the States a resident of the other State derives from an employment which he exercises in the first mentioned State for a period or periods not exceeding 183 days in a calendar year in order to obtain practical experience

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/turkije-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Uganda (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in sub paragraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in a Contracting State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 The term immovable property shall have the meaning which it has under the law of the Contracting State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources Ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise Article 7 Business profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere However no such deduction shall be allowed in respect of amounts if any paid otherwise than towards reimbursement of actual expenses by the permanent establishment to the head office of the enterprise or any of its other offices by way of royalties fees or other similar payments in return for the use of patents or other rights or by way of commission for specific services performed or for management or except in the case of a banking enterprise by way of interest on moneys lent to the permanent establishment Likewise no account shall be taken in the determination of the profits of a permanent establishment of amounts charged otherwise than towards reimbursement of actual expenses by the permanent establishment to the head office of the enterprise or any of its other offices by way of royalties fees or other similar payments in return for the use of patents or other rights or by way of commission for specific services performed or for management or except in the case of a banking enterprise by way of interest on moneys lent to the head office of the enterprise or any of its other offices 4 Insofar as it has been customary in a Contracting State to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude that Contracting State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary The method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and air transport 1 Profits from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the Contracting State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the Contracting State of which the operator of the ship is a resident 3 For the purposes of this Article profits derived from the operation in international traffic of ships and aircraft include a profits derived from the rental on a bareboat basis of ships and aircraft if operated in international traffic if such rental profits are an occasional source of income to the profits described in paragraph 1 b profits derived from the use maintenance or rental of containers including trailers barges and related equipment for the transport of containers used for the transport of goods and merchandise in international traffic if such profits are an occasional source of income to the profits described in paragraph 1 4 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly 2 Where a Contracting State includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other Contracting State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident and according to the laws of that State but if the beneficial owner of the dividends is a resident of the other Contracting State the tax so charged shall not exceed 15 per cent of the gross amount of the dividends 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident a shall not levy a tax on dividends paid by that company if the beneficial owner of the dividends is a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which is a resident of the other Contracting State and holds directly at least 50 per cent of the capital of the company paying the dividends with respect to investments â including expansion of current investments â made after the entry into force of this convention b may levy a tax not exceeding 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner of the dividends is a company which is a resident of the other Contracting State the capital of which is wholly or partly divided into shares and that holds directly less than 50 per cent of the capital of the company paying the dividends 4 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The provisions of paragraphs 2 and 3 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 6 The term dividends as used in this Article means income from shares jouissance shares or jouissance rights mining shares founders shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 7 The provisions of paragraphs 1 2 3 and 9 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 8 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State 9 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 2 and 8 dividends paid by a company whose capital is divided into shares and which under the laws of a State is a resident of that State to an individual who is a resident of the other State may be taxed in the first mentioned State in accordance with the laws of that State if that individual holds shares in the issued capital of a particular class of shares in that company This provision shall apply only if the individual to whom the dividend is paid has been a resident of the first mentioned State in the course of the last ten years preceding the year in which the dividend is paid and provided that at the time he became a resident of the other State the above mentioned conditions regarding share ownership in the said company were satisfied In cases where under the domestic laws of the first mentioned State an assessment has been issued to the individual to whom the dividend is paid in respect of the alienation of the aforesaid shares deemed to have taken place at the time of his emigration from the first mentioned State the above shall apply only as long as part of the assessment is still outstanding Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and beneficially owned by a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the Contracting State in which it arises and according to the laws of that State but if the beneficial owner of the interest is a resident of the other Contacting State the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 interest arising in a Contracting State shall be exempt from tax in that State if it is paid in respect of a loan of any kind a granted or guaranteed by the government a political subdivision or local authority or an agency of the other Contracting State or the Central Bank of the other Contracting State b i granted by a bank ii granted by a financial institution of a public character provided that in the case of this sub paragraph the loan repayment period is 3 years or more 4 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment is situated 8 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and beneficially owned by a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the Contracting State in which they arise and according to the laws of that State but if the beneficial owner of the royalties is a resident of the other Contracting State the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the royalties 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise may be taxed in that other State 3 Gains from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft as well as gains from the alienation of containers including trailers barges and related equipment for the transport of containers used for the transport of goods and merchandise in international traffic to which subparagraph b of paragraph 3 of Article 8 applies shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then for the purposes of this paragraph it shall be deemed to be situated in the Contracting State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the Contracting State of which the operator of the ship is a resident 4 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 and 3 shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 5 Notwithstanding the provisions of paragraph 4 a Contracting State may in accordance with its own laws including the interpretation of the term â œalienationâ levy tax on gains derived by an individual who is a resident of the other Contracting State from the alienation of shares or â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights in a company whose capital is divided into shares and which under the laws of the first mentioned Contracting State is a resident of that State and from the alienation of part of the rights attached to the said shares or rights if that individual holds shares in the issued capital of a particular class of shares in that company This provision shall apply only if the individual who derives the gains has been a resident of the first mentioned State in the course of the last ten years preceding the year in which the gains are derived and provided that at the time he became a resident of the other Contracting State the above mentioned conditions regarding share ownership in the said company were satisfied In cases where under the domestic laws of the first mentioned State an assessment has been issued to the individual in respect of the alienation of the aforesaid shares deemed to have taken place at the time of his emigration from the first mentioned State the above shall apply only in so far as part of the assessment is still outstanding Article 14 Income from employment 1 Subject to the provisions of Articles 15 17 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic may be taxed in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated Article 15 Directors fees Directors fees or other remuneration derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State Article 16 Entertainers and sportspersons 1 Notwithstanding the provisions of Articles 7 and 14 income derived by a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsperson from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsperson in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsperson himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 and 14 be taxed in the Contracting State in which the activities of the entertainer or sportsperson are exercised 3 Paragraphs 1 and 2 shall not apply to income derived by a resident of a Contracting State from activities exercised in the other Contracting State if the visit to that other State is supported wholly or mainly by public funds of one or both of the Contracting States a political subdivision or a local authority thereof or takes place under a cultural agreement between the Governments of the Contracting States In such case the income shall be taxable only in the Contracting State of which the entertainer or sportsperson is a resident Article 17 Pensions annuities and social security payments 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 18 pensions and other similar remuneration paid to a resident of a Contracting State in consideration of past employment as well as annuities paid to a resident of a Contracting State shall be taxable only in that State Any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State to a resident of the other Contracting State shall be taxable only in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 a pension or other similar remuneration annuity or any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State may also be taxed in the Contracting State from which it is derived in accordance with the laws of that State a if and in so far as the entitlement to this pension or other similar remuneration or annuity in the Contracting State from which it is derived is exempt from tax or the contributions associated with the pension or other similar remuneration or annuity made to the pension scheme or insurance company were deducted in the past when calculating taxable income in that State or qualified for other tax relief in that State and b if and in so far as this pension or other similar remuneration or annuity is in the Contracting State of which the recipient thereof is a resident not taxed at the generally applicable rate for income derived from employment or less than 90 per cent of the gross amount of the pension or other similar remuneration or annuity is taxed and c if the total gross amount of the pensions and other similar remuneration and annuities and any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State in any calendar year exceeds the sum of 10 000 Euro 3 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 if this pension or other similar remuneration is not periodic in nature is paid in respect of past employment in the other Contracting State and is paid out before the date on which the pension commences or if a lump sum payment is made in lieu of the right to an annuity before the date on which the annuity commences the payment or this lump sum may also be taxed in the Contracting State from which it is derived 4 A pension or other similar remuneration or annuity is deemed to be derived from a Contracting State if and insofar as the contributions or payments associated with the pension or other similar remuneration or annuity or the entitlements received from it qualified for tax relief in that State The transfer of a pension from a pension fund or an insurance company in a Contracting State to a pension fund or an insurance company in another State will not restrict in any way the taxing rights of the first mentioned State under this Article 5 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 They shall also decide what details the resident of a Contracting State must submit for the purpose of the proper application of the Convention in the other Contracting State in particular so that it can be established whether the conditions referred in subparagraphs a b and c of paragraph 2 have been met 6 The term â œannuityâ means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth 7 Whether and to what extent a pension or similar remuneration falls under this Article or under Article 18 is determined by the nature of the past employment as private or governmental during which the entitlement to that part of the pension or similar remuneration was built up Article 18 Government service 1 a Salaries wages and other similar remuneration other than a pension paid by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such salaries wages and other similar remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the services are rendered in that State and the individual is a resident of that State who i is a national of that State or ii did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such pension shall be taxable only in the other Contracting State if the individual is a resident of and a national of that State 3 The provisions of Articles 14 15 and 17 shall apply to salaries wages and other similar remuneration and to pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof Article 19 Professors and teachers 1 Payments which a professor or teacher who is a resident of a Contracting State and who is present in the other Contracting State for the purpose of teaching or scientific research for a maximum period of two years in a university college or other establishment for teaching or scientific research in that other State receives for such teaching or research shall not be taxed in that other State provided that such payments arise from sources outside that State 2 This Article shall not apply to income from research if such research is undertaken not in the public interest but primarily for the private benefit of a specific person or persons Article 20 Students Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State Article 21 Other income 1 Items of income of a resident of a Contracting State wherever arising not dealt with in the foregoing Articles of this Convention shall be taxable only in that State 2 The provisions of paragraph 1 shall not apply to income other than income from immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 if the recipient of such income being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein and the right or property in respect of which the income is paid is effectively connected with such permanent establishment In such case the provisions of Article 7 shall apply CHAPTER IV ELIMINATION OF DOUBLE TAXATION Article 22 Elimination of double taxation 1 The Netherlands when imposing tax on its residents may include in the basis upon which such taxes are imposed the items of income which according to the provisions of this Convention may be taxed in Uganda 2 However where a resident of the Netherlands derives items of income which according to Article 6 Article 7 paragraph 7 of Article 10 paragraph 6 of Article 11 paragraph 5 of Article 12 paragraphs 1 and 2 of Article 13 paragraphs 1 and 3 of Article 14 paragraph 2 of Article 17 paragraphs 1 subparagraph a and 2 subparagraph a of Article 18 paragraph 2 of Article 21 of this Convention may be taxed in Uganda and are included in the basis referred to in paragraph 1 the Netherlands shall exempt such items of income by allowing a reduction of its tax This reduction shall be computed in conformity with the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation For that purpose the said items of income shall be deemed to be included in the amount of the items of income which are exempt from Netherlands tax under those provisions 3 Further the Netherlands shall allow a deduction from the Netherlands tax so computed for the items of income which according to paragraphs 2 and 9 of Article 10 paragraph 2 of Article 11 paragraph 2 of Article 12 paragraph 5 of Article 13 Article 15 Article 16 and paragraph 3 of Article 17 of this Convention may be taxed in Uganda to the extent that these items are included in the basis referred to in paragraph 1 The amount of this deduction shall be equal to the tax paid in Uganda on these items of income but shall in case the provisions of the Netherlands law for the avoidance of double taxation provide so not exceed the amount of the reduction which would be allowed if the items of income so included were the sole items of income which are exempt from Netherlands tax under the provisions of Netherlands law for the avoidance of double taxation This paragraph shall not restrict allowance now or hereafter accorded by the provisions of the Netherlands law for the avoidance of double taxation but only as far as the calculation of the amount of the reduction of Netherlands tax is concerned with respect to the aggregation of income from more than one country 4 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 the Netherlands shall allow a deduction from the Netherlands tax for the tax paid in Uganda on items of income which according to Article 7 paragraph 7 of Article 10 paragraph 6 of Article 11 paragraph 5 of Article 12 and paragraph 2 of Article 21 of this Convention may be taxed in Uganda to the extent that these items are included in the basis referred to in paragraph 1 if

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/uganda-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Venezuela (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    van de Overeenkomstsluitende Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij de context anders vereist a betekent de uitdrukking â žeen Overeenkomstsluitende Staatâ Nederland of Venezuela al naar de context vereist betekent de uitdrukking â žde Overeenkomstsluitende Statenâ Nederland en Venezuela b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen met inbegrip van het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan voor zover dat gebied in overeenstemming met het internationale recht krachtens de Nederlandse wetgeving is of zal worden aangemerkt als een gebied waarbinnen Nederland soevereine rechten kan uitoefenen met betrekking tot de exploratie en exploitatie van de natuurlijke rijkdommen van de zeebodem of de ondergrond daarvan c betekent de uitdrukking â žVenezuelaâ de Republiek Venezuela d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Overeenkomstsluitende Staatâ en â žonderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat g betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een Overeenkomstsluitende Staat is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Overeenkomstsluitende Staat zijn gelegen h betekent de uitdrukking â žonderdanenâ 1 alle natuurlijke personen die de nationaliteit van een Overeenkomstsluitende Staat bezitten 2 alle rechtspersonen vennootschappen en verenigingen die hun rechtspositie als zodanig ontlenen aan de wetgeving die in een Overeenkomstsluitende Staat van kracht is i betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ 1 in Nederland de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 in Venezuela de â žServicio Nacional Integrado de Administración Tributaria SENIATâ de Geà ntegreerde Nationale Dienst Belastingadministratie haar bevoegde vertegenwoordiger of de autoriteit die door de Minister van Financià n is aangewezen als de bevoegde autoriteit voor de toepassing van deze Overeenkomst 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door een Overeenkomstsluitende Staat heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Inwoner 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een Overeenkomstsluitende Staatâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide overeenkomstsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waarin hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarin hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Overeenkomstsluitende Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarin de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steen groeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan 12 maanden overschrijdt welke termijn aanvangt op de datum dat de werken daadwerkelijk beginnen 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ niet geacht te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zesde lid van toepassing is voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een Overeenkomstsluitende Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaameden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Overeenkomstsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat uit onroerende goederen waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Overeenkomstsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Overeenkomstsluitende Staat waarin de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen die worden gebruikt voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Overeenkomstsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Overeenkomstsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten waaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voorzover het in een Overeenkomstsluitende Staat gebruikelijk is de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Overeenkomstsluitende Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling de gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Scheep en luchtvaart De bepalingen van deze Overeenkomst laten onverlet de toepassing van de wederzijdse vrijstelling van belastingen op inkomsten met betrekking tot voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer als voorzien in de op 18 december 1990 in Caracas getekende Overeenkomst tussen Venezuela en Nederland Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat en een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast Het is wel verstaan dat de omstandigheid dat gelieerde ondernemingen overeenkomsten hebben afgesloten zoals â žcostsharingâ overeenkomsten of algemene dienstverleningsovereenkomsten voor of gebaseerd op de toerekening van de kosten van de leiding de algemene beheerskosten de technische en zakelijke kosten kosten voor onderzoek en ontwikkeling en andere soortgelijke kosten op zichzelf geen voorwaarde is als bedoeld in de voorgaande zin 2 Indien een Overeenkomstsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt en dienovereenkomstig belast ter zake waarvan een onderneming van de andere Overeenkomstsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstbedoelde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen zal die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aanpassen Bij de vaststelling van deze aanpassing wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van deze Overeenkomst en plegen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is mag de aldus geheven belasting 10 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid mag de Overeenkomstsluitende Staat waarvan het lichaam inwoner is geen belasting heffen op dividenden betaald door dat lichaam aan een lichaam waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dat inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat en onmiddellijk ten minste 25 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt 4 De bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De bepalingen van het tweede en derde lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 6 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst en inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 7 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 8 Indien een lichaam dat inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Overeenkomstsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mag in die andere Staat worden belast 2 Deze interest mag echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waaruit zij afkomstig is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is mag de aldus geheven belasting 5 percent van het brutobedrag van de interest niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid a is interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald ter zake van een obligatie schuldbewijs of soortgelijke verplichting van de Regering van die Staat of van een staatkundig onderdeel of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan vrijgesteld van belasting in die Staat b is interest afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald ter zake van een lening aangegaan of gegarandeerd of verzekerd door de Regering van de andere Overeenkomstsluitende Staat de centrale bank van die andere Staat of enig agentschap dat of enige instantie daaronder begrepen een financià le instelling die eigendom is van of wordt beheerst door die Regering vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat 4 Interest wordt geacht uit een Overeenkomstsluitende Staat afkomstig te zijn indien deze wordt betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de interest betaalt of hij inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat is of niet in een Overeenkomstsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de schuld ter zake waarvan de interest wordt betaald was aangegaan en deze interest ten laste komt van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt wordt deze interest geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 5 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek doch niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 6 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 7 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Overeenkomstsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s afkomstig uit een Overeenkomstsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze royalty s mogen echter ook in de Overeenkomstsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de genieter de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het brutobedrag van de vergoedingen bedoeld in het derde lid onderdeel a b 7 percent van het brutobedrag van de vergoedingen bedoeld in het derde lid onderdeel b c 10 percent van het brutobedrag van de vergoedingen bedoeld in het derde lid onderdeel c 3 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van a een octrooi een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van nijverheids en handelsuitrusting of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap b een fabrieks of handelsmerk of handelsnaam c een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms en beeld of geluidsbanden voor televisie of radiouitzendingen 4 Royalty s worden geacht uit een Overeenkomstsluitende Staat afkomstig te zijn indien zij worden betaald door die Staat zelf door een staatkundig onderdeel door een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam of door een inwoner van die Staat Indien evenwel de persoon die de royalty s betaalt of hij inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat is of niet in een Overeenkomstsluitende Staat een vaste inrichting of een vast middelpunt heeft waarvoor de verplichting tot het betalen van de royalty s was aangegaan en deze royalty s ten laste komen van die vaste inrichting of van dat vaste middelpunt worden deze royalty s geacht afkomstig te zijn uit de Staat waar de vaste inrichting of het vaste middelpunt is gevestigd 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royalty s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag van belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Overeenkomstsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Overeenkomstsluitende Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Overeenkomstsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepalingen van het vierde lid tasten niet aan het recht van elk van de Overeenkomstsluitende Staten overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen over voordelen die uit de vervreemding van aandelen of winstbewijzen in een lichaam waarvan het kapitaal geheel of ten dele in aandelen is verdeeld en dat volgens de wetgeving van die Staat daarvan inwoner is worden verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de aandelen of winstbewijzen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Overeenkomstsluitende Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Overeenkomstsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een in de andere Overeenkomstsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het belastingjaar van die Staat een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 16 Directeursbeloningen Directeursbeloningen of andere beloningen verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van bestuurder of van commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisie artiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Overeenkomstsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Overeenkomstsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen lijfrenten en sociale zekerheidsuitkeringen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 19 tweede lid zijn pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald aan een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat ter zake van een vroegere dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar 2 Indien deze beloningen echter geen periodiek karakter dragen en worden betaald ter zake van een in de andere Overeenkomstsluitende Staat uitgeoefende vroegere dienstbetrekking of indien in plaats van het recht op lijfrenten een afkoopsom wordt betaald mogen deze beloningen of deze afkoopsom worden belast in de Overeenkomstsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn 3 Pensioenen en andere betalingen krachtens de bepalingen van een sociaal zekerheidsstelsel van een Overeenkomstsluitende Staat aan een inwoner van de andere Overeenkomstsluitende Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast 4 De uitdrukking â žlijfrenteâ betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen hetzij gedurende het leven hetzij gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde staat Artikel 19 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een Overeenkomstsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam mogen in die Staat worden belast b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Overeenkomstsluitende Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon inwoner is van die Staat die 1 onderdaan is van die Staat of 2 niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een Overeenkomstsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijk lichaam mogen in die Staat worden belast b Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Overeenkomstsluitende Staat belastbaar indien de natuurlijke persoon inwoner en onderdaan is van die Staat 3 De bepalingen van de artikelen 15 16 en 18 zijn van toepassing op beloningen en pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een Overeenkomstsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 20 Hoogleraren en andere docenten 1 Vergoedingen die een hoogleraar of andere docent die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat en die in de andere Overeenkomstsluitende Staat verblijft met het doel gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar onderwijs te geven of zich met wetenschappelijk onderzoek bezig te houden aan een universiteit hogeschool of andere inrichting voor onderwijs of wetenschappelijk onderzoek in die andere Staat voor dat onderwijs of dat onderzoek ontvangt zijn slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar 2 Dit artikel is niet van toepassing op inkomsten uit het verrichten van wetenschappelijk onderzoek indien dit onderzoek niet wordt verricht in het algemeen belang maar in de eerste plaats voor het persoonlijke nut van een bepaalde persoon of bepaalde personen Artikel 21 Studenten Betalingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voor zijn bezoek aan een Overeenkomstsluitende Staat inwoner was van de andere Overeenkomstsluitende Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die Staat niet belastbaar mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat Artikel 22 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een Overeenkomstsluitende Staat van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende goederen zoals omschreven in artikel 6 tweede lid indien de genieter van die inkomsten die inwoner is van een Overeenkomstsluitende Staat in de andere Overeenkomstsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing HOOFDSTUK IV VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING Artikel 23 Vermijding van dubbele belasting 1 Nederland is bevoegd bij het heffen van belasting van zijn inwoners in de grondslag waarnaar de belasting wordt geheven de bestanddelen van het inkomen te begrijpen die overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst in Venezuela mogen worden belast 2 Indien echter een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens artikel 6 artikel 7 artikel 10 zevende lid artikel 11 zesde lid artikel 12 vijfde lid artikel 13 eerste en tweede lid artikel 14 artikel 15 eerste lid artikel 18 derde lid artikel 19 eerste lid onderdeel a en tweede lid onderdeel a en artikel 22 tweede lid van deze Overeenkomst in Venezuela mogen worden belast en die in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen stelt Nederland deze inkomensbestanddelen vrij door een vermindering van zijn belasting toe te staan Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting Te dien einde worden genoemde inkomensbestanddelen geacht te zijn begrepen in het totale bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 3 Nederland verleent voorts een aftrek op de aldus berekende Nederlandse belasting voor die bestanddelen van het inkomen die volgens artikel 10 tweede lid artikel 11 tweede lid artikel 12 tweede lid artikel 13 vijfde lid artikel 16 artikel 17 en artikel 18 tweede lid van deze Overeenkomst in Venezuela mogen worden belast in zoverre deze bestanddelen in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan de in Venezuela over deze bestanddelen van het inkomen betaalde belasting maar bedraagt niet meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die uit hoofde van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 4 Indien de in feite geheven Venezolaanse belasting op uit Venezuela afkomstige interest of royalty s minder bedraagt dan de belasting die Venezuela ingevolge artikel 11 tweede lid en artikel 12 tweede lid mag heffen wordt het bedrag van de in Venezuela over deze inkomensbestanddelen betaalde belasting als bedoeld in het derde lid van dit artikel geacht gelijk te zijn aan het bedrag dat Venezuela ingevolge de bepalingen van deze Overeenkomst mag heffen Indien evenwel de ingevolge de Venezolaanse wetgeving op vorengenoemde interest en royalty s van toepassing zijnde algemene belastingtarieven worden verlaagd beneden die welke in de vorige zin zijn genoemd gelden voor de toepassing van die zin deze lagere tarieven De bepalingen van de twee voorgaande zinnen zijn slechts van toepassing gedurende een tijdvak van tien jaar na de datum waarop de Overeenkomst in werking is getreden Dit tijdvak kan in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten worden verlengd 5 Wat Venezuela betreft wordt dubbele belasting als volgt vermeden Indien een inwoner van Venezuela voordelen en inkomsten verkrijgt die ingevolge de bepalingen van deze Overeenkomst in Nederland mogen worden belast worden deze inkomsten en voordelen in Venezuela vrijgesteld van belasting

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/venezuela-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Venezuela Protocol (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    wetgeving Goed lobbywerk van het Verbond van Verzekeraars 808 vergoeding voor aanslag van 6 Vernederlandsing van Belgische autofiscaliteit Reactivering vermogensbelasting in Spanje 2012 2013 Fiscale Highlight Stabiliteitsprogramma Crisismaatregel 2012 Let op bij creatief gebruik van verrekenprijzen E Bilanz ofwel elektronische balans Kantoren Friesland Customs Knowledge in Heerenveen Arjo Groenendijk Bart Boersma Bram van Breukelen Geert Koevoets Sander van Lent De Vries c s Tax Advisors in Beetsterzwaag Joost Muller Jan Jaap de Vries Priore in Heerenveen mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Priore in Workum mr Wieger Spaan mr Mariëtte Rodenburg mr Dirk Hiemstra Mr Gerrit Jan Wuite Rien Vink Loonheffingen in Engwierum Rien Vink Scheidingsfiscalist T van der Wal in Beetsterzwaag Tiny van der Wal Smids en Schakel in Leeuwarden Peter Steenhuis Marieke van der Veer Corine van der Maden LEXX Advocaten in Leeuwarden Mr Martijn S Dunant Maurits Tóth Belastingadvies Andries Tóth Eikenaar Belastingadvies in Drachten Ed Eikenaar Groningen Stetler in Haren Wim Dijkstra HS26 Advocatuur in Groningen Gerhard Sjobbema Caraad Belastingadviseurs in Groningen Wietze Hoekstra Martijn Thalen Rutger Hotsma Bastide in Groningen Petrus Zijlstra Drenthe Consensio in Zuidlaren Gonard Wagenaar Bloemsma Faassen in Assen Willem Faassen Anne Marc van de Wal Gelderland Kleijsen Cortenbach Kuijpers LLP in Nijmegen P E Art and Tax in Doetinchem Peter Kleinreesink ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen Mr dr W Burgerhart Prof dr B M E M Schols Prof mr F W J M Schols Van Lienden Kooistra in Barneveld Eric Jan Sobels Jonne Tijssen Noord Brabant De Vries Partners in Valkenswaard Hans van Kuyk Wesselman in Eindhoven Bert Bogie Wesselman in Helmond Bert Bogie Lucas Belastingadvies in Den Bosch Jurrian Lucas Ooms Partners in Breda drs Marco Ooms mr Hans Seijkens Limburg Rebastion in Maastricht Frodo Oude Groeniger Rob Engelbert Wesselman in Weert Bert Bogie Noord Holland HDK Advocaten en Fiscalisten in Amsterdam Roy Vliese Pavel der Kinderen MB Legal Tax in Alkmaar F van Elk FB Fedor mr drs J D Hoogendoorn RA Jaap J Beijert Jan MB Legal Tax in Middenbeemster mr M F Marco Bezoet de Bie mr J D M J den Boer RA CRAd Schut en Bruggink Estate Planners in Haarlem Paul Schut Marian Bruggink Rogier Pak Abel Advisory in Amsterdam Frank Schwarte Joost Lagerberg AsjesBisseling in Amsterdam Arjan Bisseling B B Accountants in Den Burg De Bont Advocaten in Amsterdam prof mr G J M E de Bont mr J M Sitsen mr M B Weijers mr P de Haas VanOoijen in Haarlem Adriaan Daniels Ognjen Soldat Just Tax in Nieuw Vennep Utrecht AccountantsTEAM in Utrecht Joost Rietveld Pay Check in Houten Pieter Miedema Fiscaal Jurist in Baarn Pieter Miedema Overijssel ELBERT fiscaal in Hengelo mr H A Elbert Beersen Grandiek in Hengelo Mr V J Vincent Grandiek Cervus Belastingadvies in Zwolle mr H A Elbert EVFA in Deventer Eric Versteegh Zuid Holland Scientia Fiscalis in Alblasserdam Yvonne Tigelaar Klootwijk Van Driel Fruijtier in Dordrecht MB Internationaal in Rotterdam Zeeland Rijkse Partners Belastingadviseurs in Middelburg Curacao Wesselman in Curaçao Bert Bogie Duitsland Strick Rechtsanwälte Steuerberater in Kleve Anton Ingenerf Frank J Lamers Sabine van Wickeren Lenk Christian Theissen Freddy B Heinzel Belgie Cobofisk in Gent Hendrik Huys Cobofisk in Aalter Luc Coopman Spanje Arcos Lamers Asociados in Marbella Wim Lamers Maite Arcos Kennisgroepen BTW specialisten Loonheffing specialisten Pensioen specialisten Estate Planning specialisten Formeel Belastingrecht specialisten Fusie Overname specialisten Herinvesteringsreserve specialisten Huwelijk Echtscheiding specialisten Innovatiebox specialisten Internationaal Belastingrecht specialisten Douane specialisten Auto van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/venezuela-protocol-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Verenigd Koninkrijk 1980 (beëndigd ) - Belasting Collectief Nederland
    ondertekende Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannià en Noord Ierland tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het vermogen zoals gewijzigd bij het op 22 maart 1977 te Londen ondertekende Protocol te vervangen door een nieuwe overeenkomst Wettekst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 De belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken zijn a in het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannià en Noord Ierland i de income tax inkomstenbelasting ii de corporation tax vennootschapsbelasting iii de capital gains tax vermogenswinstbelasting en iv de petroleum revenue tax belasting op inkomsten uit de winning van aardolie hierna te noemen â žbelasting van het Verenigd Koninkrijkâ b in Nederland i de inkomstenbelasting ii de loonbelasting iii de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de Regering in de nettowinsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Mijnwet continentaal plat 1965 en iv de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ 2 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die door elk van de Staten na de datum van ondertekening van deze Overeenkomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar de wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žVerenigd Koninkrijkâ Groot Brittannià en Noord Ierland daaronder begrepen elk gebied buiten de territoriale wateren van het Verenigd Koninkrijk dat in overeenstemming met het internationale recht bij de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk inzake het continentaal plat is of nog zal worden aangewezen als een gebied waarbinnen de rechten van het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot de zeebodem en de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kunnen worden uitgeoefend b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žStaatâ het Verenigd Koninkrijk of Nederland al naar het zinsverband vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ het Verenigd Koninkrijk en Nederland d betekent de uitdrukking â žonderdaanâ i met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk iedere Britse staatsburger of iedere Britse onderdaan die niet het staatsburgerschap van een ander land of gebied dat deel uitmaakt van het Gemenebest bezit mits hij het recht heeft om in het Verenigd Koninkrijk verblijf te houden alsmede iedere rechtspersoon vennootschap vereniging of andere eenheid die zijn rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in het Verenigd Koninkrijk van kracht is ii met betrekking tot Nederland iedere natuurlijke persoon die de Nederlandse nationaliteit bezit alsmede iedere rechtspersoon vennootschap of vereniging die zijn rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in Nederland van kracht is e betekent de uitdrukking â žbelastingâ belasting van het Verenigd Koninkrijk of Nederlandse belasting al naar het zinsverband vereist f omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen g betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld h betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Slaat i betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een van de Staten is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen j omvat met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk de uitdrukking â žstaatkundig onderdeelâ mede Noord Ierland k betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ wat het Verenigd Koninkrijk betreft de Commissioners of Inland Revenue of hun bevoegde vertegenwoordiger en wat Nederland betreft de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door een van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 De plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan twaalf maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt een vaste inrichting niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een van de Staten gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een van de Staten te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid van dit artikel worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 Indien een onderneming voordelen die vallen onder het eerste lid van dit artikel verkrijgt uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal geà xploiteerd agentschap zijn de voordelen die aan die onderneming kunnen worden toegerekend slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van die onderneming is gelegen Voor de toepassing van dit lid wordt onder de uitdrukking â žeen â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal agentschapâ niet begrepen een persoon als is omschreven in artikel 3 van deze Overeenkomst Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle inkomsten aftrekken ontvangsten of uitgaven die aan een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zouden kunnen worden toegerekend maar ten gevolge van die voorwaarden niet zijn toegerekend worden begrepen in de voordelen of verliezen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een van de Staten in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt en dienovereenkomstig belast ter zake waarvan een onderneming van de andere Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze bestanddelen omvatten inkomsten aftrekken ontvangsten of uitgaven welke aan de onderneming van de eerstbedoelde Staat zouden kunnen worden toegerekend indien tussen de twee ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen kunnen de bevoegde autoriteiten van de Staten met elkaar overleg plegen ten einde overeenstemming te bereiken over de herziening van de voordelen of verliezen in de beide Staten Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van een van de Staten door een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden inwoner van de andere Staat is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dit lichaam onmiddellijk of middellijk ten minste 25 percent van het totale aantal stemmen in het lichaam dat de dividenden betaalt beheerst b in alle andere gevallen 15 percent van het brutobedrag van de dividenden Dit lid laat onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 3 Zolang een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon krachtens de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk recht heeft op een tax creditâ ter zake van dividenden betaald door een in het Verenigd Koninkrijk gevestigd lichaam vindt het tweede lid van dit artikel geen toepassing op dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk door een inwoner van Nederland In dat geval vinden de volgende bepalingen van dit lid toepassing a i Indien een inwoner van Nederland krachtens letter b van dit lid ter zake van deze dividenden recht heeft op een â žtax creditâ mag ook in het Verenigd Koninkrijk overeenkomstig de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk belasting worden geheven over het totaal van het bedrag of de waarde van die dividenden en het bedrag van die â žtax creditâ naar een tarief dat niet meer bedraagt dan 15 percent ii Indien een inwoner van Nederland krachtens letter c van dit lid ter zake van deze dividenden recht heeft op een â žtax creditâ mag ook in het Verenigd Koninkrijk overeenkomstig de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk belasting worden geheven over het totaal van het bedrag of de waarde van die dividenden en het bedrag van die â žtax creditâ naar een tarief dat niet meer bedraagt dan 5 percent iii Behoudens het bepaalde in letter a i en ii van dit lid zijn dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk en waartoe een inwoner van Nederland de uiteindelijk gerechtigde is vrijgesteld van elke belasting in het Verenigd Koninkrijk die wordt geheven ter zake van dividenden b Een inwoner van Nederland die dividenden ontvangt van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk heeft onder voorbehoud van de bepalingen van de letters c en d van dit lid en mits hij de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is recht op de â žtax creditâ ter zake daarvan waarop een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon recht zou hebben gehad indien deze die dividenden zou hebben ontvangen alsmede op de betaling van het bedrag waarmede deze â žtax creditâ de door hem in het Verenigd Koninkrijk verschuldigde belasting overschrijdt c De bepalingen van letter b van dit lid vinden geen toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een lichaam is dat hetzij alleen hetzij te zamen met een of meer gelieerde lichamen onmiddellijk of middelijk 10 percent of meer van het totale aantal stemmen in het lichaam dat de dividenden betaalt beheerst In dat geval heeft een lichaam dat inwoner is van Nederland en dat dividenden ontvangt van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk onder voorbehoud van de bepalingen van letter d van dit lid en mits het de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is recht op een â žtax creditâ die gelijk is aan de helft van de â žtax creditâ waarop een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon recht zou hebben gehad indien deze die dividenden zou hebben ontvangen alsmede op betaling van het bedrag waarmede deze â žtax creditâ de door dat lichaam in het Verenigd Koninkrijk verschuldigde belasting overschrijdt Voor de toepassing van het bepaalde in deze letter worden twee lichamen geacht gelieerd te zijn indien het ene lichaam onmiddellijk of middellijk meer dan 50 procent van het totale aantal stemmen in het andere lichaam beheerst of indien een derde lichaam meer dan 50 percent van het totale aantal stemmen in beide lichamen beheerst d i Niettegenstaande de bepalingen van de letters b en c van dit lid wordt geen â žtax creditâ betaald indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een lichaam is waarvan de aandelen niet officieel worden genoteerd op een Nederlandse effectenbeurs welker voorwaarden voor toelating tot een zodanige notering en in het bijzonder die betreffende de minimumwaarde van de toe te laten aandelen de overdraagbaarheid en de spreiding van de aandelen in overeenstemming zijn met de voorwaarden die zijn neergelegd in schema A bij de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 maart 1979 no 79 279 EEG tenzij het lichaam aantoont dat het niet wordt beheerst door een persoon die of door twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk van wie een of meer niet gerechtigd zou of zouden zijn geweest tot een â žtax creditâ indien hij of zij de uiteindelijk gerechtigden tot de dividenden zou of zouden zijn geweest ii Voor de toepassing van letter d wordt een persoon of worden twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk geacht een lichaam te beheersen indien hij of zij krachtens de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk inzake de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is op enigerlei wijze zou of zouden kunnen worden geacht dit lichaam te beheersen en personen worden geacht gelieerd of verbonden te zijn indien zij krachtens die wetgeving op enigerlei wijze als zodanig kunnen worden aangemerkt Indien echter een natuurlijke persoon uitsluitend wordt geacht een lichaam te beheersen op grond van de omstandigheid dat hij gewone aandelen in het lichaam houdt waaraan volledige stemrechten persoon houdt niet meer dan 10 percent van liet totale aantal van zodanige aandelen in het lichaam worden de door hem gehouden aandelen buiten aanmerking gelaten bij het bepalen of het lichaam wordt beheerst door een persoon die of door twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk van wie een of meer niet gerechtigd zou of zouden zijn geweest tot een â žtax creditâ indien hij of zij de uiteindelijk gerechtigden tot de aan het lichaam te betalen dividenden zou of zouden zijn geweest met dien verstande dat niet meer dan 25 percent van het totaal van zodanige aandelen in het lichaam buiten aanmerking mag worden gelaten 4 De uitdrukking â ždividendenâ omvat voor de toepassing van de belasting van het Verenigd Koninkrijk al hetgeen ingevolge de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk als een uitdeling wordt behandeld en voor de toepassing van de Nederlandse belasting al hetgeen ingevolge de Nederlandse wetgeving is onderworpen aan dividendbelasting 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten 10 percent of meer van de soort aandelen waarop de dividenden zijn uitbetaald in eigendom heeft en in die Staat ter zake van die dividenden niet wordt belast vindt het tweede lid of naar gelang van het geval het derde lid van dit artikel geen toepassing voor zover de dividenden slechts kunnen zijn betaald uit winst of andere inkomsten welke het lichaam dat de dividenden betaalt behaalde of genoot in een tijdvak dat twaalf maanden of langer voor de relevante datum eindigt Voor de toepassing van dit lid betekent de uitdrukking â žrelevante datumâ de datum waarop de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden eigenaar werd van 10 percent of meer van de desbetreffende soort aandelen Dit lid is alleen dan van toepassing indien de aandelen in de eerste plaats werden verkregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bonafide zakelijke overwegingen 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderworpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten die wordt verkregen door een inwoner van de andere Staat die de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is is slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premie s en prijzen maar de uitdrukking omvat niet inkomsten die in artikel 10 zijn behandeld In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 3 De bepaling van het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest hoger is dan het bedrag van de interest dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde in aanmerking nemende de voorwaarden en het bedrag van de schuldvordering die dan zouden zijn overeengekomen zou zijn vastgesteld vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van de interest toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst 5 Bepalingen in de wetgeving van een van de Staten die slechts betrekking hebben op interest betaald aan een lichaam dat geen inwoner is zijn niet van kracht in zoverre zij voorschrijven dat zodanige interest betaald aan een inwoner van de andere Staat wordt aangemerkt als een uitdeling door het lichaam dat de interest betaalt of niet als aftrekpost in aanmerking wordt genomen bij de berekening van de belastbare winst van het lichaam dat de interest betaalt De voorgaande zin vindt geen toepassing op interest die wordt betaald door een inwoner van een van de Staten aan een lichaam dat inwoner is van de andere Staat en waarvan meer dan 50 percent van het totale aantal stemmen onmiddellijk of middellijk wordt beheerst door een persoon of personen die inwoner zijn van de eerstbedoelde Staat 6 De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing indien de schuldvordering ter zake waarvan de interest wordt betaald voornamelijk in het leven is geroepen of de bestemming heeft gekregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bona fide zakelijke overwegingen Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s verkregen door een inwoner van een van de Staten die de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent betalingen van welke aard ook als vergoeding voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films of geluidsbanden voor radio en televisie van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids handels of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepaling van het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royalty s om welke reden dan ook hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vindende bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst 5 De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing indien het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn voornamelijk in het leven is geroepen of de bestemming heeft gekregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bona fide zakelijke overwegingen Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan bedoeld in het eerste tweede en derde lid van dit artikel zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van elk van de Staten om overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van zaken verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner van de andere Staat is en in de vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de zaken te eniger tijd inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het belastingjaar van die Staat een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig slechts belastbaar in de Staat waarvan de werknemer inwoner is met dien verstande dat die beloning mag worden belast in de Staat waarvan de persoon die de voordelen uit de exploitatie van het schip of luchtvaartuig verkrijgt inwoner is indien die beloning wordt betaald ter zake van een reis uitsluitend tussen plaatsen gelegen in die Staat of ter zake van geregelde reizen tussen een haven in die Staat en een buitenlandse haven die een afwezigheid uit die Staat van korter dan 48 uur met zich brengen Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Directeursbeloningen directors fees en dergelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van bestuurder of van commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Indien echter de hiervoor bedoelde beloningen worden verkregen door personen die werkzaamheden uitoefenen die redelijkerwijs in verband kunnen worden gebracht met een vaste inrichting die is gevestigd in een van de Staten niet zijnde de Staat waarvan het lichaam inwoner is mogen deze beloningen niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel worden belast in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan die artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Staat waar de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen en lijfrenten 1 Onder voorbehoud van de bepalingen

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigd-koninkrijk-1980-beendigd (2016-01-09)
    Open archived version from archive