archive-nl.com » NL » B » BELASTINGCOLLECTIEF.NL

Total: 1024

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Verenigd Koninkrijk 2008 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarin hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Verdragsluitende Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Verdragsluitende Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien ingevolge de bepalingen van het eerste lid van dit artikel een persoon niet zijnde een natuurlijke persoon inwoner is van beide Verdragsluitende Staten stellen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten in onderling overleg vast van welke Verdragsluitende Staat die persoon geacht wordt inwoner te zijn voor de toepassing van dit Verdrag Bij ontbreken van onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten wordt de persoon geacht van geen van de Verdragsluitende Staten inwoner te zijn ten behoeve van het aanspraak maken op de voordelen van het Verdrag met uitzondering van die welke zijn voorzien in de artikelen 21 24 en 25 5 Niettegenstaande het vierde lid van dit artikel indien ingevolge het eerste lid van dit artikel een lichaam dat deelneemt in een dual listed company arrangement inwoner is van beide Verdragsluitende Staten wordt het geacht slechts inwoner te zijn van de Verdragsluitende Staat waar het is opgericht mits het zijn voornaamste beursnotering in die Staat heeft 6 Onder de uitdrukking â ždual listed company arrangementâ als gebezigd in dit artikel wordt verstaan een regeling uit hoofde waarvan twee beursgenoteerde lichamen terwijl zij ieder hun eigen rechtspersoonlijkheid aandelen en beursnoteringen handhaven hun strategische doelen en de economische belangen van hun onderscheiden aandeelhouders op elkaar afstemmen door a de benoeming van een identieke of nagenoeg identieke raad van beheer b bestuur van de bedrijfsactiviteiten van beide lichamen op een gemeenschappelijke basis c aan elkaar gelijkgestelde uitdelingen aan aandeelhouders op basis van een verdeelsleutel tussen beide lichamen mede in het geval van liquidatie van een of beide lichamen d stemming door de aandeelhouders van beide lichamen gewoonlijk in de praktijk als een enkel besluitvormingsorgaan bij wezenlijke kwesties die hun gemeenschappelijke belangen betreffen en e het bestaan van regelingen voor wederzijdse borgstellingen ten aanzien van of soortgelijke financià le ondersteuning van elkaars materià le verplichtingen of werkzaamheden Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steen groeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of installatiewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan twaalf maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ niet geacht te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de onderdelen a tot en met e van dit lid genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zesde lid van dit artikel van toepassing is â voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een Verdragsluitende Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid van dit artikel die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Verdragsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Inkomsten uit onroerende zaken 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit onroerende zaken waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende zakenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Staat waar de desbetreffende zaken zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de zaken die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen Schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn van toepassing op inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken 4 De bepalingen van het eerste en derde lid van dit artikel zijn eveneens van toepassing op inkomsten uit onroerende zaken van een onderneming Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid van dit artikel worden indien een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Verdragsluitende Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen van het inkomen of vermogenswinsten zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zee en luchtvervoer 1 Voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts in die Staat belastbaar 2 Voor de toepassing van dit artikel omvatten voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer a voordelen uit de verhuur op basis van verhuur zonder bemanning van schepen of luchtvaartuigen en b voordelen uit het gebruik het onderhoud of de verhuur van containers daaronder begrepen opleggers en daarmee verband houdende uitrusting voor het vervoer van containers gebezigd voor het vervoer van goederen of koopwaar indien de verhuur of het gebruik het onderhoud of de verhuur naargelang van het geval samenhangt met de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer 3 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â ž pool â een gezamenlijke onderneming of een internationaal opererend agentschap zij het slechts ter zake van de voordelen die aan de deelneming zijn toe te rekenen naar rato van het aandeel in de gemeenschappelijke onderneming Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Verdragsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Verdragsluitende Staat en een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een Verdragsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstgenoemde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen past die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aan Bij de vaststelling van deze aanpassing wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden a mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting i 10 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden behalve in het geval van onderdeel a ii ii 15 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden indien deze dividenden worden betaald uit inkomsten of voordelen die onmiddellijk of middellijk afkomstig zijn uit onroerende zaken in de zin van artikel 6 via een investeringsvehikel dat het merendeel van deze inkomsten jaarlijks uitdeelt en waarvan de inkomsten uit deze onroerende zaken vrijgesteld zijn van belasting b worden niettegenstaande de bepalingen van onderdeel a vrijgesteld van belasting in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is i een lichaam dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat en onmiddellijk of middellijk ten minste 10 percent van de stemmen beheerst in het lichaam dat de dividenden betaalt tenzij de dividenden worden betaald door een investeringsvehikel zoals bedoeld in onderdeel a ii of ii een pensioenregeling of iii een organisatie in de zin van artikel 4 tweede lid onderdeel b 3 Op grond van dit artikel is geen tegemoetkoming beschikbaar indien het voornaamste doel of een van de voornaamste doelen van een persoon betrokken bij de toewijzing van de dividenden of bij het creà ren of toewijzen van de aandelen of andere rechten ter zake waarvan het dividend wordt betaald of bij het oprichten verwerven of in stand houden van het lichaam dat de uiteindelijke gerechtigde tot de dividenden is en de uitvoering van zijn werkzaamheden is van de voordelen van dit artikel te profiteren In elk geval waarin een Verdragsluitende Staat beoogt dit lid toe te passen dient zijn bevoegde autoriteit vooraf te overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Verdragsluitende Staat 4 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen of andere rechten niet zijnde schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede alle andere bestanddelen die uit hoofde van de wetgeving van de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 5 De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van dit Verdrag van toepassing 6 Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat die wordt verkregen door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijke gerechtigde is is slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boetes voor te late betaling worden voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt De uitdrukking omvat geen bestanddeel dat als dividend wordt behandeld ingevolge de bepalingen van artikel 10 van dit Verdrag 3 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en de schuldvordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van dit Verdrag van toepassing 4 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de interest ongeacht op welke grond hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag 5 Op grond van dit artikel is geen tegemoetkoming beschikbaar indien het voornaamste doel of een van de voornaamste doelen van een persoon betrokken bij de toewijzing van de interest of bij het creà ren of toewijzen van de schuldvordering ter zake waarvan de interest wordt betaald of bij het oprichten verwerven of in stand houden van het lichaam dat de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is en de uitvoering van zijn werkzaamheden is van de voordelen van dit artikel te profiteren In elk geval waarin een Verdragsluitende Staat beoogt dit lid toe te passen dient zijn bevoegde autoriteit vooraf te overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Verdragsluitende Staat Artikel 12 Royalty s 1 Royaltyâ s afkomstig uit een Verdragsluitende Staat die worden verkregen door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijke gerechtigde is zijn slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyaltyâ sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royaltyâ s die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royaltyâ s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van dit Verdrag van toepassing 4 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde royaltyâ s ongeacht op welke grond hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag 5 Op grond van dit artikel is geen tegemoetkoming beschikbaar indien het voornaamste doel of een van de voornaamste doelen van een persoon betrokken bij de toewijzing van de royaltyâ s of bij het creà ren of toewijzen van de rechten ter zake waarvan de royaltyâ s worden betaald of bij het oprichten verwerven of in stand houden van het lichaam dat de uiteindelijk gerechtigde tot de royaltyâ s is en de uitvoering van zijn werkzaamheden is van de voordelen van dit artikel te profiteren In elk geval waarin een Verdragsluitende Staat beoogt dit lid toe te passen dient zijn bevoegde autoriteit vooraf te overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Verdragsluitende Staat Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken als bedoeld in artikel 6 van dit Verdrag en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat heeft waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting afzonderlijk of met de gehele onderneming mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in die Staat 4 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van aandelen niet zijnde aandelen die worden verhandeld aan een erkende effectenbeurs of andere daarmee vergelijkbare belangen die meer dan 75 percent van hun waarde middellijk of onmiddellijk ontlenen aan onroerende zaken gelegen in de andere Verdragsluitende Staat niet zijnde onroerende zaken waarin dat lichaam of de houders van die belangen hun bedrijf uitoefenen mogen in die andere Verdragsluitende Staat worden belast Deze voordelen zijn echter uitsluitend belastbaar in de eerstgenoemde Staat indien a de inwoner vóór de eerste vervreemding minder dan 50 percent van de aandelen of daarmee vergelijkbare belangen bezat b de voordelen voortvloeien uit een bedrijfsreorganisatie fusie splitsing of soortgelijke transactie of c de inwoner een pensioenregeling is mits de voordelen niet voortvloeien uit de onmiddellijke of middellijke uitoefening van een bedrijf door die pensioenregeling 5 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere goederen dan die bedoeld in het eerste tweede derde en vierde lid van dit artikel zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is 6 Niettegenstaande de bepalingen van het vijfde lid van dit artikel mag een Verdragsluitende Staat overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting heffen over voordelen door een natuurlijke persoon die inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat verkregen uit de vervreemding of fictieve vervreemding van aandelen of andere belangen in een lichaam dat volgens de wetgeving van de eerstbedoelde Verdragsluitende Staat inwoner is van die Staat alsmede uit de vervreemding of fictieve vervreemding van een gedeelte van de in die aandelen of andere belangen besloten liggende rechten indien die natuurlijke persoon al dan niet tezamen met andere met hem verbonden natuurlijke personen volgens de wetgeving van die Staat onmiddellijk of middellijk ten minste 20 percent bezit van het geplaatste kapitaal van een bepaalde soort aandelen van dat lichaam Deze bepaling vindt alleen toepassing wanneer de natuurlijke persoon die de voordelen verkrijgt op enig tijdstip van de laatste tien jaar voorafgaande aan het jaar waarin die voordelen worden verkregen inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest en mits op het tijdstip waarop hij inwoner werd van de andere Verdragsluitende Staat werd voldaan aan de eerdergenoemde voorwaarden ten aanzien van het aandelenbezit in eerdergenoemd lichaam In de gevallen waarin ingevolge de wetgeving van de eerstbedoelde Staat aan de natuurlijke persoon een aanslag is opgelegd ter zake van de vorenbedoelde vervreemding die geacht worden bij diens emigratie uit eerstbedoelde Staat te hebben plaatsgevonden gelden de bepalingen van dit lid alleen voor zover een deel van deze aanslag nog openstaat 7 De bepalingen van het vijfde lid laten het recht van een Verdragsluitende Staat onverlet overeenkomstig zijn wetgeving belasting te heffen ter zake van voordelen uit de vervreemding van goederen van een persoon die inwoner is en op enig tijdstip gedurende de voorgaande zes belastingjaren is geweest van die Verdragsluitende Staat of van een persoon die op enig tijdstip tijdens het belastingjaar waarin de goederen worden vervreemd inwoner is van die Verdragsluitende Staat Artikel 14 Inkomsten uit dienstbetrekking 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 15 17 en 18 van dit Verdrag zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaat of gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning omschreven in het eerste lid van dit artikel verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking als lid van de bemanning van een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd slechts in die Staat belastbaar Artikel 15 Directeursbeloningen Directeursbeloningen en andere beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer bestuurder of commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast voor zover die beloningen zijn toe te rekenen aan diensten verleend in die andere Staat Artikel 16 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 en 14 van dit Verdrag mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler een film radio of televisie artiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 en 14 van dit Verdrag worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 De bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn niet van toepassing op voordelen of inkomsten die worden verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit werkzaamheden die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat indien het bezoek aan die andere Staat geheel of grotendeels wordt bekostigd uit de openbare middelen van een de eerstgenoemde Verdragsluitende Staat staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan of plaatsvindt in het kader van een culturele overeenkomst tussen de Regeringen van de Verdragsluitende Staten In een zodanig geval zijn de voordelen of inkomsten slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de artiest of sportbeoefenaar inwoner is Artikel 17 Pensioenen 1 Pensioenen en andere soortgelijke beloningen met inbegrip van pensioenen betaald ingevolge een socialezekerheidsstelsel en lijfrenten betaald aan een inwoner van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel mogen betalingen waarop dat lid van toepassing is ook worden belast in de Verdragsluitende Staat van waaruit zij afkomstig zijn in overeenstemming met de wetgeving van die Staat indien a het recht tot vordering van de betalingen in die Staat is vrijgesteld van belasting of bijdragen die verband houden met de betalingen in aanmerking zijn genomen voor fiscale facilià ring in die Staat en b de betalingen niet worden belast in de Verdragsluitende Staat waarvan de ontvanger inwoner is of in een derde staat tegen het algemeen van toepassing zijnde belastingtarief voor inkomsten verkregen uit dienstbetrekking of minder dan 90 percent van het brutobedrag van de betalingen wordt belast De voorgaande bepalingen van dit lid zijn uitsluitend van toepassing indien de totale brutobetalingen die ingevolge de voorgaande bepalingen belastbaar zouden zijn in de Verdragsluitende Staat waaruit zij afkomstig zijn in het desbetreffende belastingjaar een bedrag van 25 000 euro overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel indien een afkoopsom wordt betaald vóór de datum waarop het pensioen ingaat mag deze worden belast in de Verdragsluitende Staat waaruit deze afkomstig is Indien de afkoopsom echter wordt betaald op of rond het tijdstip van aanvang van een periodiek pensioen is deze slechts in die Staat belastbaar 4 Voor de toepassing van het tweede lid van dit artikel worden betalingen geacht afkomstig te zijn uit een Verdragsluitende Staat voor zover het recht tot vordering van de betalingen in die Staat is vrijgesteld van belasting of de bijdragen die daarmee verband houden in aanmerking zijn genomen voor fiscale facilià ring in die Staat De overdracht van een pensioen van een pensioenregeling in een Verdragsluitende Staat aan een pensioenregeling in een andere staat beperkt de ingevolge dit artikel aan eerstbedoelde Staat toegekende heffingsrechten niet 5 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten kunnen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede lid van dit artikel regelen 6 Bijdragen die door of namens een natuurlijke persoon die in een Verdragsluitende Staat â žhet gastlandâ een dienstbetrekking uitoefent of als zelfstandige werkzaam is worden betaald aan een in de andere Verdragsluitende Staat â žhet thuislandâ voor de belastingheffing erkende pensioenregeling worden a voor het vaststellen van de door de natuurlijke persoon in het gastland verschuldigde belasting en b voor het vaststellen van de winst van zijn werkgever die in het gastland mag worden belast in die Staat op dezelfde wijze en onder dezelfde voorwaarden en beperkingen behandeld als bijdragen die zijn betaald aan een pensioenregeling die in het gastland voor de belastingheffing erkend is voor zover zij niet zo worden behandeld door het thuisland 7 Het zesde lid is slechts van toepassing indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan a de natuurlijke persoon was onmiddellijk voorafgaand aan het uitoefenen van de dienstbetrekking of zijn werkzaamheden als zelfstandige in het gastland geen inwoner van het gastland en nam deel in de pensioenregeling of een andere soortgelijke pensioenregeling ter vervanging van de eerstgenoemde pensioenregeling en b de pensioenregeling wordt door de bevoegde autoriteit van het gastland aanvaard als zijnde over het algemeen gelijkwaardig aan een door die Staat voor de belastingheffing als zodanig erkende pensioenregeling 8 Voor de toepassing van het zesde en zevende lid a betekent de uitdrukking â žpensioenregelingâ een regeling waaraan de natuurlijke persoon deelneemt teneinde pensioenuitkeringen met inbegrip van weduwen en wezenpensioenen veilig te stellen die hem verschuldigd zijn ter zake van de dienstbetrekking of werkzaamheden als zelfstandige als bedoeld in het zesde lid b wordt een pensioenregeling voor de belastingheffing in een Verdragsluitende Staat erkend indien de bijdragen aan de regeling in die Staat in aanmerking komen voor een fiscale facilià ring en indien bedragen door de werkgever van de natuurlijke persoon betaald aan de regeling in die Staat niet worden beschouwd als belastbare inkomsten van de natuurlijke persoon Artikel 18 Overheidsfuncties 1 a Salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen betaald door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten verleend aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 De bepalingen van de artikelen 14 15 en 16 van dit Verdrag zijn van toepassing op salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen ter zake van diensten verleend in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 19 Studenten Vergoedingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een Verdragsluitende Staat inwoner was van de andere Verdragsluitende Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die eerstgenoemde Staat niet belastbaar mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat Artikel 20 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen die worden verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat die de uiteindelijk gerechtigde is van waaruit ook afkomstig die niet worden behandeld in de voorgaande artikelen van dit Verdrag niet zijnde inkomsten betaald uit trusts of bij de afwikkeling van de nalatenschap van overledenen zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid van dit artikel zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in artikel 6 tweede lid van dit Verdrag indien de uiteindelijk gerechtigde tot die inkomsten die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van dit Verdrag van toepassing 3 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de inwoner bedoeld in het eerste lid van dit artikel en een ander persoon of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de inkomsten bedoeld in dat lid het bedrag overschrijdt dat eventueel zonder zulk een verhouding zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel uitsluitend van toepassing op het laatstgenoemde bedrag In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het inkomen belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige van toepassing zijnde bepalingen van dit Verdrag 4 Op grond van dit artikel is geen tegemoetkoming beschikbaar indien het voornaamste doel of een van de voornaamste doelen van een persoon betrokken bij het creà ren of de toewijzing van de rechten ter zake waarvan het inkomen wordt betaald of bij het oprichten verwerven of in stand houden van het lichaam dat de uiteindelijk gerechtigde tot het inkomen is en de uitvoering van zijn werkzaamheden is van de voordelen van dit artikel te profiteren door middel van het creà ren of de toewijzing van die rechten In elk geval waarin een Verdragsluitende Staat beoogt dit lid toe te passen dient zijn bevoegde autoriteit vooraf te overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Verdragsluitende Staat Artikel 21 Vermijding van dubbele belasting 1 Nederland is bevoegd bij het heffen van belasting van zijn inwoners in de grondslag waarnaar de belasting wordt geheven de bestanddelen van het inkomen te begrijpen die overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag in het Verenigd Koninkrijk mogen worden belast 2 Indien echter een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens artikel 6 artikel 7 artikel 10 vijfde lid artikel 11 derde lid artikel 12 derde lid artikel 13 eerste en tweede lid artikel 14 eerste lid artikel 17 tweede lid artikel 18 eerste lid onderdeel a en artikel 20 tweede lid van dit Verdrag in het Verenigd Koninkrijk mogen worden belast en die in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen stelt Nederland deze bestanddelen van het inkomen vrij door een vermindering van zijn belasting te verlenen Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting Te dien einde worden bedoelde bestanddelen van het inkomen geacht te

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigd-koninkrijk-2008-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive


  • Verenigd Koninkrijk Protocol 1 (beëindigd ) - Belasting Collectief Nederland
    Londen ondertekende Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannià en Noord Ierland tot het vermijden van dubbele belasting en tot het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het vermogen zoals gewijzigd bij het op 22 maart 1977 te Londen ondertekende Protocol te vervangen door een nieuwe overeenkomst Wettekst Artikel 1 Personen op wie de Overeenkomst van toepassing is Deze Overeenkomst is van toepassing op personen die inwoner zijn van een van de Staten of van beide Staten Artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is 1 De belastingen die het onderwerp van deze Overeenkomst uitmaken zijn a in het Verenigd Koninkrijk van Groot Brittannià en Noord Ierland i de income tax inkomstenbelasting ii de corporation tax vennootschapsbelasting iii de capital gains tax vermogenswinstbelasting en iv de petroleum revenue tax belasting op inkomsten uit de winning van aardolie hierna te noemen â žbelasting van het Verenigd Koninkrijkâ b in Nederland i de inkomstenbelasting ii de loonbelasting iii de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de Regering in de nettowinsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnwet 1810 met betrekking tot concessies uitgegeven vanaf 1967 of geheven krachtens de Mijnwet continentaal plat 1965 en iv de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ 2 De Overeenkomst is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die door elk van de Staten na de datum van ondertekening van deze Overeenkomst naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Staten delen elkaar de wezenlijke wijzigingen die in hun onderscheiden belastingwetgevingen zijn aangebracht mede Artikel 3 Algemene begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst tenzij het zinsverband anders vereist a betekent de uitdrukking â žVerenigd Koninkrijkâ Groot Brittannià en Noord Ierland daaronder begrepen elk gebied buiten de territoriale wateren van het Verenigd Koninkrijk dat in overeenstemming met het internationale recht bij de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk inzake het continentaal plat is of nog zal worden aangewezen als een gebied waarbinnen de rechten van het Verenigd Koninkrijk met betrekking tot de zeebodem en de ondergrond daarvan en hun natuurlijke rijkdommen kunnen worden uitgeoefend b omvat de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen en het onder de Noordzee gelegen deel van de zeebodem en de ondergrond daarvan waarop het Koninkrijk der Nederlanden in overeenstemming met het internationale recht soevereine rechten heeft c betekent de uitdrukking â žStaatâ het Verenigd Koninkrijk of Nederland al naar het zinsverband vereist betekent de uitdrukking â žStatenâ het Verenigd Koninkrijk en Nederland d betekent de uitdrukking â žonderdaanâ i met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk iedere Britse staatsburger of iedere Britse onderdaan die niet het staatsburgerschap van een ander land of gebied dat deel uitmaakt van het Gemenebest bezit mits hij het recht heeft om in het Verenigd Koninkrijk verblijf te houden alsmede iedere rechtspersoon vennootschap vereniging of andere eenheid die zijn rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in het Verenigd Koninkrijk van kracht is ii met betrekking tot Nederland iedere natuurlijke persoon die de Nederlandse nationaliteit bezit alsmede iedere rechtspersoon vennootschap of vereniging die zijn rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in Nederland van kracht is e betekent de uitdrukking â žbelastingâ belasting van het Verenigd Koninkrijk of Nederlandse belasting al naar het zinsverband vereist f omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen g betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld h betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een van de Statenâ en â žonderneming van de andere Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een van de Staten en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Slaat i betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ alle vervoer met een schip of een luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming waarvan de plaats van de werkelijke leiding in een van de Staten is gelegen behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Staat zijn gelegen j omvat met betrekking tot het Verenigd Koninkrijk de uitdrukking â žstaatkundig onderdeelâ mede Noord Ierland k betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ wat het Verenigd Koninkrijk betreft de Commissioners of Inland Revenue of hun bevoegde vertegenwoordiger en wat Nederland betreft de Minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger 2 Voor de toepassing van de Overeenkomst door een van de Staten heeft tenzij het zinsverband anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is Artikel 4 Woonplaats 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žinwoner van een van de Statenâ iedere persoon die ingevolge de wetgeving van die Staat aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in die Staat slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in die Staat 2 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 3 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Staten is wordt hij geacht inwoner te zijn van de Staat waar de plaats van zijn werkelijke leiding is gelegen Artikel 5 Vaste inrichting 1 Voor de toepassing van deze Overeenkomst betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steengroeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 De plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of montagewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan twaalf maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt een vaste inrichting niet aanwezig geacht indien a gebruik wordt gemaakt van inrichtingen uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar wordt aangehouden uitsluitend voor de bewerking of verwerking door een andere onderneming d een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f een vaste bedrijfsinrichting wordt aangehouden uitsluitend voor een combinatie van de in de letters a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger in de zin van het zesde lid voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een van de Staten gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een van de Staten te bezitten op grond van de enkele omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door middel van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De enkele omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van de beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere Artikel 6 Inkomsten uit onroerende goederen 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten uit onroerende goederen daaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende goederenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Staat waar de desbetreffende goederen zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de goederen die bij de onroerende goederen behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende goederen en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende goederen beschouwd 3 De bepaling van het eerste lid is van toepassing op de inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende goederen 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn ook van toepassing op inkomsten uit onroerende goederen van een onderneming en op inkomsten uit onroerende goederen gebezigd voor het verrichten van zelfstandige arbeid Artikel 7 Winst uit onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een van de Staten zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid van dit artikel worden indien een onderneming van een van de Staten in de andere Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 5 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat om hiervan af te wijken 6 Indien in de voordelen bestanddelen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van deze Overeenkomst worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zeevaart en luchtvaart 1 Voordelen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 2 Indien de plaats van de werkelijke leiding van een scheepvaartonderneming zich aan boord van een schip bevindt wordt deze plaats geacht te zijn gelegen in de Staat waar de thuishaven van het schip is gelegen of indien er geen thuishaven is in de Staat waarvan de exploitant van het schip inwoner is 3 Indien een onderneming voordelen die vallen onder het eerste lid van dit artikel verkrijgt uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal geà xploiteerd agentschap zijn de voordelen die aan die onderneming kunnen worden toegerekend slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van die onderneming is gelegen Voor de toepassing van dit lid wordt onder de uitdrukking â žeen â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal agentschapâ niet begrepen een persoon als is omschreven in artikel 3 van deze Overeenkomst Artikel 9 Gelieerde ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een van de Staten onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een van de Staten en een onderneming van de andere Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle inkomsten aftrekken ontvangsten of uitgaven die aan een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zouden kunnen worden toegerekend maar ten gevolge van die voorwaarden niet zijn toegerekend worden begrepen in de voordelen of verliezen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een van de Staten in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt en dienovereenkomstig belast ter zake waarvan een onderneming van de andere Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze bestanddelen omvatten inkomsten aftrekken ontvangsten of uitgaven welke aan de onderneming van de eerstbedoelde Staat zouden kunnen worden toegerekend indien tussen de twee ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen kunnen de bevoegde autoriteiten van de Staten met elkaar overleg plegen ten einde overeenstemming te bereiken over de herziening van de voordelen of verliezen in de beide Staten Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van een van de Staten door een inwoner van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter in de Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden inwoner van de andere Staat is mag de aldus geheven belasting niet overschrijden a 5 percent van het bruto bedrag van de dividenden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en dit lichaam onmiddellijk of middellijk ten minste 25 percent van het totale aantal stemmen in het lichaam dat de dividenden betaalt beheerst b in alle andere gevallen 15 percent van het brutobedrag van de dividenden Dit lid laat onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winsten waaruit de dividenden worden betaald 3 Zolang een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon krachtens de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk recht heeft op een tax creditâ ter zake van dividenden betaald door een in het Verenigd Koninkrijk gevestigd lichaam vindt het tweede lid van dit artikel geen toepassing op dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk door een inwoner van Nederland In dat geval vinden de volgende bepalingen van dit lid toepassing a i Indien een inwoner van Nederland krachtens letter b van dit lid ter zake van deze dividenden recht heeft op een â žtax creditâ mag ook in het Verenigd Koninkrijk overeenkomstig de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk belasting worden geheven over het totaal van het bedrag of de waarde van die dividenden en het bedrag van die â žtax creditâ naar een tarief dat niet meer bedraagt dan 15 percent ii Indien een inwoner van Nederland krachtens letter c van dit lid ter zake van deze dividenden recht heeft op een â žtax creditâ mag ook in het Verenigd Koninkrijk overeenkomstig de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk belasting worden geheven over het totaal van het bedrag of de waarde van die dividenden en het bedrag van die â žtax creditâ naar een tarief dat niet meer bedraagt dan 5 percent iii Behoudens het bepaalde in letter a i en ii van dit lid zijn dividenden verkregen van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk en waartoe een inwoner van Nederland de uiteindelijk gerechtigde is vrijgesteld van elke belasting in het Verenigd Koninkrijk die wordt geheven ter zake van dividenden b Een inwoner van Nederland die dividenden ontvangt van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk heeft onder voorbehoud van de bepalingen van de letters c en d van dit lid en mits hij de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is recht op de â žtax creditâ ter zake daarvan waarop een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon recht zou hebben gehad indien deze die dividenden zou hebben ontvangen alsmede op de betaling van het bedrag waarmede deze â žtax creditâ de door hem in het Verenigd Koninkrijk verschuldigde belasting overschrijdt c De bepalingen van letter b van dit lid vinden geen toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een lichaam is dat hetzij alleen hetzij te zamen met een of meer gelieerde lichamen onmiddellijk of middelijk 10 percent of meer van het totale aantal stemmen in het lichaam dat de dividenden betaalt beheerst In dat geval heeft een lichaam dat inwoner is van Nederland en dat dividenden ontvangt van een lichaam dat inwoner is van het Verenigd Koninkrijk onder voorbehoud van de bepalingen van letter d van dit lid en mits het de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden is recht op een â žtax creditâ die gelijk is aan de helft van de â žtax creditâ waarop een in het Verenigd Koninkrijk wonende natuurlijke persoon recht zou hebben gehad indien deze die dividenden zou hebben ontvangen alsmede op betaling van het bedrag waarmede deze â žtax creditâ de door dat lichaam in het Verenigd Koninkrijk verschuldigde belasting overschrijdt Voor de toepassing van het bepaalde in deze letter worden twee lichamen geacht gelieerd te zijn indien het ene lichaam onmiddellijk of middellijk meer dan 50 procent van het totale aantal stemmen in het andere lichaam beheerst of indien een derde lichaam meer dan 50 percent van het totale aantal stemmen in beide lichamen beheerst d i Niettegenstaande de bepalingen van de letters b en c van dit lid wordt geen â žtax creditâ betaald indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een lichaam is waarvan de aandelen niet officieel worden genoteerd op een Nederlandse effectenbeurs welker voorwaarden voor toelating tot een zodanige notering en in het bijzonder die betreffende de minimumwaarde van de toe te laten aandelen de overdraagbaarheid en de spreiding van de aandelen in overeenstemming zijn met de voorwaarden die zijn neergelegd in schema A bij de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 5 maart 1979 no 79 279 EEG tenzij het lichaam aantoont dat het niet wordt beheerst door een persoon die of door twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk van wie een of meer niet gerechtigd zou of zouden zijn geweest tot een â žtax creditâ indien hij of zij de uiteindelijk gerechtigden tot de dividenden zou of zouden zijn geweest ii Voor de toepassing van letter d wordt een persoon of worden twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk geacht een lichaam te beheersen indien hij of zij krachtens de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk inzake de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is op enigerlei wijze zou of zouden kunnen worden geacht dit lichaam te beheersen en personen worden geacht gelieerd of verbonden te zijn indien zij krachtens die wetgeving op enigerlei wijze als zodanig kunnen worden aangemerkt Indien echter een natuurlijke persoon uitsluitend wordt geacht een lichaam te beheersen op grond van de omstandigheid dat hij gewone aandelen in het lichaam houdt waaraan volledige stemrechten persoon houdt niet meer dan 10 percent van liet totale aantal van zodanige aandelen in het lichaam worden de door hem gehouden aandelen buiten aanmerking gelaten bij het bepalen of het lichaam wordt beheerst door een persoon die of door twee of meer gelieerde of verbonden personen gezamenlijk van wie een of meer niet gerechtigd zou of zouden zijn geweest tot een â žtax creditâ indien hij of zij de uiteindelijk gerechtigden tot de aan het lichaam te betalen dividenden zou of zouden zijn geweest met dien verstande dat niet meer dan 25 percent van het totaal van zodanige aandelen in het lichaam buiten aanmerking mag worden gelaten 4 De uitdrukking â ždividendenâ omvat voor de toepassing van de belasting van het Verenigd Koninkrijk al hetgeen ingevolge de wetgeving van het Verenigd Koninkrijk als een uitdeling wordt behandeld en voor de toepassing van de Nederlandse belasting al hetgeen ingevolge de Nederlandse wetgeving is onderworpen aan dividendbelasting 5 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 6 Indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een van de Staten 10 percent of meer van de soort aandelen waarop de dividenden zijn uitbetaald in eigendom heeft en in die Staat ter zake van die dividenden niet wordt belast vindt het tweede lid of naar gelang van het geval het derde lid van dit artikel geen toepassing voor zover de dividenden slechts kunnen zijn betaald uit winst of andere inkomsten welke het lichaam dat de dividenden betaalt behaalde of genoot in een tijdvak dat twaalf maanden of langer voor de relevante datum eindigt Voor de toepassing van dit lid betekent de uitdrukking â žrelevante datumâ de datum waarop de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden eigenaar werd van 10 percent of meer van de desbetreffende soort aandelen Dit lid is alleen dan van toepassing indien de aandelen in de eerste plaats werden verkregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bonafide zakelijke overwegingen 7 Indien een lichaam dat inwoner is van een van de Staten voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van een aldaar gevestigd vast middelpunt behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderworpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een van de Staten die wordt verkregen door een inwoner van de andere Staat die de uiteindelijk gerechtigde tot de interest is is slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen daaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premie s en prijzen maar de uitdrukking omvat niet inkomsten die in artikel 10 zijn behandeld In rekening gebrachte boete voor te late betaling wordt voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 3 De bepaling van het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de vordering uit hoofde waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de betaalde interest hoger is dan het bedrag van de interest dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde in aanmerking nemende de voorwaarden en het bedrag van de schuldvordering die dan zouden zijn overeengekomen zou zijn vastgesteld vinden de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van de interest toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst 5 Bepalingen in de wetgeving van een van de Staten die slechts betrekking hebben op interest betaald aan een lichaam dat geen inwoner is zijn niet van kracht in zoverre zij voorschrijven dat zodanige interest betaald aan een inwoner van de andere Staat wordt aangemerkt als een uitdeling door het lichaam dat de interest betaalt of niet als aftrekpost in aanmerking wordt genomen bij de berekening van de belastbare winst van het lichaam dat de interest betaalt De voorgaande zin vindt geen toepassing op interest die wordt betaald door een inwoner van een van de Staten aan een lichaam dat inwoner is van de andere Staat en waarvan meer dan 50 percent van het totale aantal stemmen onmiddellijk of middellijk wordt beheerst door een persoon of personen die inwoner zijn van de eerstbedoelde Staat 6 De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing indien de schuldvordering ter zake waarvan de interest wordt betaald voornamelijk in het leven is geroepen of de bestemming heeft gekregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bona fide zakelijke overwegingen Artikel 12 Royalty s 1 Royalty s verkregen door een inwoner van een van de Staten die de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s is zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyalty sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent betalingen van welke aard ook als vergoeding voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap daaronder begrepen bioscoopfilms en films of geluidsbanden voor radio en televisie van een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of werkwijze dan wel voor het gebruik van of het recht van gebruik van nijverheids handels of wetenschappelijke uitrusting of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepaling van het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royalty s die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat waaruit de royalty s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting of tot het beroepsvermogen van dat vaste middelpunt behoort In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 of artikel 14 van toepassing 4 Indien ten gevolge van een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royalty s om welke reden dan ook hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen vindende bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van deze Overeenkomst 5 De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing indien het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royalty s verschuldigd zijn voornamelijk in het leven is geroepen of de bestemming heeft gekregen ten einde de voordelen van dit artikel te genieten en niet op grond van bona fide zakelijke overwegingen Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten uit de vervreemding van onroerende goederen zoals bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende zaken die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een van de Staten in de andere Staat heeft of van roerende zaken die behoren tot een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat tot zijn beschikking heeft voor het verrichten van zelfstandige arbeid daaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting alleen of met de gehele onderneming of van het vaste middelpunt mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende zaken die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in de Staat waar de plaats van de werkelijke leiding van de onderneming is gelegen 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere zaken dan bedoeld in het eerste tweede en derde lid van dit artikel zijn slechts belastbaar in de Staat waarvan de vervreemder inwoner is 5 De bepaling van het vierde lid tast niet aan het recht van elk van de Staten om overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen uit de vervreemding van zaken verkregen door een natuurlijke persoon die inwoner van de andere Staat is en in de vijf jaren voorafgaande aan de vervreemding van de zaken te eniger tijd inwoner van de eerstbedoelde Staat is geweest Artikel 14 Zelfstandige arbeid 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een van de Staten in de uitoefening van een vrij beroep of ter zake van andere werkzaamheden van zelfstandige aard zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij hij in de andere Staat voor het verrichten van zijn werkzaamheden geregeld over een vast middelpunt beschikt Indien hij over zulk een vast middelpunt beschikt mogen de voordelen in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan dat vaste middelpunt kunnen worden toegerekend 2 De uitdrukking â žvrij beroepâ omvat in het bijzonder zelfstandige werkzaamheden op het gebied van wetenschap letterkunde kunst opvoeding of onderwijs alsmede de zelfstandige werkzaamheden van artsen advocaten technici architecten tandartsen en accountants Artikel 15 Niet zelfstandige arbeid 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 16 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel is de beloning verkregen door een inwoner van een van de Staten ter zake van een in de andere Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak of tijdvakken die in het belastingjaar van die Staat een totaal van 183 dagen niet te boven gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend aan boord van een schip of luchtvaartuig slechts belastbaar in de Staat waarvan de werknemer inwoner is met dien verstande dat die beloning mag worden belast in de Staat waarvan de persoon die de voordelen uit de exploitatie van het schip of luchtvaartuig verkrijgt inwoner is indien die beloning wordt betaald ter zake van een reis uitsluitend tussen plaatsen gelegen in die Staat of ter zake van geregelde reizen tussen een haven in die Staat en een buitenlandse haven die een afwezigheid uit die Staat van korter dan 48 uur met zich brengen Artikel 16 Bestuurders en commissarissenbeloningen 1 Directeursbeloningen directors fees en dergelijke beloningen verkregen door een inwoner van een van de Staten in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van bestuurder of van commissaris van een lichaam dat inwoner is van de andere Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Indien echter de hiervoor bedoelde beloningen worden verkregen door personen die werkzaamheden uitoefenen die redelijkerwijs in verband kunnen worden gebracht met een vaste inrichting die is gevestigd in een van de Staten niet zijnde de Staat waarvan het lichaam inwoner is mogen deze beloningen niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid van dit artikel worden belast in de Staat waar de vaste inrichting is gevestigd Artikel 17 Artiesten en sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 14 en 15 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een van de Staten als artiest zoals een toneelspeler film radio of televisieartiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan die artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 14 en 15 worden belast in de Staat waar de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht Artikel 18 Pensioenen en lijfrenten 1 Onder voorbehoud van de

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigd-koninkrijk-protocol-1-beeindigd (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Verenigde Arabische Emiraten (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Arabische Emiraten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Arabische Emiraten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Aanhef De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Arabische Emiraten Geleid door de wens dat door beide Staten een verdrag wordt gesloten tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Wettekst HOOFDSTUK I REIKWIJDTE VAN HET VERDRAG Artikel 1 Personen op wie het Verdrag van toepassing is Dit Verdrag is van toepassing op personen die inwoner zijn van een of van beide Verdragsluitende Staten Artikel 2 Belastingen waarop het Verdrag van toepassing is 1 Dit Verdrag is van toepassing op belastingen naar het inkomen die ongeacht de wijze van heffing worden geheven ten behoeve van een Verdragsluitende Staat of van de staatkundige onderdelen of plaatselijke publiekrechtelijke lichamen daarvan 2 Als belastingen naar het inkomen worden beschouwd alle belastingen die worden geheven naar het gehele inkomen of naar bestanddelen van het inkomen waaronder begrepen belastingen naar voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen of onroerende zaken belastingen naar het totale bedrag van de door ondernemingen betaalde lonen of salarissen alsmede belastingen naar waardevermeerdering 3 De bestaande belastingen waarop het Verdrag van toepassing is zijn met name a in Nederland â de inkomstenbelasting â de loonbelasting â de vennootschapsbelasting daaronder begrepen het aandeel van de Regering in de nettowinsten behaald met de exploitatie van natuurlijke rijkdommen geheven krachtens de Mijnbouwwet â de dividendbelasting hierna te noemen â žNederlandse belastingâ b in de Verenigde Arabische Emiraten â de inkomstenbelasting â de vennootschapsbelasting hierna te noemen â žbelasting van de Verenigde Arabische Emiratenâ 4 Het Verdrag is ook van toepassing op alle gelijke of in wezen gelijksoortige belastingen die na de datum van ondertekening van het Verdrag naast of in de plaats van de bestaande belastingen worden geheven De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten doen elkaar mededeling van alle wezenlijke wijzigingen die in hun belastingwetgevingen zijn aangebracht HOOFDSTUK II BEGRIPSBEPALINGEN Artikel 3 Algemene Begripsbepalingen 1 Voor de toepassing van dit Verdrag tenzij de context anders vereist a betekenen de uitdrukkingen â žeen Verdragsluitende Staatâ en â žde andere Verdragsluitende Staatâ het Koninkrijk der Nederlanden Nederland of de Verenigde Arabische Emiraten naargelang de context vereist b betekent de uitdrukking â žNederlandâ het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat in Europa is gelegen met inbegrip van zijn territoriale zee en elk gebied buiten de territoriale zee waarbinnen Nederland in overeenstemming met het internationale recht rechtsbevoegdheid heeft of soevereine rechten uitoefent c betekent de uitdrukking â žde Verenigde Arabische Emiratenâ de Verenigde Arabische Emiraten en indien gebezigd in de geografische betekenis het gebied ter zake waarvan de Verenigde Arabische Emiraten soevereiniteit hebben met inbegrip van hun territoriale zee alsmede de gebieden waarbinnen de Verenigde Arabische Emiraten in overeenstemming met het internationale recht rechtsbevoegdheid hebben of soevereine rechten uitoefenen d omvat de uitdrukking â žpersoonâ een natuurlijke persoon een lichaam en elke andere vereniging van personen e betekent de uitdrukking â žlichaamâ elke rechtspersoon of elke eenheid die voor de belastingheffing als een rechtspersoon wordt behandeld f heeft de uitdrukking â žondernemingâ betrekking op het uitoefenen van een bedrijf g betekenen de uitdrukkingen â žonderneming van een Verdragsluitende Staatâ en â žonderneming van de andere Verdragsluitende Staatâ onderscheidenlijk een onderneming gedreven door een inwoner van een Verdragsluitende Staat en een onderneming gedreven door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat h betekent de uitdrukking â žinternationaal verkeerâ â alle vervoer met een schip of luchtvaartuig geà xploiteerd door een onderneming van een Verdragsluitende Staat behalve wanneer het schip of luchtvaartuig uitsluitend wordt geà xploiteerd tussen plaatsen die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen i betekent de uitdrukking â žonderdaanâ i wat Nederland betreft elke natuurlijke persoon die de Nederlandse nationaliteit bezit en elke rechtspersoon vennootschap of vereniging die zijn of haar rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving die in Nederland van kracht is ii wat de Verenigde Arabische Emiraten betreft elke natuurlijke persoon die de nationaliteit van de Verenigde Arabische Emiraten bezit en elke rechtspersoon vennootschap en elk ander rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam die of dat zijn rechtspositie als zodanig ontleent aan de wetgeving van de Verenigde Arabische Emiraten j betekent de uitdrukking â žbevoegde autoriteitâ i in Nederland de minister van Financià n of zijn bevoegde vertegenwoordiger ii in de Verenigde Arabische Emiraten de minister van Financià n en Industrie of zijn bevoegde vertegenwoordiger k omvat de uitdrukking â žuitoefenen van een bedrijfâ mede het uitoefenen van een vrij beroep en het verrichten van andere werkzaamheden van zelfstandige aard 2 Voor de toepassing van het Verdrag door een Verdragsluitende Staat op enig moment heeft tenzij de context anders vereist elke daarin niet omschreven uitdrukking de betekenis welke die uitdrukking op dat moment heeft volgens de wetgeving van die Staat met betrekking tot de belastingen waarop het Verdrag van toepassing is waarbij elke betekenis volgens de toepasselijke belastingwetgeving van die Staat prevaleert boven een betekenis die volgens andere wetgeving van die Staat aan die uitdrukking wordt gegeven Artikel 4 Inwoner 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žinwoner van een Verdragsluitende Staatâ a wat Nederland betreft iedere persoon die ingevolge de wetgeving van Nederland aldaar aan belasting is onderworpen op grond van zijn woonplaats verblijf plaats van leiding of enige andere soortgelijke omstandigheid Deze uitdrukking omvat echter niet een persoon die in Nederland slechts aan belasting is onderworpen ter zake van inkomsten uit bronnen in Nederland b wat de Verenigde Arabische Emiraten betreft een natuurlijke persoon die onderdaan is van de Verenigde Arabische Emiraten mits deze natuurlijke persoon voornamelijk verblijft in een duurzaam tehuis heeft of gewoonlijk verblijft in de Verenigde Arabische Emiraten en de persoonlijke en economische betrekkingen van deze natuurlijke persoon nauwer zijn met de Verenigde Arabische Emiraten dan met een andere Staat en een lichaam dat zijn plaats van werkelijke leiding heeft in de Verenigde Arabische Emiraten 2 De uitdrukking â žinwoner van een Verdragsluitende Staatâ omvat tevens a die Staat zelf en elk staatkundig onderdeel of plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan b een pensioenfonds dat volgens de wettelijke bepalingen van een Verdragsluitende Staat erkend is en onder toezicht staat en waarvan het inkomen in het algemeen is vrijgesteld van belasting in die Staat c een overheidsinstelling van een Verdragsluitende Staat Een instelling wordt geacht een overheidsinstelling te zijn indien zij is opgericht door en geheel in het bezit is en onder toezicht staat van de regering van een van de Verdragsluitende Staten of van de staatkundige onderdelen daarvan voor de uitvoering van publieke taken en die als zodanig in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten is erkend 3 Indien een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid inwoner van beide Verdragsluitende Staten is wordt zijn positie als volgt bepaald a hij wordt geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarin hij een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft indien hij in beide Staten een duurzaam huis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarmede zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn middelpunt van de levensbelangen b indien niet kan worden bepaald in welke Staat hij het middelpunt van zijn levensbelangen heeft of indien hij in geen van de Staten een duurzaam tehuis tot zijn beschikking heeft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarin hij gewoonlijk verblijft c indien hij in beide Staten of in geen van beide gewoonlijk verblijft wordt hij geacht slechts inwoner te zijn van de Staat waarvan hij onderdaan is d indien hij onderdaan is van beide Staten of van geen van beide regelen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming 4 Indien een andere dan een natuurlijke persoon ingevolge de bepalingen van het eerste lid van dit artikel inwoner van beide Verdragsluitende Staten is trachten de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten in onderling overleg vast te stellen van welke Staat de persoon geacht wordt inwoner te zijn met inachtneming van zijn plaats van werkelijke leiding de plaats waar hij is opgericht of anderszins tot stand is gekomen en alle andere ter zake doende factoren Indien de bevoegde autoriteiten er niet in slagen de aangelegenheid in onderlinge overeenstemming op te lossen trachten zij in onderling overleg vast te stellen op welke wijze het Verdrag op die persoon zal worden toegepast Artikel 5 Vaste Inrichting 1 Voor de toepassing van dit Verdrag betekent de uitdrukking â žvaste inrichtingâ een vaste bedrijfsinrichting door middel waarvan de werkzaamheden van een onderneming geheel of gedeeltelijk worden uitgeoefend 2 De uitdrukking â žvaste inrichtingâ omvat in het bijzonder a een plaats waar leiding wordt gegeven b een filiaal c een kantoor d een fabriek e een werkplaats en f een mijn een olie of gasbron een steen groeve of een andere plaats waar natuurlijke rijkdommen worden gewonnen 3 Een plaats van uitvoering van een bouwwerk of van constructie of installatiewerkzaamheden vormt alleen een vaste inrichting indien de duur ervan twaalf maanden overschrijdt 4 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel wordt de uitdrukking â žvaste inrichtingâ niet geacht te omvatten a het gebruik maken van inrichtingen uitsluitend voor opslag uitstalling of aflevering van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar b het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor de opslag uitstalling of aflevering c het aanhouden van een voorraad van aan de onderneming toebehorende goederen of koopwaar uitsluitend voor bewerking of verwerking door een andere onderneming d het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming goederen of koopwaar aan te kopen of inlichtingen in te winnen e het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend om voor de onderneming enige andere werkzaamheid uit te oefenen die van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft f het aanhouden van een vaste bedrijfsinrichting uitsluitend voor een combinatie van de in de onderdelen a tot en met e genoemde werkzaamheden mits het totaal van de werkzaamheden van de vaste bedrijfsinrichting dat uit deze combinatie voortvloeit van voorbereidende aard is of het karakter van hulpwerkzaamheid heeft 5 Indien een persoon â niet zijnde een onafhankelijke vertegenwoordiger waarop het zesde lid van toepassing is â voor een onderneming werkzaam is en een machtiging bezit om namens de onderneming overeenkomsten af te sluiten en dit recht in een Verdragsluitende Staat gewoonlijk uitoefent wordt die onderneming niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid geacht in die Staat een vaste inrichting te hebben met betrekking tot de werkzaamheden die die persoon voor de onderneming verricht tenzij de werkzaamheden van die persoon beperkt blijven tot die werkzaamheden genoemd in het vierde lid die indien zij worden uitgeoefend door middel van een vaste bedrijfsinrichting deze vaste bedrijfsinrichting op grond van de bepalingen van dat lid niet tot een vaste inrichting zouden maken 6 Een onderneming wordt niet geacht een vaste inrichting in een Verdragsluitende Staat te bezitten alleen op grond van de omstandigheid dat zij in die Staat zaken doet door bemiddeling van een makelaar commissionair of enige andere onafhankelijke vertegenwoordiger mits deze personen in de normale uitoefening van hun bedrijf handelen 7 De omstandigheid dat een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat een lichaam beheerst of door een lichaam wordt beheerst dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat of dat in die andere Staat zaken doet hetzij door middel van een vaste inrichting hetzij op andere wijze stempelt een van beide lichamen niet tot een vaste inrichting van het andere HOOFDSTUK III BELASTINGHEFFING NAAR HET INKOMEN Artikel 6 Inkomsten uit Onroerende Zaken 1 Inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit onroerende zaken waaronder begrepen voordelen uit landbouw of bosbedrijven die in de andere Verdragsluitende Staat zijn gelegen mogen in die andere Staat worden belast 2 De uitdrukking â žonroerende zakenâ heeft de betekenis welke die uitdrukking heeft volgens de wetgeving van de Verdragsluitende Staat waar de desbetreffende zaken zijn gelegen De uitdrukking omvat in ieder geval de zaken die bij de onroerende zaken behoren levende en dode have van landbouw en bosbedrijven rechten waarop de bepalingen van het privaatrecht betreffende de grondeigendom van toepassing zijn vruchtgebruik van onroerende zaken en rechten op veranderlijke of vaste vergoedingen ter zake van de exploitatie of concessie tot exploitatie van minerale aardlagen bronnen en andere natuurlijke rijkdommen Schepen en luchtvaartuigen worden niet als onroerende zaken beschouwd 3 De bepalingen van het eerste lid zijn van toepassing op inkomsten verkregen uit de rechtstreekse exploitatie uit het verhuren of verpachten of uit elke andere vorm van exploitatie van onroerende zaken 4 De bepalingen van het eerste en derde lid zijn eveneens van toepassing op inkomsten uit onroerende zaken van een onderneming Artikel 7 Winst uit Onderneming 1 De voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat zijn slechts in die Staat belastbaar tenzij de onderneming in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting Indien de onderneming aldus haar bedrijf uitoefent mogen de voordelen van de onderneming in de andere Staat worden belast maar slechts in zoverre als zij aan die vaste inrichting kunnen worden toegerekend 2 Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid worden indien een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat haar bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting in elk van de Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting de voordelen toegerekend die zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een zelfstandige onderneming zou zijn die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden zou uitoefenen onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die geheel onafhankelijk transacties zou aangaan met de onderneming waarvan zij een vaste inrichting is 3 Bij het bepalen van de voordelen van een vaste inrichting worden in aftrek toegelaten kosten daaronder begrepen kosten van de leiding en algemene beheerskosten die ten behoeve van de vaste inrichting zijn gemaakt hetzij in de Staat waarin de vaste inrichting is gevestigd hetzij elders 4 Voor zover het in een Verdragsluitende Staat gebruikelijk is de aan een vaste inrichting toe te rekenen voordelen te bepalen op basis van een verdeling van de totale winst van de onderneming over haar verschillende delen belet het tweede lid die Verdragsluitende Staat niet de te belasten voordelen te bepalen volgens de gebruikelijke verdeling De gevolgde methode van verdeling moet echter zodanig zijn dat het resultaat in overeenstemming is met de in dit artikel neergelegde beginselen 5 Er worden geen voordelen aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting van goederen of koopwaar voor de onderneming 6 Voor de toepassing van de voorgaande leden worden de aan de vaste inrichting toe te rekenen voordelen van jaar tot jaar volgens dezelfde methode bepaald tenzij er een goede en genoegzame reden bestaat hiervan af te wijken 7 Indien in de voordelen bestanddelen van het inkomen zijn begrepen die afzonderlijk in andere artikelen van dit Verdrag worden behandeld worden de bepalingen van die artikelen niet aangetast door de bepalingen van dit artikel Artikel 8 Zee en Luchtvervoer 1 Voordelen van een onderneming van een Verdragsluitende Staat uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn ook van toepassing op voordelen uit de deelneming in een â žpoolâ een gemeenschappelijke onderneming of een internationaal opererend agentschap 3 In dit artikel a omvat de uitdrukking â žvoordelenâ i bruto ontvangsten en opbrengsten rechtstreeks verkregen uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer en ii interest die voortvloeit uit de exploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer b omvat de uitdrukking â žexploitatie van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeerâ door een onderneming i het charteren of verhuren van schepen of luchtvaartuigen ii de verhuur van containers en daarmee verband houdende uitrusting en iii de vervreemding van schepen luchtvaartuigen containers en daarmee verband houdende uitrusting door die onderneming mits het charteren de verhuur of de vervreemding voortvloeit uit de exploitatie door die onderneming van schepen of luchtvaartuigen in internationaal verkeer Artikel 9 Gelieerde Ondernemingen 1 Indien a een onderneming van een Verdragsluitende Staat onmiddellijk of middellijk deelneemt aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat of b dezelfde personen onmiddellijk of middellijk deelnemen aan de leiding van aan het toezicht op dan wel in het kapitaal van een onderneming van een Verdragsluitende Staat en een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat en in het ene of in het andere geval tussen de beide ondernemingen in hun handelsbetrekkingen of financià le betrekkingen voorwaarden worden overeengekomen of opgelegd die afwijken van die welke zouden worden overeengekomen tussen onafhankelijke ondernemingen mogen alle voordelen die een van de ondernemingen zonder deze voorwaarden zou hebben behaald maar ten gevolge van die voorwaarden niet heeft behaald worden begrepen in de voordelen van die onderneming en dienovereenkomstig worden belast 2 Indien een Verdragsluitende Staat in de voordelen van een onderneming van die Staat voordelen begrijpt â en dienovereenkomstig belast â ter zake waarvan een onderneming van de andere Verdragsluitende Staat in die andere Staat in de belastingheffing is betrokken en deze voordelen bestaan uit voordelen welke de onderneming van de eerstgenoemde Staat zou hebben behaald indien tussen de beide ondernemingen zodanige voorwaarden zouden zijn overeengekomen als die welke tussen onafhankelijke ondernemingen zouden zijn overeengekomen past die andere Staat het bedrag aan belasting dat in die Staat over die voordelen is geheven dienovereenkomstig aan Bij de vaststelling van deze aanpassing wordt rekening gehouden met de overige bepalingen van dit Verdrag en plegen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten zo nodig met elkaar overleg Artikel 10 Dividenden 1 Dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Deze dividenden mogen echter ook in de Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is overeenkomstig de wetgeving van die Staat worden belast maar indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat is mag de aldus geheven belasting a 5 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden indien de uiteindelijk gerechtigde een lichaam is waarvan het kapitaal geheel of gedeeltelijk in aandelen is verdeeld en onmiddellijk ten minste 10 percent bezit van het kapitaal van het lichaam dat de dividenden betaalt b in alle overige gevallen 10 percent van het brutobedrag van de dividenden niet overschrijden 3 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste en tweede lid van dit artikel zijn dividenden betaald door een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat slechts belastbaar in de andere Verdragsluitende Staat indien de uiteindelijk gerechtigde die Staat zelf is een staatkundig onderdeel of plaatselijk bestuur of de Centrale Bank daarvan een pensioenfonds de Abu Dhabi Investment Authority de Abu Dhabi Investment Council of een andere instelling opgericht door de Regering een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam van die andere Staat die of dat wordt erkend als een integrerend onderdeel van die Regering een en ander overeen te komen in onderlinge overeenstemming tussen de bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten 4 De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Staten regelen in onderlinge overeenstemming de wijze van toepassing van het tweede en derde lid 5 De bepalingen van het tweede en derde lid laten onverlet de belastingheffing van het lichaam ter zake van de winst waaruit de dividenden worden betaald 6 De uitdrukking â ždividendenâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit aandelen winstaandelen of winstbewijzen mijnaandelen oprichtersaandelen of andere rechten niet zijnde schuldvorderingen die aanspraak geven op een aandeel in de winst alsmede inkomsten uit andere vennootschappelijke rechten die door de wetgeving van de Staat waarvan het lichaam dat de uitdeling doet inwoner is op dezelfde wijze aan de belastingheffing worden onderworpen als inkomsten uit aandelen 7 De bepalingen van het eerste tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de dividenden die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waarvan het lichaam dat de dividenden betaalt inwoner is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 8 Indien een lichaam dat inwoner is van een Verdragsluitende Staat voordelen of inkomsten verkrijgt uit de andere Verdragsluitende Staat mag die andere Staat geen belasting heffen op de dividenden die door het lichaam worden betaald behalve voor zover deze dividenden worden betaald aan een inwoner van die andere Staat of voor zover het aandelenbezit uit hoofde waarvan de dividenden worden betaald tot het bedrijfsvermogen van een in die andere Staat gevestigde vaste inrichting behoort noch de niet uitgedeelde winst van het lichaam onderwerpen aan een belasting op niet uitgedeelde winst van het lichaam zelfs indien de betaalde dividenden of de niet uitgedeelde winst geheel of gedeeltelijk bestaan uit voordelen of inkomsten die uit die andere Staat afkomstig zijn 9 Op grond van dit artikel is geen tegemoetkoming beschikbaar indien het voornaamste doel of een van de voornaamste doelen van een persoon die betrokken is bij de toewijzing van de dividenden of bij het creà ren of toewijzen van de aandelen of andere rechten ter zake waarvan het dividend wordt betaald of van het oprichten verwerven of handhaven van het lichaam dat de uiteindelijk gerechtigde tot dividenden is en de uitvoering van zijn werkzaamheden is van de voordelen van dit artikel te profiteren In elk geval waarin een Verdragsluitende Staat beoogt dit lid toe te passen dient zijn bevoegde autoriteit vooraf te overleggen met de bevoegde autoriteit van de andere Verdragsluitende Staat Artikel 11 Interest 1 Interest afkomstig uit een Verdragsluitende Staat die wordt verkregen door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijke gerechtigde is is slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žinterestâ zoals gebezigd in dit artikel betekent inkomsten uit schuldvorderingen van welke aard ook al dan niet verzekerd door hypotheek en al dan niet aanspraak gevend op een aandeel in de winst van de schuldenaar en in het bijzonder inkomsten uit overheidsleningen en inkomsten uit obligaties of schuldbewijzen waaronder begrepen de aan zodanige leningen obligaties of schuldbewijzen verbonden premies en prijzen In rekening gebrachte boetes voor te late betaling worden voor de toepassing van dit artikel niet als interest aangemerkt 3 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de interest die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de interest afkomstig is een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en de schuldvordering ter zake waarvan de interest wordt betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 4 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de interest gelet op de schuldvordering ter zake waarvan deze wordt betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 12 Royaltyâ s 1 Royaltyâ s afkomstig uit een Verdragsluitende Staat die worden verkregen door een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat die de uiteindelijke gerechtigde is zijn slechts in die andere Staat belastbaar 2 De uitdrukking â žroyaltyâ sâ zoals gebezigd in dit artikel betekent vergoedingen van welke aard ook voor het gebruik van of voor het recht van gebruik van een auteursrecht op een werk op het gebied van letterkunde kunst of wetenschap waaronder begrepen bioscoopfilms een octrooi een fabrieks of handelsmerk een tekening of model een plan een geheim recept of een geheime werkwijze of voor inlichtingen omtrent ervaringen op het gebied van nijverheid handel of wetenschap 3 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing indien de uiteindelijk gerechtigde tot de royaltyâ s die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat waaruit de royaltyâ s afkomstig zijn een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het recht of de zaak uit hoofde waarvan de royaltyâ s worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing 4 Indien wegens een bijzondere verhouding tussen de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde of tussen hen beiden en een derde het bedrag van de royaltyâ s gelet op het gebruik het recht of de inlichtingen waarvoor zij worden betaald hoger is dan het bedrag dat zonder zulk een verhouding door de schuldenaar en de uiteindelijk gerechtigde zou zijn overeengekomen zijn de bepalingen van dit artikel slechts op het laatstbedoelde bedrag van toepassing In dat geval blijft het daarboven uitgaande deel van het betaalde bedrag belastbaar overeenkomstig de wetgeving van elk van de Verdragsluitende Staten zulks met inachtneming van de overige bepalingen van dit Verdrag Artikel 13 Vermogenswinsten 1 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van onroerende zaken als bedoeld in artikel 6 en die zijn gelegen in de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Voordelen verkregen uit de vervreemding van roerende goederen die deel uitmaken van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die een onderneming van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat heeft waaronder begrepen voordelen verkregen uit de vervreemding van de vaste inrichting afzonderlijk of met de gehele onderneming mogen in die andere Staat worden belast 3 Voordelen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit de vervreemding van schepen of luchtvaartuigen die in internationaal verkeer worden geà xploiteerd of van roerende goederen die worden gebruikt bij de exploitatie van deze schepen of luchtvaartuigen zijn slechts belastbaar in die Staat 4 Voordelen verkregen uit de vervreemding van alle andere goederen dan die bedoeld in het eerste tweede en derde lid zijn slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de vervreemder inwoner is Artikel 14 Inkomsten uit Dienstbetrekking 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van de artikelen 15 17 18 19 en 20 zijn salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een dienstbetrekking slechts in die Staat belastbaar tenzij de dienstbetrekking in de andere Verdragsluitende Staat wordt uitgeoefend Indien de dienstbetrekking aldaar wordt uitgeoefend mag de ter zake daarvan verkregen beloning in die andere Staat worden belast 2 Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid is de beloning verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat ter zake van een in de andere Verdragsluitende Staat uitgeoefende dienstbetrekking slechts in de eerstbedoelde Staat belastbaar indien a de genieter in de andere Staat verblijft gedurende een tijdvak dat of tijdvakken die in een tijdvak van twaalf maanden beginnend of eindigend in het desbetreffende belastingjaar een totaal van 183 dagen niet te boven gaat of gaan en b de beloning wordt betaald door of namens een werkgever die geen inwoner van de andere Staat is en c de beloning niet ten laste komt van een vaste inrichting die de werkgever in de andere Staat heeft 3 Niettegenstaande de voorgaande bepalingen van dit artikel is de beloning verkregen ter zake van een dienstbetrekking uitgeoefend met betrekking tot een schip of luchtvaartuig dat in internationaal verkeer wordt geà xploiteerd door een inwoner van een Verdragsluitende Staat slechts in die Staat belastbaar Dit lid is niet van toepassing indien de werknemer inwoner of onderdaan is van de andere Verdragsluitende Staat Artikel 15 Directeursbeloningen 1 Directeursbeloningen en andere beloningen verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat in zijn hoedanigheid van lid van de raad van beheer van een lichaam dat inwoner is van de andere Verdragsluitende Staat mogen in die andere Staat worden belast 2 Indien een lichaam inwoner is van Nederland omvat de uitdrukking â žleden van de raad van beheerâ zowel bestuurders als commissarissen De uitdrukkingen â žbestuurderâ en â žcommissarisâ betekenen respectievelijk personen die zijn belast met de algemene leiding van het lichaam en personen die zijn belast met het toezicht daarop Artikel 16 Artiesten en Sportbeoefenaars 1 Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 en 14 mogen voordelen of inkomsten verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat als artiest zoals een toneelspeler een film radio of televisie artiest of een musicus of als sportbeoefenaar uit zijn persoonlijke werkzaamheden als zodanig die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat worden belast in die andere Staat 2 Indien voordelen of inkomsten ter zake van persoonlijke werkzaamheden die door een artiest of een sportbeoefenaar in die hoedanigheid worden verricht niet aan de artiest of sportbeoefenaar zelf toekomen maar aan een andere persoon mogen die voordelen of inkomsten niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 7 en 14 worden belast in de Verdragsluitende Staat waarin de werkzaamheden van de artiest of sportbeoefenaar worden verricht 3 Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op voordelen of inkomsten die worden verkregen door een inwoner van een Verdragsluitende Staat uit werkzaamheden die worden verricht in de andere Verdragsluitende Staat indien het bezoek aan die andere Staat geheel of grotendeels wordt bekostigd uit de openbare middelen van de eerstbedoelde Verdragsluitende Staat een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan of plaatsvindt in het kader van een culturele overeenkomst tussen de Regeringen van de Verdragsluitende Staten In een zodanig geval zijn de voordelen of inkomsten slechts belastbaar in de Verdragsluitende Staat waarvan de artiest of sportbeoefenaar inwoner is Artikel 17 Pensioenen Lijfrenten en Socialezekerheidsuitkeringen 1 Onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid van artikel 18 mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen met inbegrip van lijfrenten en afkoopsommen afkomstig uit een Verdragsluitende Staat en betaald aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat worden belast in de eerstbedoelde Staat 2 Pensioenen en andere uitkeringen betaald krachtens de bepalingen van een socialezekerheidsstelsel van een Verdragsluitende Staat aan een inwoner van de andere Verdragsluitende Staat mogen in de eerstbedoelde Staat worden belast 3 Of en in hoeverre een pensioen of soortgelijke beloning onder dit artikel of onder artikel 18 valt wordt bepaald door het karakter van de vroegere dienstbetrekking of het vroegere beroep zijnde particulier of overheid gedurende welke de aanspraak op dat gedeelte van het pensioen of de soortgelijke beloning werd opgebouwd Artikel 18 Overheidsfuncties 1 a Salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen niet zijnde een pensioen betaald door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten verleend aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam mogen in die Staat worden belast b Deze salarissen lonen en andere soortgelijke beloningen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden verleend en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verlenen van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Niettegenstaande de bepalingen van het eerste lid mogen pensioenen en andere soortgelijke beloningen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten verleend aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam of regering in die Staat worden belast b Deze pensioenen en andere soortgelijke beloningen zijn echter slechts in de andere Verdragsluitende Staat belastbaar indien de natuurlijke persoon inwoner en onderdaan is van die Staat 3 De bepalingen van de artikelen 14 15 16 en 17 zijn van toepassing op salarissen lonen pensioenen en andere soortgelijke beloningen ter zake van diensten verleend in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een Verdragsluitende Staat of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 19 Hoogleraren en Docenten 1 Vergoedingen die een hoogleraar of docent die inwoner is van een Verdragsluitende Staat en die in de andere Verdragsluitende Staat verblijft met het doel gedurende een tijdvak van ten hoogste drie jaar onderwijs te geven of zich met wetenschappelijk onderzoek bezig te houden aan een universiteit hogeschool of andere inrichting voor onderwijs of wetenschappelijk onderzoek in die andere Staat voor dat onderwijs of dat onderzoek ontvangt zijn uitsluitend in de eerstbedoelde Staat belastbaar 2 Dit artikel is niet van toepassing op inkomsten uit het verrichten van wetenschappelijk onderzoek indien dit onderzoek niet wordt verricht in het algemeen belang maar in de eerste plaats voor het persoonlijk nut van een bepaalde persoon of bepaalde personen Artikel 20 Studenten Vergoedingen die een student of een voor een beroep of bedrijf in opleiding zijnde persoon die inwoner is of onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een Verdragsluitende Staat inwoner was van de andere Verdragsluitende Staat en die uitsluitend voor zijn studie of opleiding in de eerstbedoelde Staat verblijft ontvangt ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding zijn in die Staat niet belastbaar mits deze betalingen aan hem worden gedaan uit bronnen buiten die Staat Artikel 21 Overige Inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een Verdragsluitende Staat van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van dit Verdrag zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in artikel 6 tweede lid indien de genieter van die inkomsten die inwoner is van een Verdragsluitende Staat in de andere Verdragsluitende Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting en het recht of de zaak ter zake waarvan de inkomsten worden betaald tot het bedrijfsvermogen van die vaste inrichting behoort In dat geval zijn de bepalingen van artikel 7 van toepassing HOOFDSTUK IV VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING Artikel 22 Vermijding van Dubbele Belasting 1 Nederland is bevoegd bij het heffen van belasting van zijn inwoners in de grondslag waarnaar de belasting wordt geheven de bestanddelen van het inkomen te begrijpen die overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag in de Verenigde Arabische Emiraten mogen worden belast 2 Indien echter een inwoner van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens artikel 6 artikel 7 artikel 10 zevende lid artikel 11 derde lid artikel 12 derde lid artikel 13 eerste en tweede lid artikel 14 eerste lid artikel 18 eerste lid onderdeel a en tweede lid onderdeel a artikel 21 tweede lid van dit Verdrag in de Verenigde Arabische Emiraten mogen worden belast en die in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen stelt Nederland deze bestanddelen van het inkomen vrij door een vermindering op zijn belasting te verlenen Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting Te dien einde worden bedoelde bestanddelen van het inkomen geacht te zijn begrepen in het bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 3 Nederland verleent voorts een aftrek op de aldus berekende Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens artikel 10 tweede lid artikel 15 eerste lid artikel 16 eerste en tweede lid en artikel 17 eerste en tweede lid van dit Verdrag in de Verenigde Arabische Emiraten mogen worden belast in zoverre deze bestanddelen in de in het eerste lid bedoelde grondslag zijn begrepen Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan de in de Verenigde Arabische Emiraten over deze

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigde-arabische-emiraten-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Verenigde Staten (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    afkoopsom bedoeld in het tweede lid dat wordt gebruikt als bijdrage aan een pensioenregeling of dat wordt gestort op een pensioenrekening onder zodanige omstandigheden dat indien de beloning of de afkoopsom zou zijn ontvangen van een betaler in de woonstaat van de ontvanger de belastingheffing door de woonstaat van de ontvanger over de betaling zou zijn uitgesteld tot het tijdstip waarop de betaling wordt onttrokken aan de pensioenregeling waaraan was bijgedragen of de pensioenrekening waarop was gestort 4 Onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid van artikel 20 Overheidsfuncties zijn pensioenen en andere betalingen gedaan krachtens de bepalingen van een publiekrechtelijke regeling inzake sociale zekerheid en andere publiekrechtelijke pensioenen betaald door een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat of aan een staatsburger van de Verenigde Staten slechts belastbaar in de eerstbedoelde Staat 5 De uitdrukking â žlijfrente als bedoeld in dit artikel betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen hetzij gedurende het leven hetzij gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke staat tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde 6 Alimentatie betaald aan een inwoner van een van de Staten is slechts in die Staat belastbaar De uitdrukking â žalimentatie als bedoeld in dit lid betekent periodieke uitkeringen ingevolge een schriftelijke overeenkomst tot scheiding of een echtscheidingsvonnis gescheiden onderhoud of verplichte steun dan wel een afkoopsom in plaats daarvan die bij de ontvanger belast zijn ingevolge de wetgeving van de Staat waarvan hij inwoner is 7 Indien een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de Staten lid is van begunstigde tot of deelnemer in een vrijgesteld pensioenfonds dat inwoner is van de andere Staat mag het inkomen behaald door het vrijgestelde pensioenfonds uitsluitend worden belast als inkomen van die persoon indien en met inachtneming van de bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel voor zover dat inkomen door het vrijgestelde pensioenfonds wordt betaald of ten goede komt aan die natuurlijke persoon en niet wordt overgedragen aan een ander vrijgesteld pensioenfonds in die andere Staat 8 Indien een natuurlijke persoon die lid is van begunstigde tot of deelnemer in een vrijgesteld pensioenfonds dat gevestigd is in een van de Staten in dienstverband of als zelfstandige werkzaam is in de andere Staat a zijn de premies betaald door of namens die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds gedurende het tijdvak waarin hij in dienstverband of als zelfstandige werkzaam is in de andere Staat aftrekbaar of worden niet bij de belastingheffing inbegrepen voor de berekening van zijn belastbaar inkomen in die andere Staat en b worden voordelen behaald door het vrijgestelde pensioenfonds of premies betaald aan het vrijgestelde pensioenfonds door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon gedurende dat tijdvak niet behandeld als onderdeel van het belastbare inkomen van die persoon en mogen dergelijke premies worden afgetrokken bij de berekening van de bedrijfswinst van zijn werkgever in die andere Staat De uit hoofde van dit lid beschikbare fiscale facilià ring mag niet hoger zijn dan de fiscale facilià ring die door de andere Staat zou zijn toegestaan aan inwoners van die Staat voor premies aan of uitkeringen voortvloeiend uit een in die Staat gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 9 De bepalingen van het achtste lid van dit artikel vinden alleen toepassing indien a premies betaald door of namens de natuurlijke persoon of door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds of aan een ander soortgelijk vrijgesteld pensioenfonds dat in de plaats gekomen is van het eerstbedoelde pensioenfonds zijn betaald voordat de natuurlijke persoon in dienstverband of als zelfstandige ging werken in de andere Staat en b de bevoegde autoriteit van de andere Staat ermee heeft ingestemd dat het vrijgestelde pensioenfonds over het algemeen overeenkomt met een in die andere Staat gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 10 a Indien een staatsburger van de Verenigde Staten die in Nederland woont in Nederland in dienstbetrekking werkzaam is waarvan de inkomsten belastbaar zijn in Nederland en ten laste komen van een werkgever die inwoner is van Nederland of van een in Nederland gevestigde vaste inrichting en de natuurlijke persoon lid is van begunstigde tot of deelnemer in een in Nederland gevestigd vrijgesteld pensioenfonds i dienen de premies betaald door of namens die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds gedurende het tijdvak waarin hij in dienstverband werkzaam is in Nederland en die toe te rekenen zijn aan het dienstverband aftrekbaar te zijn of niet bij de belastingheffing te worden inbegrepen bij de berekening van zijn belastbaar inkomen in de Verenigde Staten en ii worden uitkeringen voortvloeiend uit het vrijgestelde pensioenfonds of door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon gedurende dat tijdvak betaalde premies aan het vrijgestelde pensioenfonds en die toe te rekenen zijn aan dat dienstverband bij de berekening van het belastbare inkomen van de werknemer in de Verenigde Staten niet behandeld als onderdeel van het belastbare inkomen Dit lid vindt uitsluitend toepassing voor zover de premies of uitkeringen in aanmerking komen voor fiscale facilià ring in Nederland b De uit hoofde van dit lid beschikbare fiscale facilià ring mag niet hoger zijn dan die welke door de Verenigde Staten zou zijn toegestaan aan hun inwoners voor premies aan of voordelen behaald door een overeenkomstig vrijgesteld pensioenfonds dat in de Verenigde Staten is gevestigd c Teneinde te bepalen of een natuurlijke persoon in aanmerking komt voor deelname in en belastingvoordeel in verband met een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds worden premies betaald aan of voordelen behaald door een in Nederland gevestigd vrijgesteld pensioenfonds behandeld als premies of uitkeringen uit hoofde van een overeenkomstig vrijgesteld pensioenfonds dat in de Verenigde Staten is gevestigd voorzover fiscale facilià ring uit hoofde van dit lid beschikbaar is voor de natuurlijke persoon d Dit lid vindt alleen toepassing indien de bevoegde autoriteit van de Verenigde Staten ermee heeft ingestemd dat het vrijgestelde pensioenfonds over het algemeen overeenkomt met een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 11 De voordelen bedoeld in het zevende achtste negende en tiende lid zijn met betrekking tot een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds uitsluitend van toepassing indien het pensioenfonds zich in overeenstemming met het Nederlandse recht ten aanzien van aangewezen buitenlandse pensioenfondsen verplicht inlichtingen en zekerheid te verschaffen aan de belastingautoriteiten van Nederland Artikel 20 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon terzake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de natuurlijke persoon inwoner en onderdaan is van die Staat 3 De bepalingen van de artikelen 16 Niet zelfstandige Arbeid 17 Bestuurders en Commissarissenbeloningen en 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen zijn van toepassing op beloningen en pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 21 Hoogleraren en docenten 1 Een natuurlijke persoon die een van de Staten bezoekt gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar met het doel onderwijs te geven of zich met wetenschappelijk onderzoek bezig te houden aan een universiteit hogeschool of andere erkende onderwijsinrichting in die Staat en die onmiddellijk voorafgaande aan dat bezoek inwoner was van de andere Staat is slechts in die andere Staat belastbaar voor de beloning voor dat geven van onderwijs of dat onderzoek gedurende een tijdvak dat twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop hij de eerstgenoemde Staat voor het eerst met dat doel bezoekt niet te boven gaat Indien het bezoek de twee jaar overschrijdt mag de eerstgenoemde Staat de natuurlijke persoon belasten ingevolge zijn nationale wetgeving voor het gehele tijdvak van het bezoek tenzij de bevoegde autoriteiten van de Staten in een bijzonder geval anders overeenkomen 2 Dit artikel is niet van toepassing op inkomsten uit het verrichten van wetenschappelijk onderzoek indien dit onderzoek niet wordt verricht in het algemeen belang maar in de eerste plaats voor het persoonlijke nut van een bepaalde persoon of bepaalde personen Artikel 22 Studenten en personen in opleiding 1 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een van de Staten inwoner is van de andere Staat en die tijdelijk in de eerstbedoelde Staat verblijf houdt in de eerste plaats met de bedoeling a met volledige dagtaak te studeren aan een erkende universiteit hogeschool of school in die eerstbedoelde Staat of b een opleiding voor een bedrijf of beroep te verkrijgen is vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat ter zake van i alle overmakingen uit het buitenland ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding en ii alle beloningen voor persoonlijke diensten verricht in de eerstbedoelde Staat tot een bedrag dat in enig belastingjaar 2000 Amerikaanse dollar of de tegenwaarde daarvan in euro op 1 januari van dat belastingjaar niet te boven gaat De voordelen ingevolge dit lid worden slechts verleend voor zulk een tijdsduur als redelijk is of gewoonlijk vereist om het doel van het bezoek te bereiken 2 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een van de Staten inwoner is van de andere Staat en die tijdelijk in de eerstbedoelde Staat verblijf houdt gedurende een tijdvak van niet langer dan driejaar met het doel te studeren wetenschappelijk onderzoek te doen of een opleiding te verkrijgen zulks uitsluitend als genieter van een toelage vergoeding of prijs verleend door een organisatie op het gebied van wetenschap onderwijs godsdienst of liefdadigheid of op grond van een programma van technische hulpverlening waaraan een van de Staten een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan deelneemt is vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat voor a het bedrag van die toelage vergoeding of prijs en b alle beloningen voor persoonlijke diensten verricht in de eerstbedoelde Staat mits die diensten verband houden met zijn studie onderzoek of opleiding of daaruit voortvloeien zulks tot een bedrag dat in enig belastingjaar 2000 Amerikaanse dollar of de tegenwaarde daarvan in euro op 1 januari van dat belastingjaar niet te boven gaat 3 Een natuurlijke persoon kan geen aanspraak maken op de voordelen van dit artikel of van artikel 21 Hoogleraren en andere Docenten indien die natuurlijke persoon gedurende het onmiddellijk voorafgaande tijdvak aanspraak heeft gemaakt op de voordelen van zo n ander artikel Artikel 23 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een van de Staten van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in het tweede lid van artikel 6 Inkomsten uit Onroerende Zaken indien de uiteindelijke gerechtigde tot de inkomsten die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de inkomsten zijn toe te rekenen aan die vaste inrichting of aan dat vaste middelpunt In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 Winst uit Onderneming of artikel 15 Zelfstandige Arbeid van toepassing HOOFDSTUK IV VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING Artikel 24 Grondslag van de belastingheffing 1 Niettegenstaande enige bepaling van de Overeenkomst behalve het tweede lid mag elk van de Staten zijn inwoners en onderdanen belasten als ware de Overeenkomst niet in werking getreden Voor dit doel omvat waar het de Verenigde Staten betreft de uitdrukking onderdaan een voormalige staatsburger of langdurig inwoner die geen onderdaan is van Nederland en voor wie het vermijden van de heffing van inkomstenbelasting een van de voornaamste doelstellingen is van het verlies van zijn een dergelijke Amerikaanse status maar alleen voor het tijdvak van 10 jaar volgend op dat verlies 2 De bepalingen van het eerste lid tasten niet aan a de voordelen verleend door een van de Staten ingevolge het tweede lid van artikel 9 Verbonden Ondernemingen ingevolge het vierde zevende achtste en tiende lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatie uitkeringen en ingevolge de artikelen 25 Vermijding van Dubbele Belasting 28 Non Discriminatie en 29 Regeling voor Onderling Overleg en b de voordelen verleend door een van de Staten ingevolge de artikelen 20 Overheidsfuncties 21 Hoogleraren en andere Docenten 22 Studenten en Personen in Opleiding en 33 Diplomatieke en Consulaire Ambtenaren aan natuurlijke personen die geen onderdaan zijn van die Staat en in het geval van de Verenigde Staten evenmin â žlawful permanent resident van de Verenigde Staten 3 Voor de uitvoering van het eerste en tweede lid van artikel 7 Winst uit Onderneming het zevende lid van artikel 10 Dividenden het derde lid van artikel 12 Interest het derde lid van artikel 13 Royalty s het derde lid van artikel 14 Vermogenswinsten het eerste lid van artikel 15 Zelfstandige Arbeid en het tweede lid van artikel 23 Overige Inkomsten zijn alle inkomsten voordelen of kosten die zijn toe te rekenen aan een vaste inrichting of vast middelpunt gedurende het bestaan daarvan belastbaar of aftrekbaar in de Staat waarin die vaste inrichting of dat vaste middelpunt is gelegen zelfs als de betalingen zijn uitgesteld tot een tijdstip waarop die vaste inrichting of dat vaste middelpunt heeft opgehouden te bestaan Niets in de voorgaande zin tast de toepassing op die uitgestelde betalingen aan overeenkomstig de binnenlandse wetgeving van elk van de Staten van de regels betreffende de winstneming en het maken van kosten Voordelen uit de vervreemding van roerende goederen die op enig moment deel hebben uitgemaakt van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat heeft of heeft gehad mogen door die andere Staat slechts worden belast voor zover het voordeel is toe te rekenen aan het tijdvak waarin de desbetreffende roerende goederen deel hebben uitgemaakt van het voornoemde bedrijfsvermogen Die andere Staat kan die voordelen belasten op het tijdstip waarop de voordelen overeenkomstig de wetten van die andere Staat worden gerealiseerd en in aanmerking worden genomen mits dat tijdstip ligt binnen 3 jaar na de datum waarop de goederen ophouden deel te zijn van het bedrijfsvermogen van de vaste inrichting of het vaste middelpunt 4 Indien onmiddellijk voorafgaand aan de datum waarop een hoorzitting wordt gehouden voor de â žUnited States Foreign Relations Committee betreffende goedkeuring ter bekrachtiging van deze Overeenkomst de Nederlandse wetgeving geen bepalingen bevat die het vermijden of het ontgaan van belasting voorkomen met betrekking tot belastingen op inkomsten in de situatie waarin a een Nederlandse onderneming interest of royalty s verkrijgt uit een andere Staat welke interest of royalty s zijn toe te rekenen aan een vaste inrichting van die onderneming in een derde rechtsgebied b de inkomsten van die vaste inrichting zijn onderworpen aan speciale of lage belastingheffing vanwege een â žtax haven regime waaronder begrepen maar niet noodzakelijkerwijze beperkt tot regimes bedoeld om het gebruik van het derde rechtsgebied te bevorderen met het oogmerk belastingheffing met betrekking tot beleggingsinkomsten te voorkomen en c de inkomsten van die vaste inrichting in Nederland zijn vrijgesteld van belasting dan zal tussen beide Staten een regeling worden overeengekomen die is gericht op de voorkoming van het vermijden of het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen op die interest of royaltyinkomsten die door een Nederlandse onderneming worden verkregen uit de Verenigde Staten en zal die regeling worden neergelegd in een afzonderlijk Protocol bij deze Overeenkomst 4 In het geval van een bestanddeel van het inkomen de winst of een voordeel verkregen door een persoon dat fiscaal transparant is krachtens het recht van een van beide Staten wordt dit bestanddeel aangemerkt als zijnde verkregen door een inwoner van een Staat voorzover dat bestanddeel voor de toepassing van het belastingrecht van die Staat wordt behandeld als het inkomen de winst of het voordeel van een inwoner Artikel 25 Vermijding van dubbele belasting 1 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid van artikel 24 Grondslag van de Belastingheffing is Nederland bevoegd de bestanddelen van het inkomen in de grondslag van de belastingheffing te begrijpen die op grond van het vierde lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatie uitkeringen en artikel 20 Overheidsfuncties slechts in de Verenigde Staten belastbaar zijn 2 Indien een inwoner of onderdaan van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens artikel 6 Inkomsten uit Onroerende Zaken artikel 7 Winst uit Onderneming het zevende lid van artikel 10 Dividenden het derde lid van artikel 12 Interest het derde lid van artikel 13 Royalty s het eerste en derde lid van artikel 14 Vermogenswinsten artikel 15 Zelfstandige Arbeid voor zover dat inkomen is onderworpen aan belasting van de Verenigde Staten het eerste lid van artikel 16 Niet zelfstandige Arbeid het vierde lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen artikel 20 Overheidsfuncties en het tweede lid van artikel 23 Overige Inkomsten van deze Overeenkomst belastbaar zijn in de Verenigde Staten en zijn begrepen in de grondslag van de belastingheffing stelt Nederland deze bestanddelen vrij door een vermindering van zijn belasting toe te staan Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting Hiertoe worden de genoemde bestanddelen geacht te zijn begrepen in het totale bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 3 Nederland verleent voorts een aftrek op de Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens het tweede lid van artikel 10 Dividenden artikel 17 Bestuurders en Commissarissenbeloningen en artikel 18 Artiesten en Sportbeoefenaars van de Overeenkomst in de Verenigde Staten mogen worden belast voor zover deze bestanddelen in de grondslag van de belastingheffing zijn begrepen Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan a in het geval van dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het tweede lid letter a van artikel 10 Dividenden 5 procent van die dividenden b in het geval van dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het tweede lid letter b van artikel 10 Dividenden 15 procent van die dividenden c in het geval van andere dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het vierde lid van artikel 10 Dividenden 15 procent van die dividenden en d in het geval van andere bestanddelen van het inkomen genoemd in dit lid de over die andere bestanddelen van het inkomen in de Verenigde Staten betaalde belasting maar bedraagt in geen geval meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die op grond van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 4 Overeenkomstig de bepalingen en behoudens de beperkingen van de wetgeving van de Verenigde Staten zoals deze van tijd tot tijd kan worden gewijzigd zonder de algemene uitgangspunten ervan te wijzigen staan de Verenigde Staten aan een inwoner of onderdaan van de Verenigde Staten een verrekening toe met de belasting op inkomen van de Verenigde Staten van a het daarvoor in aanmerking komende bedrag aan inkomstenbelasting dat door of namens die inwoner of onderdaan aan Nederland is betaald of dat aan Nederland is verschuldigd behalve de inkomstenbelasting betaald aan Nederland in de gevallen bedoeld in het negende lid van artikel 14 Vermogens winsten of in het tweede lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten en Alimentatieuitkeringen en b in het geval van een lichaam van de Verenigde Staten dat ten minste 10 percent bezit van het stemgerechtigde aandelenkapitaal van een lichaam dat inwoner is van Nederland en waarvan het lichaam van de Verenigde Staten dividenden ontvangt het daarvoor in aanmerking komende bedrag aan inkomstenbelasting dat door of namens het uitdelende lichaam aan Nederland is betaald of dat aan Nederland is verschuldigd met betrekking tot de winsten waaruit de dividenden zijn betaald De grondslag voor dit in aanmerking komende bedrag is het bedrag aan inkomstenbelasting dat is betaald aan of dat is verschuldigd aan Nederland maar de verrekening overschrijdt niet de beperkingen die tot doel hebben de verrekening te beperken tot de belasting van de Verenigde Staten op inkomsten uit bronnen buiten de Verenigde Staten zoals voorzien in de wetgeving van de Verenigde Staten voor het belastingjaar Voor de toepassing van dit lid worden de belastingen bedoeld in het eerste lid letter a en het tweede lid van artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is beschouwd als inkomstenbelastingen 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid van dit artikel staan de Verenigde Staten aan een inwoner of onderdaan van de Verenigde Staten een verrekening toe met belasting van de Verenigde Staten op inkomen van het daarvoor in aanmerking komende bedrag van het winstaandeel betaald door of namens die inwoner of onderdaan aan Nederland Het daarvoor in aanmerking komende bedrag is het produkt van i de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel en ii het wettelijke maximumtarief van de belasting van de Verenigde Staten dat van toepassing is voor die inwoner of onderdaan voor dat belastingjaar Voor het bepalen van het in aanmerking komende bedrag hebben de volgende uitdrukkingen de volgende betekenis a de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel is het deel van de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel die zijn behaald uit bronnen in Nederland vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel dat uitgaat boven de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting b de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting is het effectieve tarief van de vennootschapsbelasting gedeeld door het wettelijke maximumtarief van de belasting van de Verenigde Staten dat van toepassing is voor die inwoner of onderdaan voor dat belastingjaar vermenigvuldigd met de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel die zijn behaald uit bronnen in Nederland vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel c het effectieve tarief van de vennootschapsbelasting is de vennootschapsbelasting betaald over de inkomsten die zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel gedeeld door de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel en vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel Bij de vaststelling van het in aanmerking komende bedrag gelden eveneens de andere beperkingen waarin de wetgeving van de Verenigde Staten zoals deze van tijd tot tijd kan worden gewijzigd voorziet die van toepassing zijn op belastingen die verrekenbaar zijn op grond van de bepalingen van artikel 901 of 903 van de Internal Revenue Code voor personen die aanspraak maken op de voordelen van deze Overeenkomst Bij de toepassing van die beperkingen op de vennootschapsbelasting moet bij het berekenen van deze beperkingen de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting zoals gedefinieerd in b hierboven worden gebruikt Het winstaandeel dat is betaald en dat uitgaat boven het in aanmerking komende bedrag mag alleen worden gebruikt voor verrekening in een ander belastingjaar en alleen met belasting van de Verenigde Staten op de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel zoals gedefinieerd in a hierboven Indien aanspraak wordt gemaakt op verrekening van het winstaandeel mag de belastingplichtige met betrekking tot enige buitenlandse belasting betaald of verschuldigd in dat jaar waarvoor aanspraak mag worden gemaakt op verrekening met belasting van de Verenigde Staten op inkomen op grond van artikel 901 of 903 van de Internal Revenue Code of met betrekking tot het winstaandeel betaald of verschuldigd in dat jaar geen aanspraak maken op aftrek op zijn in de Verenigde Staten belastbare inkomen Verrekening ingevolge de bepalingen van het vierde lid van dit artikel is niet toegestaan voor enige Nederlandse belasting waarvoor aanspraak op verrekening is gemaakt ingevolge de bepalingen van dit lid 6 Indien een staatsburger van de Verenigde Staten inwoner is van Nederland a staat Nederland met betrekking tot de bestanddelen van het inkomen die niet zijn vrijgesteld van Nederlandse belasting op grond van het tweede lid en niet zijn genoemd in het zevende lid van dit artikel en die ingevolge de bepalingen van deze Overeenkomst zijn vrijgesteld van belasting van de Verenigde Staten of die zijn onderworpen aan een gereduceerd tarief van belasting van de Verenigde Staten indien zij zijn behaald door een inwoner van Nederland die geen staatsburger is van de Verenigde Staten alleen een verrekening met Nederlandse belasting toe op grond van de bepalingen van de Nederlandse belastingwetgeving met betrekking tot verrekening van buitenlandse belasting van de daadwerkelijk betaalde belasting die de Verenigde Staten mogen heffen op grond van de bepalingen van deze Overeenkomst anders dan belastingen die op grond van van de bepalingen van het eerste lid van artikel 24 Grondslag van de Belastingheffing uitsluitend mogen worden geheven op grond van staatsburgerschap b staan de Verenigde Staten teneinde de belasting van de Verenigde Staten in letter a te berekenen een verrekening met belasting van de Verenigde Staten toe van de aan Nederland betaalde inkomstenbelasting na de verrekening bedoeld in letter a de aldus toegestane verrekening vermindert niet het deel van de belasting van de Verenigde Staten dat in overeenstemming met letter a verrekenbaar is met de Nederlandse belasting en c uitsluitend met het doel om dubbele belasting in de Verenigde Staten te vermijden op grond van de bepalingen van letter b worden bestanddelen van het inkomen bedoeld in letter a geacht afkomstig te zijn uit Nederland voor zover noodzakelijk om dubbele belasting van dat inkomen ingevolge letter b te vermijden 7 Indien een inwoner van een van de Staten voordelen of een beloning of een eenmalige uitkering verkrijgt die in overeenstemming met het negende lid van artikel 14 Vermogenswinsten of met het tweede lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen in de andere Staat mogen worden belast staat die andere Staat van zijn belasting op die voordelen beloning of eenmalige uitkering een aftrek toe Het bedrag van die aftrek is gelijk aan de belasting die is geheven in de eerstgenoemde Staat op de genoemde voordelen beloning of eenmalige uitkering maar bedraagt in geen geval meer dan dat deel van de inkomstenbelasting zoals berekend voordat de aftrek is toegestaan dat toerekenbaar is aan de genoemde voordelen beloning of eenmalige uitkering Voor het uitsluitende doel om dubbele belasting in de Verenigde Staten te vermijden op grond van de bepalingen van dit lid worden bestanddelen van het inkomen bedoeld in dit lid geacht afkomstig te zijn uit Nederland voor zover noodzakelijk om dubbele belasting op dat inkomen ingevolge de bepalingen van dit lid te vermijden HOOFDSTUK V BIJZONDERE BEPALINGEN Artikel 26 Beperkingen van voordelen 1 Tenzij in dit artikel anders is bepaald is een inwoner van een van de Staten die voordelen verkrijgt uit de andere Staat alleen gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat indien een dergelijke inwoner een gekwalificeerde persoon is als omschreven in het tweede lid van dit artikel en voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen 2 Een inwoner van een van de Staten is uitsluitend een gekwalificeerde persoon voor een belastingjaar indien hij a een natuurlijke persoon is of b een Staat een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan is of c een lichaam is indien i de voornaamste soort van zijn aandelen en elke â ždisproportionate class of sharesâ genoteerd is aan een erkende effectenbeurs zoals beschreven in het achtste lid letter a onder i of ii van dit artikel en in deze aandelen regelmatig wordt gehandeld op een of meer erkende effectenbeurzen tenzij het lichaam geen reà le aanwezigheid heeft in de Staat waarvan het een inwoner is of ii ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ van het lichaam onmiddellijk of middellijk het eigendom is van ten hoogste vijf lichamen die gerechtigd zijn tot de voordelen van letter c onder i met dien verstande dat ingeval van middellijke eigendom elke tussenliggende eigenaar inwoner is van een van beide Staten d een persoon is als beschreven in artikel 35 Vrijgestelde Pensioenfondsen van deze Overeenkomst op voorwaarde dat i meer dan 50 percent van de gerechtigden leden of deelnemers natuurlijke personen van een van beide Staten zijn of ii de organisatie die geldschieter is van een dergelijke persoon recht heeft op de voordelen van de Overeenkomst op grond van dit artikel of e een niet in letter d beschreven organisatie zonder winstoogmerk is die krachtens een dergelijke hoedanigheid in het algemeen in haar woonstaat is vrijgesteld van een belastingheffing naar het inkomen of f een persoon is niet zijnde een natuurlijke persoon of een lichaam dat gerechtigd zou zijn tot de voordelen op grond van letter c onder i maar daarvoor niet in aanmerking komt als gevolg van het niet hebben van reà le aanwezigheid in haar woonstaat indien i op ten minste de helft van de dagen van een belastingjaar gekwalificeerde personen als bedoeld in letter a b c onder i of letter d of e van dit lid onmiddellijk of middellijk aandelen of een ander belang als uiteindelijk gerechtigde van ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam in eigendom hebben en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ en ii minder dan 50 percent van het bruto inkomen in dat belastingjaar van die persoon onmiddellijk of middellijk wordt betaald aan of toekomt aan personen die geen inwoner zijn van een van beide Staten in de vorm van betalingen die aftrekbaar zijn voor de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is in de Staat waarvan de persoon inwoner is met uitzondering van betalingen als willekeurige derde verricht bij de normale bedrijfsuitoefening ter zake van diensten of lichamelijke zaken en betalingen in het kader van financià le verplichtingen aan een bank op voorwaarde dat indien de bank geen inwoner is van een van de Staten een dergelijke betaling toerekenbaar is aan een vaste inrichting van die bank gelegen in een van de Staten 3 Niettegenstaande het feit dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten niet als gekwalificeerde persoon kan worden aangemerkt is dit lichaam toch gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat ter zake van een inkomensbestanddeel indien het lichaam voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen en a ten minste 95 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ van het lichaam onmiddellijk of middellijk in eigendom zijn van ten hoogste zeven personen die gelijkwaardige gerechtigden â žequivalent beneficiariesâ zijn en b minder dan 50 percent van het bruto inkomen van het lichaam voor het belastingjaar waarin het inkomensbestanddeel afkomstig is onmiddellijk of middellijk wordt betaald aan of toekomt aan personen die geen gelijkwaardige gerechtigden equivalent beneficiaries zijn in de vorm van betalingen die aftrekbaar zijn voor de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is in de Staat waarvan het lichaam inwoner is met uitzondering van betalingen als willekeurige derde verricht bij de normale bedrijfsuitoefening ter zake van diensten of lichamelijke zaken en betalingen in het kader van financià le verplichtingen aan een bank op voorwaarde dat indien de bank geen inwoner is van een van de Staten een dergelijke betaling toerekenbaar is aan een vaste inrichting van die bank gelegen in een van de Staten 4 a Niettegenstaande het feit dat een inwoner van een van de Staten niet als gekwalificeerde persoon kan worden aangemerkt is deze inwoner toch gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat ter zake van een inkomensbestanddeel dat afkomstig is uit de andere Staat indien de inwoner betrokken is bij het actief uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten in de eerstbedoelde Staat anders dan activiteiten die bestaan uit het beleggen of het beheren van beleggingen voor eigen rekening van die inwoner tenzij deze activiteiten bank en verzekeringsactiviteiten of effectenhandel betreffen welke door een bank of verzekeringsmaatschappij of een geregistreerd effectenbedrijf worden uitgeoefend de voordelen verkregen uit de andere Staat zijn behaald in samenhang met of bijkomstig zijn tot die bedrijfsmatige activiteiten en die inwoner voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen b Indien een inwoner van een van de Staten of een van de met hem verbonden ondernemingen een bedrijfsmatige activiteit in de andere Staat uitoefent waaruit een inkomensbestanddeel voortvloeit geldt letter a van dit lid ten aanzien van dat inkomensbestanddeel uitsluitend indien de bedrijfsmatige activiteiten in de eerstbedoelde Staat wezenlijk zijn in relatie tot de bedrijfsmatige activiteiten in de andere Staat c Bij het bepalen of een persoon betrokken is bij het actief uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten in een van de Staten als bedoeld in letter a van dit lid worden activiteiten die worden verricht door een vennootschap in welke de persoon een vennoot is en activiteiten die worden verricht door met de persoon verbonden personen geacht te worden verricht door die persoon Een persoon wordt geacht met een andere persoon verbonden te zijn indien de ene persoon ten minste 50 percent van het belang als uiteindelijke gerechtigde bezit in de andere persoon of ingeval van een lichaam ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam of van het uiteindelijke belang in het vermogen van het lichaam of een andere persoon bezit onmiddellijk of middellijk ten minste 50 percent van het belang als uiteindelijk gerechtigde of ingeval van een lichaam ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam of van het uiteindelijke belang in het vermogen van het lichaam in elk van de personen In ieder geval wordt een persoon geacht te zijn verbonden met een andere persoon indien op basis van alle feiten en omstandigheden de ene persoon zeggenschap heeft in de andere persoon of beide personen onder zeggenschap staan van dezelfde persoon of personen 5 Een persoon die inwoner is van een van de Staten is eveneens gerechtigd tot alle voordelen van deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat indien die persoon werkzaam is als hoofdkantoor van een multinationale groep van vennootschappen en die inwoner voldoet aan elke andere omschreven voorwaarde voor het verkrijgen van dergelijke voordelen Een persoon wordt voor dit doel alleen als hoofdkantoor beschouwd indien a hij voorziet in een wezenlijk aandeel van het algemene toezicht op en bestuur van de groep dat mede mag omvatten maar niet hoofdzakelijk mag bestaan uit concernfinanciering b de groep uit rechtspersonen bestaat die inwoner zijn van en zich actief bezig houden met bedrijfsmatige activiteiten in ten minste vijf landen en waarvan de in elk van de vijf landen of vijf groepen landen verrichte bedrijfsmatige activiteiten ten minste 10 percent van het bruto inkomen van de groep genereren c de in ieder ander land dan de staat van vestiging van het hoofdkantoor verrichte bedrijfsmatige activiteiten minder dan 50 percent van het bruto inkomen van de groep genereren d niet meer dan 25 percent van zijn bruto inkomen verkregen is uit de andere Staat e hij onafhankelijke discretionaire bevoegdheid

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigde-staten-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Verenigde Staten Protocol 1993 (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    of afkoopsom bedoeld in het tweede lid dat wordt gebruikt als bijdrage aan een pensioenregeling of dat wordt gestort op een pensioenrekening onder zodanige omstandigheden dat indien de beloning of de afkoopsom zou zijn ontvangen van een betaler in de woonstaat van de ontvanger de belastingheffing door de woonstaat van de ontvanger over de betaling zou zijn uitgesteld tot het tijdstip waarop de betaling wordt onttrokken aan de pensioenregeling waaraan was bijgedragen of de pensioenrekening waarop was gestort 4 Onder voorbehoud van de bepalingen van het tweede lid van artikel 20 Overheidsfuncties zijn pensioenen en andere betalingen gedaan krachtens de bepalingen van een publiekrechtelijke regeling inzake sociale zekerheid en andere publiekrechtelijke pensioenen betaald door een van de Staten aan een inwoner van de andere Staat of aan een staatsburger van de Verenigde Staten slechts belastbaar in de eerstbedoelde Staat 5 De uitdrukking â žlijfrente als bedoeld in dit artikel betekent een vaste som periodiek betaalbaar op vaste tijdstippen hetzij gedurende het leven hetzij gedurende een vastgesteld of voor vaststelling vatbaar tijdvak ingevolge een verbintenis tot het doen van betalingen welke staat tegenover een voldoende en volledige tegenprestatie in geld of geldswaarde 6 Alimentatie betaald aan een inwoner van een van de Staten is slechts in die Staat belastbaar De uitdrukking â žalimentatie als bedoeld in dit lid betekent periodieke uitkeringen ingevolge een schriftelijke overeenkomst tot scheiding of een echtscheidingsvonnis gescheiden onderhoud of verplichte steun dan wel een afkoopsom in plaats daarvan die bij de ontvanger belast zijn ingevolge de wetgeving van de Staat waarvan hij inwoner is 7 Indien een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de Staten lid is van begunstigde tot of deelnemer in een vrijgesteld pensioenfonds dat inwoner is van de andere Staat mag het inkomen behaald door het vrijgestelde pensioenfonds uitsluitend worden belast als inkomen van die persoon indien en met inachtneming van de bepalingen van het eerste tweede en derde lid van dit artikel voor zover dat inkomen door het vrijgestelde pensioenfonds wordt betaald of ten goede komt aan die natuurlijke persoon en niet wordt overgedragen aan een ander vrijgesteld pensioenfonds in die andere Staat 8 Indien een natuurlijke persoon die lid is van begunstigde tot of deelnemer in een vrijgesteld pensioenfonds dat gevestigd is in een van de Staten in dienstverband of als zelfstandige werkzaam is in de andere Staat a zijn de premies betaald door of namens die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds gedurende het tijdvak waarin hij in dienstverband of als zelfstandige werkzaam is in de andere Staat aftrekbaar of worden niet bij de belastingheffing inbegrepen voor de berekening van zijn belastbaar inkomen in die andere Staat en b worden voordelen behaald door het vrijgestelde pensioenfonds of premies betaald aan het vrijgestelde pensioenfonds door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon gedurende dat tijdvak niet behandeld als onderdeel van het belastbare inkomen van die persoon en mogen dergelijke premies worden afgetrokken bij de berekening van de bedrijfswinst van zijn werkgever in die andere Staat De uit hoofde van dit lid beschikbare fiscale facilià ring mag niet hoger zijn dan de fiscale facilià ring die door de andere Staat zou zijn toegestaan aan inwoners van die Staat voor premies aan of uitkeringen voortvloeiend uit een in die Staat gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 9 De bepalingen van het achtste lid van dit artikel vinden alleen toepassing indien a premies betaald door of namens de natuurlijke persoon of door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds of aan een ander soortgelijk vrijgesteld pensioenfonds dat in de plaats gekomen is van het eerstbedoelde pensioenfonds zijn betaald voordat de natuurlijke persoon in dienstverband of als zelfstandige ging werken in de andere Staat en b de bevoegde autoriteit van de andere Staat ermee heeft ingestemd dat het vrijgestelde pensioenfonds over het algemeen overeenkomt met een in die andere Staat gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 10 a Indien een staatsburger van de Verenigde Staten die in Nederland woont in Nederland in dienstbetrekking werkzaam is waarvan de inkomsten belastbaar zijn in Nederland en ten laste komen van een werkgever die inwoner is van Nederland of van een in Nederland gevestigde vaste inrichting en de natuurlijke persoon lid is van begunstigde tot of deelnemer in een in Nederland gevestigd vrijgesteld pensioenfonds i dienen de premies betaald door of namens die natuurlijke persoon aan het vrijgestelde pensioenfonds gedurende het tijdvak waarin hij in dienstverband werkzaam is in Nederland en die toe te rekenen zijn aan het dienstverband aftrekbaar te zijn of niet bij de belastingheffing te worden inbegrepen bij de berekening van zijn belastbaar inkomen in de Verenigde Staten en ii worden uitkeringen voortvloeiend uit het vrijgestelde pensioenfonds of door of namens de werkgever van die natuurlijke persoon gedurende dat tijdvak betaalde premies aan het vrijgestelde pensioenfonds en die toe te rekenen zijn aan dat dienstverband bij de berekening van het belastbare inkomen van de werknemer in de Verenigde Staten niet behandeld als onderdeel van het belastbare inkomen Dit lid vindt uitsluitend toepassing voor zover de premies of uitkeringen in aanmerking komen voor fiscale facilià ring in Nederland b De uit hoofde van dit lid beschikbare fiscale facilià ring mag niet hoger zijn dan die welke door de Verenigde Staten zou zijn toegestaan aan hun inwoners voor premies aan of voordelen behaald door een overeenkomstig vrijgesteld pensioenfonds dat in de Verenigde Staten is gevestigd c Teneinde te bepalen of een natuurlijke persoon in aanmerking komt voor deelname in en belastingvoordeel in verband met een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds worden premies betaald aan of voordelen behaald door een in Nederland gevestigd vrijgesteld pensioenfonds behandeld als premies of uitkeringen uit hoofde van een overeenkomstig vrijgesteld pensioenfonds dat in de Verenigde Staten is gevestigd voorzover fiscale facilià ring uit hoofde van dit lid beschikbaar is voor de natuurlijke persoon d Dit lid vindt alleen toepassing indien de bevoegde autoriteit van de Verenigde Staten ermee heeft ingestemd dat het vrijgestelde pensioenfonds over het algemeen overeenkomt met een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds 11 De voordelen bedoeld in het zevende achtste negende en tiende lid zijn met betrekking tot een in de Verenigde Staten gevestigd vrijgesteld pensioenfonds uitsluitend van toepassing indien het pensioenfonds zich in overeenstemming met het Nederlandse recht ten aanzien van aangewezen buitenlandse pensioenfondsen verplicht inlichtingen en zekerheid te verschaffen aan de belastingautoriteiten van Nederland Artikel 20 Overheidsfuncties 1 a Beloningen niet zijnde pensioenen betaald door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon terzake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze beloningen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de diensten in die Staat worden bewezen en de natuurlijke persoon een inwoner is van die Staat die i onderdaan is van die Staat of ii niet uitsluitend voor het verrichten van de diensten inwoner van die Staat werd 2 a Pensioenen betaald door of uit fondsen in het leven geroepen door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan aan een natuurlijke persoon ter zake van diensten bewezen aan die Staat of dat onderdeel of dat publiekrechtelijke lichaam zijn slechts in die Staat belastbaar b Deze pensioenen zijn echter slechts in de andere Staat belastbaar indien de natuurlijke persoon inwoner en onderdaan is van die Staat 3 De bepalingen van de artikelen 16 Niet zelfstandige Arbeid 17 Bestuurders en Commissarissenbeloningen en 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen zijn van toepassing op beloningen en pensioenen ter zake van diensten bewezen in het kader van een op winst gericht bedrijf uitgeoefend door een van de Staten of een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan Artikel 21 Hoogleraren en docenten 1 Een natuurlijke persoon die een van de Staten bezoekt gedurende een tijdvak van ten hoogste twee jaar met het doel onderwijs te geven of zich met wetenschappelijk onderzoek bezig te houden aan een universiteit hogeschool of andere erkende onderwijsinrichting in die Staat en die onmiddellijk voorafgaande aan dat bezoek inwoner was van de andere Staat is slechts in die andere Staat belastbaar voor de beloning voor dat geven van onderwijs of dat onderzoek gedurende een tijdvak dat twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop hij de eerstgenoemde Staat voor het eerst met dat doel bezoekt niet te boven gaat Indien het bezoek de twee jaar overschrijdt mag de eerstgenoemde Staat de natuurlijke persoon belasten ingevolge zijn nationale wetgeving voor het gehele tijdvak van het bezoek tenzij de bevoegde autoriteiten van de Staten in een bijzonder geval anders overeenkomen 2 Dit artikel is niet van toepassing op inkomsten uit het verrichten van wetenschappelijk onderzoek indien dit onderzoek niet wordt verricht in het algemeen belang maar in de eerste plaats voor het persoonlijke nut van een bepaalde persoon of bepaalde personen Artikel 22 Studenten en personen in opleiding 1 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een van de Staten inwoner is van de andere Staat en die tijdelijk in de eerstbedoelde Staat verblijf houdt in de eerste plaats met de bedoeling a met volledige dagtaak te studeren aan een erkende universiteit hogeschool of school in die eerstbedoelde Staat of b een opleiding voor een bedrijf of beroep te verkrijgen is vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat ter zake van i alle overmakingen uit het buitenland ten behoeve van zijn onderhoud studie of opleiding en ii alle beloningen voor persoonlijke diensten verricht in de eerstbedoelde Staat tot een bedrag dat in enig belastingjaar 2000 Amerikaanse dollar of de tegenwaarde daarvan in euro op 1 januari van dat belastingjaar niet te boven gaat De voordelen ingevolge dit lid worden slechts verleend voor zulk een tijdsduur als redelijk is of gewoonlijk vereist om het doel van het bezoek te bereiken 2 Een natuurlijke persoon die onmiddellijk voorafgaande aan zijn bezoek aan een van de Staten inwoner is van de andere Staat en die tijdelijk in de eerstbedoelde Staat verblijf houdt gedurende een tijdvak van niet langer dan driejaar met het doel te studeren wetenschappelijk onderzoek te doen of een opleiding te verkrijgen zulks uitsluitend als genieter van een toelage vergoeding of prijs verleend door een organisatie op het gebied van wetenschap onderwijs godsdienst of liefdadigheid of op grond van een programma van technische hulpverlening waaraan een van de Staten een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan deelneemt is vrijgesteld van belasting in de eerstbedoelde Staat voor a het bedrag van die toelage vergoeding of prijs en b alle beloningen voor persoonlijke diensten verricht in de eerstbedoelde Staat mits die diensten verband houden met zijn studie onderzoek of opleiding of daaruit voortvloeien zulks tot een bedrag dat in enig belastingjaar 2000 Amerikaanse dollar of de tegenwaarde daarvan in euro op 1 januari van dat belastingjaar niet te boven gaat 3 Een natuurlijke persoon kan geen aanspraak maken op de voordelen van dit artikel of van artikel 21 Hoogleraren en andere Docenten indien die natuurlijke persoon gedurende het onmiddellijk voorafgaande tijdvak aanspraak heeft gemaakt op de voordelen van zo n ander artikel Artikel 23 Overige inkomsten 1 Bestanddelen van het inkomen van een inwoner van een van de Staten van waaruit ook afkomstig die niet in de voorgaande artikelen van deze Overeenkomst zijn behandeld zijn slechts in die Staat belastbaar 2 De bepalingen van het eerste lid zijn niet van toepassing op inkomsten niet zijnde inkomsten uit onroerende zaken zoals omschreven in het tweede lid van artikel 6 Inkomsten uit Onroerende Zaken indien de uiteindelijke gerechtigde tot de inkomsten die inwoner is van een van de Staten in de andere Staat een bedrijf uitoefent door middel van een aldaar gevestigde vaste inrichting of in die andere Staat zelfstandige arbeid verricht vanuit een aldaar gevestigd vast middelpunt en de inkomsten zijn toe te rekenen aan die vaste inrichting of aan dat vaste middelpunt In dat geval zijn naar gelang van het geval de bepalingen van artikel 7 Winst uit Onderneming of artikel 15 Zelfstandige Arbeid van toepassing HOOFDSTUK IV VERMIJDING VAN DUBBELE BELASTING Artikel 24 Grondslag van de belastingheffing 1 Niettegenstaande enige bepaling van de Overeenkomst behalve het tweede lid mag elk van de Staten zijn inwoners en onderdanen belasten als ware de Overeenkomst niet in werking getreden Voor dit doel omvat waar het de Verenigde Staten betreft de uitdrukking onderdaan een voormalige staatsburger of langdurig inwoner die geen onderdaan is van Nederland en voor wie het vermijden van de heffing van inkomstenbelasting een van de voornaamste doelstellingen is van het verlies van zijn een dergelijke Amerikaanse status maar alleen voor het tijdvak van 10 jaar volgend op dat verlies 2 De bepalingen van het eerste lid tasten niet aan a de voordelen verleend door een van de Staten ingevolge het tweede lid van artikel 9 Verbonden Ondernemingen ingevolge het vierde zevende achtste en tiende lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatie uitkeringen en ingevolge de artikelen 25 Vermijding van Dubbele Belasting 28 Non Discriminatie en 29 Regeling voor Onderling Overleg en b de voordelen verleend door een van de Staten ingevolge de artikelen 20 Overheidsfuncties 21 Hoogleraren en andere Docenten 22 Studenten en Personen in Opleiding en 33 Diplomatieke en Consulaire Ambtenaren aan natuurlijke personen die geen onderdaan zijn van die Staat en in het geval van de Verenigde Staten evenmin â žlawful permanent resident van de Verenigde Staten 3 Voor de uitvoering van het eerste en tweede lid van artikel 7 Winst uit Onderneming het zevende lid van artikel 10 Dividenden het derde lid van artikel 12 Interest het derde lid van artikel 13 Royalty s het derde lid van artikel 14 Vermogenswinsten het eerste lid van artikel 15 Zelfstandige Arbeid en het tweede lid van artikel 23 Overige Inkomsten zijn alle inkomsten voordelen of kosten die zijn toe te rekenen aan een vaste inrichting of vast middelpunt gedurende het bestaan daarvan belastbaar of aftrekbaar in de Staat waarin die vaste inrichting of dat vaste middelpunt is gelegen zelfs als de betalingen zijn uitgesteld tot een tijdstip waarop die vaste inrichting of dat vaste middelpunt heeft opgehouden te bestaan Niets in de voorgaande zin tast de toepassing op die uitgestelde betalingen aan overeenkomstig de binnenlandse wetgeving van elk van de Staten van de regels betreffende de winstneming en het maken van kosten Voordelen uit de vervreemding van roerende goederen die op enig moment deel hebben uitgemaakt van het bedrijfsvermogen van een vaste inrichting die of van een vast middelpunt dat een inwoner van een van de Staten in de andere Staat heeft of heeft gehad mogen door die andere Staat slechts worden belast voor zover het voordeel is toe te rekenen aan het tijdvak waarin de desbetreffende roerende goederen deel hebben uitgemaakt van het voornoemde bedrijfsvermogen Die andere Staat kan die voordelen belasten op het tijdstip waarop de voordelen overeenkomstig de wetten van die andere Staat worden gerealiseerd en in aanmerking worden genomen mits dat tijdstip ligt binnen 3 jaar na de datum waarop de goederen ophouden deel te zijn van het bedrijfsvermogen van de vaste inrichting of het vaste middelpunt 4 Indien onmiddellijk voorafgaand aan de datum waarop een hoorzitting wordt gehouden voor de â žUnited States Foreign Relations Committee betreffende goedkeuring ter bekrachtiging van deze Overeenkomst de Nederlandse wetgeving geen bepalingen bevat die het vermijden of het ontgaan van belasting voorkomen met betrekking tot belastingen op inkomsten in de situatie waarin a een Nederlandse onderneming interest of royalty s verkrijgt uit een andere Staat welke interest of royalty s zijn toe te rekenen aan een vaste inrichting van die onderneming in een derde rechtsgebied b de inkomsten van die vaste inrichting zijn onderworpen aan speciale of lage belastingheffing vanwege een â žtax haven regime waaronder begrepen maar niet noodzakelijkerwijze beperkt tot regimes bedoeld om het gebruik van het derde rechtsgebied te bevorderen met het oogmerk belastingheffing met betrekking tot beleggingsinkomsten te voorkomen en c de inkomsten van die vaste inrichting in Nederland zijn vrijgesteld van belasting dan zal tussen beide Staten een regeling worden overeengekomen die is gericht op de voorkoming van het vermijden of het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen op die interest of royaltyinkomsten die door een Nederlandse onderneming worden verkregen uit de Verenigde Staten en zal die regeling worden neergelegd in een afzonderlijk Protocol bij deze Overeenkomst 4 In het geval van een bestanddeel van het inkomen de winst of een voordeel verkregen door een persoon dat fiscaal transparant is krachtens het recht van een van beide Staten wordt dit bestanddeel aangemerkt als zijnde verkregen door een inwoner van een Staat voorzover dat bestanddeel voor de toepassing van het belastingrecht van die Staat wordt behandeld als het inkomen de winst of het voordeel van een inwoner Artikel 25 Vermijding van dubbele belasting 1 Niettegenstaande de bepalingen van het tweede lid van artikel 24 Grondslag van de Belastingheffing is Nederland bevoegd de bestanddelen van het inkomen in de grondslag van de belastingheffing te begrijpen die op grond van het vierde lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatie uitkeringen en artikel 20 Overheidsfuncties slechts in de Verenigde Staten belastbaar zijn 2 Indien een inwoner of onderdaan van Nederland bestanddelen van het inkomen verkrijgt die volgens artikel 6 Inkomsten uit Onroerende Zaken artikel 7 Winst uit Onderneming het zevende lid van artikel 10 Dividenden het derde lid van artikel 12 Interest het derde lid van artikel 13 Royalty s het eerste en derde lid van artikel 14 Vermogenswinsten artikel 15 Zelfstandige Arbeid voor zover dat inkomen is onderworpen aan belasting van de Verenigde Staten het eerste lid van artikel 16 Niet zelfstandige Arbeid het vierde lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen artikel 20 Overheidsfuncties en het tweede lid van artikel 23 Overige Inkomsten van deze Overeenkomst belastbaar zijn in de Verenigde Staten en zijn begrepen in de grondslag van de belastingheffing stelt Nederland deze bestanddelen vrij door een vermindering van zijn belasting toe te staan Deze vermindering wordt berekend overeenkomstig de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting Hiertoe worden de genoemde bestanddelen geacht te zijn begrepen in het totale bedrag van de bestanddelen van het inkomen die ingevolge die bepalingen van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 3 Nederland verleent voorts een aftrek op de Nederlandse belasting voor de bestanddelen van het inkomen die volgens het tweede lid van artikel 10 Dividenden artikel 17 Bestuurders en Commissarissenbeloningen en artikel 18 Artiesten en Sportbeoefenaars van de Overeenkomst in de Verenigde Staten mogen worden belast voor zover deze bestanddelen in de grondslag van de belastingheffing zijn begrepen Het bedrag van deze aftrek is gelijk aan a in het geval van dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het tweede lid letter a van artikel 10 Dividenden 5 procent van die dividenden b in het geval van dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het tweede lid letter b van artikel 10 Dividenden 15 procent van die dividenden c in het geval van andere dividenden die mogen worden belast in de Verenigde Staten volgens het vierde lid van artikel 10 Dividenden 15 procent van die dividenden en d in het geval van andere bestanddelen van het inkomen genoemd in dit lid de over die andere bestanddelen van het inkomen in de Verenigde Staten betaalde belasting maar bedraagt in geen geval meer dan het bedrag van de vermindering die zou zijn verleend indien de aldus in het inkomen begrepen bestanddelen van het inkomen de enige bestanddelen van het inkomen zouden zijn geweest die op grond van de bepalingen in de Nederlandse wetgeving tot het vermijden van dubbele belasting van Nederlandse belasting zijn vrijgesteld 4 Overeenkomstig de bepalingen en behoudens de beperkingen van de wetgeving van de Verenigde Staten zoals deze van tijd tot tijd kan worden gewijzigd zonder de algemene uitgangspunten ervan te wijzigen staan de Verenigde Staten aan een inwoner of onderdaan van de Verenigde Staten een verrekening toe met de belasting op inkomen van de Verenigde Staten van a het daarvoor in aanmerking komende bedrag aan inkomstenbelasting dat door of namens die inwoner of onderdaan aan Nederland is betaald of dat aan Nederland is verschuldigd behalve de inkomstenbelasting betaald aan Nederland in de gevallen bedoeld in het negende lid van artikel 14 Vermogens winsten of in het tweede lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten en Alimentatieuitkeringen en b in het geval van een lichaam van de Verenigde Staten dat ten minste 10 percent bezit van het stemgerechtigde aandelenkapitaal van een lichaam dat inwoner is van Nederland en waarvan het lichaam van de Verenigde Staten dividenden ontvangt het daarvoor in aanmerking komende bedrag aan inkomstenbelasting dat door of namens het uitdelende lichaam aan Nederland is betaald of dat aan Nederland is verschuldigd met betrekking tot de winsten waaruit de dividenden zijn betaald De grondslag voor dit in aanmerking komende bedrag is het bedrag aan inkomstenbelasting dat is betaald aan of dat is verschuldigd aan Nederland maar de verrekening overschrijdt niet de beperkingen die tot doel hebben de verrekening te beperken tot de belasting van de Verenigde Staten op inkomsten uit bronnen buiten de Verenigde Staten zoals voorzien in de wetgeving van de Verenigde Staten voor het belastingjaar Voor de toepassing van dit lid worden de belastingen bedoeld in het eerste lid letter a en het tweede lid van artikel 2 Belastingen waarop de Overeenkomst van toepassing is beschouwd als inkomstenbelastingen 5 Niettegenstaande de bepalingen van het vierde lid van dit artikel staan de Verenigde Staten aan een inwoner of onderdaan van de Verenigde Staten een verrekening toe met belasting van de Verenigde Staten op inkomen van het daarvoor in aanmerking komende bedrag van het winstaandeel betaald door of namens die inwoner of onderdaan aan Nederland Het daarvoor in aanmerking komende bedrag is het produkt van i de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel en ii het wettelijke maximumtarief van de belasting van de Verenigde Staten dat van toepassing is voor die inwoner of onderdaan voor dat belastingjaar Voor het bepalen van het in aanmerking komende bedrag hebben de volgende uitdrukkingen de volgende betekenis a de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel is het deel van de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel die zijn behaald uit bronnen in Nederland vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel dat uitgaat boven de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting b de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting is het effectieve tarief van de vennootschapsbelasting gedeeld door het wettelijke maximumtarief van de belasting van de Verenigde Staten dat van toepassing is voor die inwoner of onderdaan voor dat belastingjaar vermenigvuldigd met de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel die zijn behaald uit bronnen in Nederland vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel c het effectieve tarief van de vennootschapsbelasting is de vennootschapsbelasting betaald over de inkomsten die zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel gedeeld door de inkomsten onderworpen aan de vennootschapsbelasting uitgezonderd de inkomsten die niet zijn onderworpen aan het winstaandeel en vóór aftrek van het verschuldigde winstaandeel Bij de vaststelling van het in aanmerking komende bedrag gelden eveneens de andere beperkingen waarin de wetgeving van de Verenigde Staten zoals deze van tijd tot tijd kan worden gewijzigd voorziet die van toepassing zijn op belastingen die verrekenbaar zijn op grond van de bepalingen van artikel 901 of 903 van de Internal Revenue Code voor personen die aanspraak maken op de voordelen van deze Overeenkomst Bij de toepassing van die beperkingen op de vennootschapsbelasting moet bij het berekenen van deze beperkingen de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van de vennootschapsbelasting zoals gedefinieerd in b hierboven worden gebruikt Het winstaandeel dat is betaald en dat uitgaat boven het in aanmerking komende bedrag mag alleen worden gebruikt voor verrekening in een ander belastingjaar en alleen met belasting van de Verenigde Staten op de heffingsgrondslag van het verrekenbare deel van het winstaandeel zoals gedefinieerd in a hierboven Indien aanspraak wordt gemaakt op verrekening van het winstaandeel mag de belastingplichtige met betrekking tot enige buitenlandse belasting betaald of verschuldigd in dat jaar waarvoor aanspraak mag worden gemaakt op verrekening met belasting van de Verenigde Staten op inkomen op grond van artikel 901 of 903 van de Internal Revenue Code of met betrekking tot het winstaandeel betaald of verschuldigd in dat jaar geen aanspraak maken op aftrek op zijn in de Verenigde Staten belastbare inkomen Verrekening ingevolge de bepalingen van het vierde lid van dit artikel is niet toegestaan voor enige Nederlandse belasting waarvoor aanspraak op verrekening is gemaakt ingevolge de bepalingen van dit lid 6 Indien een staatsburger van de Verenigde Staten inwoner is van Nederland a staat Nederland met betrekking tot de bestanddelen van het inkomen die niet zijn vrijgesteld van Nederlandse belasting op grond van het tweede lid en niet zijn genoemd in het zevende lid van dit artikel en die ingevolge de bepalingen van deze Overeenkomst zijn vrijgesteld van belasting van de Verenigde Staten of die zijn onderworpen aan een gereduceerd tarief van belasting van de Verenigde Staten indien zij zijn behaald door een inwoner van Nederland die geen staatsburger is van de Verenigde Staten alleen een verrekening met Nederlandse belasting toe op grond van de bepalingen van de Nederlandse belastingwetgeving met betrekking tot verrekening van buitenlandse belasting van de daadwerkelijk betaalde belasting die de Verenigde Staten mogen heffen op grond van de bepalingen van deze Overeenkomst anders dan belastingen die op grond van van de bepalingen van het eerste lid van artikel 24 Grondslag van de Belastingheffing uitsluitend mogen worden geheven op grond van staatsburgerschap b staan de Verenigde Staten teneinde de belasting van de Verenigde Staten in letter a te berekenen een verrekening met belasting van de Verenigde Staten toe van de aan Nederland betaalde inkomstenbelasting na de verrekening bedoeld in letter a de aldus toegestane verrekening vermindert niet het deel van de belasting van de Verenigde Staten dat in overeenstemming met letter a verrekenbaar is met de Nederlandse belasting en c uitsluitend met het doel om dubbele belasting in de Verenigde Staten te vermijden op grond van de bepalingen van letter b worden bestanddelen van het inkomen bedoeld in letter a geacht afkomstig te zijn uit Nederland voor zover noodzakelijk om dubbele belasting van dat inkomen ingevolge letter b te vermijden 7 Indien een inwoner van een van de Staten voordelen of een beloning of een eenmalige uitkering verkrijgt die in overeenstemming met het negende lid van artikel 14 Vermogenswinsten of met het tweede lid van artikel 19 Pensioenen Lijfrenten Alimentatieuitkeringen in de andere Staat mogen worden belast staat die andere Staat van zijn belasting op die voordelen beloning of eenmalige uitkering een aftrek toe Het bedrag van die aftrek is gelijk aan de belasting die is geheven in de eerstgenoemde Staat op de genoemde voordelen beloning of eenmalige uitkering maar bedraagt in geen geval meer dan dat deel van de inkomstenbelasting zoals berekend voordat de aftrek is toegestaan dat toerekenbaar is aan de genoemde voordelen beloning of eenmalige uitkering Voor het uitsluitende doel om dubbele belasting in de Verenigde Staten te vermijden op grond van de bepalingen van dit lid worden bestanddelen van het inkomen bedoeld in dit lid geacht afkomstig te zijn uit Nederland voor zover noodzakelijk om dubbele belasting op dat inkomen ingevolge de bepalingen van dit lid te vermijden HOOFDSTUK V BIJZONDERE BEPALINGEN Artikel 26 Beperkingen van voordelen 1 Tenzij in dit artikel anders is bepaald is een inwoner van een van de Staten die voordelen verkrijgt uit de andere Staat alleen gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat indien een dergelijke inwoner een gekwalificeerde persoon is als omschreven in het tweede lid van dit artikel en voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen 2 Een inwoner van een van de Staten is uitsluitend een gekwalificeerde persoon voor een belastingjaar indien hij a een natuurlijke persoon is of b een Staat een staatkundig onderdeel of een plaatselijk publiekrechtelijk lichaam daarvan is of c een lichaam is indien i de voornaamste soort van zijn aandelen en elke â ždisproportionate class of sharesâ genoteerd is aan een erkende effectenbeurs zoals beschreven in het achtste lid letter a onder i of ii van dit artikel en in deze aandelen regelmatig wordt gehandeld op een of meer erkende effectenbeurzen tenzij het lichaam geen reà le aanwezigheid heeft in de Staat waarvan het een inwoner is of ii ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ van het lichaam onmiddellijk of middellijk het eigendom is van ten hoogste vijf lichamen die gerechtigd zijn tot de voordelen van letter c onder i met dien verstande dat ingeval van middellijke eigendom elke tussenliggende eigenaar inwoner is van een van beide Staten d een persoon is als beschreven in artikel 35 Vrijgestelde Pensioenfondsen van deze Overeenkomst op voorwaarde dat i meer dan 50 percent van de gerechtigden leden of deelnemers natuurlijke personen van een van beide Staten zijn of ii de organisatie die geldschieter is van een dergelijke persoon recht heeft op de voordelen van de Overeenkomst op grond van dit artikel of e een niet in letter d beschreven organisatie zonder winstoogmerk is die krachtens een dergelijke hoedanigheid in het algemeen in haar woonstaat is vrijgesteld van een belastingheffing naar het inkomen of f een persoon is niet zijnde een natuurlijke persoon of een lichaam dat gerechtigd zou zijn tot de voordelen op grond van letter c onder i maar daarvoor niet in aanmerking komt als gevolg van het niet hebben van reà le aanwezigheid in haar woonstaat indien i op ten minste de helft van de dagen van een belastingjaar gekwalificeerde personen als bedoeld in letter a b c onder i of letter d of e van dit lid onmiddellijk of middellijk aandelen of een ander belang als uiteindelijk gerechtigde van ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam in eigendom hebben en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ en ii minder dan 50 percent van het bruto inkomen in dat belastingjaar van die persoon onmiddellijk of middellijk wordt betaald aan of toekomt aan personen die geen inwoner zijn van een van beide Staten in de vorm van betalingen die aftrekbaar zijn voor de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is in de Staat waarvan de persoon inwoner is met uitzondering van betalingen als willekeurige derde verricht bij de normale bedrijfsuitoefening ter zake van diensten of lichamelijke zaken en betalingen in het kader van financià le verplichtingen aan een bank op voorwaarde dat indien de bank geen inwoner is van een van de Staten een dergelijke betaling toerekenbaar is aan een vaste inrichting van die bank gelegen in een van de Staten 3 Niettegenstaande het feit dat een lichaam dat inwoner is van een van de Staten niet als gekwalificeerde persoon kan worden aangemerkt is dit lichaam toch gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat ter zake van een inkomensbestanddeel indien het lichaam voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen en a ten minste 95 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen en ten minste 50 percent van elke â ždisproportionate class of sharesâ van het lichaam onmiddellijk of middellijk in eigendom zijn van ten hoogste zeven personen die gelijkwaardige gerechtigden â žequivalent beneficiariesâ zijn en b minder dan 50 percent van het bruto inkomen van het lichaam voor het belastingjaar waarin het inkomensbestanddeel afkomstig is onmiddellijk of middellijk wordt betaald aan of toekomt aan personen die geen gelijkwaardige gerechtigden equivalent beneficiaries zijn in de vorm van betalingen die aftrekbaar zijn voor de belastingen waarop deze Overeenkomst van toepassing is in de Staat waarvan het lichaam inwoner is met uitzondering van betalingen als willekeurige derde verricht bij de normale bedrijfsuitoefening ter zake van diensten of lichamelijke zaken en betalingen in het kader van financià le verplichtingen aan een bank op voorwaarde dat indien de bank geen inwoner is van een van de Staten een dergelijke betaling toerekenbaar is aan een vaste inrichting van die bank gelegen in een van de Staten 4 a Niettegenstaande het feit dat een inwoner van een van de Staten niet als gekwalificeerde persoon kan worden aangemerkt is deze inwoner toch gerechtigd tot alle voordelen uit deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat ter zake van een inkomensbestanddeel dat afkomstig is uit de andere Staat indien de inwoner betrokken is bij het actief uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten in de eerstbedoelde Staat anders dan activiteiten die bestaan uit het beleggen of het beheren van beleggingen voor eigen rekening van die inwoner tenzij deze activiteiten bank en verzekeringsactiviteiten of effectenhandel betreffen welke door een bank of verzekeringsmaatschappij of een geregistreerd effectenbedrijf worden uitgeoefend de voordelen verkregen uit de andere Staat zijn behaald in samenhang met of bijkomstig zijn tot die bedrijfsmatige activiteiten en die inwoner voldoet aan alle andere omschreven voorwaarden voor het verkrijgen van dergelijke voordelen b Indien een inwoner van een van de Staten of een van de met hem verbonden ondernemingen een bedrijfsmatige activiteit in de andere Staat uitoefent waaruit een inkomensbestanddeel voortvloeit geldt letter a van dit lid ten aanzien van dat inkomensbestanddeel uitsluitend indien de bedrijfsmatige activiteiten in de eerstbedoelde Staat wezenlijk zijn in relatie tot de bedrijfsmatige activiteiten in de andere Staat c Bij het bepalen of een persoon betrokken is bij het actief uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten in een van de Staten als bedoeld in letter a van dit lid worden activiteiten die worden verricht door een vennootschap in welke de persoon een vennoot is en activiteiten die worden verricht door met de persoon verbonden personen geacht te worden verricht door die persoon Een persoon wordt geacht met een andere persoon verbonden te zijn indien de ene persoon ten minste 50 percent van het belang als uiteindelijke gerechtigde bezit in de andere persoon of ingeval van een lichaam ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam of van het uiteindelijke belang in het vermogen van het lichaam of een andere persoon bezit onmiddellijk of middellijk ten minste 50 percent van het belang als uiteindelijk gerechtigde of ingeval van een lichaam ten minste 50 percent van het totale aantal stemmen en de waarde van de aandelen van het lichaam of van het uiteindelijke belang in het vermogen van het lichaam in elk van de personen In ieder geval wordt een persoon geacht te zijn verbonden met een andere persoon indien op basis van alle feiten en omstandigheden de ene persoon zeggenschap heeft in de andere persoon of beide personen onder zeggenschap staan van dezelfde persoon of personen 5 Een persoon die inwoner is van een van de Staten is eveneens gerechtigd tot alle voordelen van deze Overeenkomst die anderszins worden toegekend aan inwoners van een Staat indien die persoon werkzaam is als hoofdkantoor van een multinationale groep van vennootschappen en die inwoner voldoet aan elke andere omschreven voorwaarde voor het verkrijgen van dergelijke voordelen Een persoon wordt voor dit doel alleen als hoofdkantoor beschouwd indien a hij voorziet in een wezenlijk aandeel van het algemene toezicht op en bestuur van de groep dat mede mag omvatten maar niet hoofdzakelijk mag bestaan uit concernfinanciering b de groep uit rechtspersonen bestaat die inwoner zijn van en zich actief bezig houden met bedrijfsmatige activiteiten in ten minste vijf landen en waarvan de in elk van de vijf landen of vijf groepen landen verrichte bedrijfsmatige activiteiten ten minste 10 percent van het bruto inkomen van de groep genereren c de in ieder ander land dan de staat van vestiging van het hoofdkantoor verrichte bedrijfsmatige activiteiten minder dan 50 percent van het bruto inkomen van de groep genereren d niet meer dan 25 percent van zijn bruto inkomen verkregen is uit de andere Staat e hij onafhankelijke discretionaire

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/verenigde-staten-protocol-1993-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Vietnam (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    to which the Agreement shall apply are a in Vietnam i the personal income tax ii the profit tax iii the profit remittance tax hereinafter referred to as â œVietnamese taxâ b in the Netherlands i the income tax ii the wages tax iii the company tax including the Government share in the net profits of the exploitation of natural resources levied pursuant to the Mining Act of 1810 with respect to concessions issued from 1967 or pursuant to the Netherlands Continental Shelf Mining Act of 1965 iv the dividend tax hereinafter referred to as â œNetherlands taxâ 4 The Agreement shall also apply to any identical or substantially similar taxes which are imposed after the date of signature of this Agreement in addition to or in place of the existing taxes The competent authorities of the Contracting States shall notify each other of important changes which have been made in their respective taxation laws Article 3 General Definitions 1 For the purposes of this Agreement unless the context otherwise requires a the terms â œa Contracting Stateâ and â œthe other Contracting Stateâ mean Vietnam or the Netherlands as the context requires the term â œContracting Statesâ means Vietnam and the Netherlands b the term â œVietnamâ means the Socialist Republic of Vietnam when used in a geographical sense it means all its national territory including its territorial sea and any area beyond and adjacent to its territorial sea within which Vietnam by Vietnamese legislation and in accordance with international law has sovereign rights of exploration for and exploitation of natural resources of the sea bed and its sub soil and superjacent watermass c the term â œthe Netherlandsâ means the part of the Kingdom of the Netherlands that is situated in Europe including the part of the sea bed and its sub soil under the North Sea to the extent that that area in accordance with international law has been or may hereafter be designated under Netherlands laws as an area within which the Netherlands may exercise sovereign rights with respect to the exploration and exploitation of the natural resources of the sea bed or its sub soil d the term â œpersonâ includes an individual a company and any other body of persons e the term â œcompanyâ means any body corporate or any entity which is treated as a body corporate for tax purposes f the terms â œenterprise of a Contracting Stateâ and â œenterprise of the other Contracting Stateâ mean respectively an enterprise carried on by a resident of a Contracting State and an enterprise carried on by a resident of the other Contracting State g the term â œnationalsâ means i all individuals possessing the nationality of a Contracting State ii all legal persons partnerships and associations deriving their status as such from the laws in force in a Contracting State h the term â œinternational trafficâ means any transport by a ship or aircraft operated by an enterprise which has its place of effective management in a Contracting State except when the ship or aircraft is operated solely between places in the other Contracting State and i the term â œcompetent authorityâ means i in the case of Vietnam the Minister of Finance or his authorized representative and ii in the case of the Netherlands the Minister of Finance or his authorized representative 2 As regards the application of the Agreement by a Contracting State any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the law of that State concerning the taxes to which the Agreement applies Article 4 Resident 1 For the purposes of this Agreement the term â œresident of a Contracting Stateâ means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence place of management or any other criterion of a similar nature 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 an individual is a resident of both Contracting States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has no permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the Contracting States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 a person other than an individual is a resident of both Contracting States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Agreement the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business through which the business of the enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction of natural resources 3 The term â œpermanent establishmentâ likewise encompasses a a building site construction assembly or installation project or supervisory activities in connection therewith but only where such site project or activities continue for a period of more than six months b the furnishing of services including consultancy services by an enterprise through employees or other personnel engaged by the enterprise for such purpose but only where activities of that nature continue for the same or a connected project within the country for a period or periods aggregating more than six months within any 12 month period 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term â œpermanent establishmentâ shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage or display of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage or display c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character and f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in sub paragraphs a to e provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 where a person â other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 applies â is acting in a Contracting State on behalf of an enterprise of the other Contracting State that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in the first mentioned Contracting State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise if such a person a has and habitually exercises in that State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph or b has no such authority but habitually maintains in the first mentioned State a stock of goods or merchandise from which he regularly delivers goods or merchandise on behalf of the enterprise 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in a Contracting State merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business and that in their commercial or financial relations with the enterprise no conditions are made or imposed that differ from those generally agreed to by independent agents 7 The fact that a company which is a resident of a Contracting State controls or is controlled by a company which is a resident of the other Contracting State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other Article 6 Income from Immovable Property 1 Income derived by a resident of a Contracting State from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 The term â œimmovable propertyâ shall have the meaning which it has under the law of the Contracting State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of a Contracting State shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 where an enterprise of a Contracting State carries on business in the other Contracting State through a permanent establishment situated therein there shall in each Contracting State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the business of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere However no such deduction shall be allowed in respect of amounts if any paid otherwise than towards reimbursement of actual expenses by the permanent establishment to the head office of the enterprise or any of its other offices by way of royalties fees or other similar payments in return for the use of patents or other rights or by way of commission for specific services performed or for management or except in the case of a banking enterprise by way of interest on moneys lent to the permanent establishment Likewise no account shall be taken in the determination of the profits of a permanent establishment for amounts charged otherwise than towards reimbursement of actual expenses by the permanent establishment to the head office of the enterprise or any of its other offices by way of royalties fees or other similar payments in return for the use of patents or other rights or by way of commission for specific services performed or for management or except in the case of banking enterprise by way of interest on moneys lent to the head office of the enterprise or any of its other offices 4 Insofar as it has been customary in a Contracting State to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 shall preclude such Contracting State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Agreement then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and Air Transport 1 Profits from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the Contracting State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the Contracting State of which the operator of the ship is a resident 3 For the purposes of this Article profits derived from the operation in international traffic of ships and aircraft include profits derived from the rental on a bareboat basis of ships and aircraft if operated in international traffic if such rental profits are incidental to the profits described in paragraph 1 4 The provisions of paragraph 1 shall also apply to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises 1 Where a an enterprise of a Contracting State participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other Contracting State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of a Contracting State and an enterprise of the other Contracting State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by the reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as costsharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where a Contracting State includes in the profits of an enterprise of that State â and taxes accordingly â profits on which an enterprise of the other State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises than that other State if it agrees to such adjustment shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Agreement and the competent authorities of the Contracting States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the Contracting State of which the company paying the dividends is a resident but the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company which holds directly or indirectly at least 50 per cent of the capital of the company paying the dividends or has invested more than 10 million US dollars or the equivalent in Netherlands or Vietnamese currency in the capital of the company paying the dividends b 10 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company which holds directly or indirectly at least 25 per cent but less than 50 per cent of the capital of the company paying the dividends c 15 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The provisions of paragraph 2 shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares â œjouissanceâ shares or â œjouissanceâ rights mining shares founders shares or other rights participating in profits as well as income from debt claims participating in profits and income from other corporate rights which is subjected to the same taxation treatment as income from shares by the laws of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Where a company which is a resident of a Contracting State derives profits or income from the other Contracting State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other Contracting State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interest 1 Interest arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the Contracting State in which it arises and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of such interest the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 interest arising in a Contracting State shall be taxable only in the other Contracting State to the extent that such interest is i derived by the Government of the other Contracting State including political subdivisions and local authorities thereof ii derived by the Central Bank of the other Contracting State iii derived by a financial institution owned or controlled by the Government of the other Contracting State including political subdivisions and local authorities thereof iv paid in respect of a loan made by or guaranteed or insured by the Government of that other State including political subdivisions or local authorities thereof the Central Bank of that other State or any other financial institution owned or controlled by the Government of that other State 4 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage but not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is that State itself a political sub division a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or a fixed base is situated 8 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Agreement Article 12 Royalties 1 Royalties arising in a Contracting State and paid to a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the Contracting State in which they arise and according to the laws of that State but if the recipient is the beneficial owner of such royalties the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the royalties if they are paid as consideration for the use of or the right to use any patent design or model plan secret formula or process or for information concerning industrial or scientific experience b 10 per cent of the gross amount of the royalties if they are paid as consideration for the use of or the right to use a trade mark or for information concerning commercial experience and c 15 per cent of the gross amount of the royalties in all other cases 3 The competent authorities of the Contracting States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of a Contracting State carries on business in the other Contracting State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in a Contracting State when the payer is that State itself a political subdivision or a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of a Contracting State or not has in a Contracting State a permanent establishment or fixed base in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each Contracting State due regard being had to the other provisions of this Agreement Article 13 Capital Gains 1 Gains derived by a resident of a Contracting State from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of a Contracting State has in the other Contracting State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of a Contracting State in the other Contracting State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to such ships or aircraft shall be taxable only in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply 4 Where a resident of a Contracting State owns all or virtually all of the shares in a company which is a resident of the other Contracting State other than a company of which the shares are quoted on a stock exchange and the property of such company consists principally of immovable property situated in that other State any gain derived by such resident from the alienation of shares in that company may be taxed in that other State For the purpose of this paragraph the term â œimmovable propertyâ does not include immovable property in which the business of the company is carried on The provision of this paragraph shall not apply if such gain is derived in the course of a corporate reorganisation amalgamation division or similar transaction 5 Gains from the alienation of any property other than that referred to in paragraphs 1 2 3 and 4 shall be taxable only in the Contracting State of which the alienator is a resident 6 The provisions of paragraph 5 shall not affect the right of each of the Contracting States to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which under the laws of that State is a resident of that State derived by an individual who is a resident of the other Contracting State Article 14 Independent Personal Services 1 Income derived by a resident of a Contracting State in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other Contracting State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other Contracting State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent Personal Services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 21 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other Contracting State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 remuneration derived by a resident of a Contracting State in respect of an employment exercised in the other Contracting State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in any twelve month period commencing or ending in the fiscal year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic may be taxed in the Contracting State in which the place of effective management of the enterprise is situated Article 16 Directors Fees Directors fees and other similar payments derived by a resident of a Contracting State in his capacity as a member of the board of directors of a company which is a resident of the other Contracting State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and Sportsmen 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of a Contracting State as an entertainer such as a theater motion picture radio or television artiste or a musician or as a sportsman from his personal activities as such exercised in the other Contracting State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or a sportsman in his capacity as such accrues not to the entertainer or sportsman himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14 and 15 be taxed in the Contracting State in which the activities of the entertainer or sportsman are exercised 3 The provisions of paragraphs 1 and 2 shall not apply to remuneration or profits derived from activities exercised in a Contracting State if the visit to that State is directly supported wholly from public funds of the other Contracting State according to a cultural exchange program between the Contracting States Article 18 Pensions and Annuities 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration paid to a resident of a Contracting State in consideration of past employment and any annuity shall be taxable only in that State 2 However where such remuneration is not of a periodical nature and it is paid in consideration of past employment in the other Contracting State or where instead of the right to annuities a lump sum is paid this remuneration or this lump sum may be taxed in the Contracting State where it arises 3 The term â œannuityâ means a stated sum payable periodically at stated times during life or during a specified or ascertainable period of time under an obligation to make the payments in return for adequate and full consideration in money or money s worth Article 19 Government Service and Social Security Payments 1 a Remuneration other than a pension paid by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such remuneration shall be taxable only in the other Contracting State if the services are rendered in that State and the individual is a resident of that State who i is a national of that State or ii did not become a resident of that State solely for the purpose of rendering the services 2 a Any pension paid by or out of funds created by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof to an individual in respect of services rendered to that State or subdivision or authority may be taxed in that State b However such pension shall be taxable only in the other Contracting State if the individual is a resident of and a national of that other State 3 The provisions of Articles 15 16 17 and 18 shall apply to remuneration and pensions in respect of services rendered in connection with a business carried on by a Contracting State or a political subdivision or a local authority thereof 4 Any pension and other payment paid out under the provisions of a social security system of a Contracting State to a resident of the other Contracting State may be taxed in the first mentioned State Article 20 Students and Apprentices Payments which a student or business apprentice who is or was immediately before visiting a Contracting State a resident of the other Contracting State and who is present in the first mentioned State solely for the purpose of his education or training receives for the purpose of his maintenance education or training shall not be taxed in that State provided that such payments arise from sources outside that State Article 21

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/vietnam-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Zambia (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    van de zaak Sport Sprekers Cursussen Allround Auto van de zaak Bedrijfsoverdracht BTW Douane Estate Planning FFP VBI FBI Formeel belastingrecht Loonheffingen Pensioenen Partners Fiscaal Kenniscentrum Fiscaal up to Date Hoge Raad geeft happy end aan nasleep Van der Steen naheffingen van tafel Verhuur van theaterruimte was niet vrijgesteld van BTW Betalingsonmacht hoefde pas na aanmaning te worden gemeld HIR viel vrij wegens verkoop herinvesteringslichaam aan gelieerde BV Tbs regeling voor verhuur camping na verkoop aandelen aan schoonmoeder Leningconstructie taxpartners was ongewenste boxarbitrage Rechtbank torpedeert listige aandelenoptieconstructies DGA in Van der Steen f e niet aansprakelijk voor BTW van BV Overdrachtsbelasting vanaf 15 juni 2011 verlaagd naar 2 Verliesverrekeningsbeperking niet in strijd met EU recht Privégebruik auto per 1 juli 2011 fictieve dienst correctie los van IB en LB BTW bij levering terrein met reeds gestarte sloop van opstallen Don Bosco 30 Regeling voor na terugkeer genoten optievoordeel Fiscaal up to Date kennispartner van Belasting Collectief Nederland Werkzaamheid bij vastgoed eindigt in principe bij vervreemding Premies vrijwillige ANW vangnetverzekering niet aftrekbaar Sale lease back van school door gemeente misbruik van recht Melding betalingsonmacht liep niet door na onjuiste aangifte EHRM rekt zwijg en inzagerecht in fiscale boetezaak op Volgens staatssecretaris geen misstanden bij de Belastingdienst 30 regel voor na uitdiensttreding ontvangen optievoordeel Arresten over landbouwvrijstelling rechtvaardigden heretikettering niet Negeren van belaste winstuitkering in aanvullende aangifte was ambtelijk verzuim Navordering na fout in vooringevulde aangifte vernietigd Voorwaarde voor geruisloze inbreng buitenlandse ondernemer in strijd met EU recht Kostenvergoeding voor telefonisch horen in bezwaarfase Valutawinst op lening bij aankoop binnenlandse deelneming was niet vrijgesteld Eindheffing voor niet maatschappelijk aanvaardbare 55 plusregeling Lening omlaag die niet door bank zou zijn verstrekt was onzakelijk Verhuurde bovenverdiepingen vormden ondernemingsvermogen Herinvesteringsvoornemen concerndirectie toegerekend aan BV Erfbelasting over oudere WOZ waarde leidde tot buitensporige last Betalingen aan bestuursvoorzitter woningstichting waren resultaatsinkomen BOF ondanks afwezigheid van ondernemingsvermogen Studenten waren niet bij onderneming van vereniging in dienstbetrekking Geen verlaagd BTW tarief voor rondleiding in stadion Vrijstelling overdrachtsbelasting bij inbreng gold ook voor niet tbs deel pand Omzetcorrecties autosloperij in het kader van actie Klaproos Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer leidde tot verlies uit a b Hogere ambtenaren Financiën willen naar systeem van voldoening op aangifte Geen pensioen in eigen beheer voor DGA met aandelen zonder stemrecht Hof Den Bosch legt met prejudiciële vragen bom onder CO2 heffing in BPM MKB winstvrijstelling gold ook na inbreng met terugwerkende kracht Beperking verrekening houdsterverliezen onterecht door geslaagd tegenbewijs Vruchtgebruikconstructie school was misbruik van recht Rechtbank Arnhem bedrijfsopvolging in SW is niet discriminerend Van der Steen arrest verhinderde aansprakelijkheid DGA niet Rechtbank had zaak volgens Hof zelf moeten afdoen Inspecteur mocht VAR loon afgeven in plaats van gevraagde VAR DGA Achterblijven pand verhinderde toepassing van bedrijfsfusiefaciliteit Regresvordering a b houder van meet af aan in box I 12 regeling voor ingevoerde gebruikte auto s niet EU proof Valutawinst op besmette lening na saldering vrijgesteld Bezwaarschriften worden toch inhoudelijk bekeken Fiscus gaat 90 van voorraad bezwaren blindelings volgen Hoge servicekosten deels van invloed op WOZ waarde van serviceflat Verkoop horecapand betekende nog geen staking Heffingsrente herzien volgens herzieningregels van aanslag Aanslag successierecht kon niet aan echtgenoten tezamen worden opgelegd Geen schadeplicht jegens fiscus na onjuiste etikettering pand Apart soort aandeel door verschil in stemrecht over winst Onderhandse schuldigerkenning verminderde verkrijging niet EU Hof onder voorwaarden akkoord met Nederlandse exitheffing Kwijtscheldingsverlies bij onzakelijke lening omlaag in tbs regeling Bij meerderheidsbelang wordt groepsrelatie voor thincapregeling verondersteld Korte huurperiode pand irrelevant bij overgang algemeenheid Ontbreken echtgenotenvrijstelling bij recht van overgang niet discriminerend Nota van door gemeente ingeschakele WOZ taxateur openbaar Cursus Belastingrecht voor niet fiscalisten Ontvanger mag niet bekendgemaakte aanslag niet invorderen Adviseur via kort geding verplicht tot informatieverstrekking Immateriële schadevergoeding na vernietiging navorderingsaanslag Fiscus moest onevenredig rentenadeel bij VA s compenseren Hof had beroep enkel vanwege undue delay ongegrond moeten verklaren Prejudiciële vragen over het begrip bouwterrein Revisierente onzuivere pensioenregeling vernietigd Kamervragen over problemen met verliesverrekening Vpb 2010 Niet tot ondernemingsvermogen behorende gelden verhinderde afwaardering in box I Intranet Modellen Overeenkomst van geldlening van durfkapitaal Overeenkomst rekening courant tussen DGA en BV NOTULEN Algemene vergadering aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Zambia in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Zambia tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen Kop Convention between the Kingdom of the Netherlands and the Republic of Zambia for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income Aanhef The Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the Republic of Zambia Desiring to conclude a convention for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income Wettekst CHAPTER I Scope of the Convention Article 1 Personal scope This Convention shall apply to persons who are residents of one or both of the States Article 2 Taxes covered 1 The taxes which are the subject of this Convention are a in the Netherlands de inkomstenbelasting income tax de loonbelasting wages tax de vennootschapsbelasting company tax de dividendbelasting dividend tax hereinafter referred to as â œNetherlands taxâ b in Zambia the income tax the mineral tax the personal levy hereinafter referred to as â œZambian taxâ 2 This Convention shall also apply to any identical or substantially similar taxes which are subsequently imposed in addition to or in place of the existing taxes At the end of each year the competent authorities of the States shall notify to each other any substantial changes which have been made in their respective taxation laws CHAPTER II Definitions Article 3 General definitions 1 In this Convention unless the context otherwise requires a the term â œStateâ means the Netherlands or Zambia as the context requires the term â œStatesâ means the Netherlands and Zambia b the term â œthe Netherlandsâ comprises the part of the Kingdom of the Netherlands that is situated in Europe and the part of the seabed and its sub soil under the North Sea over which the Kingdom of the Netherlands has sovereign rights in accordance with international law c the term â œZambiaâ means the Republic of Zambia d the term â œpersonâ includes an individual a company or any body of persons corporate or not corporate e the term â œcompanyâ means any body corporate or any entity which is treated as a body corporate for tax purposes f the terms â œenterprise of one of the Statesâ and â œenterprise of the other Stateâ mean respectively an enterprise carried on by a resident of one of the States and an enterprise carried on by a resident of the other State g the term â œinternational trafficâ includes traffic between places in one country in the course of a journey which extends over more than one country h the term â œcompetent authorityâ means 1 in the Netherlands the Minister of Finance or his authorized representative 2 in Zambia the Commissioner of Taxes or his authorized representative 2 As regards the application of the Convention by either of the States any term not otherwise defined shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the laws of that State relating to the taxes which are the subject of this Convention Article 4 Fiscal domicile 1 For the purposes of this Convention the term â œresident of one of the Statesâ means subject to the provisions of paragraphs 2 and 3 of this Article any person who under the law of that State is liable to taxation therein by reason of his domicile residence place of management or any other criterion of a similar nature The terms â œresident of the Netherlandsâ and â œresident of Zambiaâ shall be construed accordingly 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 of this Article an individual is a resident of both States then his residence shall be determined in accordance with the following rules a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him If he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closest centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 of this Article a person other than an individual is a resident of both States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated Article 5 Permanent establishment 1 For the purposes of this Convention the term â œpermanent establishmentâ means a fixed place of business in which the business of the enterprise is wholly or partly carried on 2 The term â œpermanent establishmentâ shall include especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop f a mine oil well quarry or other place of extraction of natural resources g a building site or construction or assembly project which exists for more than six months 3 The term â œpermanent establishmentâ shall not be deemed to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or for collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of advertising for the supply of information for scientific research or for similar activities which have a preparatory or auxiliary character for the enterprise 4 An enterprise of one of the States shall be deemed to have a permanent establishment in the other State if it carries on supervisory activities in that other State for more than six months in connection with a construction installation or assembly project which is being undertaken in that other State 5 A person acting in one of the States on behalf of an enterprise of the other State other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 of this Article applies shall be deemed to be a permanent establishment in the first mentioned State if he has and habitually exercises in that State an authority to conclude contracts in the name of the enterprise unless his activities are limited to the purchase of goods or merchandise for the enterprise 6 An enterprise of one of the States shall not be deemed to have a permanent establishment in the other State merely because it carries on business in that other State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status where such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of one of the States controls or is controlled by a company which is a resident of the other State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III Taxation of income Article 6 Income from immovable property 1 Income from immovable property may be taxed in the State in which such property is situated 2 The term â œimmovable propertyâ shall be defined in accordance with the law of the State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships boats and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 of this Article shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 of this Article shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of professional services Article 7 Business profits 1 The profits of an enterprise of one of the States shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Where an enterprise of one of the States carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein there shall in each State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establishment 3 In the determination of the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses of the enterprise other than expenses which would not be deductible if the permanent establishment were a separate enterprise which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses so incurred whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in one of the States to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 of this Article shall preclude that State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles laid down in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs of this Article the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 Shipping and air transport 1 Notwithstanding the provisions of Articles 5 and 7 profits from the operation of ships or aircraft in international traffic shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the State of which the operator of the ship is a resident Article 9 Associated enterprises Where a an enterprise of one of the States participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of one of the States and an enterprise of the other State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly Article 10 Dividends 1 Dividends paid by a company which is a resident of one of the States to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such dividends may be taxed in the State of which the company paying the dividends is a resident and according to the law of that State but the tax so charged shall not exceed a 5 per cent of the gross amount of the dividends if the recipient is a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which holds directly at least 25 per cent of the capital of the company paying the dividends b in all other cases 15 per cent of the gross amount of the dividends 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 of this Article 4 The provisions of paragraph 2 of this Article shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 5 The term â œdividendsâ as used in this Article means income from shares â œjouissanceâ rights profit sharing notes founders shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income from other corporate rights assimilated to income from shares by the taxation law of the State of which the company making the distribution is a resident 6 The provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article shall not apply if the recipient of the dividends being a resident of one of the States has in the other State of which the company paying the dividends is a resident a permanent establishment with which the holding by virtue of which the dividends are paid is effectively connected In such a case the provisions of Article 7 shall apply 7 Where a company which is a resident of one of the States derives profits or income from the other State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company to persons who are not residents of that other State or subject the company s undistributed profits to a tax on undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in such other State Article 11 Interest 1 Interest arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such interest may be taxed in the State in which it arises and according to the law of that State but the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 of this Article interest arising in one of the States and paid to the Government of the other State or local authority thereof or any agency or instrumentality including financial institution wholly owned by that Government or local authority shall be exempt from tax in the first mentioned State 4 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 and 3 of this Article 5 The term â œinterestâ as used in this Article means income from Government securities bonds or debentures whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in profits and debt claims of every kind as well as all other income assimilated to income from money lent by the taxation law of the State in which the income arises 6 The provisions of paragraphs 1 2 and 3 of this Article shall not apply if the recipient of the interest being a resident of one of the States has in the other State in which the interest arises a permanent establishment with which the debt claim from which the interest arises is effectively connected In such a case the provisions of Article 7 shall apply 7 Interest shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment is situated 8 Where owing to a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the interest paid having regard to the debt claim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In that case the excess part of the payments shall remain taxable according to the law of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such royalties may be taxed in the State in which they arise and according to the law of that State but the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the royalties 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 of this Article 4 The term â œroyaltiesâ as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films for use in connection with television or video tapes for use in connection therewith or tapes for use in connection with radio any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment or for information concerning industrial commercial or scientific experience 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article shall not apply if the recipient of the royalties being a resident of one of the States has in the other State in which the royalties arise a permanent establishment with which the right or property giving rise to the royalties is effectively connected In such a case the provisions of Article 7 shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment in connection with which the liability to pay the royalties was incurred and such royalties are borne by such permanent establishment then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment is situated 7 Where owing to a special relationship between the payer and the recipient or between both of them and some other person the amount of the royalties paid having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the recipient in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In that case the excess part of the payments shall remain taxable according to the law of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital gains 1 Gains from the alienation of immovable property as defined in paragraph 2 of Article 6 may be taxed in the State in which such property is situated 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of one of the States has in the other State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing professional services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or together with the whole enterprise or of such a fixed base may be taxed in the other State 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 of this Article gains from the alienation of ships and aircraft operated in international traffic and movable property pertaining to the operation of such ships and aircraft shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated 4 Gains from the alienation of any property other than those mentioned in paragraphs 1 2 and 3 of this Article shall be taxable only in the State of which the alienator is a resident 5 The provisions of paragraph 4 of this Article shall not affect the right of each of the States to levy according to its own law a tax on gains from the alienation of shares or â œjouissanceâ rights profit sharing notes in a company the capital of which is wholly or partly divided into shares and which is a resident of that State derived by an individual who is a resident of the other State and has been a resident of the first mentioned State in the course of the last five years preceding the alienation of the shares or â œjouissanceâ rights Article 14 Independent personal services 1 Income derived by a resident of one of the States in respect of professional services or other independent activities of a similar character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term â œprofessional servicesâ includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 of this Article remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised in the other State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in the fiscal year or charge year concerned and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft in international traffic shall be taxable only in that State Article 16 Directors fees 1 Directors fees and other remuneration derived by a resident of the Netherlands in his capacity as a member of the board of directors of a company which is a resident of Zambia may be taxed in Zambia 2 Directors fees and other remuneration derived by a resident of Zambia in his capacity as a â œbestuurderâ or a â œcommissarisâ of a company which is a resident of the Netherlands may be taxed in the Netherlands 3 Where the remuneration mentioned above is derived by persons who exercise activities in real and regular functions in a permanent establishment situated in the other State than the State of which the company is a resident and is borne as such by that permanent establishment then notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article such remuneration may be taxed in the State in which the permanent establishment is situated Article 17 Artistes and athletes Notwithstanding the provisions of Articles 5 7 14 and 15 income derived by public entertainers such as theatre motion picture radio or television artistes and musicians and by athletes from their personal activities as such or income derived from the furnishing by an enterprise of the services of such public entertainers or athletes may be taxed in the State in which these activities or services are exercised Article 18 Pensions Subject to the provisions of paragraph 1 of Article 19 a pensions and other similar remuneration which are paid by a resident of one of the States to a resident of the other State in consideration of an employment formerly exercised in the first mentioned State may be taxed in that first mentioned State b all other pensions and other similar remuneration paid to a resident of one of the States in consideration of past employment shall be taxable only in that State Article 19 Governmental functions 1 Remuneration including pensions paid by or out of funds created by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof to any individual in respect of services rendered to that State or subdivision or local authority thereof in the discharge of functions of a governmental nature may be taxed in that State 2 However the provisions of Articles 15 16 and 18 shall apply to remuneration or pensions in respect of services rendered in connection with any trade or business carried on by one of the States or a political subdivision or a local authority thereof Article 20 Students 1 Payments which a student researcher or business apprentice who is or was formerly a resident of one of the States and who is present

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/zambia-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive

  • Zimbabwe (in werking) - Belasting Collectief Nederland
    aandeelhouders van bv met beperkte aansprakelijkheid Managementovereenkomst beheer BV 100 procent werk BV Arbeidsovereenkomst DGA Akte van cessie koop en verkoop van een vordering Akte geruisloze inbreng Aansprakelijkheidsverklaring Aandeelhoudersovereenkomst Wetteksten Inkomstenbelasting Wet op de inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsbesluit inkomstenbelasting 2001 Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 Vennootschapsbelasting Wet op de vennootschapsbelasting 1969 Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971 Besluit Fiscale Eenheid 2003 Geruisloze terugkeer art 14c Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische fusie art 14b Wet Vpb standaardvoorwaarden Bedrijfsfusie art 14 Wet Vpb standaardvoorwaarden Juridische afsplitsing art 14a Wet Vpb standaardvoorwaarden Loonbelasting Wet op de loonbelasting 1964 Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 Omzetbelasting Wet op de omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968 Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 BUA Dividendbelasting Wet op de dividendbelasting 1965 Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965 Successiewet Successiewet 1956 Uitvoeringsbesluit successiewet 1956 Uitvoeringsregeling schenk en erfbelasting Rechtsverkeer Wet op belastingen van rechtsverkeer Uitvoeringsbesluit belastingen van rechtsverkeer Bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht Besluit proceskosten bestuursrecht Algemene wet Algemene wet inzake rijksbelastingen Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst Invorderingswet Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling inleners keten en opdrachtgeversaansprakelijkheid Uitvoeringsbesluit Invorderingswet 1990 Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 Internationaal belastingrecht Besluit voorkoming dubbele belastingen 2001 Voorkoming dubbele belasting onder toepassing van belastingverdragen Verdragen Type DTA Albanië in werking Argentinië in werking Armenië in werking Australië in werking Australië Tweede Protocol in werking Azerbeidzjan in werking Bahrein in werking Bangladesh in werking Barbados in werking Barbados Protocol in werking Belarus in werking België in werking België Protocol geratificeerd door nl Brazilië in werking BRK Aruba in werking BRK Cura çao in werking BRK Sint Maarten in werking Bulgarije in werking Canada in werking Canada Protocol in werking China in werking Denemarken in werking Duitsland in werking Duitsland Protocol 1 in werking Duitsland Protocol 2 in werking Duitsland Protocol 3 in werking Egypte in werking Estland in werking Estland Protocol 1 in werking Estland Protocol 2 in werking Filippijnen in werking Finland 1996 in werking Frankrijk 1973 in werking Frankrijk Protocol bij 1973 in werking Georgië in werking Ghana in werking Griekenland in werking Hongkong in werking Hongarije in werking Ierland in werking Ijsland in werking India in werking India Protocol ondertekend Indonesië 2002 in werking Israël in werking Israël Protocol in werking Italië Protocol in werking Japan 1970 beëindigd Japan 2010 in werking Japan Protocol beëindigd Joegoslavië in werking Jordanië in werking Kazachstan in werking Koeweit in werking Korea in werking Korea Protocol in werking Kroatië in werking Kyrgyzstan Sovjetverdrag in werking Letland in werking Litouwen in werking Luxemburg in werking Luxemburg Protocol in werking Marcedonië in werking Malawi in werking Maleisië in werking Maleisië Protocol 1 in werking Maleisië Protocol 2 in werking Malta in werking Malta Protocol in werking Marokko in werking Mexico in werking Mexico Protocol in werking Moldavië in werking Mongolië in werking Nieuw Zeeland in werking Nieuw Zeeland Protocol in werking Nigeria in werking Noorwegen in werking Noorwegen Protocol in werking Oekraïne in werking Oezbekistan in werking Oman in werking Oostenrijk in werking Oostenrijk Protocol 1 in werking Oostenrijk Protocol 2 in werking Oostenrijk Protocol 3 in werking Oostenrijk Protocol 4 in werking Pakistan in werking Panama in werking Polen in werking Portugal in werking Qatar in werking Roemenië in werking Russische Federatie in werking Saudi Arabië in werking Singapore in werking Singapore Protocol 1 in werking Singapore Protocol 2 in werking Slovenië in werking Slowakije in werking Slowakije Protocol 1 in werking Slowakije Protocol 2 in werking Spanje in werking Sri Lanka in werking Suriname in werking Taiwan in werking Thailand in werking Tunesië in werking Turkije in werking Turkmenistan Sovjetverdrag in werking Uganda in werking Venezuela in werking Venezuela Protocol in werking Verenigd Koninkrijk 1980 beëndigd Verenigd Koninkrijk 2008 in werking Verenigd Koninkrijk Protocol 1 beëindigd Verenigd Koninkrijk Protocol 2 beëindigd Verenigde Arabische Emiraten in werking Verenigde Staten in werking Verenigde Staten Protocol 1993 in werking Verenigde Staten Protocol 2004 in werking Vietnam in werking Zambia in werking Zimbabwe in werking Zuid Africa in werking Zuid Africa Protocol in werking Zweden in werking Zwitserland 2010 in werking Type S E Zweden in werking Verenigd Koninkrijk Successie in werking Oostenrijk Successie in werking Israël Successie in werking Finland Successie in werking Search Zoeken Javascript is required to use this website translator free translator Skip to content zaterdag 22 september 2012 17 04 Zimbabwe in werking Geschreven door Redactie Belasting Collectief Nederland Print E mail Opschrift Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Zimbabwe tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar vermogenswinsten Kop Convention between the Kingdom of the Netherlands and the Republic of Zimbabwe for the Avoidance of Double Taxation and the Prevention of Fiscal Evasion with respect to Taxes on Income and Capital Gains Aanhef The Government of the Kingdom of the Netherlands and the Government of the Republic of Zimbabwe Desiring to conclude a convention for the avoidance of double taxation and the prevention of fiscal evasion with respect to taxes on income and capital gains Have agreed as follows Wettekst CHAPTER I SCOPE OF THE CONVENTION Article 1 Personal Scope This Convention shall apply to persons who are residents of one or both of the States Article 2 Taxes covered 1 This Convention shall apply to taxes on income and capital gains imposed on behalf of one of the States or of its political subdivisions or local authorities irrespective of the manner in which they are levied 2 There shall be regarded as taxes on income and capital gains all taxes imposed on total income on total capital gains or on elements of income or of capital gains as well as taxes on capital appreciation 3 The existing taxes to which this Convention shall apply are in particular a in the Netherlands i de inkomstenbelasting income tax ii de loonbelasting wagestax iii de vennootschapsbelasting company tax including the Government share in the net profits of the exploitation of natural resources levied pursuant to the Mijnwet 1810 the Mining Act of 1810 with respect to concessions issued from 1967 or pursuant to the Mijnwet Continentaal Plat 1965 the Netherlands Continental Shelf Mining Act of 1965 and iv de dividendbelasting dividend tax hereinafter referred to as Netherlands tax b in Zimbabwe i the income tax ii the branch profits tax iii the non resident shareholders tax iv the non residents tax on interest v the non residents tax on fees vi the non residents tax on royalties and vii the capital gains tax hereinafter referred to as Zimbabwean tax 4 This Convention shall apply also to any identical or substantially similar taxes which are imposed after the date of signature of this Convention in addition to or in place of the existing taxes The competent authorities of the States shall if necessary notify each other of any substantial changes which have been made in their respective taxation laws CHAPTER II DEFINITIONS Article 3 General Definitions 1 For the purposes of this Convention unless the context otherwise requires a the term State means the Netherlands or Zimbabwe as the context requires the term States means the Netherlands and Zimbabwe b the term the Netherlands means the part of the Kingdom of the Netherlands that is situated in Europe including the part of the sea bed and its sub soil under the North Sea to the extent that that area in accordance with international law has been or may hereafter be designated under Netherlands laws as an area within which the Netherlands may exercise certain rights with respect to the exploration and exploitation of the natural resources of the sea bed or its sub soil c the term Zimbabwe means the Republic of Zimbabwe d the term person includes an individual a company an estate a trust and any other body of persons e the term company means any body corporate or any entity which is treated as a body corporate for tax purposes f the terms enterprise of one of the States and enterprise of the other State mean respectively an enterprise carried on by a resident of one of the States and an enterprise carried on by a resident of the other State g the term international traffic means any transport by a ship or aircraft including transport by container operated by an enterprise which has its place of effective management in one of the States except when the ship or aircraft is operated solely between places in the other State h the term national means i in relation to the Netherlands any individual possessing the personality of the Netherlands and any legal person partnership or association deriving its status as such from the law in force in the Netherlands ii in relation to Zimbabwe any citizen of Zimbabwe and any legal person partnership association or other entity deriving its status as such from the law in force in Zimbabwe i the term competent authority means in the case of the Netherlands the Minister of Finance or his authorised representative and in the case of Zimbabwe the Commissioner of Taxes or his authorised representative 2 As regards the application of this Convention by one of the States any term not defined therein shall unless the context otherwise requires have the meaning which it has under the law of that State concerning the taxes to which this Convention applies Article 4 Fiscal Domicile 1 For the purposes of this Convention the term resident of one of the States means any person who under the laws of that State is liable to tax therein by reason of his domicile residence place of management or any other criterion of a similar nature 2 Where by reason of the provisions of paragraph 1 of this Article an individual is a resident of both States then his status shall be determined as follows a he shall be deemed to be a resident of the State in which he has a permanent home available to him if he has a permanent home available to him in both States he shall be deemed to be a resident of the State with which his personal and economic relations are closer centre of vital interests b if the State in which he has his centre of vital interests cannot be determined or if he has not a permanent home available to him in either State he shall be deemed to be a resident of the State in which he has an habitual abode c if he has an habitual abode in both States or in neither of them he shall be deemed to be a resident of the State of which he is a national d if he is a national of both States or of neither of them the competent authorities of the States shall settle the question by mutual agreement 3 Where by reason of the provisions of paragraph 1 of this Article a person other than an individual is a resident of both States then it shall be deemed to be a resident of the State in which its place of effective management is situated Article 5 Permanent Establishment 1 For the purposes of this Convention the term permanent establishment means a fixed place of business through which the business of an enterprise is wholly or partly carried on 2 The term permanent establishment includes especially a a place of management b a branch c an office d a factory e a workshop and f a mine an oil or gas well a quarry or any other place of extraction natural resources 3 A building site or construction or installation project constitutes a permanent establishment only if it lasts more than six months 4 Notwithstanding the preceding provisions of this Article the term permanent establishment shall be deemed not to include a the use of facilities solely for the purpose of storage display or delivery of goods or merchandise belonging to the enterprise b the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of storage display or delivery c the maintenance of a stock of goods or merchandise belonging to the enterprise solely for the purpose of processing by another enterprise d the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of purchasing goods or merchandise or of collecting information for the enterprise e the maintenance of a fixed place of business solely for the purpose of carrying on for the enterprise any other activity of a preparatory or auxiliary character f the maintenance of a fixed place of business solely for any combination of activities mentioned in sub paragraphs a to e of this paragraph provided that the overall activity of the fixed place of business resulting from this combination is of a preparatory or auxiliary character 5 Notwithstanding the provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article where a person other than an agent of an independent status to whom paragraph 6 of this Article applies is acting on behalf of an enterprise and has and habitually exercises in one of the States an authority to conclude contracts in the name of the enterprise that enterprise shall be deemed to have a permanent establishment in that State in respect of any activities which that person undertakes for the enterprise unless the activities of such person are limited to those mentioned in paragraph 4 of this Article which if exercised through a fixed place of business would not make this fixed place of business a permanent establishment under the provisions of that paragraph 6 An enterprise shall not be deemed to have a permanent establishment in one of the States merely because it carries on business in that State through a broker general commission agent or any other agent of an independent status provided that such persons are acting in the ordinary course of their business 7 The fact that a company which is a resident of one of the States controls or is controlled by a company which is a resident of the other State or which carries on business in that other State whether through a permanent establishment or otherwise shall not of itself constitute either company a permanent establishment of the other CHAPTER III TAXATION OF INCOME Article 6 Income from immovable Property 1 Income derived by a resident of one of the States from immovable property including income from agriculture or forestry situated in the other State may be taxed in that other State 2 The term immovable property shall have the meaning which it has under the law of the State in which the property in question is situated The term shall in any case include property accessory to immovable property livestock and equipment used in agriculture and forestry rights to which the provisions of general law respecting landed property apply usufruct of immovable property and rights to variable or fixed payments as consideration for the working of or the right to work mineral deposits sources and other natural resources ships and aircraft shall not be regarded as immovable property 3 The provisions of paragraph 1 of this Article shall apply to income derived from the direct use letting or use in any other form of immovable property 4 The provisions of paragraphs 1 and 3 of this Article shall also apply to the income from immovable property of an enterprise and to income from immovable property used for the performance of independent personal services Article 7 Business Profits 1 The profits of an enterprise of one of the States shall be taxable only in that State unless the enterprise carries on business in the other State through a permanent establishment situated therein If the enterprise carries on business as aforesaid the profits of the enterprise may be taxed in the other State but only so much of them as is attributable to that permanent establishment 2 Subject to the provisions of paragraph 3 of this Article where an enterprise of one of the States carries on business in the other State through a permanent establisment situated therein there shall in each State be attributed to that permanent establishment the profits which it might be expected to make if it were a distinct and separate enterprise engaged in the same or similar activities under the same or similar conditions and dealing wholly independently with the enterprise of which it is a permanent establisment 3 In determining the profits of a permanent establishment there shall be allowed as deductions expenses which are incurred for the purposes of the permanent establishment including executive and general administrative expenses incurred for the purposes of the enterprise as a whole whether in the State in which the permanent establishment is situated or elsewhere 4 Insofar as it has been customary in one of the States to determine the profits to be attributed to a permanent establishment on the basis of an apportionment of the total profits of the enterprise to its various parts nothing in paragraph 2 of this Article shall preclude that State from determining the profits to be taxed by such an apportionment as may be customary the method of apportionment adopted shall however be such that the result shall be in accordance with the principles contained in this Article 5 No profits shall be attributed to a permanent establishment by reason of the mere purchase by that permanent establishment of goods or merchandise for the enterprise 6 For the purposes of the preceding paragraphs the profits to be attributed to the permanent establishment shall be determined by the same method year by year unless there is good and sufficient reason to the contrary 7 Where profits include items of income which are dealt with separately in other Articles of this Convention then the provisions of those Articles shall not be affected by the provisions of this Article Article 8 International Traffic 1 Profits from international traffic shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated 2 If the place of effective management of a shipping enterprise is aboard a ship then it shall be deemed to be situated in the State in which the home harbour of the ship is situated or if there is no such home harbour in the State of which the operator of the ship is a resident 3 For the purposes of this Article profits derived from the operation in international traffic of ships and aircraft include profits derived from the rental on a full or bareboat basis of ships and aircraft if operated in international traffic if such rental profits are incidental to the profits described in paragraph 1 of this Article 4 The provisions of paragraph 1 of this Article shall apply also to profits from the participation in a pool a joint business or an international operating agency Article 9 Associated Enterprises 1 Where a an enterprise of one of the States participates directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of the other State or b the same persons participate directly or indirectly in the management control or capital of an enterprise of one of the States and an enterprise of the other State and in either case conditions are made or imposed between the two enterprises in their commercial or financial relations which differ from those which would be made between independent enterprises then any profits which would but for those conditions have accrued to one of the enterprises but by reason of those conditions have not so accrued may be included in the profits of that enterprise and taxed accordingly It is understood however that the fact that associated enterprises have concluded arrangements such as costsharing arrangements or general services agreements for or based on the allocation of executive general administrative technical and commercial expenses research and development expenses and other similar expenses is not in itself a condition as meant in the preceding sentence 2 Where one of the States includes in the profits of an enterprise of that State and taxes accordingly profits on which an enterprise of the other State has been charged to tax in that other State and the profits so included are profits which would have accrued to the enterprise of the first mentioned State if the conditions made between the two enterprises had been those which would have been made between independent enterprises then that other State shall make an appropriate adjustment to the amount of the tax charged therein on those profits In determining such adjustment due regard shall be had to the other provisions of this Convention and the competent authorities of the States shall if necessary consult each other Article 10 Dividends 1 Dividends derived from a company which is a resident of one of the States by a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such dividends may also be taxed in the State of which the company from which the dividends are derived is a resident and according to the law of that State but if the recipient is the beneficial owner of the dividends the tax so charged shall not exceed a 10 per cent of the gross amount of the dividends if the beneficial owner is a company other than a partnership which holds directly at least 25 per cent of the capital of the company paying the dividends b 20 per cent of the gross amount of the dividends in all other cases This paragraph shall not affect the taxation of the company in respect of the profits out of which the dividends are paid 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 of this Article 4 The term dividends as used in this Article means income from shares or other rights not being debt claims participating in profits as well as income from other corporate rights assimilated to income from shares by the taxation law of the State of which the company making the distribution is a resident and also includes any other item which under the law of the State of which the company paying the dividend is a resident is treated as a dividend or distribution of a company 5 The provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article shall not apply if the beneficial owner of the dividends being a resident of one of the States carries on business in the other State of which the company paying the dividends is a resident through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Where a company which is a resident of one of the States derives profits or income from the other State that other State may not impose any tax on the dividends paid by the company except insofar as such dividends are paid to a resident of that other State or insofar as the holding in respect of which the dividends are paid is effectively connected with a permanent establishment or a fixed base situated in that other State nor subject the company s undistributed profits to a tax on the company s undistributed profits even if the dividends paid or the undistributed profits consist wholly or partly of profits or income arising in that other State Article 11 Interest 1 Interest arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such interest may also be taxed in the State in which it arises and according to the law of that State but if the recipient is the beneficial owner of the interest the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the interest 3 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 of this Article interest arising in one of the States shall be exempt from tax in that State if it is derived by the Government of the other State a political subdivision or a local authority thereof or any agency or instrumentality of that Government political subdivision or local authority thereof 4 Notwithstanding the provisions of paragraph 2 of this Article interest arising in Zimbabwe and paid to the Nederlandse Fiancieringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden N V Netherlands Finance Company for Developing Countries and the Nederlandse Investeringsbank voor Ontwikkelingslanden N V Netherlands Investment Bank for Developing Countries shall be exempt from Zimbabwean tax 5 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraphs 2 3 and 4 of this Article 6 The term interest as used in this Article means income from debt claims of every kind whether or not secured by mortgage and whether or not carrying a right to participate in the debtor s profits and in particular income from government securities and income from bonds or debentures including premiums and prizes attaching to such securities bonds or debentures but shall not include any item which is treated as a distribution under the provisions of Article 10 Penalty charges for late payment shall not be regarded as interest for the purpose of this Article 7 The provisions of paragraphs 1 and 2 of this Article shall not apply if the beneficial owner of the interest being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the interest arises through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the debt claim in respect of which the interest is paid is effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 8 Interest shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the interest whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base in connection with which the indebtedness on which the interest is paid was incurred and such interest is borne by such permanent establishment or fixed base then such interest shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 9 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the interest having regard to the debtclaim for which it is paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the law of each State due regard being had to the other provisions of the Convention Article 12 Royalties 1 Royalties arising in one of the States and paid to a resident of the other State may be taxed in that other State 2 However such royalties may also be taxed in the State in which they arise and according to the law of that State but if the recipient is the beneficial owner of the royalties the tax so charged shall not exceed 10 per cent of the gross amount of the royalties 3 The competent authorities of the States shall by mutual agreement settle the mode of application of paragraph 2 of this Article 4 The term royalties as used in this Article means payments of any kind received as a consideration for the use of or the right to use any copyright of literary artistic or scientific work including cinematograph films and films or tapes for radio or television broadcasting any patent trade mark design or model plan secret formula or process or for the use of or the right to use industrial commercial or scientific equipment or for information concerning industrial commercial or scientific experience as well as payments of any kind to any person other than to an employee of the person making the payments in consideration for any services of a technical managerial or consultancy nature 5 The provisions of paragraph 1 and 2 of this Article shall not apply if the beneficial owner of the royalties being a resident of one of the States carries on business in the other State in which the royalties arise through a permanent establishment situated therein or performs in that other State independent personal services from a fixed base situated therein and the right or property in respect of which the royalties are paid are effectively connected with such permanent establishment or fixed base In such case the provisions of Article 7 or Article 14 as the case may be shall apply 6 Royalties shall be deemed to arise in one of the States when the payer is that State itself a political subdivision a local authority or a resident of that State Where however the person paying the royalties whether he is a resident of one of the States or not has in one of the States a permanent establishment or a fixed base in connection with which the contract under which the royalties are paid was concluded and such royalties are borne by such permanent establishment or fixed base then such royalties shall be deemed to arise in the State in which the permanent establishment or fixed base is situated 7 Where by reason of a special relationship between the payer and the beneficial owner or between both of them and some other person the amount of the royalties having regard to the use right or information for which they are paid exceeds the amount which would have been agreed upon by the payer and the beneficial owner in the absence of such relationship the provisions of this Article shall apply only to the last mentioned amount In such case the excess part of the payments shall remain taxable according to the laws of each State due regard being had to the other provisions of this Convention Article 13 Capital Gains 1 Gains derived by a resident of one of the States from the alienation of immovable property referred to in Article 6 and situated in the other State may be taxed in that other State 2 Gains from the alienation of movable property forming part of the business property of a permanent establishment which an enterprise of one of the States has in the other State or of movable property pertaining to a fixed base available to a resident of one of the States in the other State for the purpose of performing independent personal services including such gains from the alienation of such a permanent establishment alone or with the whole enterprise or of such fixed base may be taxed in that other State 3 Gains from the alienation of ships or aircraft operated in international traffic or movable property pertaining to the operation of such ships or aircraft shall be taxable only in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated For the purposes of this paragraph the provisions of paragraph 2 of Article 8 shall apply 4 Gains derived by a resident of one of the States from the alienation of shares in a company which is a resident of the other State may be taxed in that other State 5 Gains from the alienation of any property other than that mentioned in paragraphs 1 2 3 and 4 of this Article shall be taxable only in the State of which the alienatior is a resident Article 14 Independent personal Services 1 Income derived by a resident of one of the States in respect of professional services or other activities of an independent character shall be taxable only in that State unless he has a fixed base regularly available to him in the other State for the purpose of performing his activities If he has such a fixed base the income may be taxed in the other State but only so much of it as is attributable to that fixed base 2 The term professional services includes especially independent scientific literary artistic educational or teaching activities as well as the independent activities of physicians lawyers engineers architects dentists and accountants Article 15 Dependent personal Services 1 Subject to the provisions of Articles 16 18 19 and 20 salaries wages and other similar remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment shall be taxable only in that State unless the employment is exercised in the other State If the employment is so exercised such remuneration as is derived therefrom may be taxed in that other State 2 Notwithstanding the provisions of paragraph 1 of this Article remuneration derived by a resident of one of the States in respect of an employment exercised in the other State shall be taxable only in the first mentioned State if a the recipient is present in the other State for a period or periods not exceeding in the aggregate 183 days in the fiscal year of that State and b the remuneration is paid by or on behalf of an employer who is not a resident of the other State and c the remuneration is not borne by a permanent establishment or a fixed base which the employer has in the other State 3 Notwithstanding the preceding provisions of this Article remuneration derived in respect of an employment exercised aboard a ship or aircraft operated in international traffic may be taxed in the State in which the place of effective management of the enterprise is situated Article 16 Director s Fees Director s fees or other remuneration derived by a resident of one of the States in his capacity as a member of the board of directors a bestuurder or a commissaris of a company which is a resident of the other State may be taxed in that other State Article 17 Artistes and Athletes 1 Notwithstanding the provisions of Articles 14 and 15 income derived by a resident of one of the States as an entertainer such as a theatre motion picture radio or television artiste or a musician or as an athlete from his personal activities as such exercised in the other State may be taxed in that other State 2 Where income in respect of personal activities exercised by an entertainer or an athlete in his capacity as such accrues not to the entertainer or athlete himself but to another person that income may notwithstanding the provisions of Articles 7 14and 15 be taxed in the State in which the activities of the entertainer or athlete are exercised Article 18 Pensions 1 Subject to the provisions of paragraph 2 of Article 19 pensions and other similar remuneration whether or not of a periodical nature arising in one of the States and paid to a resident of the other State in consideration of past employment or services may be taxed in the first mentioned State and any annuity arising in that State and paid to a resident of the other State may be taxed in the first mentioned State 2 Any pension paid out under the provisions of a social security system of one of the States to a resident of the other State may be taxed in the first mentioned State 3 The term annuity means a stated sum payable periodically at stated

    Original URL path: http://www.belastingcollectief.nl/fiscalisten/verdragen/type-dta/zimbabwe-in-werking (2016-01-09)
    Open archived version from archive