archive-nl.com » NL » B » BELASTINGDIENSTPENSIOENSITE.NL

Total: 492

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Vraag & Antwoord 08-003 Voortzetting in het buitenland van de pensioenopbouw in een Nederlandse pensioenregeling
    dienen te komen in het land waar de arbeid is verricht Om deze reden bestaat geen aanleiding om de wettelijke bepaling een breder toepassingsbereik te geven dan waar de tekst daarvan toe noopt Het artikel staat toe om als diensttijd in aanmerking te nemen perioden gedurende welke de werknemer in dienstbetrekking heeft gestaan tot de concernmaatschappij Dat betekent dat de Nederlandse werkgever de pensioenaanspraken over de diensttijd pas mag toekennen na afloop van de uitzendperiode Dit is ook in overeenstemming met diverse passages uit de parlementaire behandeling van de Wet fiscale behandeling van pensioenen Witteveenwetgeving De buitenlandse werkgever of de werknemer zelf zal desgewenst een voorziening moeten treffen voor het wegvallen van de verzekering van risico s van arbeidsongeschiktheid of overlijden tijdens de periode van uitzending 2 Pensioenovereenkomst met buitenlandse werkgever Het kan zijn dat partijen bovenstaande situatie wensen te vermijden Men wil dan een volledige voortzetting van de pensioenregeling voor de werknemer bewerkstelligen als deze in het buitenland gaat werken al dan niet als uitgezonden werknemer binnen concernverband Dat kan als de buitenlandse werkgever of concernmaatschappij de toezegging uit de Nederlandse pensioenregeling tijdens de tewerkstelling in het buitenland geheel of gedeeltelijk salarysplit overneemt of voortzet De pensioenaanspraken kunnen dan

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_08-003.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive


  • Handreiking modelstamrechtovereenkomsten (versie 14 januari 2008)
    ontwikkeld Deze modellen zijn gebaseerd op de bestaande regelgeving en jurisprudentie en op de ervaringen van de kennisgroep in de afgelopen jaren met de beoordeling van stamrechtovereenkomsten Een stamrechtovereenkomst die gelijk is aan één van de modellen is in ieder geval naar de bestaande inzichten en volgens de bestaande wetgeving en jurisprudentie een stamrechtregeling in de zin van artikel 11 eerste lid onderdeel g van de Wet LB Het CAP publiceert de modellen op www belastingdienstpensioensite nl Bij wijzigingen in de regelgeving zal het CAP de modellen aanpassen of intrekken 3 1 Kaderregeling De modellen van de Belastingdienst vormen een kaderregeling die beoogt de praktijk een handvat te bieden Dat betekent dat de modellen zoveel mogelijk zijn afgestemd op hetgeen gebruikelijk dan wel wenselijk is Op sommige punten zijn binnen de wettelijke grenzen afwijkingen naar boven en naar beneden mogelijk Bij een dergelijke afwijking geldt hetgeen hierna onder punt 3 4 is vermeld 3 2 Goedkeuring niet nodig Indien de stamrechtuitvoerder en de stamrechtgerechtigde besluiten om één van de modellen ongewijzigd te hanteren is inzending aan de Belastingdienst voor een goedkeuring niet nodig 3 3 Inzending ongewijzigd model Indien toch een goedkeuring gewenst is is snelle afgifte daarvan in het belang van de stamrechtuitvoerder en de stamrechtgerechtigde en in het belang van de Belastingdienst De toetsing door de Belastingdienst zal in dat geval globaal zijn en vooral zijn gericht op de juistheid van de variabele gegevens Voor een vlotte afwerking is het noodzakelijk dat in de begeleidende brief bij de overeenkomst staat vermeld dat de overeenkomst behoudens die variabele gegevens gelijk is aan één van de modelovereenkomsten en aan welke kenmerk In dit verband is de eerste volzin van de slotbepaling van elk model van belang In die volzin verklaren de stamrechtuitvoerder en de stamrechtgerechtigde dat de overeenkomst gelijk is

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/Handreiking%20modelstamrechtovereenkomsten.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Vraag & Antwoord 07-003 Aanpassen pensioenregeling in verband met de Pensioenwet
    aanpassen in verband met de invoering van de Pensioenwet op 1 januari 2007 Antwoord Situatie in 2007 In 2007 geldt voor bestaande regelingen van directeuren grootaandeelhouders DGA s een overgangsperiode artikel 8 van de Invoerings en aanpassingswet Pensioenwet Voor op 31 december 2006 bestaande pensioenregelingen van DGA s blijft de Pensioen en spaarfondsenwet PSW gedurende het jaar 2007 nog van toepassing De regeling behoeft dus voor dat jaar niet te worden aangepast De DGA dient in 2007 een keuze te maken of hij met zijn pensioenregeling vanaf 1 januari 2008 al dan niet onder de Pensioenwet PW wenst te vallen Situatie met ingang van 1 januari 2008 Er zijn 2 mogelijkheden De DGA kiest ervoor om zijn regeling met ingang van 1 januari 2008 niet onder de PW te laten vallen In dat geval hoeft hij de pensioenregeling niet aan te laten passen ondanks de verwijzingen naar de PSW Voorwaarde hierbij is dat de regeling overigens blijft voldoen aan de voorwaarden van Hoofdstuk IIB van de Wet op de loonbelasting 1964 Aanpassing van de regeling kan dan plaatsvinden bij de eerstvolgende gelegenheid waarbij dat om andere redenen nodig is De DGA kiest ervoor om zijn regeling met ingang van 1

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_07-003.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Handreiking indexatie van pensioenen (versie 18 april 2007)
    vast percentage dat de loon of prijsstijging benadert vaste na indexatie 2 2 Na indexatie bij beschikbare premiestelsels Het kapitaal uit een pensioenregeling die is gebaseerd op een beschikbare premiestelsel wordt op enig moment omgezet in een aanspraak op uitkeringen in geld Het is dan mogelijk op deze uitkeringen een na indexatie toe te passen De financiering van deze na indexatie moet plaatsvinden uit het beschikbare kapitaal Aanvullende premiestortingen zijn niet toegestaan De pensioenuitvoerder zal daarom bij de berekening van de hoogte van de uitkering uit moeten gaan van het bij hem gebruikelijke tarief voor de te verstrekken geïndexeerde uitkering Bij die berekening kan de rekenrente lager liggen dan 4 Er is in dat geval geen strijd met artikel 18a derde lid onderdeel c van de Wet op de loonbelasting 1964 Wet LB De daar vermelde verplichte rekenrente van 4 geldt namelijk uitsluitend bij de bepaling van de omvang van de in te leggen premies 2 3 Vaste na indexatie karakter en percentage De wettekst biedt ruimte voor een vaste na indexatie zolang deze een redelijke benadering is van de loon of prijsindexatie zie artikel 18d eerste lid onderdeel a van de Wet LB Uit een lange reeks inflatiecijfers over de jaren heen is af te leiden dat een vaste indexatie niet hoger kan zijn dan 3 Het streven van de monetaire autoriteiten van de Europese Unie is gericht op een inflatiegemiddelde van ten hoogste 2 per jaar Op grond van het voorgaande komt een vaste na indexatie van meer dan 3 in strijd met artikel 18d eerste lid onderdeel a van de Wet LB 3 Voorindexatie 3 1 Definitie en karakter Voorindexatie is te omschrijven als het verhogen van pensioenaanspraken vóór de feitelijke pensioendatum in verband met de vóór die datum gestegen lonen of prijzen Voorindexatie kan net als

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/HANDREIKING%20INDEXATIE%20VAN%20PENSIOENEN%20%28versie%2018%20april%202007%29.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Vraag & Antwoord 07-001 Affinanciering ouderdomspensioen op ingangsdatum prepensioen
    prepensioen en die van het ouderdomspensioen in één keer affinancieren De werkgever stort in dat geval een koopsom voor de opbouw De pensioenregeling wordt hierdoor niet onzuiver De pensioenregeling wordt echter onzuiver als de pensioenverzekeraar de opbouw van het ouderdomspensioen over de genoemde periode financiert tijdens de actieve periode van de werknemer en de werknemer die gefinancierde hogere rechten bij ontslag meekrijgt als ontslagrechten Er is dan sprake van voorfinanciering

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_07-001.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Vraag & Antwoord 05-070 Indexatie Witteveens excedent in nabestaanden- en wezenpensioen
    loonbelasting 1964 In geval van eindloonregelingen kon deze voorgeschreven aanpassing tot gevolg hebben dat in de pensioenopbouw een knip aangebracht moest worden Een dergelijke situatie deed zich met name voor bij pensioenregelingen van directeuren grootaandeelhouders In het besluit van 26 juni 2003 nr CPP2003 1406M is een mogelijke berekeningswijze van een dergelijke knip uitgewerkt Met een eenmalige rekenexercitie kon op eenvoudige wijze worden berekend welke pensioenbedragen naast de op basis van de nieuwe wetgeving te verkrijgen aanspraken reeds waren opgebouwd en als verdiende aanspraken gerespecteerd moeten worden Dit zijn de zogenoemde Witteveense excedent aanspraken Per 1 januari 2005 is de Wet aanpassing fiscale behandeling VUT prepensioen en introductie levensloopregeling Wet VPL in werking getreden Met toepassing van artikel 38d 38e en artikel 38f van de Wet op de loonbelasting 1964 kunnen de op 31 december 2005 opgebouwde aanspraken op prepensioen ouderdomspensioen en overbruggingspensioen worden omgezet in een onder de Wet VPL toegelaten pensioen Mogen de bij de overgang naar de Wet fiscale behandeling van pensioenen ontstane excedent aanspraken op nabestaanden en wezenpensioen na aanpassing van de pensioenregeling aan de Wet VPL met ingang van 1 januari 2006 worden aangepast aan een algemene loon of prijsindex Antwoord Ja in afwijking van

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_05-070.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Vraag & Antwoord 05-069 Voldoende reservering voor pensioentoezegging in eigen beheer
    PSW is uitgewerkt in de Regeling voorwaarden pensioentoezegging aan direct en indirect grootaandeelhouders In artikel 2 eerste lid van die regeling wordt gesteld dat het verzekerende lichaam op zijn balans een bedrag als voorziening dient op te voeren dat voldoende is om de uit de toezegging voortspruitende verplichtingen na te komen Wordt aan deze voorwaarde van de Regeling voldaan als de voorziening op de commerciële balans is bepaald op basis van de fiscale balanswaarde Antwoord Ja Als de pensioenvoorziening op de commerciële balans wordt gewaardeerd op de fiscale balanswaarde zal de voorziening als een voldoende reservering voor artikel 19a van de Wet LB worden beschouwd Er is in dat geval geen aanleiding voor de toepassing van artikel 19b Wet LB Toelichting De Raad voor de Jaarverslaggeving RJ heeft in zijn uiting 2005 4 toegestaan dat een rechtspersoon op zijn commerciële balans een pensioenverplichting in eigen beheer mag opnemen overeenkomstig de voor de fiscale winstbepaling in aanmerking genomen voorziening Als voorwaarde wordt hierbij door de RJ gesteld dat de rechtspersoon vermeldt dat is uitgegaan van de fiscale waardering waarbij tevens de gehanteerde berekeningsgrondslagen en de gehanteerde rekenrente dienen te worden aangegeven In de Nadere Memorie van Antwoord Eerste Kamer bij het

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_05-069.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive

  • Vraag & Antwoord 05-054 Op 1 januari 2005 bestaande regeling voor vervroegde uittreding als bedoeld in artikel 18i Wet op de loonbelasting 1964 (tekst 31 december 2004)
    een regeling voor vervroegde uittreding als bedoeld in artikel 18i van de Wet op de loonbelasting 1964 tekst 31 december 2004 VUT regeling is vaak gelijk aan de looptijd van de aan die regeling verbonden CAO Als na afloop van de looptijd een nieuwe CAO wordt aangegaan wordt veelal ook een nieuwe VUT regeling overeengekomen Is bij een opeenvolging na 31 december 2004 van VUT regelingen sprake van een op

    Original URL path: http://www.belastingdienstpensioensite.nl/VA_05-054.htm (2015-09-07)
    Open archived version from archive



  •