archive-nl.com » NL » E » ECONOMIELOKAAL.NL

Total: 189

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Kosten basisvragen - Economielokaal
    constante kosten De bakkerij kan maximaal 900 dozen broodjes per maand produceren 3 Hoeveel constante kosten heeft de bakkerij als er 400 dozen broodjes geproduceerd worden per maand 900 dozen broodjes geproduceerd worden per maand geen broodjes geproduceerd worden per maand 4 Hoeveel variabele kosten heeft de bakkerij als er 400 dozen broodjes geproduceerd worden per maand 900 dozen broodjes geproduceerd worden per maand geen broodjes geproduceerd worden per maand 5 Hoeveel zijn de totale kosten voor de bakkerij als er 400 dozen broodjes geproduceerd worden per maand 900 dozen broodjes geproduceerd worden per maand geen broodjes geproduceerd worden per maand 6 Hoeveel omzet totale opbrengst heeft de bakkerij als er 400 dozen broodjes geproduceerd worden per maand 900 dozen broodjes geproduceerd worden per maand geen broodjes geproduceerd worden per maand 7 Teken een grafiek met daarin TCK TVK TK en TO horizontaal hoeveelheid dozen max 950 verticaal euro s max op basis van TO 8 Een vergelijking is een berekening waarbij je één waarde steeds kunt laten veranderen Meestal is dat de productiehoeveelheid q Kijk hoe je de antwoorden op de vragen 3 t m 6 hebt uitgerekend en maak vervolgens voor die berekeningen formules waarbij je q later kunt invullen TCK TVK TK TO Antwoorden Opgave 1 1 Variabele kosten nemen in totaal toe wanneer je meer gaat produceren Bijvoorbeeld meel water gist verpakkingsmateriaal arbeidsloon personeel benzine 2 Constante kosten veranderen in totaal níet wanneer een bedrijf meer minder gaat produceren Bijvoorbeeld de huur van het gebouw de rente op geleend geld de afschrijving van het wagenpark de ovens enz eventueel arbeidsloon personeel met vast contract 3 De totale constante kosten bij 400 dozen broodjes 4 000 bij 900 dozen broodjes 4 000 bij geen broodjes 4 000 4 De totale variabele kosten bij 400 dozen broodjes 400

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/kosten/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive


  • Pareto - welvaartsverlies - Economielokaal
    per stuk 1 Teken de marktsituatie van product PKN 2 Bereken de totale bijdrage van product PKN aan de welvaart in Nederland 3 Leg uit waarom in dit marktmodel het evenwichtspunt de Pareto optimale uitkomst is 4 Noem tenminste twee redenen waarom je deze uitspraak over optimaliteit in twijfel kunt trekken Product PKN blijkt niet zo goed voor de gezondheid Daarom grijpt de overheid in door een prijs vast te stellen van 30 5 Bereken het welvaartsverlies op basis van consumenten en producentensurplus 6 Leg uit waarom je in deze situatie niet zomaar kan stellen dat er sprake is van welvaartsverlies door het ingrijpen van de overheid Antwoorden 1 2 De bijdrage van een product aan de welvaart kunnen we meten door het consumenten en producentensurplus op te tellen Bereken daarvoor eerst de evenwichtsprijs 24 44 en de evenwichtshoeveelheid 233 3 mln CS 40 24 44 x 233 3 mln 2 1 815 3 mln PS 24 44 5 x 233 3 mln 2 2 268 mln Totaal 4 083 3 mln 3 In het evenwichtspunt zijn de oppervlakten van CS PS het grootst Vanuit dit punt kan niemand zichzelf verbeteren zonder dat dat ten koste gaat van een ander 4 Pareto optimaliteit gaat uit van een perfect werkende markt en die bestaat niet in de praktijk Naast vragers en aanbieders kunnen ook anderen positieve of negatieve effecten op hun welvaart ervaren door dit product extern effect dat komt niet tot uitdrukking in dit marktmodel 5 Het welvaartsverlies wordt gemeten door het verlies aan CS en PS de gearceerde oppervlaktes Door de vastgestelde prijs zullen er nog maar 150 mln producten gekocht worden Producenten zullen dus ook niet meer maken Verlies CS 30 24 44 x 233 3 150 2 231 66 mln Verlies PS 24 44 17 50 x

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/pareto-welvaartsverlies/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Gemiddelde - Economielokaal
    uitrekent tel je alle waarden bij elkaar op en deelt dit vervolgens door het aantal waarden Voorbeeld Je berekent een gemiddelde van de waarden 12 34 100 en 204 Bij zo n enkelvoudig gemiddelde tellen alle waarden even zwaar mee elk getal telt 1x mee Samengesteld gewogen gemiddelde Bij een samengesteld gewogen gemiddelde wordt rekening gehouden met het feit dat de ene waarde belangrijker is dan een andere waarde Alle leerlingen reken zo n samengesteld gewogen gemiddelde uit wanneer zij hun rapportcijfer berekenen Voorbeeld Er zijn drie soorten cijfers schriftelijke overhoringen belang weging 1x repetitie s belang weging 2x schoolexamens belang weging 4x Je haalt de volgende cijfers so 4 6 8 rep 6 7 se 7 Wanneer je alles zou uitschrijven zou je het volgende krijgen Dat wordt een hele klus aan het eind van het jaar of wanneer je getallen hebt die 20x mee tellen in het gemiddelde Handiger is het gemiddelde als volgt uit te rekenen Je berekent nu een gemiddelde door elke waarde cijfer te vermenigvuldigen met hun belang wegingsfactor om vervolgens het totaal te delen door het totaal van de wegingsfactoren Formule gewogen gemiddelde Een toepassing het consumenten prijsindexcijfer CPI Het CPI is de maatstaf waarmee we de jaarlijkse inflatie meten Het CPI is een samengesteld en gewogen indexcijfer waarbij elke productgroep meetelt naar relatieve belangrijkheid Het samengesteld gewogen prijsindexcijfer wordt berekend door alle partiële indexcijfers te vermenigvuldigen met hun wegingsfactoren En daarna al deze uitkomsten op te tellen en te delen door het totaal van de wegingsfactoren zelfde formule als gewogen gemiddelde alleen iets anders opgeschreven De wegingsfactoren worden periodiek door middel van een budgetonderzoek opnieuw bepaald Bij zo n budgetonderzoek wordt gekeken hoeveel geld een gezin uitgeeft aan de diverse productgroepen Op deze wijze kan het belang van de verschillende prijsstijgingen worden bepaald

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/ngemiddelde/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Procenten - Economielokaal
    Formule procentuele verandering Hierbij is oud het startgetal de beginwaarde het getal waarmee je wilt vergelijken Met nieuw wordt het eindgetal bedoeld Voorbeeld In 2008 verdiende je 4 50 per uur oud In 2010 verdien je 5 10 per uur nieuw Manier 2 een kruistabel verhoudingstabel gebruiken In zo n verhoudingstabel zet je in de bovenste regel de gegeven getallen In de onderste regel de procenten Eén cel blijft leeg Vervolgens moet je de getallen die diagonaal staan t o v elkaar vermenigvuldigen en dan delen door het overgebleven getal Let op het getal waarmee je vergelijkt begint is 100 Twee voorbeelden ter verduidelijking Voorbeeld 1 Karel s salaris stijgt van 1 500 naar 1 580 per maand Van 100 naar 105 33 Dus 5 33 Voorbeeld 2 Vorige week verkocht de supermarkt 12 000 broden Deze week 11 500 Van 100 naar 95 83 Dus 4 17 Manier 3 eerst 1 uitrekenen Een manier die in ieder geval duidelijk laat zien wat je aan het uitrekenen bent is de 1 methode We kunnen deze methode in drie stappen ontleden Stap 1 zoek eerst een gegeven waarde en de bijbehorende procenten bij elkaar Stap 2 reken met deze gegevens uit hoeveel 1 bedraagt Stap 3 reken het gevraagde gegeven uit Wederom twee voorbeelden ter verduidelijking Voorbeeld 1 Karel s salaris stijgt van 1 500 naar 1 580 per maand Stap 1 zoek eerst een gegeven waarde en de bijbehorende procenten bij elkaar het beginsalaris 1 500 van Karel is 100 Stap 2 reken met deze gegevens uit hoeveel 1 bedraagt als 100 gelijk is aan 1 500 dan is 1 gelijk aan 15 Stap 3 reken het gevraagde gegeven uit zijn salaris is met 80 gestegen dat is gelijk aan Je kunt dit het beste netjes onder elkaar zetten Voorbeeld

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/nprocenten/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Indexcijfers - Economielokaal
    basisjaar krijgt het indexcijfer 100 wordt op 100 gesteld Daarbij geldt dat een indexcijfer boven de 100 duidt op een procentuele stijging ten opzichte van het basisjaar een indexcijfer onder de 100 duidt op een procentuele daling ten opzichte van het basisjaar Formule indexcijfer Voorbeeld 1 In 2006 het basisjaar had Dhr Wolters een inkomen van 50 000 Een jaar later bedroeg zijn inkomen 58 000 terwijl in 2008 zijn inkomen 61 000 bedroeg jaar waarde berekening indexcijfer 2006 50 000 De 50 000 uit het basisjaar wordt op indexcijfer 100 gesteld 100 2007 58 000 Zijn inkomen is nu 58 000 In verhouding tot zijn inkomen in het basisjaar is dat Het indexcijfer 116 wil zeggen dat het inkomen in 2007 met 16 is gestegen ten opzichte van het basisjaar 2006 116 2008 61 000 Zijn inkomen bedraagt 61 000 Indexcijfer 2008 Dat wil zeggen dat het inkomen in 2008 met 22 gestegen is ten opzichte van het basisjaar 2006 122 Voorbeeld 2 We bekijken de ontwikkeling van het nationaal inkomen Als basisjaar nemen we het jaar 2005 jaar 2004 2005 2006 2007 2008 2009 nationaal inkomen in mld euro 504 515 554 576 580 591 berekening indexcijfers nationaal inkomen indexcijfers 97 9 100 107 6 111 8 112 6 114 8 Maak nu enkele oefenopgaven over indexcijfers Procentuele veranderingen Vaak wordt in opgaven gevraagd een procentuele verandering tussen twee indexcijfers uit te rekenen Om een procentuele verandering uit te rekenen maakt het niet uit of het om indexcijfers euro s of aantal producten gaat Je kunt die allemaal op dezelfde manier berekenen Kijk hiervoor eventueel naar de uitleg over procenten Formule procentuele verandering jaar 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 nationaal inkomen indexcijfers 97 9 100 107 6 111 8 112 6 114 8 110 1 Voorbeeld 1 Bereken hoeveel de procentuele verandering van het nationaal inkomen in 2008 ten opzichte van 2007 Voorbeeld 2 Bereken hoeveel de procentuele verandering van het nationaal inkomen in 2010 ten opzichte van 2009 Maak nu enkele oefenopgaven over procentuele veranderingen bij indexcijfers Vooruitgaan en teruggaan in de tijd bij procentuele veranderingen Als regel geldt vooruitgaan in de tijd betekent vermenigvuldigen en teruggaan in de tijd betekent delen Voorbeeld 1 vooruit Op 1 oktober 2009 telt een school 1000 leerlingen De directie verwacht dat het leerlingenaantal jaarlijks met 2 zal stijgen Gevraagd Bereken het verwachte aantal leerlingen op 1 oktober 2012 Uitwerking 1000 x 1 02 x 1 02 x 1 02 1061 2 Dus 1061 leerlingen vergeet niet af te ronden Voorbeeld 2 achteruit Op 1 oktober 2009 telt een school 900 leerlingen Dit is het gevolg van een jaarlijkse stijging van het aantal leerlingen met 3 Gevraagd Bereken het aantal leerlingen op 1 oktober 2005 Uitwerking dus 800 Basisjaar verleggen Gegevens voor altijd vergelijken met hetzelfde jaar is onzinnig Soms is het beter om na verloop van tijd je basisjaar opnieuw vast te stellen Je huidige nationale inkomen uitdrukken in een indexcijfer ten opzichte van het jaar 1990 is

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/nindexcijfers/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Differentieren - Economielokaal
    TO functie Wanneer we deze lijn in de grafiek tekenen valt op dat de MO lijn de hoeveelheid as precies halverwege snijdt t o v de Q v lijn Logisch want de top van de parabool TO zit halverwege de snijpunten met de horizontale as Vóór de top geldt de extra opbrengst neemt steeds een beetje af maar is positief de TO stijgt maar steeds minder snel Ná de top geldt de TO parabool begint te dalen en steeds sneller Dat wil zeggen dat de extra opbrengst voor één extra product MO negatief wordt en steeds meer negatief wordt Onthouden de totale opbrengst is maximaal TO top bij díe productieomvang waar geldt dat MO 0 2b Een toepassing MK Omdat de constante kosten niet afhankelijk zijn van de omvang van de productie kunnen bij een stijging van de productie extra kosten alleen veroorzaakt worden door de variabele kosten Als deze variabel kosten per product bovendien ook nog steeds hetzelfde bedrag zijn bijv 5 we spreken dan van proportioneel variabele kosten zullen de totale kosten van het bedrijf steeds met 5 stijgen als er één extra product wordt gemaakt Dus bij proportioneel variabele kosten geldt GVK MK Je kunt de marginale kosten natuurlijk ook uitrekenen door de stijging van de kosten te verdelen over het aantal producten dat extra gemaakt is dus delen door extra productie of Als je bijvoorbeeld 50 producten méér maakt dan voorheen en de kosten zijn daardoor met 1000 toegenomen zijn de marginale kosten 20 1000 50 producten 20 per product Differentiëren De MK kunnen ook worden berekend door de TK te differentiëren Door de TK functie te differentiëren kijk je immers naar de stijging van de TK bij een bepaalde productieomvang er kan sprake zijn van proportioneel variabele kosten zoals in het bovenstaande voorbeeld grafiek dwz elk product heeft dezelfde variabele kosten in voorbeeld 20 er kan spreke zijn van niet proportioneel variabele kosten in alle andere gevallen dwz dat de gemiddelde variabele kosten niet steeds hetzelfde bedrag zijn Aangezien de variabele kosten de omvang van de marginale kosten bepalen verschillen de conclusies voor MK voor beide gevallen Bij proportioneel variabele kosten Proportioneel variabele kosten betekent dat elk product dezelfde variabele kosten heeft Bijvoorbeeld variabele kosten van 20 per stuk TK 20 q 100 000 dus TVK 20 q De marginale kosten MK kunnen we nu bepalen door de eerste afgeleide van TK of TVK te nemen MK 20 We zien dat ook in de grafiek aan de rode of blauwe stippellijnen dat elk product dat extra gemaakt wordt de kosten met 20 de GVK laat stijgen Deze maginale kosten zien er in een grafiek als volgt uit Bij niet proportioneel variabele kosten Er zijn verschillende mogelijkheden maar de meest gebruikelijke is een kostenfunctie die er bijvoorbeeld als volgt uit ziet TK 8Q 2 10Q 100 In de grafiek kunnen we zien dat uitbreiding van de productieomvang met één eenheid niet steeds dezelfde kostenstijging MK met zich mee brengt De kosten stijgen steeds harder Dat kunnen

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/ndifferentieren/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Stoeien met vergelijkingen - Economielokaal
    met elkaar in evenwicht zijn De weegschaal zal in evenwicht blijven zolang je linker en rechterlid op dezelfde manier aanpast Optellen De weegschaal blijft in evenwicht zolang we bij de linker en rechterkant hetzelfde aantal optellen 3 5x 3 5x 3 3 5x 10 10 3 13 Aftrekken De weegschaal blijft in evenwicht zolang we aan de linker en rechterkant hetzelfde aantal weghalen 5 5x 5 5x 5 5 5x 14 14 5 9 Vermenigvuldigen De weegschaal blijft in evenwicht zolang we de linker en rechterkant met hetzelfde aantal vermenigvuldigen bijvoorbeeld verdubbelen x2 0 5y 0 5y x 2 1y 14 14 x 2 28 Delen De weegschaal blijft in evenwicht zolang we de linker en de rechterkant door dezelfde factor delen bijvoorbeeld halveren 2 2x 14 2x 2 14 2 1x 7 Maak nu enkele oefenopgaven over vergelijkingen Snijpunt van twee lijnen berekenen Regelmatig moet in opgaven een snijpunt van twee rechte lijnen worden berekend Dat is bijvoorbeeld zo wanneer je de evenwichtsprijs wilt berekenen binnen een marktmodel Dan moeten vraag en aanbod aan elkaar gelijk zijn q v q a De weegschaal blijft in evenwicht zolang je links en rechts maar hetzelfde doet dus wanneer je aan de linkerkant 5x eraf haalt dan moet je dat rechts ook doen Het marktmodel q v 2p 10 q a 4 p 8 q a q v Oplossing q a q v 4p 8 2p 10 4p 2p 18 aan beide kanten 8 6p 18 aan beide kanten 2p p 3 aan beide kanten 6 Maak nu enkele oefenopgaven over snijpunten berekenen Herschrijven van een vergelijking Soms is het nodig om een vergelijking om te schrijven Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer we de collectieve vraagfunctie van een monopolist q v 2p 10 willen omzetten in een prijsafzetfunctie voor die monopolist

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/nvergelijkingen/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive

  • Arceren in grafieken
    Pictinonary Eigen verbandenschema Arceren in grafieken Arceren in grafieken Om in grafieken waarin waarden per product staan tóch totaalbedragen aan te kunnen geven moet je gebieden arceren We maken daarbij gebruik van het eenvoudige gegeven dat Lengte x Breedte Oppervlakte rechthoek Aan de hand van een aantal veelvoorkomende situaties zullen we de regel van het arceren nader bekijken Omzet in marktmodel In dit model ontstaat een marktevenwicht bij een prijs van 5 en een hoeveelheid van 100 stuks De marktomzet bedraagt dus 5 x 100 stuks 500 LENGTE Het oranje lijnstuk geeft de hoeveelheid van 100 stuks weer in de grafiek BREEDTE Het groene lijnstukje geeft de 5 van de prijs weer in de grafiek Omzet prijs x hoeveelheid Oppervlakte breedte x lengte Het rode gebied heeft dus een oppervlakte van 500 de marktomzet Maximale totale winst bij een monopolist De monopolist haal maximale totale winst bij de productie omvang waar MO MK In dit geval zal hij dus kiezen voor een productie omvang van 8 mln stuks Vervolgens kunnen we op de GO lijn aflezen dat de prijs GO bij 8 mln stuks 400 is Aflezen van de GTK lijn leert dat bij 8 mln stuks de GTK 310 bedragen Dat wil dus zeggen dat hij LENGTE 8 mln stuks produceerten dat hij in dat geval BREEDTE 90 winst per product GW behaalt Totale winst winst per product x hoeveelheid Oppervlakte breedte x lengte Het gearceerde gebied heeft dus een oppervlakte van 720 mln de maximale totale winst Hefingen Door het invoeren van een heffing vast bedrag per product verschuift op deze markt van volkomen concurrentie de aanbodlijn evenwijdig naar boven De verschuiving naar boven is gelijk aan het bedrag van de heffing Door de nieuwe aanbodlijn verschuift marktevenwicht naar p 1 en q 1 Hoeveel gaan de consumenten

    Original URL path: http://www.economielokaal.nl/narceren/ (2016-02-17)
    Open archived version from archive



  •