archive-nl.com » NL » N » NATIONALEOMBUDSMAN.NL

Total: 2034

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • Vooralsnog geen onderzoek gevolgen Groninger gaswinning | Nationale ombudsman
    en artikelen Werken bij Klacht over de Nationale ombudsman Leveranciers 36 278 klachten ontvangen in 2014 U bent hier Home Thema s en Publicaties Nieuws Vooralsnog geen onderzoek gevolgen Groninger gaswinning 6 juli 2015 De Nationale ombudsman stelt vooralsnog geen onderzoek in naar de gaswinning in Groningen ook al wordt hij met enige regelmaat daarom gevraagd De Nationaal Coördinator Groningen heeft de opdracht om het voor bewoners makkelijker te maken om geschillen over afhandeling van schade of andere problemen te beslechten De ombudsman besluit dit najaar of er reden is een onderzoek in te stellen De ombudsman schrijft de Nationaal Coördinator Groningen in een brief In het bijzonder hoor ik graag van u op welke manier een voortvarende oplossing gevonden wordt voor al bestaande schrijnende situaties Ook vraagt hij hoe een laagdrempelige en toegankelijke vorm van geschilbeslechting wordt ingericht voor toekomstige schadeclaims en klachten Onderwerpen gaswinning groningen schadeclaim Bijlagen Brief aan Nationaal Coördinator Groningen pdf 51 07 KB Delen Deel op twitter Deel op facebook Deel op linkedin Informatie speciaal voor Kinderen Veteranen Ondernemers Informatie voor inwoners van Bonaire St Eustatius en Saba Kunnen wij u helpen Aan het juiste adres Procedure Klacht indienen Vraag en antwoord Voorbeeldbrieven Folders en

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/nieuws/2015/vooralsnog-geen-onderzoek-gevolgen-groninger-gaswinning (2015-08-09)
    Open archived version from archive


  • 2015/121 Politie zet terecht arrestatieteam in bij aanhouding | Nationale ombudsman
    de politiechef Mark was het met het oordeel van de politiechef niet eens en wendde zich tot de Nationale ombudsman De ombudsman stelde een onderzoek in naar een deel van de klachten Klacht Mark werd verdacht van het plegen van een bedreiging Op 28 augustus 2013 is Mark om 5 00 uur door een arrestatieteam AT aangehouden Mark klaagt er in dat verband over dat de hoofdofficier van justitie van het parket Oost Nederland toestemming heeft gegeven voor de inzet van een AT terwijl het niet om een ernstig strafbaar feit ging het AT ervoor heeft gekozen om hem thuis in aanwezigheid van zijn vrouw en jonge kinderen aan te houden het AT hem zonder reden hardhandig heeft aangehouden waardoor hij pijn heeft ondervonden Bevindingen Standpunt Mark Mark stelt dat er geen reden was om een AT in te zetten Een AT kan worden ingezet wanneer het gaat om een aanhouding waarbij levensbedreigende omstandigheden tegen de politie of tegen anderen dreigen Van een dergelijke dreiging is volgens Mark niet gebleken Hij werd verdacht van verbale bedreiging geen heel ernstig feit aldus Mark Bij het uiten van de bedreiging heeft hij geen gebruik gemaakt van een wapen behalve het in zijn handen houden van een knuppel Niet is gebleken dat hij met deze knuppel heeft gedreigd De antecedenten die hij heeft zijn bovendien verouderd Het had volgens Mark in de rede gelegen om hem op het bureau uit te nodigen voor verhoor dan wel hem op een normale wijze aan te houden Mark heeft voorts gesteld dat niet is gebleken van een dringende noodzakelijkheid voor het binnentreden tussen middernacht en 6 00 uur s ochtends Het ging evenmin om een aanhouding op heterdaad zodat de noodzaak daaruit ook niet kan worden afgeleid Het hele gezin van Mark lijdt onder een dergelijke wijze van aanhouding Verder heeft Mark aangegeven dat hij zich meteen aan het AT heeft overgegeven en op de grond is gaan liggen toen het AT binnen kwam Mark snapt niet waarom het nodig was een knie op zijn rug te plaatsen zijn hoofd tegen de grond te duwen en zijn armen te overstrekken Gezien zijn coöperatieve houding en de overmacht ter plaatse had het AT hem gewoon kunnen laten opstaan en zo nodig na te zijn geboeid mee kunnen nemen Standpunt minister van Veiligheid en Justitie De minister heeft gesteld dat Mark vanaf 1991 diverse keren is veroordeeld vanwege meerdere gepleegde gewelddadige overvallen en afpersingen waarvan één afpersing de dood tot gevolg had Daarnaast is Mark lid van een motorclub en zou deel hebben uitgemaakt van een bende Door deze gepleegde strafbare feiten staat Mark geregistreerd in het herkenningsdienstsysteem HKS Mark komt in HKS voor als vuurwapengevaarlijk en als harddrugsgebruiker Gelet hierop heeft de rechercheofficier toestemming gegeven voor de inzet van een AT aldus de minister In antwoord op vragen van de Nationale ombudsman heeft de minister gesteld dat misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van tien jaar of meer is gesteld uiterlijk nadat sinds dat feit 30 jaar is verstreken worden verwijderd uit het HKS en dat daarmee ook de gevarenclassificatie vuurwapengevaarlijk wordt verwijderd Dit conform het Reglement politieregister herkenningsdienst zie Achtergrond onder 3 en in lijn met een uitspraak van de afdeling bestuursrecht van de Raad van State aldus de minister De minister heeft gesteld dat er aangifte was gedaan van een ernstig strafbaar feit gepleegd door Mark en dat er gelet op de registratie in HKS aanwijzingen waren dat Mark in het bezit was van een vuurwapen Gelet op Marks antecedenten op het gebied van geweldsdelicten heeft de rechercheofficier op goede gronden kunnen beslissen tot inzet van het AT Mark is dezelfde dag gehoord en heeft bekend dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan bedreiging De minister acht de klacht ongegrond Desgevraagd heeft een medewerker namens de minister laten weten dat de rechercheofficier is gemandateerd tot het nemen van de beslissing tot inzet van een AT Standpunt politiechef De politiechef heeft gesteld dat hij gelet op Marks achtergrond de inzet van het AT gerechtvaardigd acht Ook acht hij de klacht over het moment van de aanhouding en het geweldgebruik ongegrond De politiechef verwijst voorts naar het standpunt dat hij tijdens de interne klachtbehandeling heeft ingenomen Verklaring sectiecommdant AT De sectiecommandant van het AT heeft tegenover medewerkers van de Nationale ombudsman verklaard dat Mark werd verdacht van bedreiging met een honkbalknuppel De bedreiging met een honkbalknuppel alleen is niet AT waardig maar er waren nog twee zogenaamde plusjes Mark heeft een zeer lange gevangenisstraf uitgezeten vanwege een afpersing waarbij het slachtoffer is doodgeschoten Hij was nog maar anderhalf jaar vrij Daarnaast stond hij bekend als een agressieve man Dit bij elkaar genomen maakte de aanhouding AT waardig Voordat de hoofdofficier van justitie beslist tot inzet van een AT heeft er een kritische afweging plaatsgevonden Het openen van de deur maakte volgens de sectiecommandant zoveel lawaai dat Mark er wakker van was geworden Het AT trof hem boven op de overloop aan Het betrof een kleine overloop Als je daar als AT er met je helm en een dik kogelvrijvest staat is er niet veel ruimte Vanwege het ruimtegebruik moest Mark door één AT er geboeid worden In zo n geval behoort het tot de standaardprocedure dat de verdachte een knie in zijn nek krijgt Mark zal dat ongetwijfeld gevoeld hebben maar het is niet zo dat er meer geweld is gebruikt dan noodzakelijk gezien de professionele werkhouding en de ambtsinstructie aldus de sectiecommandant Mark werkte mee tijdens de aanhouding Het zou kunnen dat zijn hoofd tegen de grond is gedrukt Dat is dan niet moedwillig gebeurd Misschien dat hij zijn hoofd even omhoog hield Er is geen geweld gebruikt anders dan het geweld dat conform de standaard procedures wordt aangewend Wanneer er meer geweld wordt gebruikt wordt dit aan de sectiecommandant gemeld en wordt er een meldingsformulier geweldsaanwending opgemaakt Wat het moment van aanhouding betreft is er in overleg met het onderzoeksteam voor gekozen om Mark s ochtends vroeg aan te houden Omdat de verdachte dan over het algemeen ligt te slapen is het verrassingseffect het grootst De politie realiseert zich terdege dat een aanhouding door een AT zeer ingrijpend is zeker als er kinderen bij aanwezig zijn Het was van te voren bekend dat Mark een vrouw en kind heeft Ze hadden ook een moment van aanhouding kunnen kiezen zonder de aanwezigheid van de kinderen van Mark maar het is niet te realiseren om bij iedere verdachte maatwerk te leveren Een bijkomend voordeel van een aanhouding in een woning in vergelijking met bijvoorbeeld een aanhouding op straat is dat na de aanhouding meteen de doorzoeking van start kan gaan aldus de sectiecommandant Proces verbaal van verhoor Mark d d 28 augustus 2013 Mark heeft tijdens zijn verhoor onder meer verklaard dat hij op zoek was naar Bas omdat Bas misbruik had gemaakt van zijn vrouw Hij heeft geïnformeerd waar Bas woont en bij zijn woning aangebeld Mark trof de vriendin van Bas aan tegen wie hij uit boosheid en onmacht heeft gezegd ik maak hem dood Mark heeft tevens verklaard dat hij op dat moment een honkbalknuppel bij zich had omdat Bas drie koppen groter en twee keer zo breed is Het was nooit zijn bedoeling om de vriendin van Bas erbij te betrekken aldus Mark Uitspraak rechtbank Dordrecht De rechtbank Dordrecht heeft Mark op 20 juni 1997 veroordeeld tot een gevangenisstraf van 20 jaar met aftrek van voorarrest wegens het plegen van een tiental feiten afpersing en of diefstal al dan niet gepleegd met c q onder dreiging van geweld Eén van de feiten betrof poging tot afpersing met dodelijke afloop Naast het opleggen van een gevangenisstraf werd een aantal in beslaggenomen goederen aan het verkeer onttrokken waaronder twee vuurwapens Reactie Mark Mark heeft laten weten dat hij geen lid is van de Black Jackets maar dat hij de Black Jackets heeft opgericht Bovendien is de Black Jackets geen motorclub en mocht dat wel zo zijn dan rechtvaardigt dat nog niet de inzet van een AT Voorts heeft Mark gesteld dat de reden voor inzet van een AT is gelegen in het feit dat hij als vuurwapengevaarlijk te boek stond alsmede dat hij in HKS voorkwam als harddruggebruiker Het ging om een indirecte bedreiging waarbij hij met een honkbalknuppel was gesignaleerd en niet met een vuurwapen Bovendien heeft hij geprobeerd iemand te bedreigen het slachtoffer was zelf niet aanwezig Er was in het geheel geen indicatie dat hij in het bezit zou zijn van een vuurwapen laat staan dat hij vuurwapengevaarlijk zou zijn Volgens Mark was er klaarblijkelijk geen daadwerkelijke vrees voor de aanwezigheid van een vuurwapen aangezien de woning niet is doorzocht Mark is in 1996 voor het laatst veroordeeld voor een strafbaar feit Hij is in 2006 vrijgekomen en heeft tot en met 2013 nimmer enig strafbaar feit begaan Ten slotte heeft Mark aangegeven dat hij geen harddrugsgebruiker is en dat hij slechts is veroordeeld tot een voorwaardelijke vrijheidsstraf en een werkstraf ter zake hennep niet zijnde harddrugs Volgens Mark heeft het er alle schijn van dat er achteraf naar plusjes wordt gezocht en dat deze zonder nadere onderbouwing worden gesteld De sectiecommandant heeft verklaard dat aan de beoordeling tevens ten grondslag heeft gelegen dat Mark een lange gevangenisstraf heeft uitgezeten waarbij het slachtoffer is doodgeschoten Mark is echter niet veroordeeld voor een levensdelict en dit dient in het geheel geen rol te spelen in de beoordeling Bij dergelijke vergaande bevoegdheden kan niet slechts worden afgegaan op lichte ongefundeerde vermoedens maar slechts op feiten aldus Mark Voorts is het niet correct dat Mark nog maar anderhalf jaar vrij was Mark was ten tijde van het voorval reeds zeven jaar vrij De zogenaamde plusjes lijken te zijn gebaseerd op onjuistheden Ook ten aanzien van het feit dat Mark bekend zou staan als een agressieve man ontbreekt iedere onderbouwing Hij heeft immers gedurende zijn detentie nimmer een maatregel opgelegd gekregen ter zake een mishandeling of enig geweldsdelict Het is Mark een raadsel waarom hij als een agressieve man te boek zou staan Ter zake de noodzaak dat er een knie in de nek van Mark werd geplaatst tijdens het aanbrengen van de handboeien heeft de sectiecommandant verklaard dat dat een standaardprocedure is bij de aanhouding Tijdens de interne klachtprocedure heeft de politiechef gesteld dat het een standaardprocedure is om een knie bovenaan de rug te plaatsen Volgens Marc is er kennelijk helemaal geen standaardprocedure Dit rechtvaardigt bovendien niet dat zijn hoofd hardhandig tegen de grond is gedrukt temeer daar de sectiecommandant heeft verklaard dat hij meewerkte aan de aanhouding Of het hoofd moedwillig naar de grond is gedrukt doet niet ter zake het had niet gemogen en is alles behalve proportioneel nu Mark meewerkte aan zijn aanhouding Ten slotte heeft Mark opgemerkt dat de sectiecommandant heeft verklaard dat een bijkomend voordeel van een aanhouding in een woning is dat meteen de doorzoeking kan plaatsvinden terwijl er in dit geval geen doorzoeking heeft plaatsgevonden Beoordeling Kader De inzet van een AT wordt over het algemeen beschouwd als een zwaar geweldsmiddel Dit heeft alles te maken met de wijze van optreden van AT s Een AT treedt op als een operationele eenheid en maakt daarbij gebruik van specifieke aanhoudingstechnieken en tactieken Kenmerkend voor het optreden bij aanhoudingen buiten heterdaad is dat het optreden van AT s erop is gericht aan te houden vuurwapen gevaarlijke personen geen gelegenheid te bieden gebruik te maken van een vuur wapen De werkwijze is gebaseerd op de snelheid van handelen en het verrassingseffect Zo worden woningen standaard betreden zonder toestemming van de bewoner worden aangehouden verdachten meteen na hun aanhouding geboeid en worden ze veelal geblinddoekt De overrompelende werkwijze van een AT houdt veelal een ernstige inbreuk in op de grondrechten van de betrokken burger s zoals het huisrecht en de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer Voor de inzet van een AT is toestemming vereist van het Openbaar Ministerie Ten aanzien van het OM De toestemming tot inzet van een AT Het evenredigheidsvereiste houdt in dat bestuursorganen voor het bereiken van een doel een middel aanwenden dat voor de betrokkenen niet onnodig bezwarend is en dat in evenredige verhouding staat tot dat doel De inzet van een AT moet worden gezien als een zwaar middel en moet dus in verhouding staan tot het doel van de aanhouding De verhouding wordt daarbij in grote mate bepaald door de risico inschatting van het te verwachten levensbedreigende geweld Hoewel de klacht zich richt op de gegeven toestemming voor de inzet van een AT ten behoeve van de aanhouding van Mark dient eerst te worden getoetst of Mark buiten heterdaad kon worden aangehouden Als deze vraag bevestigend wordt beantwoord komt de Nationale ombudsman toe aan de beoordeling of het behoorlijk is geweest voor deze aanhouding een AT in te zetten In deze zaak is aangifte gedaan van bedreiging Dit betreft een strafbaar feit waarvoor een verdachte met toestemming van de officier van justitie buiten heterdaad kan worden aangehouden Gelet hierop en de ernst van de aangifte kon de officier van justitie beslissen tot het buiten heterdaad laten aanhouden van Mark De inzet van een AT dient te worden beschouwd als het toepassen van een zwaar geweldsmiddel dat veelal een ernstige inbreuk maakt op grondrechten Derhalve is de toestemming tot inzet van deze eenheid een zwaarwegende beslissing die verstrekkende gevolgen heeft De beslissing tot de inzet van het AT is gebonden aan een aantal strikte voorwaarden Vereisten voor de inzet van een AT zijn neergelegd in de Regeling Beheer Politie alsook in de circulaire aanhoudings en ondersteuningseenheden van het Openbaar Ministerie zie Achtergrond onder 1 en 2 AT is een andere benaming voor de Aanhoudings en Ondersteuningseenheid van de politie zoals omschreven in de circulaire aanhoudings en ondersteuningseenheden Allereerst dient een situatie geschikt te zijn voor de inzet van een AT AT s mogen na verkregen toestemming optreden in situaties waarin redelijkerwijs mag worden aangenomen dat levensbedreigende omstandigheden tegen de politie of anderen dreigen Voorts dient de hoofdofficier van justitie die op zijn parket maximaal twee officieren van justitie kan aanwijzen ter vervanging toestemming te geven voor de inzet van een AT Bas heeft aangifte gedaan van een ernstig strafbaar feit en heeft verklaard dat Mark op zoek naar hem was tijdens zijn zoekactie een honkbalknuppel in zijn hand hield en tegen zijn vriendin had gezegd dat hij Bas ging afmaken hetgeen Mark allemaal heeft erkend Daarnaast heeft Mark meerdere antecedenten waaronder een veroordeling wegens poging tot afpersing de dood ten gevolge hebbende In die strafzaak zijn vuurwapens bij Mark in beslag genomen als gevolg waarvan hij als vuurwapengevaarlijk in HKS geregistreerd staat Dat Mark niet is veroordeeld voor een levensdelict snijdt naar het oordeel van de Nationale ombudsman geen hout nu de afpersing de dood ten gevolge had Dit én het feit dat er vuurwapens in beslag zijn genomen dient naar het oordeel van de Nationale ombudsman dan ook wel degelijk een rol te spelen bij de vraag of er al dan niet een AT moest worden ingezet ondanks het feit dat de veroordeling reeds in 1997 heeft plaatsgevonden Gelet op het reglement politieregister herkenningsdienst waarin is bepaald dat misdrijven waarop een gevangenisstraf van tien jaar of meer staat uiterlijk na 30 jaar worden verwijderd uit HKS zie Achtergrond onder 3 acht de ombudsman het juist dat de gevarenkwalificatie vuurwapengevaarlijk een rol heeft gespeeld bij de beslissing over de inzet van een AT Nog los van de vraag of Mark harddrugsgebruiker is en of lid is van de Black Jackets en of hij anderhalf of zeven jaar vrij was acht de Nationale ombudsman de aangifte van Bas in combinatie met de antecedenten van Mark voldoende om een redelijk vermoeden aan te nemen dat er sprake was van een situatie waarin redelijkerwijs mag worden aangenomen dat levensbedreigende omstandigheden tegen de politie of anderen dreigden Dit betekent dat de rechercheofficier die daartoe bevoegd was toestemming kon geven voor de inzet van een AT Door toestemming te geven voor de inzet van een AT heeft de rechercheofficier niet in strijd met het evenredigheidsvereiste gehandeld De onderzochte gedraging is op dit punt behoorlijk Ten aanzien van de politie Het moment van aanhouding Ook deze gedraging toetst de Nationale ombudsman aan het hierboven genoemde evenredigheidsvereiste Mark heeft verwezen naar rapport 2010 329 van de Nationale ombudsman waarin de toestemming tot inzet van een AT werd afgekeurd In die zaak trad het AT s middags in het bijzijn van jongere kinderen op op een plaats en een tijdstip waarvan onbekend was of de verdachte daar zou worden aangetroffen In deze zaak ging het AT s ochtends om 5 00 uur over tot aanhouding van de verdachte Hoewel een aanhouding door een AT voor omstanders en zeker voor kinderen zeer ingrijpend is kan de Nationale ombudsman de beslissing om s ochtends vroeg tot aanhouding over te gaan billijken Enerzijds is de kans het grootst dat de verdachte daadwerkelijk in de woning aanwezig is Anderzijds treft het AT over het algemeen een gecontroleerde situatie aan waarbij de bewoners liggen te slapen en geen dan wel weinig tijd hebben om zich tegen de aanhouding te verzetten Een dergelijke wijze van aanhouding waarbij het verrassingseffect het grootst is brengt voor een ieder de minste risico s met zich mee Bij een aanhouding later op de dag zou er bovendien een observatieteam moeten worden ingezet om de locatie van Mark te bepalen hetgeen capaciteit van de politie vergt De ombudsman kan de sectiecommandant volgen in zijn stelling dat niet in ieder geval maatwerk kan worden geleverd Alles overziend komt de ombudsman tot de conclusie dat de politie niet in strijd met het evenredigheidsvereiste heeft gehandeld door s ochtends om 5 00 uur binnen te treden en in het bijzijn van Mark zijn vrouw en kinderen tot aanhouding over te gaan De onderzochte gedraging is op dit punt behoorlijk De hardhandige wijze van aanhouding Het is een vereiste van behoorlijk overheidsoptreden dat grondrechten van burgers worden gerespecteerd Het recht op onaantastbaarheid van het lichaam is een grondrecht dat door de Grondwet en internationale verdragen wordt beschermd

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2015/121 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • 2015/116 Grootouders klagen over BJZ Limburg | Nationale ombudsman
    de ketenpartners die betrokken waren bij de hulpverlening goed is geweest en dat de noodzakelijke informatie bij hen is verzameld BJZ gaf aan dat de ketenpartners feitelijk betrokken zijn geweest bij de besluitvorming en dat hun informatie serieus is mee gewogen om zo in het belang van de kinderen een goede weging te kunnen maken van de bedreigde ontwikkeling van de kinderen die was ontstaan Mede op grond van die betrokkenheid heeft BJZ het besluit genomen om een verzoek in te dienen bij de rechtbank tot beëindiging van het verblijf van Anna bij haar grootouders BJZ gaf aan dat het doel van de tijdelijke plaatsing van de kinderen bij grootouders is geweest om te werken naar een thuisplaatsing van de kinderen naar de met het gezag belaste moeder zoals ook is voorgeschreven in artikel 1 261 BW Het doel was uitdrukkelijk niet om de kinderen het perspectief te bieden dat ze bij de grootouders zouden kunnen blijven wonen Bij de overdracht van de ondertoezichtstelling vanuit BJZ Rijnland aan BJZ werd al duidelijk dat de verhoudingen tussen grootouders en de moeder van de kinderen door de jaren heen op scherp had gestaan De grootouders maakten zich zorgen over de situatie bij de moeder De moeder gaf daarentegen aan dat de grootouders met enige regelmaat valse zorgmeldingen over haar deden De relatie tussen grootouders en moeder is dan ook een terugkerend thema geweest bij de begeleiding en de ingezette ondersteuning en in de periode dat de kinderen bij de grootouders verbleven zijn er diverse vormen van hulpverlening ingezet om de netwerkplaatsing te borgen BJZ achtte de klachten dan ook ongegrond Samenwerking met ketenpartners Over de samenwerking met de ketenpartners liet BJZ het volgende weten De Raad voor de Kinderbescherming Tijdens het onderzoek van de Raad is de gezinsvoogd gehoord als informant De informatie uit het uiteindelijke rapport van de Raad is het uitgangspunt bij de uitvoering van de OTS Verder is de Raad niet betrokken bij de hulpverlening Wel ontvangt de Raad kopieën van de verzoeken die BJZ heeft gedaan aan de rechtbank Rubicon Pleegzorg Rubicon is verantwoordelijk voor de begeleiding van de pleegouders BJZ voor het volgen van de ontwikkeling van het kind Van belang is dat er afstemming is tussen die verschillende verantwoordelijkheden De samenwerking met Rubicon is volgens BJZ zeer nauw geweest ook met betrekking tot het verstrekken van informatie Zowel de pleegzorgwerker als de begeleider van de begeleide bezoeken van Anna aan haar moeder als de gedragswetenschapper van Rubicon waren betrokken bij de besluitvorming van BJZ om nadere verzoeken in te dienen bij de kinderrechter BJZ betreurt het om achteraf te moeten lezen dat Rubicon in reactie op het onderzoek van de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman liet weten van mening te zijn dat er sprake was geweest van partijdigheid BJZ heeft naar aanleiding hiervan op 3 december 2014 gesproken met Rubicon en daaruit bleek dat het inzetten van de nieuwe gezinsvoogd leidde tot verbetering in de communicatie en partijdigheid zoals Rubicon die ervoer niet meer aan de orde was Voor BJZ is de partijdigheid niet herkenbaar Anna is altijd de morele opdrachtgever geweest en zij is het uitgangspunt geweest voor de keuzes die zijn gemaakt De verhouding tussen grootmoeder en de eerste gezinsvoogd is verstoord geraakt toen de gezinsvoogd grootmoeder aansprak op vergaande uitspraken van grootmoeder over de moeder Dit heeft geleid tot spanningen in de verhouding tussen grootmoeder en de gezinsvoogd maar heeft de besluitvorming aangaande het verblijf van Anna en Bart bij de grootouders niet beïnvloed BJZ wilde tot slot benadrukken dat BJZ niet vanwege vermeende eenzijdige partijdigheid een andere gezinsvoogd heeft aangesteld Huisarts aanvankelijk was er geen contact tussen BJZ en de huisarts behalve dat de huisarts standaard op de hoogte wordt gesteld van een genomen indicatiebesluit Toen op de zitting van april 2013 bleek dat grootouders contact hadden met de huisarts en deze zonder voorafgaand overleg met moeder en BJZ een psychologe de dochter van de huisarts had verzocht om een gesprek te voeren met Anna heeft de gezinsvoogd contact opgenomen met de huisarts De gezinsvoogd heeft aangegeven de gang van zaken vreemd te vinden nu moeder geen toestemming had gegeven en een huisarts volgens de wet zorgen moet melden bij BJZ en niet bij grootouders De informatie van de huisarts kwam niet overeen met de informatie van andere betrokkenen en hij was verontwaardigd dat hij niet betrokken was bij het besluit om Anna in een instelling te plaatsen Het is volgens BJZ niet standaard dat een huisarts bij een dergelijk besluit wordt betrokken zeker niet als de huisarts eerder niet betrokken was bij het hulpverleningsproces De huisarts gaf aan dat hij wel toestemming voor onderzoek had van moeder maar heeft tot op heden die toestemming nooit overlegd Moeder ontkent ook dat ze toestemming heeft gegeven Politie Door de gezinsvoogd is volgens BJZ contact gelegd met de politie om de lijnen kort te houden en om zicht te hebben op het handelen van moeder en haar sociale omgeving Het contact verliep met de wijkagent en met medewerkers van de afdeling Jeugd Informatie van de politie is besproken in het Veiligheidshuis en teruggekoppeld naar de gezinsvoogd In overleg met de politie zijn steeds acties ingezet of stappen ondernomen Ook heeft de gezinsvoogd samen met de politie de zorgen van grootmoeder met grootmoeder willen bespreken maar grootmoeder heeft er volgens BJZ voor gekozen niet in gesprek te willen gaan BJZ benadrukte dat de gezinsvoogd uitdrukkelijk aandacht heeft besteed aan de zorgen van de politie over de toestand van de woning van moeder Relatie grootouders moeder en gevolgen voor kinderen BJZ gaf aan dat de verhalen en opvattingen van grootouders en moeder vaak lijnrecht tegenover elkaar stonden Zij beschuldigen elkaar over en weer Om objectieve informatie te verkrijgen legde BJZ aan grootouders en moeder uit dat BJZ informatie van neutrale betrokkenen gebruikt zoals de school politie het veiligheidshuis en Rubicon Deze informatie was volgens BJZ geverifieerd hoewel dat niet hoeft omdat het om informatie van professionals gaat Informatie van informele bronnen heeft BJZ niet gebruikt en niet geverifieerd omdat dit elke keer leidde tot nieuwe tegenstrijdigheden Het was voor BJZ duidelijk dat de relatie tussen moeder en grootouders ernstig verstoord was dat partijen geen vertrouwen hadden in elkaars intenties en dat de loyaliteit van Anna daardoor ernstig onder druk was komen te staan Dit leidde er toe dat Anna zich angstig gedroeg op school zich afgewezen voelde door klasgenootjes en snel ging huilen Ook vertelde zij verhalen die niet overeenkwamen met de werkelijkheid Dit werd zowel op school als door de begeleider van Rubicon en de gezinsvoogd geconstateerd Maar grootmoeder wilde volgens BJZ niet samenwerken met de gezinsvoogd als haar uitspraken over de moeder niet werden overgenomen en als waarheid werden aangenomen BJZ gaf aan het volgende te hebben ondernomen De gezinsvoogd heeft intern overlegd om te zoeken naar oplossingen voor de steeds weer escalerende contacten en heeft gesprekken gevoerd met moeder en grootouders om escalatie en een gespannen sfeer bij confrontatie te voorkomen BJZ heeft voorgesteld dat grootvader een bemiddelende rol zou vervullen BJZ heeft aan grootouders het advies gegeven om te investeren in het verbeteren van de relatie met moeder en daarbij hulpverlening in te schakelen Dit diverse malen herhaalde advies om therapeutische interventies in te zetten om de relatie met hun dochter te verbeteren is niet opgevolgd De eerste verantwoordelijkheid voor de begeleiding van de grootouders als pleegouders is gelegen bij Rubicon Grootouders hebben die begeleiding ook gehad De gezinsvoogd heeft evaluatiemomenten gehad met de pleegzorgwerker en pleegouders BJZ heeft grootouders en moeder uitgenodigd voor een gesprek om de zorgen rond de ontwikkeling van Anna te bespreken maar daarvan hebben beide afgezien De gezinsvoogd is soms aanwezig geweest op het schoolplein en heeft met de politie bekeken op welke wijze actie noodzakelijk en of wenselijk was voor die situaties waarin grootouders en moeder elkaar tegen kwamen in de stad of supermarkt Moeder is keer op keer geadviseerd om escalaties te voorkomen ook zoals moeder aangeeft als zij werd uitgedaagd door grootmoeder of andere familieleden De gezinsvoogd was volgens BJZ veel bezig om de contacten tussen grootouders en moeder niet te laten escaleren maar klaarblijkelijk bestond er geen ruimte om de relatie tussen moeder en grootouders te verbeteren Om die reden was daar in de begeleiding in de laatste periode nog nauwelijks aandacht voor maar was het accent gelegd op het hanteren van situaties om negatieve effecten hiervan voor de kinderen te verkleinen De conclusie van de grootouders dat moeder het pleeggezin heeft kapot geterroriseerd is gebaseerd op hun beleving en werd als zodanig niet door BJZ herkend BJZ gaf aan dat het geen correcte weergave van de werkelijkheid is om aan te nemen dat alleen moeder degene was die voor onrust zorgde en dat de grootouders daar geen aandeel in hadden BJZ benoemde nog dat grootouders wel stelden te willen meewerken aan het doel van de tijdelijke uithuisplaatsing bij de grootouders namelijk terugplaatsing bij moeder maar dat grootmoeder tegelijk aangaf geen vertrouwen te hebben in de intenties van moeder Grootmoeders verhalen en die van school bevestigen voor BJZ dat grootmoeder moeder in een kwaad daglicht wilde zetten De gezinsvoogd heeft telkens aangegeven dat de strijd niet in het belang van de kinderen was waarop de grootouders steeds aanvoerden dat het de moeder was die de strijd voerde en niet zij Conclusie en noodzaak overplaatsing Ondanks de ingezette hulpverlening concludeerde BJZ in januari 2013 in en na overleg met Rubicon en school dat er sprake was van een achteruitgang bij Anna en zelfs stilstand op cognitief gebied BJZ zag het als een belangrijk probleem dat de grootouders niet onderkenden dat Anna in een loyaliteitsconflict zat De grootouders zagen de moeder als de oorzaak van alle problemen De grootouders namen hun verantwoordelijkheid als pleegouders niet door niet te werken aan hun verstandhouding met moeder BJZ trok daaruit de conclusie dat de grootouders geen geschikte plaats meer konden bieden aan Anna De overplaatsing had niet voorkomen kunnen worden Het middel de uithuisplaatsing was uiteindelijk erger geworden dan de kwaal zorgen voor de ontwikkeling van Anna en overplaatsing naar een neutrale plek was in Anna s belang noodzakelijk om haar onbelast te kunnen observeren en diagnostiek te kunnen uitvoeren BJZ was van mening dat het in het hele proces wel degelijk naar de grootouders had geluisterd maar dat het van mening verschilde met de grootouders BJZ gaf aan dat het binnen de kaders van de OTS en de daarbinnen verstrekte machtiging voor plaatsing in een instellingzorgvuldig naar behoren en naar professionele standaarden heeft gehandeld vanuit het belang van de kinderen Visie andere betrokken instanties De Nationale ombudsman en de Kinderombudsman hebben voor het onderzoek informatie ingewonnen bij een aantal andere betrokken instanties Politie regionale eenheid Limburg De familie heeft over en weer meldingen gedaan over elkaar Dat de moeder het gezin van de grootouders zou terroriseren is niet als zodanig bekend bij de politie Het beeld van de situatie is wel dat de familie niet meer met elkaar door één deur kan en dat de grootmoeder zorgen heeft over de thuissituatie bij de moeder De samenwerking en uitwisseling van informatie met BJZ is wat betreft de politie op zich goed geweest Er lijkt in deze zaak alleen een verschil in visie te bestaan tussen de politie en BJZ over de situatie bij moeder De politie heeft het gevoel dat zij zich meer zorgen maken om de situatie bij moeder dan dat de gezinsvoogd dat doet De gezinsvoogd gaf telkens aan dat het wel goed gaat maar de politie betwijfelde dat Zij bespraken hun twijfels met de gezinsvoogd Voor de politie was hier verder geen taak in weggelegd die heeft een signalerende rol en heeft de signalen doorgegeven aan BJZ Die is vervolgens verantwoordelijk voor het vervolg Rubicon Pleegzorg Rubicon gaf aan dat er veelvuldig contact en overleg heeft plaatsgevonden met BJZ tijdens de pleegzorgperiode Er was sprake van zeer uitvoerige informatie uitwisseling Volgens Rubicon verliep de samenwerking en de communicatie goed en was sprake van gelijkwaardigheid Het dilemma voor de zorginstelling was dat zowel grootouders als de moeder beschuldigingen over elkaar uitten bij BJZ en Rubicon De informatie stond vaak haaks op elkaar en kon niet of slechts ten dele geverifieerd worden De zorginstelling zag de grootouders als zorgende en betrokken pleegouders die het beste met hun kleinkinderen voorhadden De zorginstelling deelde dat inzicht over de grootouders met BJZ Het zag dat er in de communicatie tussen de grootouders en BJZ wrijving en spanning bestond waar het een neutrale opstelling betrof en dit ook bleef na vervanging van de gezinsvoogd Rubicon deelde niet de zorgen die de grootouders hadden over pedagogisch onverantwoord handelen door de moeder Wanneer er verschil in inzicht bestond tussen de pleegzorgaanbieder en BJZ bespraken zij dit De pleegzorgaanbieder en BJZ hadden geen verschil in visie met betrekking tot het perspectief van de kleindochter en het gegeven dat zij klem zat tussen de grootouders en moeder Er was aanvankelijk wel verschil in inzicht over het tempo waarin de terugkeer naar moeder plaats diende te worden en wie verantwoordelijk was voor de problematiek de grootouders of de moeder De pleegzorgaanbieder gaf aan dat in de samenwerking tussen BJZ en de ketenpartners zowel vanuit de begeleider pleegzorg als door de gedragswetenschapper pleegzorg de eenzijdige partijdigheid van de gezinsvoogd naar moeder regelmatig onderwerp van gesprek was Aanvankelijk deelde BJZ deze mening niet uiteindelijk werd mede om deze reden gekozen voor wisseling van gezinsvoogd Dit belette de informatie uitwisseling echter niet Rubicon was van mening dat de nieuwe gezinsvoogd meerzijdige partijdigheid liet zien en zorgvuldig te werk ging De wisseling van gezinsvoogd door BJZ leidde helaas niet tot verbetering van de dynamiek tussen de grootouders en moeder Volgens Rubicon faalden pogingen van Rubicon en BJZ om in een gezamenlijk gesprek met de grootouders en de moeder te komen tot verbeterde samenwerking in het belang van de kinderen omdat grootmoeder en moeder pertinent weigerden om met elkaar in gesprek te gaan Beiden gaven aan dat de kloof tussen hen onoverbrugbaar was Er was een niet aflatende stroom ernstige beschuldigingen over en weer De grootouders beschuldigden de moeder van slecht moederschap en de moeder beschuldigde de grootouders van het zich willen toe eigenen van de kinderen en pogingen om haar uit het leven van de kinderen te verbannen Over en weer gaven de grootouders en de moeder aan door de andere partij geterroriseerd te worden Op verzoek van de grootouders de moeder en BJZ begeleidde Rubicon moeder in het contact met haar dochter De observaties tijdens dit contact bevestigden niet de zorgen van de grootouders over pedagogisch onmachtig handelen van moeder Wel was het voor Anna lastig om de overgang te maken van haar moeder naar de grootouders en terug De zorginstelling heeft deze informatie met alle betrokkenen gedeeld waarbij de betekenisgeving deels opnieuw verschilde De zorginstelling zag dat BJZ meerdere interventies pleegde om de relatie tussen de grootouders en moeder te verbeteren aparte gesprekken met moeder en met de grootouders contacten tussen de moeder en de grootvader BJZ heeft de gezinsvoogd vervangen en een dubbele bezetting van gezinsvoogden gehanteerd Daarnaast zijn er voorstellen gedaan om gezamenlijk in gesprek te gaan en mediation in te zetten De zorginstelling achtte de basis voor een succesvolle plaatsing bij de grootouders niet zo groot gezien de relatie tussen de grootouders en moeder het over en weer beschuldigen en het feit dat men pertinent weigerde om met elkaar in gesprek te gaan De eenzijdige partijdigheid van de eerste gezinsvoogd met moeder heeft dit naar de mening van de zorginstelling aanvankelijk versterkt Uiteindelijk heeft volgens Rubicon de dynamiek tussen de grootouders en de moeder en het gedrag dat Anna liet zien vooral geleid tot het besluit van plaatsing in een instelling Huisarts De huisarts gaf aan dat hij zonder een medische machtiging van moeder helaas geen informatie kon verstrekken voor het onderzoek Raad voor de Kinderbescherming De Raad gaf aan dat de betrokkenheid van de raadsonderzoekster beperkt is geweest van het onderzoek naar de melding in december 2011 tot het uitbrengen van het rapport in februari 2012 II Beoordeling Ter inleiding In deze zaak speelde een ernstig conflict tussen de grootouders en de moeder van Anna en Bart twee kinderen die bij BJZ onder toezicht gesteld zijn De grootouders gaven aan dat de verantwoordelijkheid voor het ontstaan en het escaleren van dit conflict bij moeder lag Uit de aangeleverde informatie blijkt dat zowel BJZ als de politie en Rubicon aangeven dat de grootouders en moeder meldingen beschuldigingen en aangiften over elkaar hebben gedaan die niet te verifiëren waren of leidden tot nieuwe discussie Ook weigerden beide partijen om met elkaar in gesprek te gaan Kort gezegd konden beide partijen niet meer door één deur Terwijl de belangen voor alle betrokkenen grootouders moeder en kinderen groot waren Het is binnen deze gegeven setting dat BJZ zijn taken moest uitvoeren en de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman zullen beoordelen of dit overeenkomstig de behoorlijkheidsnormen en kinderrechten is gebeurd Het is daarbij niet aan de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman om uitspraken te doen of een oordeel te geven over het handelen van een partij die niet direct bij dit onderzoek betrokken is en dus geen gelegenheid heeft gehad om haar zienswijze naar voren te brengen in dit geval de moeder van Anna en Bart Daarnaast doen de Nationale ombudsman en Kinderombudsman geen uitspraken over de oorzaak van het conflict tussen de grootouders en moeder en welke van de twee partijen daarvoor de meeste schuld draagt Dat is niet de taak van de Nationale ombudsman en de Kinderombudsman Klacht 1 is gelet op zijn aard beoordeeld in het licht van de behoorlijkheidsnormen Klacht 2 is om die reden beoordeeld in het licht van de Kinderrechten Klacht 1 Behoorlijkheidsnorm De Nationale ombudsman beoordeelt de klacht van verzoekers dat er tussen BJZ en de ketenpartners een gebrek aan samenwerking is geweest waardoor de informatie uitwisseling onvoldoende is geweest aan de hand van het vereiste van goede voorbereiding Een overheidsinstantie dus ook een BJZ bij de uitvoering van een ondertoezichtstelling verzamelt alle informatie die van belang is om een weloverwogen beslissing

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2015/116 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Rijtest | Nationale ombudsman | Nationale ombudsman
    Begin april komen de Mulders terug van een kampeervakantie uit Frankrijk en vinden bij de post een brief van het CBR waarin staat dat mevrouw Mulder een rijtest moet doen Over die rijtest maakt mevrouw Mulder zich geen zorgen ze heeft immers net nog 400 kilometer gereden maar wél over de datum De rijtest staat namelijk gepland op 6 mei Hoe moet dat dan nu haar rijbewijs op 26 april al verloopt Mag ze in die tussentijd niet rijden En omdat haar rijbewijs op 6 mei is verlopen moet ze de rijtest doen in een auto van een rijschool met dubbele bediening Naast dat daaraan extra kosten zijn verbonden is een test in een vreemde auto op haar leeftijd niet zo makkelijk meer Mevrouw Mulder belt meerdere malen het CBR met het verzoek om de datum van de rijtest naar voren te verplaatsen maar helaas zonder resultaat Mevrouw Mulder snapt niet waarom het zo lastig blijkt om de rijtest te verplaatsen en trekt bij mij aan de bel Uit haar verhaal maak ik op dat zij alles op tijd in werk heeft gesteld om het vernieuwen van het rijbewijs op tijd af te ronden Dan is het nogal zuur als de rijtest vervolgens na het verlopen van je rijbewijs wordt ingepland Eén van mijn medewerksters neemt contact op met het CBR en vraagt om deze zaak met spoed op te pakken Dat doen ze Ze bellen met mevrouw Mulder en regelen dat zij op 23 april de rijtest kan afleggen nog net voor het verlopen van haar rijbewijs Met vlag en wimpel volbrengt zij de rijtest én kan haar rijbewijs voor de komende vijf jaar verlengen Opgelucht kunnen de Mulders weer op pad in de auto mét hun huisje op wielen erachter Ik hoop dat het CBR in dit soort

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/columns/2015/rijtest (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Poolshoogte bij huiselijk geweld | Nationale ombudsman | Nationale ombudsman
    komen om poolshoogte te nemen Jan weigert dit omdat er niets aan de hand is De politieagenten vertrouwen de zaak niet want ze zien een huilende vrouw en gaan tóch naar binnen Jan heeft die dag ruzie gehad met zijn vriendin en kan zich wel voorstellen dat buren de politie hebben gebeld Meer dan met de deuren gooien en schreeuwen naar elkaar is er niet gebeurd Toen de politie arriveerde was de ruzie ook al voorbij Hij heeft dit de agenten ook gemeld Toch zijn de agenten de woning binnengegaan zonder zijn toestemming of een machtiging tot binnentreding Volgens Jan hadden de agenten aan zijn houding en gedrag en die van zijn vriendin kunnen zien dat alles goed was Hij vindt dan ook dat de politie te ver is gegaan De agenten hebben afzonderlijk met Jan en zijn vriendin gesproken om een beeld te krijgen van de situatie Omdat geen van beiden een verklaring wilde afleggen en er geen sporen van geweld werden aangetroffen besloten de agenten om weer weg te gaan Jan vindt dat hem onrecht is aangedaan en via zijn advocaat dient hij een klacht in bij de politie Den Haag De politie verklaart zijn klacht ongegrond omdat zij een goede risicotaxatie moeten kunnen maken bij een melding van huiselijk geweld Binnentreding van de woning was nodig voor de veiligheid van personen Jan voelt zich niet serieus genomen door de politie en schakelt mij in Als ik Jan zijn verhaal hoor en mij verder verdiep in de feiten kom ik tot de conclusie dat hier geen sprake was van een noodsituatie Daarom mocht de politie niet zonder machtiging het huis van Jan binnen treden Het huisrecht van Jan is in dit geval onvoldoende gerespecteerd De politie heeft een belangrijke taak bij de melding van huiselijk geweld maar is

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/columns/2015/poolshoogte-bij-huiselijk-geweld (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Problemen met de kinderopvangtoeslag | Nationale ombudsman
    zelfs nog erger Toeslagen stuurt in oktober 2014 een dwangbevel naar mevrouw Stam met de mededeling dat zij nu toch echt moet gaan betalen want anders gaat de Belastingdienst invorderingsmaatregelen nemen De vader van mevrouw Stam belt met Toeslagen om alsnog tot een oplossing te komen Opnieuw heeft dit geen resultaat nog steeds komt er geen herzieningsbeslissing Ten einde raad wendt mevrouw Stam zich tot de Nationale ombudsman Die onderzoekt de klacht en concludeert dat Toeslagen in deze zaak op meerdere fronten heeft gefaald De beslissing op bezwaar is pas na dertien maanden genomen dat is veel te laat Daarnaast heeft Toeslagen verzuimd om een herzieningsbeslissing te nemen Daardoor is de terugvorderingsbeslissing ten onrechte van kracht gebleven en bleef het systeem aanmaningen aanmaken een administratieve fout dus Bovendien heeft Toeslagen haar nooit geïnformeerd over de voortgang of de stand van zaken en ook niet adequaat gereageerd op de pogingen van mevrouw Stam en haar vader om contact en informatie te krijgen Zij wist daardoor gedurende het hele proces niet waar zij aan toe was Toeslagen maakt het uiteindelijk in januari 2015 in orde en biedt zijn excuses aan voor de gang van zaken Mevrouw Stam en haar vader zijn uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek met de directeur Toeslagen Op 5 februari 2015 heeft de Nationale ombudsman de klacht van mevrouw Stam gegrond verklaard Onderwerpen kinderopvangtoeslag belastingdienst toeslagen Delen Deel op twitter Deel op facebook Deel op linkedin Gerelateerd Nieuwsbericht 12 februari 2015 Nog nooit zoveel klachten over Belastingdienst Toeslagen De Nationale ombudsman ontving in 2014 een recordaantal klachten over de Belastingdienst Toeslagen Lees verder Onderzoek 12 februari 2015 2015 025 Onderzoek naar de uitvoeringspraktijk bij de Belastingdienst Toeslagen De Nationale ombudsman ontving in 2014 een recordaantal klachten over de Belastingdienst Toeslagen Het totaal aantal schriftelijke klachten steeg met 59 t

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/videos/problemen-met-kinderopvangtoeslag (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Ziekenhuisrekening - het uitstrijkje | Nationale ombudsman
    Nationale ombudsman Achtergrond Ambtsdragers De organisatie Jaarverslag Feiten Cijfers Boeken en artikelen Werken bij Klacht over de Nationale ombudsman Leveranciers 36 278 klachten ontvangen in 2014 U bent hier Home Thema s en Publicaties Videos Ziekenhuisrekening het uitstrijkje 20 januari 2015 Mevrouw ontving voor het periodieke uitstrijkje een nota van 633 Vijf jaar daarvoor kostte de ingreep nog 175 Omdat zij niet begreep waarom zij zoveel meer moest betalen nam zij contact op met zorgverzekeraar en ziekenhuis Het kostte haar veel moeite om erachter te komen dat er een andere DBC code was gebruikt Zij voelde zich van het kastje naar de muur gestuurd Onderwerpen transparantie ziekenhuisrekeningen zorgnota ziekenhuis declaratiesysteem DCB Delen Deel op twitter Deel op facebook Deel op linkedin Gerelateerd Nieuwsbericht 23 januari 2015 Ziekenhuisrekeningen onvoldoende transparant De Nationale ombudsman concludeert in zijn Lees verder Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening de ambulance Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening het bionisch oor Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening de aderlating Informatie speciaal voor Kinderen Veteranen Ondernemers Informatie voor inwoners van Bonaire St Eustatius en Saba Kunnen wij u helpen Aan het juiste adres Procedure Klacht indienen Vraag en antwoord Voorbeeldbrieven Folders en brochures Belafspraak maken Verhalen van anderen Uw privacy Actueel

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/videos/het-uitstrijkje (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Ziekenhuisrekening - het bionisch oor | Nationale ombudsman
    en publicaties Columns Dossiers Nieuws Rapporten onderzoeken Video s Over de Nationale ombudsman Achtergrond Ambtsdragers De organisatie Jaarverslag Feiten Cijfers Boeken en artikelen Werken bij Klacht over de Nationale ombudsman Leveranciers 36 278 klachten ontvangen in 2014 U bent hier Home Thema s en Publicaties Videos Ziekenhuisrekening het bionisch oor 20 januari 2015 Mevrouw wil vanwege gehoorverlies een tweede implantaat of bionisch oor Deze kostbare ingreep wordt niet vergoed Om te bepalen of ze de behandeling op eigen kosten laat doen wil ze inzicht in de kosten maar dat blijkt in Nederland niet mogelijk Onderwerpen DCB transparantie ziekenhuisrekeningen zorgnota ziekenhuis declaratiesysteem Delen Deel op twitter Deel op facebook Deel op linkedin Gerelateerd Nieuwsbericht 23 januari 2015 Ziekenhuisrekeningen onvoldoende transparant De Nationale ombudsman concludeert in zijn Lees verder Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening de aderlating Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening de ambulance Video 20 januari 2015 Ziekenhuisrekening het uitstrijkje Informatie speciaal voor Kinderen Veteranen Ondernemers Informatie voor inwoners van Bonaire St Eustatius en Saba Kunnen wij u helpen Aan het juiste adres Procedure Klacht indienen Vraag en antwoord Voorbeeldbrieven Folders en brochures Belafspraak maken Verhalen van anderen Uw privacy Actueel Thema s en publicaties Columns Dossiers Nieuws Rapporten onderzoeken Video s

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/videos/het-bionisch-oor (2015-08-09)
    Open archived version from archive