archive-nl.com » NL » N » NATIONALEOMBUDSMAN.NL

Total: 2034

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".
  • 2007/084 | Nationale ombudsman
    geheel verschillende processen zijn Bij het vaststellen van een voorlopige aanslag inkomstenbelasting moet rekening worden gehouden met het totale wereldinkomen dat iemand in een bepaald jaar geniet De voorlopige aanslag inkomstenbelasting 2005 waar verzoeker naar verwijst is gebaseerd op de ingediende aangifte over 2005 Het vaststellen van een voorschot op een teruggave op teveel ingehouden premies zorgverzekeringen heeft alleen betrekking op looninkomsten uit vroegere arbeid waarop deze premies zijn ingehouden Hiervoor wordt de bron vergaarbak geraad pleegd waarin alle pensioenuitkerende instanties de gegevens van hun cliënten deponeren De mogelijkheid bestaat dat op het moment van raadplegen nog niet alle gegevens van verzoeker in de vergaarbak aanwezig waren Volgens de Belastingdienst was dit echter een te verwaarlozen risico waardoor de betreffende werkwijze rechtvaardig werd geacht Tevens was het zo dat na afloop van het jaar altijd nog de definitieve berekening plaatsvindt zodat iedereen de teveel ingehouden premies zorgverzekering alsnog terugontvangt Het heeft dus geheel met de gekozen werkwijze te maken dat er verschillende inkomens gehanteerd worden voor de vaststelling van een voorlopige aanslag inkomstenbelasting en een voorschot terugbetaling premies zorgverzekeringen 10 De Nationale ombudsman stelde verzoeker in de gelegenheid om op de brief van de Belastingdienst te reageren Op 12 december 2006 liet verzoeker weten dat hij het met name betreurde dat de Belastingdienst weliswaar erkent dat er mogelijk fouten worden gemaakt bij de vaststelling van de voorschotten terugbetaling premies zorg verzekeringen maar dat deze fouten vervolgens niet worden gecorrigeerd Tevens deelde verzoeker mee dat hij telefonisch contact had gehad met het Ministerie van Financiën waarbij men had aangegeven dat de te lage voorschotten niet gecorrigeerd zullen worden 11 De Nationale ombudsman heeft diverse gelijkluidende klachten als de onderhavige ontvangen Uit de reacties van de Belastingdienst op enkele van deze klachten blijkt dat in een aantal gevallen inderdaad van een aantal uitkeringsinstanties de inkomensgegevens nog niet in het systeem van de Belastingdienst aanwezig waren op het moment van het bepalen van het voorschot Een aantal belastingplichtigen heeft hierdoor geen of een te laag voorschot ontvangen In een aantal van de genoemde reacties stelde de Belastingdienst tevens dat de uitkering van de voorschotten slechts een eenmalige actie was met als gevolg dat eventuele niet of te laag uitbetaalde voorschotten niet zullen worden gecorrigeerd Uiteraard zullen de betreffende premieplichtigen de teveel ingehouden premie terug krijgen na afloop van het jaar wanneer de inspecteur deze ingevolge artikel 50 Zorgverzekeringswet vaststelt bij voor bezwaar vatbare beschikking II Beoordeling 12 De Nationale ombudsman beoordeelt of de werkwijze van de Belastingdienst rondom de bepaling van het voorschot terugbetaling premie zorgverzekeringen behoorlijk of niet behoorlijk is Hierbij toetst hij aan het vereiste van administratieve nauwkeurigheid Dit vereiste van administratieve nauwkeurigheid houdt in dat bestuursorganen secuur moeten werken Slordigheden moeten worden vermeden en fouten moeten zo snel mogelijk worden hersteld 13 Met ingang van 21 juli 2006 is in artikel 5 13 van de Regeling zorgverzekering bepaald dat personen die aan een aantal voorwaarden voldoen recht hebben op een voorschot op de terugbetaling van teveel ingehouden premie zorgverzekeringen Bij de bepaling van de hoogte van het voorschot gaat de Belastingdienst uit van de inkomensgegevens over 2005 De beschikking waarbij het voorschot wordt vastgesteld is niet voor bezwaar vatbaar 14 Verzoeker voldeed in 2006 aan de gestelde voorwaarden Hij ontving in augustus 2006 een voorschot echter dit was lager dan waar hij recht op had aangezien de Belastingdienst was uitgegaan van een te laag inkomen Toen hij de Belastingdienst hierop attent maakte gaf de Belastingdienst aan dat uitgegaan was van de inkomensgegevens uit 2005 en dat het inkomen mogelijk te laag was ingeschat Aangezien tegen de bepaling van het voorschot geen bezwaar openstond werd het bezwaar van verzoeker afgewezen In de loop van 2007 zou de definitieve vaststelling van de terugbetaling plaatsvinden Eventueel zou hier wel bezwaar tegen kunnen worden aangetekend 15 De Belastingdienst gebruikte voor de vaststelling van de hoogte van het voorschot de inkomensgegevens uit 2005 die werden geleverd door de verschillende pensioenuit keringsinstanties Volgens de Belastingdienst bestond het risico dat op het moment van de bepaling van het voorschot nog niet alle inkomensgegevens bij de Belasting dienst bekend waren De gegevens die door belastingplichtigen aan de Belastingdienst werden verstrekt middels de aangifte inkomstenbelasting 2005 werden niet gebruikt voor de vaststelling van de hoogte van het voorschot 16 Uit de reacties van de Belastingdienst op enkele gelijkluidende klachten blijkt dat in een aantal gevallen inderdaad van een aantal uitkeringsinstanties de inkomens gegevens nog niet in het systeem van de Belastingdienst aanwezig waren op het moment van het bepalen van het voorschot De Belastingdienst stelt in reactie op andere klachten tevens dat de uitkering van de voorschotten slechts een eenmalige actie was met als gevolg dat eventuele niet of te laag uitbetaalde voorschotten niet zullen worden gecorrigeerd 17 De stelling van de Belastingdienst dat de uitbetaling van de voorschotten op de terugbetaling van teveel ingehouden premie zorgverzekeringen slechts eenmalig plaatsvond vindt geen steun in de wettelijke bepalingen Immers in artikel 5 13 van de Regeling zorgverzekering wordt niet gesproken over op welk moment een voorschot wordt uitbetaald In het betreffende artikel staat slechts dat wie aan de voorwaarden voldoet recht heeft op de uitbetaling van een voorschot 18 De Belastingdienst heeft erkend dat men in een aantal gevallen is uitgegaan van een te laag inkomen voor de bepaling van het voorschot Daarmee is gehandeld in strijd met het vereiste van administratieve nauwkeurigheid Het ligt dan ook in de rede dat de Belastingdienst de gemaakte fout herstelt en het aan verzoeker uitgekeerde voorschot corrigeert Dit geldt te meer nu de gemaakte fout wellicht voorkomen had kunnen worden indien de Belastingdienst alle bekende gegevens bij de bepaling van de hoogte van het voorschot had betrokken zoals bijvoorbeeld de ingediende aangifte en de inkomensgegevens uit eerdere jaren De onderzochte gedraging is hiermee niet behoorlijk Eén en ander geeft aanleiding om aan dit rapport een aanbeveling te verbinden Conclusie De klacht over de onderzochte gedraging van Belastingdienst Rivierenland te Nijmegen is gegrond wegens schending van het vereiste van administratieve nauwkeurigheid Aanbeveling De minister

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2007/084 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Thema's en publicaties | Nationale ombudsman
    nieuws rapporten en meer over verschillende thema s en publicaties Uw zoekopdracht Zoeken Sorteren op Relevantie Nieuwste eerst Oudste eerst Verfijn uw resultaten Thema Verkeer Werk en inkomen Wonen Politie en justitie Onderwijs Gezin en jeugd Gezondheid Buitenland Soort Column Dossier Nieuwsbericht Onderzoek Rapport Tekstpagina Video Periode Van Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 Tot Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 12 resultaten gevonden Rapport 30 november 2005 2005 367 Verzoeker deed in 2004 aangifte inkomstenbelasting voor 2003 Op het aangiftebiljet was geen rekeningnummer afgedrukt en verzoeker vulde zelf evenmin een rekeningnummer in Lees verder Onderwerpen financiën Rapport 29 juli 2005 2005 227 Verzoeker deed aangifte inkomstenbelasting voor een aantal cliënten die firmant waren van een vennootschap onder firma De v o f deed investeringen die in aanmerking kwamen voor de energie investeringsaftrek en de milieu investeringsaftrek Lees verder Onderwerpen financiën Pagination First page eerste Previous page vorige

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/themas-en-publicaties?page=1&zoekterm=%22aangifte%20inkomstenbelasting%22 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • 2014/073 Politie niet noodzakelijk bij lichte aanrijding en ingevuld schadeformulier | Nationale ombudsman
    direct aldus Karim Volgens Karim moest hij van boa T Jeroen bellen en zorgen dat hij terugkwam Karim had hierop geantwoord dat alle gegevens van Jeroen waaronder zijn telefoonnummer en adres bekend waren nu deze op het formulier ingevuld waren en gaf aan dat boa T hem zelf kon bellen Karim had ook aangeboden zijn eigen telefoonnummer te willen geven zodat er op een later moment op de kwestie kon worden terug gekomen Hierop wilde Karim weglopen waarop hij voelde dat boa T aan hem trok en zei dat hij moest blijven staan totdat de politie ter plaatse was Toen Karim zich wilde losmaken zei boa T dat hij op moest passen omdat hij te maken had met een ambtenaar en dat als hij zo doorging hij vanavond vast zou zitten Toen de politie eenmaal ter plaatse kwam werd het Karim duidelijk dat boa T had gemeld dat hij wilde doorrijden na een aanrijding De politieagent heeft toen volgens Karim tegen boa T gezegd dat er niets aan de hand was en dat de melding van doorrijden na aanrijding niet klopte Karim gaf aan dat hij het hele gebeuren als zeer onprettig heeft ervaren Hij is van mening dat boa T ten onrechte gebruik heeft gemaakt van zijn macht die hij uit hoofde van zijn functie had Schadeformulier Karim legde een afschrift van het schadeformulier aan de Nationale ombudsman over Hierop valt te lezen dat Jeroens persoonsgegevens waren ingevuld net zoals zijn mobiele nummer en zijn rijbewijsnummer Ook de persoonsgegevens van Karim als zijnde degene op wiens naam de bedrijfsbus was verzekerd waren allemaal vermeld Hierbij werd ook zijn mobiele nummer genoemd Verklaring boa T en boa P Tijdens het onderzoek van de Nationale ombudsman legden de betrokken boa s een telefonische verklaring af Voor zover van belang verklaarden zij samengevat het volgende Tijdens hun controleronde in de wijk zagen zij dat naar later bleek Karim en twee vrouwen een schadeformulier aan het invullen waren en dat zij er niet uitkwamen Het werd hun duidelijk dat Karim tegen zijn werknemer Jeroen zou hebben gezegd dat hij zijn weg kon vervolgen en dat hij het verder zou afhandelen Karim zou iets hebben gezegd dat de vrouwen maar contact moesten opnemen met Jeroen of met hem maar het was volgens de boa s duidelijk dat Karim weg wilde Karim wilde ook niet Jeroen bellen om te vragen of hij terug kwam zodat het formulier goed kon worden ingevuld De twee vrouwen raakten licht in paniek en vroegen de boa s om hulp Het was voor de boa s niet duidelijk waarover de onenigheid bestond met betrekking tot het schadeformulier zij hebben het formulier niet goed bekeken Toen Karim weg wilde lopen hebben zij tegen Karim gezegd dat hij moest blijven wachten omdat beide partijen het niet eens waren over het ingevulde schadeformulier Volgens boa P mogen partijen pas hun weg vervolgen als er consensus is over het ingevulde schadeformulier Toen Karim aangaf echt weg te willen gaan heeft boa P dan ook

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2014/073 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • 2013/133: Gemeente onderneemt onvoldoende tegen trillingsoverlast en -schade door busverkeer | Nationale ombudsman
    weg door zwaar busverkeer de geluids en trillingsoverlast in 2010 al beduidend toe In de huidige situatie rijden er dagelijks van 06 00 24 00 uur 108 lijnbussen en ander zwaar verkeer over de klinkerbestrating waardoor die overlast wordt veroorzaakt en een ongestoorde nachtrust alleen mogelijk is in uren dat er geen busverkeer is In reactie op een klacht van een aanwonende van de Dorpsstraat schreef de gemeente hem op 23 maart 2010 dat er geen verklaring was voor de omstandigheid dat een inmiddels ex wethouder hem eind 2008 had meegedeeld dat het om niet meer dan vier bussen per uur op de weg zou gaan hoewel van het begin af aan sprake is geweest van een aanzienlijk hoger aantal bussen Verder deelde de gemeente hem mee dat de hoop erop was gevestigd dat nog in 2010 met kleine bussen zou gaan worden gereden en dat de vervoerder erop was aangesproken ervoor te zorgen dat de chauffeurs niet harder rijden dan de toegestane maximum snelheid van 30 km u Ook was de vervoerder verzocht om zo min mogelijk te rijden met gelede bussen De politie heeft twee keer een snelheidscontrole uitgevoerd de eerste keer op vrijdagavond 4 juni 2011 nadat de klinkerbestrating was aangelegd maar nog vóór de realisering van de snelheidsremmende maatregelen De tweede keer op maandagavond 2 juni 2012 waarbij bleek van enige snelheidsovertredingen maar niet door de stadbussen Enkele bewoners wezen de politie erop dat voor de buschauffeurs al van afstand zichtbaar was dat er werd gecontroleerd en dat hun eigen ervaringen en waarnemingen wezen op een hogere snelheid van de bussen Wat betreft het onderzoek naar de trillingseffecten van de klinkerbestrating In Nederland is er geen wetgeving voor hinder of schade door trillingen Om deze leemte op te vullen heeft de Stichting Bouwresearch SBR in 1993 richtlijnen opgesteld voor trillingshinder of de schade als gevolg daarvan Deze richtlijnen worden thans algemeen gehanteerd als toepassing bij de meting en beoordeling van trillingsschade en hinder en worden als voorschrift opgenomen in vergunningen Ook in de rechtspraak zijn deze richtlijnen als norm aanvaard Omdat de grenswaarden voor trillingshinder niet scherp kunnen worden gedefinieerd worden er streefwaarden gehanteerd Indien de trillingshinder onder de streefwaarde blijft mag worden verwacht dat in de meeste situaties geen hinder zal optreden In de praktijk is gebleken dat niet onderheide bouwwerken op een slappe ondergrond het meest trillingsgevoelig zijn Oneffenheden in het wegdek bijvoorbeeld door verzakking veroorzaken of versterken trilllingseffecten In opdracht van de gemeente heeft het onafhankelijke onderzoeksbureau KOAC NPC in juni 2011 in een aantal woningen aan de Dorpsstraat metingen uitgevoerd naar de trillingen in de woning bij het passeren van zwaar verkeer met een snelheid van maximaal 30 km u De uitkomst van het onderzoek varieerde van woning tot woning maar in alle gevallen bleek van een overschrijding van de streefwaarden voor hinder voor personen in de woning zowel in de woonkamer als in de slaapkamer Voor wat betreft de woning van verzoeker is tevens vastgesteld dat gelet op het bouwjaar van de woning 1910 er een verhoogde kans op schade is bij het passeren van zwaar verkeer en dat zijn klachten dus terecht zijn Het bureau deed in zijn rapport van 30 augustus 2011 een aanbeveling aan de gemeente Daarbij is overwogen dat de gemeente zelf al had aangegeven dat in de oude situatie met asfaltverharding weinig klachten binnenkwamen Onder meer omdat ook bij een snelheid van 20 km u trillingshinder kan ontstaan concludeerde het bureau dat van de mogelijke oplossingen een asfaltwegdek de meest praktische en werkzame oplossing is Wat betreft de reactie van de gemeente op de klachten en het trillingsonderzoek Het college van burgemeester en wethouders deelde mee dat de inrichting van de Dorpsstraat is aangepast om naleving van de maximum snelheid van 30 km u af te dwingen Zo zijn er in de omgeving van verzoekers woning twee wegversmallingen aangebracht en is de weg niet langer een voorrangsweg maar een weg waarop verkeer van rechts voorrang moet worden gegeven Verder is er een verbod voor vrachtverkeer met uitzondering van het bestemmingsverkeer voor het winkelgebied Verder is een proef gedaan met een dilatatievoeg een verwijding tussen de gevel en het plaveisel maar dat gaf onvoldoende resultaat Samen met de bewoners is enkele jaren geleden al een overleg met de vervoerder gestart met als doel de vervanging van het bestaande grote materieel door kleine bussen De aanbestedingsprocedure voor een nieuwe vervoerder in de regio Utrecht is ernstig vertraagd maar het ziet ernaar uit dat vanaf 8 december 2013 in Vleuten nog uitsluitend met kleine bussen zal worden gereden De gemeente heeft daar op aangedrongen bij de aanbesteder het Bestuur Regio Utrecht een samenwerkingsverband van negen gemeenten en de nieuwe vervoerder De kosten om al vóór december 2013 in de avonduren met kleine bussen te gaan rijden bleken dermate hoog dat daarvoor geen financiering was te krijgen In april 2013 is een deel van de Dorpsstraat over een lengte van ca 80 meter op verzoek van aanwonenden opnieuw bestraat omdat de bestrating van dit deel was gaan zetten en was verzakt Op verzoek van verzoeker is tevens een euvel een richel verholpen dat veel overlast bij het passeren van bussen gaf Volgens het college is dus voldoende ondernomen om de klachten van bewoners over ernstige overlast en schade te verminderen Verzoekers reactie op het verslag van bevindingen Verzoeker verwees in zijn reactie op het verslag van bevindingen naar een bericht van de gemeente van 5 september 2013 Volgens dat bericht wordt door het onderzoeksbureau KOAC NPC nog een trillingsonderzoek uitgevoerd maar met de uitvoering daarvan moet worden gewacht tot duidelijk is met welk materieel de nieuwe vervoerder gaat rijden Om deze reden is ook nog niet definitief vastgesteld welke routes de diverse buslijnen zullen volgen en of dat alleen met kleine busjes of ook met ander materieel gebeurt Beoordeling Het vereiste van goede voorbereiding houdt in dat de overheid alle informatie die van belang is om een weloverwogen beslissing te nemen verzamelt In het geval dat het besluit de uitvoering

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2013/133 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Thema's en publicaties | Nationale ombudsman
    Onderwijs Gezin en jeugd Gezondheid Buitenland Soort Column Dossier Nieuwsbericht Onderzoek Rapport Tekstpagina Video Periode Van Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 Tot Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 2 resultaten gevonden Rapport 1 oktober 2013 2013 133 Gemeente onderneemt onvoldoende tegen trillingsoverlast en schade door busverkeer Bewoner van de Dorpsstraat in Vleuten heeft last van trillingen door de klinkerbestrating en het vele zware bus verkeer waar de straat met woningen uit 1900 niet op berekend is De Nationale ombudsman vindt dat de gemeente voorafgaand aan het vervangen van asfalt door klinkerbestrating in 2010 onderzoek had moeten doen naar de consequenties ervan voor omwonenden Hij doet de aanbeveling om als vervanging door kleine bussen onvoldoende oplevert maatregelen te treffen om de overlast binnen aanvaardbare grenzen terug te brengen Lees verder Onderwerpen vleuten gemeente utrecht trillingsoverlast busverkeer schade leidsche rijn gemeente Rapport 4 februari 2010 2010 021 M de

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/themas-en-publicaties?zoekterm=%22vleuten%22 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Thema's en publicaties | Nationale ombudsman
    Nationale ombudsman vindt dat de gemeente voorafgaand aan het vervangen van asfalt door klinkerbestrating in 2010 onderzoek had moeten doen naar de consequenties ervan voor omwonenden Hij doet de aanbeveling om als vervanging door kleine bussen onvoldoende oplevert maatregelen te treffen om de overlast binnen aanvaardbare grenzen terug te brengen Lees verder Onderwerpen vleuten gemeente utrecht trillingsoverlast busverkeer schade leidsche rijn gemeente Rapport 27 februari 2013 2013 016 Bewoners klagen over lage inzet gemeente om trillingsoverlast en woningschade te beperken Een bewoner uit Stavoren gemeente Sûdwest Fryslân loopt schade aan zijn woning op door trillingen veroorzaakt door het zware verkeer dat te hard door de straat rijdt De gemeente had meer onderzoek moeten doen naar de nadelige effecten van het gebruik van de weg voor de mensen die aan deze weg wonen om zo te kunnen beoordelen of nadere maatregelen nodig waren Lees verder Onderwerpen gemeente trillingsoverlast woningschade verkeersbesluit gemeente Rapport 23 september 2014 2014 121 Gemeente weigert onderzoek naar trillings en geluidsoverlast verkeersdrempels Verzoekers klagen bij de gemeente Arnhem over trillings en geluidsoverlast door nieuw aangelegde verkeersdrempels De wethouder stelt dat deze hinder niet opweegt tegen de verkeershinder die met de drempels wordt tegengegaan en vindt meting niet nodig De ombudsman stelt vast dat de gemeente geen onderzoek heeft gedaan naar de mogelijke effecten van de plaatsing van de drempels en niet heeft onderzocht hoe de gemelde hinder weg te nemen was De ombudsman is het eens met de verzoekers en geeft de gemeente in overweging alsnog onderzoek te doen naar de trillingen Lees verder Onderwerpen gemeente trillingsoverlast geluidsoverlast verkeersdrempel Rapport 14 september 2012 2012 147 Bewoners klagen over onvoldoende inzet gemeente om verkeersoverlast te reduceren De Vogelbuurt in Woerden ligt tegen de binnenstad aan en heeft last van verkeer dat via die buurt om het centrum wordt geleid vooral geluidhinder en onveiligheid voor schoolkinderen De gemeente vindt dat er binnen de beperkte financiële mogelijkheden voldoende maatregelen zijn genomen De Nationale ombudsman doet de aanbeveling om de geluids en trillingsbelasting te meten en naar aanleiding daarvan passende conclusies te trekken Lees verder Onderwerpen verkeersoverlast verkeersveiligheid geluidsbelasting trillingsoverlast gemeente Rapport 24 juni 2011 2011 196 Gemeente laat omwonende zelf onderzoek betalen naar overlast van verkeersdrempel Een meneer woont vlakbij een verhoogde kruising op een doorgaande weg in de gemeente Ermelo De gemeente heeft verkeersdrempels aangebracht De man schrijft de gemeente dat hij en zijn buren sindsdien overlast hebben van geluid en trillingen Een jaartje later schrijft de gemeente terug de oorzaak is dat het plateau en wegdek niet goed op elkaar aansluiten Weer een jaar later na aanhoudende klachten van de buurt wijst de gemeente hem erop dat hij metingen kan laten uitvoeren Als die metingen zijn gelijk aantonen wil de gemeente de kosten wel dragen De man schakelt de Nationale ombudsman in Die vindt dat gemeente onvoldoende onderzoek heeft gedaan vóór en na de aanleg van de drempel en hij vindt het onjuist dat de bewijslast van onvoorziene gevolgen van de drempel bij de burger wordt gelegd Hij beveelt

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/themas-en-publicaties?zoekterm=%22trillingsoverlast%22 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • Thema's en publicaties | Nationale ombudsman
    publicaties Uw zoekopdracht Zoeken Sorteren op Relevantie Nieuwste eerst Oudste eerst Verfijn uw resultaten Thema Verkeer Werk en inkomen Wonen Politie en justitie Onderwijs Gezin en jeugd Gezondheid Buitenland Soort Column Dossier Nieuwsbericht Onderzoek Rapport Tekstpagina Video Periode Van Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 Tot Januari Februari Maart April Mei Juni Juli Augustus September Oktober November December 2015 2014 2013 2012 2011 2010 2009 2008 2007 2006 2005 2004 2003 2002 2001 2000 1999 1998 1997 1996 1 resultaat gevonden Rapport 1 oktober 2013 2013 133 Gemeente onderneemt onvoldoende tegen trillingsoverlast en schade door busverkeer Bewoner van de Dorpsstraat in Vleuten heeft last van trillingen door de klinkerbestrating en het vele zware bus verkeer waar de straat met woningen uit 1900 niet op berekend is De Nationale ombudsman vindt dat de gemeente voorafgaand aan het vervangen van asfalt door klinkerbestrating in 2010 onderzoek had moeten doen naar de consequenties ervan voor omwonenden Hij doet de aanbeveling om als vervanging door kleine bussen onvoldoende oplevert maatregelen te treffen om de overlast binnen aanvaardbare grenzen

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/themas-en-publicaties?zoekterm=%22busverkeer%22 (2015-08-09)
    Open archived version from archive

  • 2010/077 | Nationale ombudsman
    omdat de politieambtenaar een hekel aan buitenlanders zou hebben De commissie liet weten te begrijpen dat de politieambtenaar geprovoceerd werd door verzoeker maar achtte de woordkeuze niet optimaal professioneel Met betrekking tot dit taalgebruik gaf de commissie de politieambtenaar echter het voordeel van de twijfel Beoordeling 3 Het vereiste van professionaliteit houdt in dat ambtenaren met een bijzondere training of opleiding jegens burgers overeenkomstig de standaarden van hun beroepsgroep handelen Dit brengt met zich mee dat ambtenaren zich dienen te onthouden van gedragingen of het plaatsen van opmerkingen die escalatie in de hand kunnen werken 4 Aangezien de betrokken politieambtenaar het zelf niet uitsloot dat hij richting verzoeker met de bewuste opmerkingen had gereageerd acht de Nationale ombudsman het voldoende aannemelijk dat deze opmerkingen ook daadwerkelijk zijn gemaakt Gelet op de gevoeligheid en complexiteit van het onderwerp discriminatie geeft de bevestiging dan is dat zo in deze context een vervolg op een twistgesprek Hoewel de intentie om te discrimineren zal hebben ontbroken is mede van belang de betekenis van de uitlating zoals die overkomt op de omstanders Hoewel de reactie van de politieambtenaar niet los kan worden gezien van de opmerkingen en uitdagende houding van verzoeker is de Nationale ombudsman van oordeel dat met het plaatsen van de bewuste opmerkingen de situatie onnodig is geëscaleerd Van de politie mag verwacht worden dat met de passende professionaliteit een dergelijke escalatie vermeden wordt ook indien de burger escalerend gedrag vertoont Daar komt bij dat moet worden opgemerkt dat de politie zich ervan bewust moet zijn dat het uitschrijven van een boete altijd escalatie in de hand kan werken wanneer bij de ontvanger ervan het gevoel leeft dat deze ten onrechte wordt uitgeschreven Het is dan de taak van de politie om juist de escalerend op te treden en zich te onthouden van opmerkingen die kunnen leiden tot een eindeloze discussie Door dit in deze situatie niet te doen heeft de politie gehandeld in strijd met het vereiste van professionaliteit De onderzochte gedraging is niet behoorlijk I l Ten aanzien van het trappen tegen het portier van de auto Bevindingen 1 Verzoeker klaagt erover dat de betrokken politieambtenaar tegen het portier van zijn auto heeft getrapt terwijl daardoor het risico ontstond dat verzoekers hand bekneld zou raken 2 Voor zover van belang voor de beoordeling van de klacht komt uit de aan de Nationale ombudsman verstrekte informatie het volgende naar voren 2 1 In de oorspronkelijke klachtbrief van verzoeker van 24 augustus 2008 gericht aan het politiekorps schreef verzoeker dat de betrokken politieambtenaar tegen hem had gezegd dat hij in de auto moest stappen en weg moest gaan Daarop ontstond een woordenwisseling waarbij verzoeker zijn hand tussen het portier van zijn voertuig had dat op een kier stond De politieagent zou vervolgens met volle kracht op het portier hebben geslagen om deze dicht te slaan volgens verzoeker met de bedoeling om zijn hand te beknellen tussen het portier Verzoeker zag daarna dat er krassen en een deuk op zijn portier zaten 2 2 Tijdens het gesprek tussen de klachtbehandelaar van het betrokken politiekorps en verzoeker op 28 augustus 2008 verklaarde verzoeker dat hij op een gegeven moment door de politieagent werd gesommeerd om in zijn auto te stappen en weg te rijden Na wat opmerkingen over en weer zou de politieambtenaar volgens verzoeker de deur van de auto met zijn knie hebben dichtgedrukt Verzoeker zag dat daardoor een deuk in de deur was ontstaan Verzoeker verklaarde dat hij nog maar net zijn hand kon wegtrekken anders was deze bekneld geraakt tussen de auto en de deur 2 3 Verzoeker liet in zijn aanvullende klachtbrief van 5 januari 2009 weten dat de politieambtenaar agressief het portier intrapte met volgens verzoeker de bedoeling om zijn hand te beknellen 2 4 Verzoeker was niet aanwezig op de hoorzitting voor de commissie waardoor hij hierover geen verklaring tegenover de commissie heeft afgelegd 2 5 In het proces verbaal van bevindingen van 7 augustus 2008 en opgemaakt door de betrokken politieambtenaar is vermeld dat verzoeker versneld het linker voorportier van zijn voertuig opende met de kennelijke bedoeling om in te stappen Om te voorkomen dat verzoeker zich aan zijn aanhouding zou onttrekken had de politieambtenaar zijn been knie voor dat portier geplaatst Daardoor wilde hij voorkomen dat het portier door verzoeker geopend kon worden Doordat verzoeker het portier versneld opende en de politieambtenaar daar zijn knie had geplaatst raakte het portier hem bij zijn knie De politieambtenaar verklaarde dat hij zag dat er een zeer klein deukje was ontstaan Verzoeker zou daarop direct hebben geschreeuwd dat dit niet normaal was en hebben gewild dat de politieambtenaar een schadeformulier zou invullen 2 6 Tijdens het gesprek tussen een klachtbehandelaar van het politiekorps en de betrokken politieagent op 11 september 2008 verklaarde de politieambtenaar eveneens dat verzoeker versneld naar zijn auto terugliep en probeerde in te stappen nadat hem was meegedeeld dat hij werd aangehouden De politieambtenaar stond toen al dicht bij het portier om te voorkomen dat verzoeker inderdaad weg zou rijden Verzoeker trok met kracht het portier van de auto open waardoor het tegen de knie van de politieambtenaar werd geslagen Daardoor ontstond een deuk in het portier van de auto De politieambtenaar benadrukte tegenover de klachtbehandelaar dat dit absoluut niet opzettelijk door hem was gedaan 2 7 De politieambtenaar verklaarde tegenover de commissie op 20 november 2008 voor zover hier van belang dat hij zijn been voor het portier van het voertuig van verzoeker hield om te voorkomen dat verzoeker zou wegrijden of de dienstmotor al wegrijdend zou beschadigen Op die manier kon verzoeker volgens de politieambtenaar niet instappen Door te beletten dat verzoeker in zijn voertuig kon stappen werd geprobeerd te voorkomen dat het later veel moeite zou kosten om hem uit het voertuig te krijgen 2 8 De commissie overwoog dat het portier werd opengetrokken door verzoeker en niet door de betrokken politieambtenaar Daardoor was de deuk in het portier door verzoeker zelf veroorzaakt aldus de commissie De commissie vond het acceptabel dat de politieambtenaar zijn been voor het portier plaatste om daarmee te voorkomen dat verzoeker in zijn voertuig zou stappen en weg zou rijden De commissie liet meewegen dat de politieambtenaar direct voorafgaand aan het incident verzoeker had meegedeeld dat deze was aangehouden Volgens de commissie was het optreden van de politieambtenaar niet buitenproportioneel te noemen 3 Uit het afschrift van een factuur van een APK keuringsstation blijkt dat er herstelwerkzaamheden hebben plaatsgevonden aan het linker voorportier van het voertuig van verzoeker waaronder uitdeuken en spuitwerkzaamheden Beoordeling 4 Ook dit klachtonderdeel wordt getoetst aan het vereiste van professionaliteit 5 Voor de Nationale ombudsman is het voldoende duidelijk geworden dat er schade is ontstaan aan het portier van het voertuig van verzoeker Ook is duidelijk geworden dat deze schade is ontstaan door de knie van de politieambtenaar zowel verzoeker alsook de betrokken politieambtenaar hebben dat immers verklaard Nu verzoeker zelf heeft verklaard dat de politieambtenaar met zijn knie de deur heeft dichtgedrukt acht de Nationale ombudsman het uitgesloten dat er van enig trappen tegen het portier door de politieambtenaar sprake kan zijn geweest De vraag is verder of de deuk is veroorzaakt doordat de politieambtenaar het portier met zijn knie dicht duwde of dat de deuk juist is ontstaan doordat verzoeker het portier met kracht opende waardoor deze tegen de knie van de politieambtenaar kwam De Nationale ombudsman heeft geen reden om te twijfelen aan verklaringen van de politieambtenaar hierover De Nationale ombudsman acht het aannemelijk dat de politieambtenaar wilde voorkomen dat verzoeker zou wegrijden en om die reden zijn been knie plaatste voor het portier De mogelijkheid dat de hand van verzoeker daardoor bekneld had kunnen raken is dan ook een risico dat door verzoeker zelf is veroorzaakt Nu niet is gebleken dat de politieambtenaar hierin iets valt te verwijten is niet gehandeld in strijd met het vereiste van professionaliteit De onderzochte gedraging is behoorlijk II l Ten aanzien van de aanhouding en overbrenging Bevindingen 1 Verzoeker klaagt erover dat de betrokken politieambtenaar hem heeft aangehouden en overgebracht naar het politiebureau 2 Dit klachtonderdeel is niet door verzoeker voorgelegd aan het betrokken politiekorps Om die reden is dit klachtonderdeel niet behandeld tijdens de klachtprocedure van het politiekorps Aangezien verzoeker deze klacht meerdere keren heeft geuit richting een medewerker van het Bureau Nationale ombudsman is besloten dit klachtonderdeel aan het onderzoek toe te voegen 3 Uit het verslag van de klachtbehandelaar van het betrokken politiekorps blijkt dat deze op 5 september 2008 een gesprek heeft gevoerd met de hulpofficier van justitie bij wie verzoeker als verdachte werd voorgeleid De hulpofficier liet weten dat verzoeker was aangehouden voor hinderlijk gedrag De hulpofficier liet ook weten dat verzoeker met hem in discussie wilde over de bekeuringen Volgens de hulpofficier had verzoeker voorgesteld dat indien de bekeuringen zouden worden ingetrokken verzoeker dan geen klacht zou indienen 4 Uit het proces verbaal van aanhouding van 7 augustus 2008 blijkt dat verzoeker is aangehouden op grond van artikel 285 lid 1 artikel 267 sub 2 en artikel 266 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht zie Achtergrond onder 2 en artikel 10 lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening hierna APV van de gemeente Utrecht zie Achtergrond onder 3 5 Uit het proces verbaal van bevindingen gedateerd 7 augustus 2008 en opgemaakt door de betrokken politieambtenaar blijkt voor zover hier van belang het volgende Nadat de politieambtenaar verzoeker had staande gehouden viel het de politieambtenaar op dat deze zeer agressief uit zijn ogen keek en op voor hem bedreigende wijze uit het voertuig stapte en schreeuwde J ij stond op mij te wachten Ik weet gewoon dat jij mij moet hebben Jij moet van die motorrijder daar noot van de betrokken politieambtenaar ik zag dat er een motorrijder langs reed geen politiemotor mij pakken Jij bent een dief Ik moet stelen om jou te kunnen betalen Trek je pakje uit dan Jou kom ik nog wel tegen in je vrije tijd Kom met mij mee de ring in om te vechten Dan zullen wij nog wel eens zien dan wel woorden van gelijke strekking inhoud De politieambtenaar besloot achteruit te lopen en zijn pepperspray uit voorzorg ter hand te nemen waarop verzoeker kalmeerde Nadat de politieambtenaar assistentie van enkele collega s had gevraagd hoorde hij verzoeker zeggen Dur f je niet alleen of zo Nu kan ik niet meer want je vriendjes komen eraan Maar denk er aan ik zoek je nog wel op in je vrije tijd dan wel woorden van gelijke strekking De politieambtenaar verklaarde dat hij verzoeker daarop waarschuwde om niet te ver te gaan en hem niet te beledigen en te bedreigen en dat hij anders zou worden aangehouden Toen de collega s ter plaatse waren en tijdens het uitschrijven van de bekeuringen hoorde de politieambtenaar dat verzoeker hem probeerde uit te lokken en dat verzoeker de bovenvermelde woorden bleef herhalen Nadat de bekeuringen waren overhandigd en verzoeker was meegedeeld dat hij zijn weg weer kon vervolgen liet verzoeker volgens de politieambtenaar hem weten dat hij niet weg zou gaan Vervolgens sprak verzoeker in een voor de politieambtenaar onbekende taal waarbij hij op een bedreigende manier door verzoeker werd aangekeken De politieambtenaar herhaalde dat verzoeker in moest stappen en weg moest gaan waarop verzoeker reageerde met Trek dat pakje uit dan Ik zoek je nog wel op in je vrije tijd Kom met mij de ring in dan dan zul je het wel merken Ik heb daar zin in De politieambtenaar verklaarde dat gezien het gehele bedreigende en beledigende gedrag van verzoeker hij besloot om hem aan te houden Beoordeling 6 Het is een vereiste van behoorlijk overheidsoptreden dat grondrechten worden gerespecteerd Het recht op persoonlijke vrijheid is gewaarborgd in verdragen en de Grondwet In de wet is geregeld in welke gevallen de overheid een burger zijn vrijheid mag ontnemen 7 Een ieder is bevoegd een verdachte aan te houden in geval van ontdekking op heterdaad Indien de aanhouding plaatsvindt door een opsporingsambtenaar wordt de verdachte in verband met zijn voorgeleiding overgebracht naar een plaats van verhoor zie Achtergrond onder 4 In de praktijk is dat meestal een politiebureau 8 De Nationale ombudsman heeft geen reden om te twijfelen aan het proces verbaal van bevindingen dat de betrokken politieambtenaar heeft opgemaakt Daarmee is het voor de Nationale ombudsman voldoende aannemelijk geworden dat verzoeker zich dermate verbaal agressief heeft geuit richting de politieambtenaar dat er op grond van het Wetboek van Strafrecht van een verdenking van een strafbaar feit kon worden gesproken Nu er sprake was van een verdenking van het begaan van een strafbaar feit was de betrokken politieambtenaar bevoegd om verzoeker aan te houden Het komt de Nationale ombudsman niet onredelijk voor dat verzoeker is meegenomen naar een politiebureau nu niet aannemelijk is dat het onderzoek terzake bedreiging of belediging ter plaatse kon worden afgewikkeld Naar het oordeel van de Nationale ombudsman heeft de politieambtenaar in dezen dan ook niet gehandeld in strijd met het recht op persoonlijke vrijheid De onderzochte gedraging is behoorlijk I V Ten aanzien van het niet persoonlijk horen tijdens de klachtprocedure Bevindingen 1 Voorts klaagt verzoeker erover dat hij tijdens de klachtenprocedure niet persoonlijk is gehoord Volgens verzoeker was hem meegedeeld dat zijn klacht op 30 november 2008 door de commissie zou worden behandeld 2 Voor zover van belang voor de beoordeling van de klacht komt uit de aan de Nationale ombudsman verstrekte informatie het volgende naar voren 2 1 Uit de oorspronkelijke uitnodigingsbrief van de commissie van 30 september 2008 voor het bijwonen van de hoorzitting blijkt het volgende Zoals vandaag telefonisch met u afgesproken nodig ik u uit voor de hoorzitting van de Commissie voor de Politieklachten op donderdag 20 november 2008 van 15 00 tot 15 45 uur op Kroonstraat 25 zaal F te Utrecht zie bijgevoegde routebeschrijving Tijdens de hoorzitting wordt u in de gelegenh eid gesteld om uw klacht van 24 augustus 2008 mondeling toe te lichten Ook de betrokken politiemedewerker is uitgenodigd om een toelichting op het gebeurde te geven Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd Tot donderdag 20 november 2008 2 2 Uit verstrekte informatie blijkt dat de oorspronkelijke uitnodigingsbrief van 30 september 2008 op diezelfde datum aangetekend is verstuurd naar verzoeker 2 3 Een e mailbericht van de secretaris van de commissie gericht aan verzoeker gedateerd van 10 oktober 2008 meldt het volgende Geachte heer Y naam verzoeker N o Ik heb op 30 september 2008 aangetekend een uitnodigingsbrief en klac htrapport naar uw adres adres N o gezonden Vandaag heb ik die stukken retour ontvangen van TPG De postbode heeft op de envelop een kruisje gezet Dat kruisje staat over de hokjes vertrokken onbewoond en niet afgehaald heen Ik heb zojuist uw 06 nummer gebeld maar kreeg het bericht dat uw box vol zat Ik kon dus geen bericht inspreken Kunt u mij berichten naar welk adres ik de stukken aangetekend kan zenden De hoorzitting is overigens op donderdag 20 november 2008 van 15 00 tot 15 45 Kroonstraat 25 zaal F Utrecht Ik verneem graag spoedig van u naam secretaris N o 2 4 De uitnodigingsbrief van 10 oktober 2008 bevat exact dezelfde inhoud als de brief van 30 september 2008 zie hierboven onder IV onder 2 1 Ook deze brief is aangetekend verstuurd echter naar een ander adres van verzoeker dan de brief van 30 september 2008 2 5 De Nationale ombudsman heeft in het kader van het onderzoek op 20 april 2009 een aantal vragen voorgelegd aan de korpsbeheerder Voor zover voor dit klachtonderdeel van belang stelde hij de vraag waarom verzoeker niet alsnog in de gelegenheid was gesteld om te worden gehoord Naar aanleiding van deze vraag merkte de korpsbeheerder op dat volgens hem het alleszins redelijk was om te veronderstellen dat naar aanleiding van de verklaring van de secretaris verzoeker op de hoogte was of kon zijn van de hoorzitting die op 20 november 2008 had plaatsgevonden De korpsbeheerder liet weten dat de secretaris de enige secretariaatsmedewerker is en dat deze de heer Y naam verzoeker N o niet had gebeld om bijvoorbeeld de datum van de hoorzitting te verplaatsen omdat daartoe geen enkele aanleiding bestond Bovendien vond de korpsbeheerder het niet geloofwaardig dat een zitting verplaatst zou worden naar een zondag De korpsbeheerder vond het om die reden terecht dat verzoeker niet alsnog was gehoord 2 6 Uit een telefoonnotitie opgemaakt door de secretaris van de commissie en gedateerd 4 december 2008 blijkt voor zover hier van belang dat de secretaris van de commissie verzoeker meedeelde dat hij hem per telefoon e mail en post had gemeld dat de hoorzitting zou plaatshebben op 20 november 2008 3 Verzoeker schreef in zijn klachtbrief van 3 december 2008 gericht aan de Nationale ombudsman voor zover hier van belang dat hij telefonisch was benaderd omdat zijn adres inmiddels was gewijzigd en op het oude adres de aangetekende uitnodigingsbrief was geweigerd 4 In de aanvulling op de klachtbrief van 5 januari 2009 schreef verzoeker dat er naar zijn mening sprake was van een miscommunicatie tussen hem en het secretariaat van de klachtencommissie Verzoeker bleef bij zijn standpunt dat hem was gezegd dat zijn klacht op 30 november 2008 door de commissie zou worden behandeld 5 Tijdens een telefoongesprek tussen verzoeker en een medewerker van het Bureau Nationale ombudsman op 10 februari 2009 vertelde verzoeker dat hij was verhuisd en niet meteen de aangetekend verstuurde uitnodiging van de commissie had ontvangen De secretaris van de commissie had hem gebeld en doorgegeven dat de zitting op 30 november 2008 was althans deze datum had verzoeker genoteerd in zijn agenda Desgevraagd vertelde verzoeker dat hij vóór 20 november 2008 de uitnodiging weliswaar had opgehaald op het postkantoor maar dat hij deze toen nog niet goed had doorgenomen Dat had hij pas na de zitting op 30 november 2008 gedaan Verzoeker gaf tijdens dit telefoongesprek aan dat hij waarschijnlijk zelf een fout had gemaakt Beoordeling 6 Het vereiste van hoor en wederhoor houdt in dat overheidsinstanties bij de voorbereiding van een handeling of beslissing betrokkenen die daarbij een belang

    Original URL path: https://www.nationaleombudsman.nl/rapporten/2010/077 (2015-08-09)
    Open archived version from archive



  •