archive-nl.com » NL » S » STEUNGROEP.NL

Total: 822

Choose link from "Titles, links and description words view":

Or switch to "Titles and links view".

  • WAO 1 2 Kunt u bevestigen dat u niet langer wilt wachten op het SER advies 3 Klopt het dat u het SER advies op voorhand verwerpt nu het CPB kritisch is 4 Vertolkt u in dezen het kabinetsstandpunt 5 Wat gaat er gebeuren 1 Teletekst p 110 14 februari jl Antwoord Antwoord van staatssecretaris Hoogervorst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ontvangen 27 februari 2002 1 Ja 2 t m 5

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020227.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive



  • een arbeidsongeschiktheidsuitkering Zo neen waarom niet Antwoord Antwoord van staatssecretaris Hoogervorst Sociale Zaken en Werkgelegenheid mede namens de minister van Justitie Ontvangen 22 februari 2002 1 Ja 2 en 3 Dat zogeheten passanten geen recht meer hebben op een WAO c q een WAJONG uitkering is een rechtstreeks gevolg van de Wet sociale zekerheidsrechten gedetineerden WSG 1 Op grond van de WSG heeft degene die rechtens zijn vrijheid is ontnomen namelijk geen recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering In beginsel vallen alle situaties waarin een persoon rechtens van zijn vrijheid is ontnomen onder de werkingssfeer van deze wet 2 Omdat gedurende het verblijf in een justitiële inrichting door de Staat in het onderhoud van deze personen wordt voorzien is het onaanvaardbaar geacht dat zij daarnaast nog een uit collectieve middelen gefinancierde uitkering zouden kunnen blijven ontvangen Nu de Staat tijdens de vrijheidsontneming in het onderhoud voorziet is het leidend criterium in deze wet de omstandigheid dát en niet de reden waarom de betrokkene verblijft in een justitiële inrichting zoals een huis van bewaring gevangenis en TBS inrichting De WSG leidt er dan ook toe dat er geen recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering bestaat als de betrokkene in een penitentiaire inrichting verblijft omdat plaatsing in een TBS inrichting nog niet mogelijk is Evenals bij voorlopige hechtenis gevangenisstraffen TBS geldt in deze situatie immers dat er sprake is van een situatie van rechtens zijn vrijheid ontnomen waarbij de staat voorziet in kost en inwoning Overigens verdient in dit verband nog opmerking dat aan de tenuitvoerlegging van TBS met dwangverpleging veelal een periode van gevangenisstraf voorafgaat Gedurende beide perioden bestaat op grond van de WSG geen recht op uitkering Met andere woorden voor de toepassing van de WSG is het niet relevant of er sprake is van een gewone gevangene of een passant die in de

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020222.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • te worden voor de reïntegratie van werknemers bij een andere werkgever is de verantwoordelijkheidsverdeling met ingang van 1 januari 2002 niet gewijzigd De werkgever is verantwoordelijk voor de reïntegratie binnen de eigen onderneming Indien reïntegratie binnen de eigen onderneming niet mogelijk is en de werkgever niet gekozen heeft voor het zelf dragen van verantwoordelijkheid voor reïntegratie bij een andere werkgever is het UWV in het jaar 2002 voor dit laatste verantwoordelijk 3 en 4 De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in hoger beroep tegen een uitspraak van de arrondissementsrechtbank te Amsterdam op 6 februari 2002 een uitspraak gedaan over het verstrekken van instroomgegevens WAO van individuele bedrijven De Afdeling heeft geoordeeld dat de OSV 1997 niet voorziet in een uitputtende regeling inzake openbaarmaking en geheimhouding van stukken zodat het verzoek om informatieverstrekking dient te worden getoetst aan de WOB In het kader van de WOB mocht het Lisv naar het oordeel van de Afdeling weigeren de namen van 2586 bedrijven te verstrekken met het daarbij behorende aantal werknemers dat van ieder van die bedrijven in het jaar 2000 in de WAO is terechtgekomen alsmede het arbeidsongeschiktheidsrisico bij deze bedrijven De Afdeling was van oordeel dat het Lisv zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het algemeen belang van openbaarmaking van de gevraagde informatie niet opweegt tegen het belang van het voorkomen van onevenredige benadeling van de betrokken bedrijven De Afdeling overweegt daarbij Het gaat immers om interne gegevens van individuele bedrijven over het ziekteverzuim van hun werknemers welke gegevens naar het Lisv ter zitting in hoger beroep heeft benadrukt niet nader zijn geanalyseerd in het kader van voorbereiding of formulering van beleid Gelet op het gevoelige karakter van deze informatie is niet onaannemelijk dat het vrijgeven ervan tot onevenredige schade voor één of meer van de betrokken bedrijven zou kunnen leiden Mede gezien deze rechterlijke uitspraak ben ik van mening dat cijfers over ziekteverzuim en WAO instroom niet per bedrijf openbaar gemaakt behoren te worden indien daarvoor geen wettelijke regeling tot stand is gebracht waarin het belang van openbaarmaking van gegevens zorgvuldig is afgewogen tegen belangen van individuele bedrijven In het voorstel van Wet instroomcijfers WAO dat op 6 december 2001 bij de Tweede Kamer der Staten Generaal is ingediend wordt een dergelijke regeling voorgesteld In dit wetsvoorstel en de daarop te baseren ministeriële regeling wordt bepaald welke instroomgegevens van welke categorieën van werkgevers openbaar gemaakt zouden moeten worden en op welke wijze die gegevens openbaar gemaakt zouden moeten worden Aan die bepaling ligt de in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel weergegeven belangenafweging ten grondslag In de memorie van toelichting bij genoemd wetsvoorstel wordt opgemerkt dat het legaliteitsbeginsel noopt tot een wettelijke basis om openbaarmaking van WAO gegevens op werkgeversniveau mogelijk te maken Zolang die wettelijke basis niet tot stand is gebracht verzet dit beginsel zich tegen beantwoording van de vragen 3 en 4 5 In de huidige wettelijke regeling is de werkgever verplicht om na 13 weken verzuim een in overleg

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020221.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • Ingezonden 23 januari 2002 1 Bent u bereid te bevorderen dat het Centraal Planbureau bij zijn berekeningen over het onderhandelingsakkoord uit een SER commissie over de WAO van vrijdag 18 januari jl ook de volume en financiële effecten doorrekent van een variant identiek aan die van dit akkoord maar dan zonder de overeengekomen uitkeringsverhoging voor duurzaam volledig arbeidsongeschikten en zonder de afschaffing van de premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen Pemba

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020213.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • die op 1 augustus 1993 jonger waren dan 45 jaar worden beoordeeld naar het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium Uitkeringsgerechtigden tussen de 45 en 50 jaar worden ook opnieuw beoordeeld maar volgens het oude arbeidsongeschiktheidscriterium Deze regels voor herbeoordelingen gelden voor alle WAO ers dus ook voor die WAO ers die vóór april 2000 zijn geremigreerd Als zij bij deze herbeoordelingen minder of niet meer arbeidsongeschikt worden bevonden eindigt hun uitkering of wordt deze verlaagd Betrokkenen worden immers in staat geacht al dan niet volledig werkzaamheden te verrichten De situatie op de arbeidsmarkt is niet relevant voor deze herbeoordeling 2 Over herbeoordelingen van in het buitenland wonende WAO gerechtigden zijn de volgende gegevens beschikbaar In totaal werd in 2000 van 129 in het buitenland verblijvende uitkeringsgerechtigden de uitkering verlaagd of stop gezet als gevolg van herbeoordeling Het aantal naar Turkije en Marokko geëxporteerde WAO uitkeringen bedraagt ongeveer 25 van het geheel aantal geëxporteerde WAO uitkeringen in 2000 Van de 129 in 2000 in het buitenland wonende WAO gerechtigden waarvan de WAO uitkering verlaagd of beëindigd werd na herbeoordeling zouden er dan op basis van de uitkomsten over het jaar 2000 ruim 30 in Turkije of Marokko wonen Over voorgaande jaren zijn geen cijfers voorhanden Er zijn geen redenen om aan te nemen dat deze zullen afwijken van de cijfers over 2000 3 en 7 De regeling van artikel 4 vierde lid ziet op remigranten die onder de Remigratiewet vertrokken zijn dus ná 1 april 2000 en ziet dus niet op de groep remigranten waarnaar hier gevraagd wordt Remigranten die reeds vóór april 2000 vertrokken kunnen een beroep doen op artikel 11 eerste lid om alsnog in aanmerking te komen voor een remigratieuitkering als men op het moment van vertrek uit Nederland recht zou hebben gehad op een remigratie uitkering op grond van de Remigratieregeling 1985 maar deze niet heeft aangevraagd omdat men een WAO uitkering ontving Deze remigranten kunnen alsnog een aanvraag indienen voor een Remigratieuitkering als zij geconfronteerd worden met een verlaging of intrekking van de uitkering als gevolg van een herbeoordeling op grond van artikel 36 of 43 WAO Vereist is dat zij op het moment van vertrek voldeden aan de voorwaarden voor een uitkering op grond van de toenmalige Remigratieregeling 1985 Eén van die voorwaarden is dat men bij vertrek uit Nederland ouder dan 50 jaar moest zijn Deze categorie personen wordt echter in de regel niet herbeoordeeld in het kader van de Wet TBA Slechts de categorie WAO ers die op 1 augustus 1993 jonger dan 50 jaar was en die pas op hun 50ste of later remigreerde kan alsnog in aanmerking komen voor een remigratieuitkering ex art 11 eerste lid Remigratiewet Er zijn bij het uitvoeringsorgaan de SVB echter geen gevallen bekend waarin toepassing wordt gegeven aan artikel 4 vierde lid dan wel artikel 11 eerste lid van de Remigratiewet 4 en 5 Op dit moment wordt niet geregistreerd welke geremigreerde afgeschatte WAO ers geen beroep kunnen doen op de Remigratiewet De categorie afgeschatte WAO ers die geen

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020201.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de Tweede Kamer 1 NOS Teletekst p 109 29 november jl Antwoord Antwoord van staatssecretaris Hoogervorst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ontvangen 8 januari 2002 1 Ja Op voordracht van de Europese Commissie stelt de Raad voor Sociaal Beleid en Werkgelegenheid jaarlijks aan alle lidstaten aanbevelingen vast ter verbetering van hun werkgelegenheidsbeleid In algemene zin wordt het beleid van Nederland gunstig beoordeeld hetgeen tot uitdrukking

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20020108.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • tekenen daarbij aan dat verzekeraars op het hanteren van dergelijke carenztijden lijken terug te komen De onderzoekers rapporteren over de bestudeerde periode een viertal knelpunten waarvan er twee inmiddels zijn opgelost De Hoge Raad bepaalde namelijk op 5 januari 2001 dat het keuringsverbod ook geldt voor iemand die na 1 januari 1998 in dienst treedt bij een bedrijf waarmee de verzekeraar voordien een meerjaren contract had gesloten Verder oordeelde de Raad van Toezicht Verzekeringen dat het keuringsverbod ook van toepassing dient te zijn op verzekeringen die aan de arbeidsverhouding zijn verbonden maar buiten de sfeer van de Pensioen en Spaarfondsenwet liggen De twee rechtsvragen die bij verschijnen van de evaluatie nog bestonden zijn 1 de betekenis van artikel 4 derde lid WMK keuring van een deelnemer met een arbeids overeenkomst voor onbepaalde tijd die een wijziging wenst ten aanzien van een eerder gemaakte keuze en 2 het gevaar dat werknemers met een gezondheidsbeperking onverzekerd raken als gevolg van baanwisseling Om te komen tot afspraken over beide onderwerpen hechten de onderzoekers veel belang aan het overleg tussen sociale partners en verzekeraars in het kader van de Stichting van de Arbeid gericht op afspraken over de WAO gat verzekeringen b Zelfregulering Ten aanzien van dit onderwerp wordt verwezen naar onderdeel 4c c Reactie kabinet Het kabinet heeft met instemming kennis genomen van de bevindingen van de onderzoekers over de mate van naleven van de WMK op het terrein van aan de arbeid gerelateerde verzekeringen Het kabinet zal in het reguliere contact met de sociale partners en de koepels van pensioen uitvoerders op deze conclusies wijzen en hen vragen de WMK stringent te blijven naleven Het kabinet zal de onduidelijkheid over de voorziening van artikel 4 lid 3 WMK terugkomen op een eerder gemaakte keuze aan de orde stellen in het overleg met de sociale partners over de zelfregulering bij de particuliere verzekeringen In het reguliere contact met de sociale partners in het kader van de Stichting van de Arbeid zal het kabinet aandringen op een oplossing voor het gevaar van het onverzekerd raken bij baanwisseling 4 Keuringen voor particulier af te sluiten verzekeringen a Effecten van de wet op keuringspraktijk en rechtspositie van de aspirant verzekeringnemer Op het terrein van de keuringen voor particulier af te sluiten verzekeringen zijn de onderzoekers bij hun werk sterk beperkt door schaarste aan informatie Veel informatie over het acceptatiebeleid het gebruik van wacht tijden carenztijden machtigingen prijsstijgingen en het eventueel niet langer voeren van bepaalde verzekeringen wordt beschouwd als concurrentie gevoelig en wordt niet verstrekt Om diezelfde reden worden dergelijke gegevens vaak ook niet op geaggregeerd niveau beschikbaar gesteld Wel signaleren de onderzoekers het volgende De WMK beperkt verzeke raars in wat zij aan aspirant verzekeringnemers mogen vragen en staat aspirant verzekeringnemers toe om bepaalde zaken niet mee te delen In de praktijk bestaat nog veel onduidelijkheid over de grenzen van de informatieplicht van aspirant verzekeringnemers tegenover verzekeraars De onderzoekers geven aan dat verzekeraars op veel vragenformulieren vermelden dat onvolledige invulling nadelige gevolgen voor de acceptatie

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20011227.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive


  • u over het feit dat de deelname van Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen aan de Centra voor Werk en Inkomen twijfelachtig is volgens dit bedrijfsplan 4 Hoe oordeelt u over de opmerking van veel directeuren dat het onverantwoord is om de SUWI operatie gepaard te laten gaan met een financiele taakstelling vooraf 5 Klopt het dat diverse computerdeskundigen uw ministerie hebben gewaarschuwd dat de wens om te komen tot één automatiseringssysteem binnen enkele jaren wellicht alleen theoretisch mogelijk is en meer geld zal gaan kosten in plaats van besparen Zo ja hoe reëel acht u deze waarschuwing en wat zijn de consequenties daarvan 1 Het Financieele Dagblad 18 oktober j l Antwoord Antwoord van staatssecretaris Hoogervorst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ontvangen 3 december 2001 1 Ja 2 Het Verandermanagement UWV heeft als uitgangspunt bij de opstelling van het bedrijfsplan gekozen dat het een realistisch beeld wil geven van de prestaties die in 2002 en in de jaren daarna mogen worden verwacht Ik vind dit verstandig Daarnaast meent het Verandermanagement UWV dat er in het algemeen bij grote reorganisaties enig verlies van kwaliteit en productiviteit plaatsvindt terwijl daartegenover staat dat ingezette verbeterprogramma s door blijven lopen Het saldo van deze twee ontwikkelingen is zo verwacht het Verandermanagement UWV dat in het jaar 2002 de rechtmatigheid en tijdigheid van de uitkeringsverzorging op het niveau van 2001 zal worden gehandhaafd Ik vind deze redenering plausibel Wel streeft het UWV er naar in het jaar 2002 de achterstanden bij de WAO keuringen in te lopen en de tijdigheid van de WAO claimbeoordeling te verhogen Het spreekt voor zich dat ik dit streven onderschrijf Overigens merk ik op dat ik het bedrijfsplan van het UWV alsmede mijn reactie daarop heden aan het parlement heb aangeboden 3 Deelneming van het UWV in de bedrijfsverzamelgebouwen is volgens het bedrijfsplan niet

    Original URL path: http://www.steungroep.nl/archief/politiek/2ekamer20011203b.txt (2016-02-06)
    Open archived version from archive



  •